Tien, elf, twaalf. Teymur Kalandar (57) heeft net een koffiemachine aangezet en telt op zijn vingers hoe lang de koffiemolen maalt. Dertien, veertien, vijftien. Het malen stopt.
„Wow, perfect”, zegt Kalandar breed glimlachend. Hij hoort aan de geluiden waar het mankement bij de koffiemachine zit. Niet bij de koffiemolen in elk geval. „Boven de tien seconden is het goed.”
Deze volautomatische espressomachine met de merknaam Philips, nieuwwaarde driehonderd euro, was tot een paar minuten geleden afval. Aan een lange tafel, waar dozen op en onder liggen gestapeld, buigt Kalander zich dagelijks over kapotte retouren van webwinkels én steeds meer afval uit de milieustraat. Hij werkt bij Road2Work in Ede, dat sinds een paar weken samen met acht milieustraten een pilot draait om elektronisch afval te repareren.
Kalandar heeft de zetgroep, een onderdeel van de machine dat heet water door de koffie perst, vervangen en test nu of de machine weer werkt. „Om te weten of het goede koffie is of niet, moet je espresso maken”, zegt Kalandar. Hij tovert een glas uit een kast. De espresso begint te druppelen.
Een collega-reparateur proeft, aan een tafel achter hem. „Sterk”, is de conclusie. In de hal werken achttien mensen aan reparatie, het wissen van alle gegevens op binnengekomen apparaten, het testen en de verkoop. De hal ligt vol met laptops, slimme horloges en headsets.
‘Typische bak uit de milieustraat’
„Deze machine was echt makkelijk”, zegt Kalandar, die in zijn jeugd in Irak is opgeleid tot architect en sinds een paar jaar bij Road2Work werkt. De koffiemachine gaat in de verkoop op de site van van het bedrijf. Andere apparaten gaan naar gespecialiseerde sites, bijvoorbeeld voor drones, of anders naar de lokale kringloopwinkel.
Vaak is een reparatie zelfs nog simpeler, zegt Kalandar. „Alleen een fabrieksreset. De koffiemolen maalt dan nog maar een seconde of zes, zeven. Mensen zeggen: de machine is niet goed meer. Ze resetten hem niet.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/09134848/130426ECO_2032537611_ede4.jpg)
Elektrische apparaten komen vanuit millieupleinen binnen bij Road2Work.
Foto Olivier MiddendorpNaast de reparatieruimte van Road2Work ligt een grote sorteerhal. Een rode heftruck schuift door vrachtwagens afgeleverde ijzeren bakken heen en weer. „Dit is typisch een bak uit de milieustraat”, zegt Erik Schalk, directeur bij Road2Work, als hij zich buigt over een bak met stofzuigers, beeldschermen, versterkers en geluidsboxen. „Alles door elkaar gedonderd. Die zware magnetron daar ligt bovenop de rest. Bij die printer is nu een stuk van de zijkant afgebroken. Die kunnen we niet meer repareren.”
Mensen zeggen: de machine is niet goed meer. Maar ze resetten hem niet
Schalk memoreert het tafereel dat hij zag toen hij zelf met een aanhanger groenafval bij de milieustraat in Ede stond. „Moeder en zoon stapten uit een auto, achterin stond een grote tv. Ze hadden er keurig een gordeltje omheen gedaan. Heel voorzichtig tilden ze hem eruit. En dan bij de container: een, twee, drie, gooien.”
„Hoe leuk is het ook om iets duurs kapot te gooien?”, zegt Schalk. Maar in zijn sorteercentrum ziet hij het gevolg: glasschade in tv’s of in lampen. Water uit een waterkoker dat overal doorheen is gelekt. Bakken die buiten hebben gestaan en verregend zijn. „Frituurvet is boosdoener nummer één. Als dat uit een frituurpan is gelopen, kunnen we de hele bak apparaten weggooien.”
