De zaak
Woningcorporatie Woonwaard wil een Alkmaars wooncomplex uit 2002 verduurzamen door aansluiting op het warmtenet. Hiervoor heeft de verhuurder een rijkssubsidie ontvangen op grond van de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen. Het gaat om 3.922,50 euro per woning. Voorwaarde is wel dat de werkzaamheden vóór 1 mei 2026 zijn uitgevoerd.
In het voorjaar van 2024 licht Woonwaard de bewoners tijdens een informatieavond in over de aansluiting. Er volgen brieven en brochures met informatie, gericht aan de huurders. Uiteindelijk willen 34 van de 93 bewoners niet meewerken. Zij vrezen hogere financiële lasten en vinden dat ze slecht geïnformeerd zijn. Ook zou Woonwaard hun bezwaren niet serieus nemen.
Woonwaard spant een kort geding aan om de bewoners te dwingen de werkzaamheden toe te staan. Het gaat onder andere om het weghalen van de cv-ketel en het plaatsen van een warmte-unit.
De uitspraak:
huurders moeten meewerken
In deze zaak draait het om de vraag of het hier wettelijk gezien om dringende werkzaamheden of renovatie gaat. Dringende werkzaamheden zijn maatregelen die nodig zijn, omdat uitstel tot extra kosten of schade leidt. Renovatie is gericht op toename van het woongenot. In beide gevallen moet de huurder meewerken, zij het dat de verhuurder bij renovatie eerst een redelijk voorstel moet doen.
Hier is sprake van dringende werkzaamheden, oordeelt de kantonrechter, vanwege de noodzaak om te voldoen aan de eisen van het Klimaatakkoord uit 2019 en de eigen doelstellingen van Woonwaard. Bij uitstel zou de subsidietermijn ook niet gehaald worden, met als gevolg zo’n 5.700 euro extra kosten per woning, inclusief hogere kosten voor de aannemer die niet meer alles tegelijk zou kunnen aansluiten.
De kantonrechter laat de belangen van Woonwaard zwaarder wegen, mede omdat de corporatie een deel van de vaste leveringskosten van de bewoners voor haar rekening neemt en niet verantwoordelijk is voor de energieprijs. Wel heeft de rechter aandacht voor de zorgen van de bewoners over de financiële gevolgen en gebreken in een aantal woningen. Gebreken kunnen huurders melden bij Woonwaard en ze kunnen aan de bel trekken bij de huurcommissie of de rechter, aldus de kantonrechter.
Het commentaar
„Woningcorporaties zijn op het moment hard bezig met verduurzamen”, reageert advocaat volkshuisvestingsrecht Jetske Huber van Ten Holter Noordam. Onder andere vanwege bindende afspraken met het Rijk en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten om zich ervoor in te spannen dat woningen vóór 2029 minimaal energielabel D hebben. Een wetsvoorstel ligt klaar om ook particuliere verhuurders hiertoe te verplichten. Volgens Huber blijft die nog achter met verduurzamen.
In de praktijk blijkt dat verduurzaming lang niet altijd op enthousiasme kan rekenen, ziet ook Huber: „Huurders zitten meestal niet te wachten op een verbouwing. Afhankelijk van de werkzaamheden moeten ze een tijdje de woning uit. Mensen willen liever in hun eigen, vertrouwde omgeving blijven. Daar komen de zorgen over de financiële gevolgen van de verduurzaming bij. Zeker bij kwetsbare huurders leidt dat tot onzekerheid.”
De vraag of verduurzaming als renovatie of als dringende werkzaamheid geldt, leidt vaker tot discussie. Huber: „Je zou voorzichtig uit deze uitspraak kunnen concluderen dat aansluiting op het warmtenet als ‘dringende werkzaamheid’ wordt gezien waarvoor geen toestemming van huurders is vereist, met de kanttekening dat dit per geval moet worden bekeken.”
Huber kan de redenering van de kantonrechter wel volgen. „Als niet alle appartementen op tijd zijn aangesloten, zou dat voor deze woningcorporatie tot een aanzienlijk financieel verlies geleid hebben. Daar zou je tegenin kunnen brengen dat de corporatie zichzelf in deze positie heeft gebracht, maar je kunt moeilijk verwachten dat die pas subsidie aanvraagt nadat het merendeel van de huurders heeft ingestemd. Dat kost veel tijd en dan vis je mogelijk achter het net, terwijl woningcorporaties dat extra geld hard nodig hebben.”
De Woonbond, die opkomt voor huurdersbelangen, is kritisch over het mogelijke effect van deze uitspraak en vindt dat de aansluiting op het warmtenet altijd als een renovatie geldt, zodat de verhuurder steeds een redelijk voorstel moet doen aan de huurder. Beleidsmedewerker Bastiaan van Perlo: „Die route leidt meer tot overleg en geeft de huurder de kans ook zelf iets in te brengen. Bijvoorbeeld over de manier waarop het werk wordt uitgevoerd, zoals afspraken over de duur van de werkzaamheden, de ombouw in de keuken van gas naar inductie of over de hoogte van de vaste kosten van het warmtenet.” De Woonbond verwijst ook naar het Klimaatakkoord uit 2019, waarin is afgesproken dat draagvlak onder bewoners onmisbaar is.
De huurder kan overleg niet afdwingen zolang het om dringende werkzaamheden gaat, laat ook deze zaak zien. Nu de tijd voor verduurzaming gaat dringen, is de vraag of meer rechtszaken volgen. Hoe dan ook staat het de verhuurder altijd vrij een redelijk renovatievoorstel te doen om de acceptatie onder bewoners te vergroten, zoals ook de kantonrechter in het vonnis schrijft.
Uitspraak: Rechtbank Noord-Holland, 10 april 2026. ECLI:NL:2026:RBNHO:3806


:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/taxonomy/06b57cb-AanZet_itemafbeelding.png)



/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/06115015/060526CUL_2032604031_medusaDRAGEND.jpg)



English (US) ·