Onderzoekers zien dat jonge kleintandzaagvissen vaker succesvol opgroeien in Florida. Dat is goed nieuws voor een soort in nood.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!
De kleintandzaagvis heeft het zwaar. Deze opvallende vis, met zijn lange zaagvormige snuit, kwam vroeger in een veel groter gebied voor. Maar door bijvangst in de visserij en verlies van geschikt leefgebied is de soort sterk teruggedrongen. Tegenwoordig leeft hij nog maar in een beperkt deel van het zuidoosten van de Verenigde Staten en nabij de Bahama’s.
Juist daarom is het nieuwe onderzoek van Florida Atlantic University en de Florida Fish and Wildlife Conservation Commission zo belangrijk. De onderzoekers vonden aanwijzingen dat een leefgebied in de Indian River Lagoon dient als kraamkamer voor jonge kleintandzaagvissen. De jonge dieren kunnen daar genoeg beschutting en voedsel vinden om succesvol op te groeien. Voor een bedreigde soort is dat van groot belang: zonder veilige opgroeiplekken is herstel bijna onmogelijk. Het onderzoek is te vinden in Fishery Bulletin.
Bijzondere tags
Voor het onderzoek volgden de onderzoekers zeven jonge zaagvissen met ‘akoestische tags’. Dat zijn kleine zenders die signalen afgeven waardoor wetenschappers kunnen zien waar een dier zich bevindt. In de zuidelijke Indian River Lagoon en langs de Saint Lucie River lagen ontvangers in het water die deze signalen opvingen. Zo konden de onderzoekers de dieren twee jaar volgen. Daarnaast gebruikten ze gecontroleerde meldingen van de U.S. Sawfish Recovery Hotline.
Door al die verschillende gegevens te combineren kregen ze een veel beter beeld van waar de jonge zaagvissen zaten, hoelang ze op dezelfde plek bleven en onder welke omstandigheden ze dat deden. Ze keken daarbij ook naar factoren als de watertemperatuur, het zoutgehalte, het zuurstofgehalte en de aanvoer van zoet water.
Veel dieren in een klein gebied
Uit de resultaten blijkt dat jonge kleintandzaagvissen opvallend trouw zijn aan een klein deel van het gebied: de zogeheten South Fork van de Saint Lucie River. Sommige dieren brachten daar het grootste deel van hun tijd door. In het onderzoek staat zelfs dat jonge dieren tot 87 procent van hun waargenomen dagen verbleven in een gebied van slechts 0,4 vierkante kilometer.
Teamlid Sarah Torre zegt: “Deze bevindingen laten voor het eerst zien dat de Indian River Lagoon weer opnieuw functioneert als een kraamkamer voor deze bedreigde soort. De gebieden die veel worden gebruikt, zoals het bovenste deel van de Saint Lucie River, zijn onmisbaar voor de overleving van jonge kleintandzaagvissen.”
Specifieke omstandigheden
De onderzoekers zagen ook dat de dieren naar specifieke plekken zochten. Ze werden het vaakst aangetroffen in gebieden waar de watertemperatuur tussen de 24 en 29 graden Celsius lag. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat het water niet al te zoet mag zijn. Als die omstandigheden lokaal sterk veranderden trokken sommige dieren als reactie daarop tijdelijk verder stroomafwaarts.
Dat laat zien hoe gevoelig deze jonge vissen zijn voor veranderingen in hun leefomgeving. Volgens het team is dat ook een reden tot zorg: als het beheerbeleid te veel verandert kan dat de omstandigheden in de rivier al snel verstoren. Dat kan de dieren veel stress opleveren en er uiteindelijk zelfs voor zorgen dat ze vertrekken naar een ander gebied.
Leestip: Doorzichtige zebravissen laten zien wat stress met hun afweer doet
Medeonderzoeker Matt Ajemian laat weten: “Alhoewel de Indian River Lagoon nu nog niet officieel is aangewezen als een belangrijk leefgebied voor jonge kleintandzaagvissen laten onze gegevens al wel zien dat het gebied telkens opnieuw gebruikt wordt. Dat benadrukt hoe belangrijk deze regio is voor de soort.” Daarmee dient het onderzoek ook als een duidelijke waarschuwing: een plaatselijke verslechtering van de waterkwaliteit kan desastreuze gevolgen hebben voor de soort.
Ondanks dat is het nieuws uiteindelijk toch behoorlijk positief te noemen. Onderzoeker Gregg R. Poulakis zegt: “de afgelopen jaren zijn erg veel kleintandzaagvissen overleden. Nu hebben we eindelijk een plek gevonden waar de soort het wel goed doet. Daarmee geeft dit onderzoek natuurbeheerders iets concreets in handen: specifieke locaties en omstandigheden die jonge zaagvissen echt kunnen helpen.”
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Het dieet van visetende orka’s blijkt heel flexibel: ze wisselen per seizoen van zalmsoort en De ploegendienst is ook haaien voor de kust van Florida niet vreemd . Of lees dit artikel: De Deense scheepvaart zit bruinvissen flink in de weg: onderwaterlawaai verstoort hun jachtgedrag .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

5 uren geleden
1






/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/17181037/170326VER_2032370954_.jpg)
:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/taxonomy/31c3a62-DijkgraafRobbert1280.png)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/17135933/170326ECO_2032172200_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/16212233/160326VER_2032341582_Cuba.jpg)
English (US) ·