Waterschappen en dijkgraven – jarenlang traden ze vrijwel uitsluitend voor het voetlicht als ergens een dijk op doorbreken stond na stortregens. Dat was per definitie een lokale gebeurtenis, waar de rest van de Nederlanders kennis van nam via krant of tv. Nu merkt het hele land de consequenties van aanhoudende droogte en verschijnen de waterschappen ineens niet als waterafvoerders, maar vooral als waterbehouders in het nieuws. Water is niet overvloedig, water is schaars. En schaarse goederen zijn een bron van maatschappelijke onrust.
Toen het Hoogheemraadschap Delfland vorige week vrijdag een drastische maatregel aankondigde – een compleet verbod op het gebruik van oppervlaktewater voor ondernemers en bewoners – werd duidelijk hoe ingrijpend schaarste kan zijn. De glastuinders in het gebied zochten de publiciteit op om te vertellen dat ze zich overvallen voelden door de afkondiging. „We hebben water nodig. Nu”, zei glastuinbouwbestuurder Jacco Vooijs vrijdag in NRC.
Intussen had Tweede-Kamerlid Mona Keijzer (voorheen BBB, sinds dit jaar partijloos) al Kamervragen gesteld in lijn met de positie van de tuinbouwers. Zo wil ze van de minister weten „op welke objectieve gegevens dit besluit is gebaseerd” en of hij bereid is „zich actief in te zetten voor een oplossing waarbij ondernemers niet de dupe worden van bestuurlijke keuzes”. Belangenorganisatie Glastuinbouw Nederland suggereert dat er wel degelijk genoeg water is en dat het hoogheemraadschap bruikbaar, gezuiverd rioolwater loost in de Noordzee. Op X schreef Keijzer, oud-minister en vicepremier, vrijdag: „Opnieuw kiest een bestuursorgaan voor regels en modellen.” Daarmee legt ze welbewust een verband met onderwerpen zoals de spreidingswet voor asielzoekerscentra (‘regels’) en stikstof (‘modellen’). Die hebben op verschillende plaatsen in Nederland tot gewelddadige demonstraties geleid.
„De waterschappen worden steeds meer een, tussen aanhalingstekens, normale overheid”, zegt Jeroen Haan, voorzitter van de Unie van Waterschappen, door de telefoon. „De nare dingen van de gewone overheid komen ook bij ons steeds meer binnen.” Hij heeft het niet zozeer over Keijzer als wel over burgers en ondernemers die een scherper oog hebben voor hun rechten dan voor hun verantwoordelijkheden: wij hebben nú water nodig.
Haan, zelf ook dijkgraaf van hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, ziet grote verschillen tussen agrariërs. „Er zijn glastuinbouwers die zelf grote bassins hebben waarin ze zoet water kunnen opslaan, anderen hebben wat kleinere bassins. Sommigen hebben zich verzekerd, anderen niet.”
Voordat woensdagnacht het onttrekkingsverbod in Delfland daadwerkelijk inging, kreeg het bestuur veel verzoeken om uitzonderingen, suggesties voor alternatieven, maar ook bedreigingen – zoals al langer ‘normaal’ is voor wethouders en burgemeesters, vertegenwoordigers van de ‘gewone overheid’. Een (incomplete) rondgang langs waterschappen leert dat de ervaringen met de reactie van bewoners van hun gebieden gemengd zijn.
‘Heel spannend’ om op pad te gaan
Sinds 28 juli geldt een onttrekkingsverbod voor een groot deel van waterschap Vechtstromen, dat langs de grens met Duitsland van Drenthe tot Gelderland loopt. De eerste dag na de afkondiging van zo’n harde maatregel vinden de handhavers van het waterschap het „heel spannend” om op pad te gaan, zegt woordvoerder Martin Hilferink. Maar het viel hen alleszins mee. „Ze zagen boeren die uit zichzelf de haspels met de slangen voor de beregeningsinstallatie aan het oprollen waren.”
Dat de droogtejaren elkaar snel opvolgen, heeft volgens Hilferink flink geholpen bewoners en ondernemers te doordringen van de noodzaak van en begrip voor de maatregelen. „In 2018, toen we voor de eerste keer te maken kregen met de droogte, en dan laten we het geïsoleerde droogtejaar 1976 even buiten beschouwing, zagen de mensen het niet echt aankomen. De afgelopen acht jaar hebben we diverse droge zomers meegemaakt. Die ervaringen maken dat het niet meer nieuw is en ook dat we het hele jaar bezig zijn om maatregelen te nemen, en zoveel mogelijk water vasthouden in ons gebied.”
