Een energiecrisis is nog geen economische ramp

1 uur geleden 1

Hoe ernstig is deze crisis nou?

Als je naar energiedeskundigen luistert: superernstig. Dit is de grootste energiecrisis ooit, volgens Fatih Birol van het Internationaal Energie Agentschap. Erger dan de oliecrises in de jaren zeventig en de energiecrisis van 2022. De energiemarkten staan op de rand van een ramp, schreef The Economist deze week.

Dan klinken economen mild. Ja, dit is een grote schok, maar van een zware economische crisis is geen sprake, ook niet in de zwaarste scenario’s die economen doorrekenen.

Neem de doorrekening door het Centraal Planbureau. In hun zwaarste scenario stijgt de olieprijs verder naar 160 dollar per vat (deze week 105 dollar) en blijft die hoog tot eind 2027 (125 dollar). De gasprijs stijgt naar 110 euro per megawattuur (deze week 45) en blijft ook hoog tot eind 2027 (65 euro).

Dat zijn echt hoge energieprijzen. En toch viel de economische schade me mee.

In 2026 zou de economie dan nog steeds met 0,3 procent groeien (na een lichte krimp in de tweede helft van het jaar). In 2027 zou de groei nagenoeg nul zijn. Zonder de hoge energieprijzen was de groei 1,4 en 1,3 procent geweest, maar een harde krimp voorziet het CPB dus ook bij langdurig zeer hoge energieprijzen niet.

In het zwaarste scenario daalt de koopkracht van een doorsnee Nederlander met 1,4 procent. De inflatie stijgt naar boven de 5 procent. Dat is nog steeds lager dan de 10 procent inflatie tijdens de crisis van 2022.

Hoe kan dit de ergste energiecrisis ooit zijn en tegelijk minder inflatie veroorzaken dan toen?

Een groot verschil: dit is een wereldwijde energiecrisis, de crisis van 2022 trof vooral Europa. Europa was enorm afhankelijk van gas dat via pijpleidingen uit Rusland kwam. Toen Rusland de gastoevoer afkneep, had Europa weinig alternatieven. De gasprijs was veel hoger dan nu.

„2022 was een systeemcrisis voor Europa. We waren symbiotisch verknoopt met Rusland en moesten plots overschakelen op een ander soort gas, LNG”, zegt Lucia van Geuns, energiedeskundige van onderzoeksbureau HCSS. „We hadden de faciliteiten daarvoor niet.”

Nu stokt de aanvoer van LNG uit het Midden-Oosten. Maar vóór de oorlog tegen Iran was er overaanbod van LNG voorspeld, omdat er veel productiefaciliteiten zijn bijgebouwd in de wereld. De gasprijs stijgt daarom minder sterk dan die van olie.

Ook Van Geuns vindt dat we de grootste energiecrisis ooit meemaken. Maar het is vooral een oliecrisis. Nog specifieker: met name aan diesel en kerosine, twee olieproducten, is een tekort.

De val in het aanbod van olie is groter dan in de jaren zeventig, maar dat betekent niet dat die evenveel economische schade aanricht. Van Geuns: „De energie-intensiteit van onze economieën is veel lager. Auto’s rijden bijvoorbeeld veel zuiniger.” Wat wel breder kan doorwerken: diesel is volgens Van Geuns het werkpaard van de economie, omdat veel boeren ermee werken en vrachtwagens erop rijden.

Wat de klap tempert

Een energiecrisis is dus nog geen economische crisis. Maar die nuance gaat tussen het sombere nieuws wel verloren, merkt Marieke Blom, hoofdeconoom van ING. Toen de baas van een industriebedrijf haar vroeg of dit zo erg kon worden als de coronacrisis, dacht ze: hier gaat iets mis. „Tijdens Covid kromp de economie met bijna 4 procent, zelfs na de enorme steunpakketten van de overheid. Dát is een economische crisis, dit niet.”

Er is van alles wat de klap tempert. Blom: „De arbeidsmarkt is krap, daardoor zullen bedrijven minder snel mensen ontslaan. Nederlanders spaarden veel. Dat geld kunnen ze inzetten in plaats van bezuinigen.” Europa gebruikt minder gas dan in 2022.

Ook voor de koopkracht is er een groot verschil volgens Blom: in 2022 steeg de energierekening van huishoudens sterk, nu de prijzen aan de pomp. „Iedereen heeft een energierekening, niet iedereen heeft een auto. Dit is meer een transportcrisis. Mensen kunnen makkelijker een vliegvakantie of een uitje schrappen dan de verwarming uitzetten.”

Benzine is in verhouding tot het inkomen bovendien goedkoper geworden, zegt Blom. Na 2022 werden uitkeringen en het minimumloon verhoogd. „Met bijna 30 procent. Terwijl benzine al die jaren onder de 2 euro is gebleven.” Dus zo onbetaalbaar is de 2,5 euro van nu niet.

Iedereen heeft een energierekening, niet iedereen heeft een auto. Dit is meer een transportcrisis

De crisis van 2022 biedt een hoopvolle les: economieën kunnen zich snel aanpassen, ook aan een ogenschijnlijk onoverkomelijk grote energieschok.

Begin 2022 werd een groep Duitse economen weggehoond, omdat ze hadden berekend dat de Duitse economie met hoogstens 3 procent zou krimpen na een plotse stop van Russisch gas. De klap zou volgens critici veel groter zijn, want energie is niet zomaar een markt, energie is fundamenteel. „Onverantwoordelijk”, noemde regeringsleider Olaf Scholz de berekening.

Uiteindelijk viel de economische schade mee. Niet alleen omdat de regering razendsnel terminals voor LNG bouwde en de economie steunde. Markteconomieën hebben een groot aanpassingsvermogen. Dat wordt vaak onderschat.

Als olie extreem duur wordt, verdwijnt als eerste makkelijk vervangbare vraag, bijvoorbeeld naar plastic badeendjes die worden gemaakt van olie, leggen economen Tyler Cowen en Alex Tabarrok uit. Kinderen krijgen simpelweg ander speelgoed.

Maar 2022 had nóg een les: ellende kan opstapelen. De zomer bleek uitzonderlijk droog, er kwam minder energie uit waterkracht, Franse kerncentrales waren in onderhoud én overheden boden tegen elkaar op om gasvoorraden te vullen. In augustus werden de gasprijzen hoger dan hoog.

Dit keer zou Donald Trump de aanvoer van Amerikaans gas kunnen afknijpen, zouden landen energie kunnen gaan hamsteren. Ook de slechtste scenario’s van economen kunnen te optimistisch blijken.

Het woord crisis kent geen gradaties, maar die zijn er wel.

Lees het hele artikel