De ouders waren eerst nogal kritisch. „Mijn kind krijgt niet meer genoeg te eten bij jullie.” En: „Mijn kind poept paars!” Achteraf kan Fatma Yilmaz, senior manager van kinderopvang Kiddoozz, er wel om lachen. De twee kinderdagverblijven die zij leidt in Rotterdam Hoogvliet waren overgestapt op gezonde warme maaltijden tussen de middag. „En de peuters die ’s avonds paars poepten, hadden gewoon voor het eerst bietjes gegeten. Dat legden we de ouders uit. Tegen de andere zeiden we: heb geduld, uw kind moet even wennen aan groenten en vezels en gezond eten.”
Het wennen duurde een paar weken. Voor die tijd kookte op elke locatie van kinderopvang Kiddoozz een huishoudelijk medewerker zélf voor de kinderen. „Dat was vaak veel te zoet of veel te zout. Maar het was een warme maaltijd en dat was al uniek in de kinderopvang. Bovendien waren de kinderen en de pedagogisch professionals aan dat eten gewend.”
Fatma Yilmaz zette door en inmiddels serveren meer dan twintig kinderopvangcentra van Kiddoozz warme maaltijden van Spoony’s. Yilmaz: „Ze vinden het nu lekker. En het is stukken gezonder dan wat we voorheen opdienden.”
Ingrid Keller was investment banker bij ABN Amro. Spannend werk, verslavend zelfs, vertelt ze. Ze had een druk Zuidas-leven. Als ze na een werkdag door de supermarkt liep, ging dat in hoog tempo – ze wist wat ze wilde, pakte het en rekende af.
En toen werd ze moeder. Op haar 37ste adopteerde ze een baby van vier maanden oud. „Ik was een band met mijn zoontje aan het opbouwen en daardoor werd gezond eten geven voor mij het allerbelangrijkste dat er was.”
Maar ze kon, zeventien jaar geleden, weinig gezonds voor baby’s vinden. In de supermarkt zag ze alleen potjes van voedingsconcerns Nestlé, Nutricia en Danone. Als kind had ze in de Bourgogne vaak met haar oma in de boomgaard en de groentetuin gelopen. Ze plukten fruit en kruiden en haar oma leerde haar zo koken. „Dát wilde ik voor mijn eigen kinderen. Gezond, lekker eten.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/17122352/170426ECO_2032977617_1.jpg)
Elke week gaan er Spoony-maaltijden naar vijfhonderd kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en buitenschoolse opvangen.
Foto Heleen PeetersZe stopte als investment banker en ging thuis alles zelf koken. Op zeker moment dacht ze: word ik een thuismoeder die alleen maar maaltijden kookt voor de kinderen? „Dat wilde ik ook weer niet. Tegelijk vroeg ik me af: ben ik, als Française, de enige ouder in Nederland die gezond en lekker eten voor baby’s en peuters belangrijk vindt? Dat was natuurlijk niet zo.”
Zo ontstond Spoony, een voedingsbedrijfje dat gezond, veilig én lekker eten maakt voor kinderen tot tien jaar. Lekker? „We laten elk nieuw gerecht testen door een peuterpanel. Als 80 procent van de peuters het lekker vindt, maken we het”, vertelt Keller. Ze zit vandaag bij de keukens van Henri, een bedrijf in het Brabantse Drunen. Hier worden alle Spoony-maaltijden gemaakt, plus erwtensoep voor de Hema en bijvoorbeeld pastasaus voor de keten Julia’s.
Pasta viva la venkel
Spoony-maaltijden zijn grotendeels vegetarisch – met namen als ‘Kokos kusjes curry’ en ‘Pasta viva la venkel’ – en voor 30 procent biologisch. En de rest voldoet aan de ‘baby- en peuternormen'( die bijvoorbeeld voorschrijven dat pesticide nooit traceerbaar mag zijn in voedingsproducten, red.). Keller: „We zouden het liefst álles biologisch doen, maar dat is heel ingewikkeld.”
Inmiddels gaan er elke week Spoony-maaltijden naar vijfhonderd kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en buitenschoolse opvangen. Vijftig vrachtauto’s doen elk zo’n tien adressen aan, van Groningen tot Brabant en Zeeland. De Spoony-chauffeur zet de maaltijden bij de afnemer in de koeling en de pedagogisch medewerker warmt elke middag een ander gerecht op in de oven. Keller: „Maar dat niet alleen: ze praten met de peuters over groenten en eten en doen spelletjes met eten als onderwerp.”
Elk bord Spoony-eten kost ongeveer een euro meer dan een broodmaaltijd die een kinderdagverblijf zelf maakt, zegt Spoony. Bij Kiddoozz bleken de Spoony-maaltijden goedkoper dan het eten dat ze zelf kookten, vertelt Yilmaz, waarvoor ze inkochten bij Albert Heijn én een medewerker inzetten.
De Nederlandse vraag naar gezonde maaltijden voor kinderen in de opvang en op school is de afgelopen vijftien jaar fors gegroeid. De omzet van Spoony groeide naar negen miljoen euro, het bedrijf draait quitte en is groeiende. Moekes Maaltijd levert gezonde maaltijden aan kinderdagverblijven en basisscholen, Spoony wil naast de kinderopvang ook aan basisscholen gaan leveren. En dan zijn er nog merken als Love Made, Deense babymaaltijden die louter uit biologische producten bestaan en in biologische winkels in Nederland worden verkocht.
Tommy Tomato, dat gezonde warme maaltijden aan basisscholen leverde, ging recent failliet en maakt nu (in afgeslankte vorm) een doorstart, werd vrijdag bekend. De financiële problemen kwamen niet door gebrek aan vraag, maar door het businessmodel van het jonge bedrijf, zeggen insiders: dat was niet levensvatbaar. De belangrijkste geldschieter, Stichting Life Tree Fund, verloor miljoenen euro’s. Elke dag warme maaltijden naar 360 scholen brengen, wat Tommy Tomato deed, is arbeidsintensief en duur. Soms stond de transporteur in de file en koelde het eten af. Opnieuw opwarmen is riskant in verband met bacteriën.
Spoony en Moekes Maaltijd doen dat anders: ze brengen koude maaltijden naar de klant, die ze ter plekke opwarmt. Spoony doet dat één keer per week. Moekes Maaltijd drie keer per week.
Van nature willen kinderen zout, zoet en vet. Dat moet je vervangen door gezonde producten
Minder tijd om te koken
Dat gezond eten belangrijk is voor kinderen, betwist niemand. Maar het gezinsleven is de afgelopen 25 jaar fundamenteel veranderd, stelt Ingrid Keller. Ouders hebben tegenwoordig minder tijd en aandacht voor het dieet van hun kinderen.
Dat komt onder meer doordat veel ouders buitenshuis werken. In 15,5 procent van de gezinnen met jonge kinderen in Nederland werken anno 2025 beide partners voltijds (meer dan 35 uur per week), volgens het Nederlands Jeugdinstituut. Bij 52 procent werkt één partner voltijds (meestal de man) en de ander in deeltijd. Bij 15,4 procent werkt maar één ouder (buitenshuis) en bij 14 procent werken beide ouders in deeltijd. In 2,5 procent van de gezinnen werken beide ouders niet.