Niet helemaal nieuw misschien, tekent Henk Hazenoot, loco-dijkgraaf van hoogheemraadschap Rijnland, aan. Maar de extreme droogte van dit jaar is iets wat in de scenario’s in het rapport Toekomstgericht Waterbeheer Rijnland (2025) pas voor over een paar jaar was voorzien. „De toekomst is nu”, zegt Hazenoot.
Hij zegt dat ondernemers in zijn gebied, de bollenkwekers bij de duinen en de boskwekers rond Boskoop, dieper dan particuliere bewoners lijken te beseffen dat droogte schaarste betekent. Hun belangenorganisaties staan dan ook in vrijwel permanent overleg met het hoogheemraadschap. „Begrip ontmoet je als je goed communiceert”, zegt Hazenoot.
Jeroen Haan ging als dijkgraaf donderdag met handhavers van hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden mee. De dagen daarvoor hadden die toch nog aardig wat mensen aangetroffen die ondanks het verbod stonden te sproeien. Vaak met een doorzichtig smoesje (‘O, dat wist ik niet’), soms oprechter. Deze donderdag bleef het beperkt tot een vrouw die een pompje had aangesloten en dacht dat het verbod alleen voor de boeren gold. Haan: „Nee mevrouw, dit geldt voor iedereen. Ze verontschuldigde zich, en ze zette niet alleen het pompje uit, maar koppelde het ook meteen af, gaf ons een hand en zei: ‘Nog een fijne avond’.”
Aan de andere kant: Haan heeft dit jaar ook aangifte gedaan van bedreiging van een van zijn handhavers. „Zo ernstig, zo persoonlijk.” Zelf kreeg hij een schijnbaar met bloed ondertekende dreigbrief. Van een zogenoemde ‘soeverein’, iemand die het gezag van de overheid niet erkent, en dus ook niet van het waterschap. „Alles wat [veiligheidscoördinator] NCTV in zijn dreigingsbeelden beschrijft, krijgen wij nu als waterschap ook.”
Tienduizend liter water
De woorden ‘bewustwording’ en ‘perceptie’ komen steeds terug in gesprekken met de waterschappen. Hazenoot: „Inwoners van ons gebied zien de beregening aan staan bij een akker en denkt: dat is ook zonde van het water. De dag erop gaat-ie naar een zwembad dat is gevuld met tienduizend liter water. Dat is veel meer dan die hele beregeningsinstallatie verspreidt.” Hij vond het dan ook niet zo handig dat Vewin, de vereniging van waterbedrijven, onlangs bekendmaakte dat er genoeg water is. „Daarmee zend je de boodschap uit dat de droogte niet voor iedereen consequenties heeft.”
Jeroen Haan was blij dat drinkwaterbedrijf Dunea donderdag bij Omroep West de oproep deed: „Het klopt dat u niet bang hoeft te zijn dat er geen water uit de kraan komt. Maar we roepen u wel degelijk op om er zuinig mee om te gaan.” „Dat is de werkelijke en genuanceerdere boodschap.”
Hij luistert kritisch naar berichtgeving over de glastuinders in Delfland. Op tv werd aan een bestuurder van het hoogheemraadschap gevraagd: „Wat zou u doen als u in de schoenen van zo ’n tuinder stond?” Niet de eerlijke vraag, vindt Haan. „Ik heb begrip voor de pijn die de tuinder voelt. Maar de afweging die het waterschap moet maken, is: hebben we het water nodig om de dijken nat te houden die heel veel mensen beschermen? Of hebben we het water nodig voor een tuinder die mogelijk schade leidt en zelfs failliet kan raken? Dat is het eerlijke dilemma. Iets wat je allebei niet wilt. Maar als je moet kiezen, dan is het bestuurlijk helder dat je zegt: het grotere gebied met heel veel mensen, en mogelijk slachtoffers, gaat voor.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/05161415/060826VER_2035735304_delfland.jpg)
Gemaal Winsemius aan het Brielse Meer wordt door een 4,2 kilometer lange leiding zoetwater via het Oranjekanaal naar Delfland gepompt.
Foto Walter Herfst

/https://content.production.cdn.art19.com/images/5c/f1/5c/b4/5cf15cb4-3eae-48af-af9f-6c2feb12b858/fe0b0e450c1acdd88d1edba6c6e41e71002674b513ff54d9d36c168809ec8019eb1ad4fe32035569725b15e4c884bda154b4895cb6df8b07b3c2078dba71ad7d.jpeg)

/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data151932880-7bb79e.jpg)



/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/05214753/050826VER_2035740527_bol2.jpg)

English (US) ·