‘Titaan’ Marjan Minnesma was een verbinder

1 uur geleden 1

„Ik zei altijd: ik ken niemand zoals jij”, zegt Jan Rotmans, mede-oprichter van Urgenda en hoogleraar op het gebied van duurzaamheid en transities. „Dan moet je beter kijken, zei Marjan dan, want ze zijn er wel. Maar als ik eerlijk ben: ik heb ze nooit gevonden. In een voetbalteam zou ze spits, spelverdeler én laatste man zijn.” 

Vrienden, kennissen en klimaatjuristen komen superlatieven tekort voor wat Marjan Minnesma heeft betekend voor de klimaatbeweging. Ze is vrijdag op 59-jarige leeftijd overleden aan borstkanker.

Minnesma was een grote naam, en niet alleen vanwege de klimaatrechtszaak tegen de Nederlandse overheid die Urgenda in 2015 won. Daarmee dwong de organisatie de overheid om een strenger klimaatbeleid te voeren. Het ‘Urgenda-vonnis’ inspireerde tientallen andere klimaatzaken wereldwijd.

Dat ze allebei ongeneeslijk ziek werden is voor de 65-jarige Rotmans – die zelf uitgezaaide prostaatkanker heeft – nog steeds „bizar”. In de 25 jaar dat Rotmans haar kende, zag hij Minnesma nooit ziek – vóór haar diagnose. Ziek zijn, daar hadden ze geen tijd voor. „We dachten dat we de hele wereld aankonden, dat we onsterfelijk waren. Zoveel energie gooiden we er tegenaan.”

De gesprekken over hun ziekte hielden ze kort; Minnesma hield niet van zelfmedelijden, zegt Rotmans. „We steunden elkaar door elkaar op te peppen: kijk eens wat ik aan het doen ben, kijk eens wat jij aan het doen bent. Ons werk, onze dagelijkse dingen. Ze had het te druk om te treuren.” Toch ging er bijna elke dag een appje over en weer: hoe gaat het? „Ze had zware behandelingen, moest er vaak voor naar België. Ik had nog enig perspectief, zij nauwelijks; het is knap hoe ze ermee omging.”

Minnesma studeerde bedrijfskunde, filosofie en rechten. Ze werkte korte tijd bij Shell, maar vond verandering te langzaam gaan bij de oliereus. Ze had onder meer bij Greenpeace en de Vrije Universiteit gewerkt toen Rotmans haar vroeg voor een aan de Erasmus Universiteit verbonden onderzoeksinstituut voor transitiekunde.

Ook daar bleef ze eerst zoekende naar haar rol, zegt Rotmans. „Ze had makkelijk kunnen promoveren en professor worden. Maar kennis an sich vond ze niet interessant. Hoeveel van die kennis wordt nou in de praktijk gebruikt?, vroeg ze dan.”

Daarom richtten ze Urgenda op: om kennis uit klimaatonderzoek in de praktijk te brengen. Minnesma werd directeur, Rotmans voorzitter. Ze ontwikkelden een soort agenda voor de toekomst van Nederland met veertig serieuze ideeën om te verduurzamen. Die werd breed uitgemeten in de pers. „Alles viel samen, dit was haar rol. Ze straalde helemaal.”

Overal ter wereld waar ik kom en presentaties houd, is Urgenda het eerste dat wordt genoemd. Het is een blauwdruk geworden, een eigen categorie: ‘Urgenda-style-cases’ wordt het genoemd

In de verhalen over Minnesma in de pers mist Rotmans haar „andere kant”. Door de ernst van klimaatverandering „denken mensen dat wij alleen maar serieus zijn”. In deze dagen na haar overlijden, schiet juist door zijn hoofd hoe ontzettend goed ze was in lol maken.

„Op reis door het land langs duurzame koplopers, organiseerden we altijd een bonte avond. Dan gingen we samen liedjes zingen, zoals Het land van Maas en Waal”, vertelt Rotmans over de telefoon. Ook dansen, vond ze „onwijs leuk”. Op het nummer ‘Relight my Fire’ kon ze helemaal losgaan. „Het leek dan ook wel een andere Marjan, alsof alles van haar afviel.”

Klimaatzaak

Als advocaat Roger Cox bij Urgenda aanklopt met zijn ideeën over hoe recht aanknopingspunten biedt voor verduurzaming, twijfelt Rotmans. „Marjan, zelf ook jurist, zei dat ze er wél iets in zag.” Met haar man en Cox besteedde ze veel tijd aan het opbouwen van de rechtszaak tegen de staat. „Iedereen raadde het ons af. Dat hebben we allebei: als iedereen het je afraadt, dan doe je het juist wel.”