Ook scheidt de helft van de stellen een keer, constateert Keller, en velen wonen ver van hun eigen ouders en familie, waardoor kinderen niet, zoals zij deed, regelmatig aan tafel zitten met familie, laat staan in de boomgaard van de familie lopen. „De lobby van grote voedingsconcerns is bovendien fors gegroeid én er is een digitale revolutie geweest, waardoor marketeers direct toegang hebben tot het brein van jonge kinderen via sociale media. Overal is goedkoop, slecht voedsel te koop. En de jeugd wordt er voortdurend toe verleid.”
Wil je dat kinderen een gezonde smaak ontwikkelen, zegt Keller, dan moet je ze in hun eerste vier levensjaren leren dat groenten, fruit, bruin brood en vis lekker en gezond zijn. „Van nature willen ze zout, zoet en vet. Dat moet je vervangen door gezonde producten.”
Een recente uitgebreide studie van VN-kinderfonds Unicef toont hoeveel reclame voor goedkope hamburgers, chips, snoep en frisdrank kinderen wereldwijd elke dag te zien krijgen. 52 procent komt via sociale media, de rest via tv en sponsoring van bijvoorbeeld sportevenementen. En overgewicht is een groeiend probleem; volgens Unicef was het aantal schoolgaande kinderen met overgewicht vorig jaar voor het eerst groter dan het aantal kinderen met ondergewicht.
Voedselveiligheid
Vandaag schuiven honderden bakjes met plantaardige Spoony-jus over de lopende band in Drunen. Eerst zijn alle ingrediënten in een reusachtige pan gemengd en gekookt, vervolgens is alles gepasteuriseerd in een ketel. Daarna is de jus in hoog tempo afgekoeld, zijn de porties van een etiket voorzien en gescand – zoals dat met tassen gebeurt op het vliegveld. Je wilt niet, zegt Henri-directeur Els van Olphen, dat er een houtsplinter of een andere verontreiniging in een baby- of peutermaaltijd zit.
Babyvoeding na distributie terugroepen, zoals Nestlé en Danone in januari moesten doen met Little Steps 1, Alfamino en Nutrilon, is voor fabrikant, winkel en vooral klanten vervelend. Toen was er cereulide aangetroffen, een stof waarvan baby’s ziek kunnen worden. Van een bacterie kunnen klanten, en zeker baby’s, ook behoorlijk ziek worden. Alle voedingsbedrijven hebben daarom strenge preventieprotocollen en controles, maar heel soms gaat er iets mis.
Henri-directeur Van Olfen laat zien hoe ze daar in Drunen mee omgaan. De pannen en ketels, koelinstallaties en ovens zijn allemaal aangesloten op IT-systemen, die precies bijhouden hoelang er gekookt, gebakken, geprutteld of geroerd wordt. En wát er precies in zit. „Als er iets mis zou gaan met bijvoorbeeld een bacterie waar kinderen ziek van worden, kunnen we altijd herleiden waar het fout is gegaan.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/16152428/170426BIN_2033059125_pepinster4.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/16164735/170426ECO_2033035019_.jpg)



/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/14135051/150426CUL_2032610645_3.jpg)

English (US) ·