EU wil géén ‘digitale kolonie’ zijn en zet in op open source en datacenters voor eigen cloud en AI-ontwikkeling

1 uur geleden 1

Het nieuwe Brusselse buzzword is soevereiniteit. Een eigen koers varen zonder de indruk te willen wekken dat er actief wordt ontkoppeld van de Verenigde Staten. Daarvoor is de afhankelijkheid immers te groot, op allerlei vlakken, van industrieel tot defensie.

Woensdag presenteert de Europese Commissie haar soevereiniteitsagenda. Een techpakket dat Europa overeind moet houden in de huidige AI-stormen in de geopolitieke wedloop. Over het winnen van de race wordt in Brussel al niet meer gerept.

Commissievoorzitter Ursula von der Leyen schetste het in september al onomwonden in haar jaarlijkse ‘State of the Union’-rede: „Europe is in a fight” en „dit moet het moment zijn waarop Europa zijn onafhankelijkheid verwerft”. Naar het meermaals uitgestelde pakket is daarom lang uitgekeken. Een conceptversie circuleert al onder betrokkenen en is in het bezit van NRC.

Europa staat volgens de Europese Commissie op een „bepalend moment” als het gaat om het zekerstellen van technologische soevereiniteit. De EU is momenteel structureel afhankelijk van niet-Europese aanbieders voor 80 procent van zijn digitale producten, diensten, algehele infrastructuur en intellectueel eigendom, zo begint de tekst. En: „De Europese weg naar technologische soevereiniteit moet worden versterkt.”

1Zoekt Europa hiermee de confrontatie met de VS?

Uit het stuk spreekt urgentie, maar ook veel diplomatie. De Commissie benadrukt de noodzaak van onderlinge afhankelijkheid van handelspartners. Het draait om uitruil.

Dat kan ook niet anders, want momenteel is Europa voor technologie, en dan vooral de ‘digitale stack’ (van kabels tot data) veel te afhankelijk van met name de Verenigde Staten. Of, in de woorden van de Renew-liberalen in het Europees Parlement: „Europa is een digitale kolonie geworden”. Kwetsbaar bovendien, met Amerikaanse AI-modellen die enorme impact hebben op de cybersecuritywereld.

Brussel staat daardoor niet sterk in onderhandelingen met Washington en Beijing, die met al hun tech een machtsmiddel in handen hebben. En dus moet Europa meer digitale producten en diensten ontwikkelen die de rest van de wereld wil hebben, en vraag creëren die buitenlandse investeringen op het continent aantrekt. 

Maar hoe dat moet gebeuren is een subtiel spel. Waarbij veel draait om niet zo sexy onderwerpen als standaarden, definities, verplichte risico-inschattingen en categorieën die een rol spelen bij aanbestedingen. Daarin moet het gebruik van open sourcesoftware bijvoorbeeld standaard de voorkeur krijgen. Nu is dat in theorie al vaak het geval, maar in de praktijk helemaal niet. Het moet allemaal helpen om Europese bedrijven een opkontje te geven die het anders steeds afleggen tegen Amerikaanse concurrenten. En dit op een Europese manier en zonder importtariefmuren op te trekken.

2Wat staat er in het voorstel?

Negentien AI-fabrieken, heel veel chips, datacenters, kabels, software, halfgeleiders, identiteitswallets en ga nog maar even door. Lekker leesvoer is het niet, maar de Europese Commissie heeft geprobeerd alles wat nodig is om het continent digitaal te versterken en zelfstandig te laten worden bij elkaar te vegen in een „ecosysteem benadering”, zodat de wetten elkaar aanvullen en versterken en niet tot onnodige extra regeldruk leiden. Na bovenstaande alinea zal het niet verbazen dat de EC ook de arbeidsmarkt wil aanpakken en meer Europeanen wil klaarstomen voor banen in deze AI-economie.

Het pakket omvat ook de Chips Act 2.0, de Cloud en AI Development Act (kortweg ‘CADA’), een Europese opensourcestrategie en een strategische routekaart voor digitalisering en de toepassing van AI in de energiesector. Een aantal deelonderwerpen was al eerder uitgewerkt of aangekondigd.

3Waar zet Europa precies op in?

De plannen borduren voort op de Europese Chips Act die in september 2023 van kracht ging, en nieuwe plannen uit dit jaar: het zogeheten Competitiveness Compass en de AI Continent-actieplan. Het dichten van de innovatiekloof, het decarboniseren van de economie en het verminderen van strategische afhankelijkheden. Denk daarbij aan halfgeleiders, waarbij de EU momenteel goed is voor slechts 10 procent van de mondiale productie.

Dat betekent niet dat Europa alles zelf wil gaan doen: Brussel zet in op betrouwbare partners (die niet met naam worden genoemd) en diversificatie van de toeleveringsketen, die de keuzevrijheid voor consumenten op de digitale markt moeten vergroten. „Technologische soevereiniteit blijft gebaseerd op openheid, partnerschap en eerlijke concurrentie en staat niet gelijk aan isolatie, protectionisme of technologische ontkoppeling”, aldus de Commissie.

4Waarom verplicht de Europese Commissie andere overheden niet om een percentage van hun aanbestedingen in Europa te doen?

Die vraag was een van de gevoeligste onderhandelingspunten. Tegen zo’n verplicht ‘Koop Europees’-percentage van bijvoorbeeld vijftien procent is stevig gelobbyd. Dit onder meer door de grote Amerikaanse techbedrijven, de zogenaamde ‘hyperscalers’ als Amazon, Google en Microsoft, die zowel internetkabels, als datacentra voor cloud en veel software uitbaten.