Dat beeld halen meer mensen uit de klimaatbeweging op. Klimaatactivist Hannah Prins vond Minnesma daarom zo inspirerend, omdat ze gewoon dééd. „Je kan oneindig blijven praten maar je kan ook gewoon dingen doen. Ik werk nu voor een juridische klimaat-ngo die allerlei klimaatrechtszaken voert en dat had niet gekund zonder haar.”

Voormalig GroenLinks-Tweede Kamerlid Liesbeth van Tongeren bewondert Minnesma omdat ze steeds keek wat wél mogelijk was. Van Tongeren was ook directeur bij Greenpeace en kende haar uit de duurzaamheidswereld. „Je ziet dat de jonge klimaatactivisten van nu zich soms laten overweldigen door de negatieve cijfers over het klimaatprobleem. Die hebben het idee: we moeten álle fossiele uitstoot stoppen binnen een jaar of vijftien.”

Minnesma had het talent om ook kleiner te kunnen denken, vindt Van Tongeren. „Dan ging ze bijvoorbeeld met een klein clubje aan de slag om boeren te helpen met kruidenrijk grasland, zonder te denken van: wat helpt nou zo’n graslandje?”

Van Tongeren wijst ook op een ander voorbeeld van haar pragmatisme. Rond 2010 waren zonnepanelen nog erg duur in Nederland. Minnesma besloot de markt open te breken en importeerde zo’n vijftigduizend goedkopere zonnepanelen met omvormers uit China. Het was een groot financieel risico voor zowel haar als Urgenda, maar het werkte: de zonnepanelen vonden aftrek en andere partijen gingen ze ook collectief inkopen. Daardoor ging de prijs met een derde omlaag en groeide de markt flink.

Baanbrekend

Minnesma zal vermoedelijk in de milieubeweging het meest worden herinnerd om de baanbrekende klimaatzaak. In 2015 won Urgenda de rechtszaak tegen de Nederlandse Staat, en in 2018 kreeg de stichting gelijk in hoger beroep. Die zaak leverde ook kritiek op: ging de rechter niet te veel op de stoel van de politiek zitten?

Toch kreeg de zaak veel navolging in het buitenland, zegt Tim Bleeker, universitair hoofddocent en coördinator van de master Klimaatrecht van de Vrije Universiteit in Amsterdam. „Overal ter wereld waar ik kom en presentaties houd, is Urgenda het eerste dat wordt genoemd. Het is een blauwdruk geworden, een eigen categorie: ‘Urgenda-style-cases’ wordt het genoemd.”

De meer technisch juridische naam ervoor is framework cases. „De kern is dat het gevaar dat klimaatverandering veroorzaakt allerlei rechtsplichten activeert”, zegt Bleeker. De rechtszaken zijn gestoeld op de zorgplicht uit ons aansprakelijkheidsrecht.

Urgenda eiste de beperking van de Nederlandse uitstoot in 2020 met ten minste 25 procent ten opzichte van 1990. „De eis was eigenlijk: er moet een totaalplan komen om te zorgen dat we in lijn komen met klimaatdoelen”, zegt Bleeker. „Linksom of rechtsom, hoe je het doet is aan jou, maar dit is de ondergrens.”

Belangrijke zaken die daarna werden gewonnen, zoals van de Zwitserse Klimaseniorinnen die gelijk kregen van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens over Zwitsers klimaatbeleid, waren deels gestoeld op Urgenda.

Ook de zaak die Milieudefensie heeft aangespannen tegen Shell is een vertaling van Urgenda naar het bedrijfsleven. „De claim is dezelfde”, zegt Bleeker. „Jouw handelswijze is niet houdbaar in een wereld waarin we gevaarlijke klimaatverandering proberen te voorkomen.”

Hoeveel de Urgenda-zaak zelf concreet tegen klimaatverandering heeft kunnen betekenen, is lastig te meten. „De Nederlandse overheid heeft het reductiedoel van 25 procent in 2020 gehaald”, zegt Bleeker, „Deels door extra beleid zoals meer wind op zee, en deels door een ‘gelukje’ met de coronacrisis.”  

Met Minnesma, vindt Bleeker, verliest de klimaatbeweging een „titaan”. Zij had „het debat kunnen losbreken, juist nu de boel op slot zit.” Hij ziet dat klimaat niet de aandacht krijgt die het verdient, en concurrentie heeft van andere crises. „Aan de ene kant geeft de energiecrisis verduurzaming een impuls, aan de andere kant zijn landen en leiders afgeleid.” 

Urgenda, zegt Rotmans, begon als antwoord op wat we misten: een radicalere beweging die echt de boel in gang wil zetten. „Marjan was van steeds jezelf vernieuwen, nieuwe manieren zoeken. Nooit berusten en onderdeel worden van wat je wil veranderen.”

Hoe moet de milieubeweging verder? „Ze zou zeggen: kom op, we hebben alle tijd nodig. Leg je er niet bij neer dat iets niet kan. ”

Lees het hele artikel