We zijn bereid om voor de rechter te verdedigen dat deze regels niet zijn bedoeld als een soort handelszelfmoord

Het argument van de Amerikaanse lobby is onder meer dat geografische discriminatie in Europa niet mag. Die regel is ooit ingevoerd om de Europese interne markt te laten functioneren, vertelt econoom Cristina Caffarra. Zij was consultant voor grote techbedrijven en de Europese Commissie, en geldt nu als een van de drijvende krachten achter de Eurostack-beweging, die zich hard maakt voor Europese digitale soevereiniteit. „Hij was bedoeld om te voorkomen dat de Italianen alleen Italiaans zouden kopen, de Fransen alleen Frans, etcetera. Dat wordt nu door de hyperscalers tegen ons gebruikt.”

„Iemand met lef moet zeggen: kappen nou. We zijn bereid om voor de rechter te verdedigen dat deze regels niet zijn bedoeld als een soort handelszelfmoord. We gooien jullie er niet uit, het is geen discriminatie die jou benadeelt. En bovendien geldt dit maar voor een portie van de aanbestedingen”, stelt Caffarra, die is gespecialiseerd in mededingingsrecht.

Op basis van de concept-versie van het pakket lijkt de Europese Commissie voor een omweg te hebben gekozen. Er komen criteria waaraan niet-Europese bedrijven moeilijker kunnen voldoen dan Europese. Bij publieke aanbestedingen voor clouddiensten of AI moet er bijvoorbeeld ‘toegevoegde waarde zijn voor de EU’. Waarbij nog niet is gespecificeerd hoe dat wordt gemeten.

Die aanpak doet denken aan de recent gepresenteerde soevereiniteitsschaal voor clouddiensten. Daarop scoren Europese bedrijven in de regel hoger dan niet-Europese. Bedrijven en overheden kunnen vervolgens zelf bepalen of zij een zeer soevereine dienst nodig hebben, bijvoorbeeld voor de verwerking van persoonsgegevens, of ook met een minder zware categorie kunnen werken.

5Wat is de ‘Europese’ weg in tech dan?

Dat moet een beetje tussen de regels door gelezen worden. Europese tech moet voldoen aan Europese wetten, zoals de privacywet en de digitaledienstenwet DSA. Amerikaanse en Chinese techbedrijven voldoen daar lang niet altijd aan en het lukt Europa niet om die regels te handhaven. Er moeten veel nieuwe datacenters komen, maar dan wel zo groen en zuinig mogelijk.

In het voorstel krijgt het gebruik van opensource-software veel nadruk. Dat is software waarvan de broncode openbaar is. Eisen dat leveranciers daarmee werken is een manier om te voorkomen dat klanten niet meer weg kunnen bij hun softwareleverancier, omdat ze met hun systemen vastzitten in de unieke software van dat bedrijf.

„Europa is de geboorteplaats van [open sourcebesturingssysteem] Linux en heeft een sterke en levendige gemeenschap van ruim drie miljoen mensen die bijdragen aan open source software”, staat in het document – met het voornemen daar veel meer gebruik van te maken. Onder meer omdat het een strategie is om versneld de achterstand op Amerikaanse bedrijven in te lopen. Je kunt immers gezamenlijk doorbouwen op een bestaande basis.

Een aantal Europese bedrijven wordt met naam genoemd: Odoo uit België, Aiven uit Finland, Mistral AI uit Frankrijk, SUSE Linux en Nextcloud uit Duitsland en Arduino uit Italië.

6Hoeveel geld gaat er met het pakket gemoeid? 

Europa spendeert jaarlijks 264 miljard euro aan Amerikaanse IT-producten en -diensten. Het techmonopolie van Silicon Valley zorgt volgens ingewijden voor een enorme economische boost voor de Amerikanen, de innovatiekloof vergrotend. „In de afgelopen twintig jaar zijn de Amerikanen dubbel zo rijk geworden vergeleken met ons”, zegt Europarlementariër Bart Groothuis (van de liberaal-democratische fractie Renew Europe) aan de telefoon. Hij wijst er herhaaldelijk op dat Europa „geen plek aan tafel” heeft omdat het „amper rekenkracht” te weinig llm-vermogen (large language models zoals ChatGTP) heeft.

Het grote verschil in tech met de VS is volgens ingewijden niet zozeer een kwestie van kennis, maar van financiële injecties en opschaling. „Overheidsfinanciering alleen is niet voldoende om de investeringskloof te dichten”, aldus de Commissie, die zich beroept op de 800 miljard euro die daarvoor naar schatting jaarlijks nodig is. Brussel wil „dringend” particulier risicokapitaal aantrekken. Zo moet het Europese InvestAI-programma 200 miljard euro mobiliseren voor lokale investeringen in kunstmatige intelligentie.

Voor de halfgeleiderindustrie hoopt de Commissie tegen 2035 120 miljard euro aan publieke en private investeringen aan te trekken. Voor datacenters gaat het daarbij tegen 2036 nog eens om 200 miljard euro, voornamelijk privaat geld. Ook wordt er voor de komende zeven jaar een benodigde impuls van 2 miljard euro genoemd voor onderzoek rondom cloud- en AI-ontwikkeling.

Lees het hele artikel