Schalk was een van de initiatiefnemers van de pilot, waar bijvoorbeeld ook gemeentelijke afvaldiensten en elektronicaproducenten aan meewerken. De proef loopt in acht milieustraten door heel Nederland, van Groningen tot Weert. Het doel is meer producten te redden uit het elektronisch afval. „Als we meer willen hergebruiken, moeten we bij de inzameling ingrijpen.”
‘Kapot’ werkt vaak prima
Michele Riffaul (65), herkenbaar aan zijn pet in regenboogkleuren, wijst met grote handgebaren bewoners van Nieuw-Vennep naar de juiste afvalcontainer. Hij werkt genoeg jaren in milieustraten om zich nergens meer over te verbazen. Niet over de vele Dyson-stofzuigers van 400 euro die ‘kapot’ worden weggebracht, als alleen het filter schoongemaakt hoefde te worden. Niet over elektronisch afval waar überhaupt niks mis mee is.
Soms heeft hij de tijd voor een praatje. Wat is er mis met uw afval? Het werd gewoon tijd voor een nieuwe, zeggen ze dan.


Michele Riffaul inspecteert het elektronisch afval. Rechts: het inleverpunt voor apparaten die meedoen aan de pilot.
Foto: Olivier MiddendorpZijn milieustraat doet mee aan de pilot om ‘mogelijk repareerbare’ apparaten uit elektronisch afval te sorteren, en dat naar Road2Work in Ede te laten brengen. Aan bewoners van Nieuw-Vennep wordt nu bij de poort gevraagd of ze spullen bij zich hebben die kapot zijn maar geschikt voor hergebruik. Dat kunnen ze naar een speciaal hergebruikpunt verderop in de straat brengen, waar ook spullen voor de lokale kringloopwinkel worden verzameld.
Wat is er mis met uw afval? Het werd gewoon tijd voor een nieuwe, zeggen ze dan
„Goedemorgen mevrouw, kan ik u helpen?” Riffaul zet grote passen naar een mevrouw die met een printer aan komt lopen. „Hij hapert”, legt de vrouw uit, „ik kan er niks meer mee”.
De printer wordt in ontvangst genomen, maar gaat niet naar Ede. Om het behapbaar te houden voor Road2Work komen eerst alleen producten in aanmerking waar een grote vraag naar is op de tweedehandsmarkt, en die relatief makkelijk te vervoeren zijn. Het gaat om koffiemachines, radio’s, gereedschap, fotocamera’s, radio’s, stofzuigers en spelcomputers. De spullen worden voor de proef in speciale bakken vervoerd zodat ze ongehavend aankomen.
Schalk vertelt in Ede over zijn ideaalbeeld, waarbij de milieustraat hen nog meer helpt. Dat medewerkers aan bewoners vragen wat er met hun afgedankte elektronica aan de hand is, en dat noteren in een centraal systeem. „Soms is het bijvoorbeeld: mijn vader is overleden, zijn wasmachine is tien jaar oud maar doet het nog prima”, zegt Schalk. „Wij moeten de machine dan nog steeds testen en schoonmaken. Maar we weten dat er waarschijnlijk geen onderdelen vervangen hoeven worden.”
Road2Work begon in 2017 met het selecteren van elektronisch afval voor een tweede leven. „Dat was niet gangbaar toen”, zegt Schalk. „Je ziet nu langzaam toenemen dat sorteercentra apparaten apart houden om te laten repareren.”
Bij laptops wordt dat in Ede inmiddels bijna fabrieksmatig aangepakt. Het bedrijf repareert er 30.000 per jaar, afkomstig uit milieustraten, maar ook retouren en afval van bedrijven. Het proces is in stapjes verdeeld: de ene werknemer sorteert, de ander wist gegevens en repareert, de volgende doet het testen. „Efficiëntie is de sleutel”, zegt Schalk. „Het maakt een wereld van verschil of iemand twintig apparaten van hetzelfde type achter elkaar in handen krijgt. Bij laptops en wasmachines lukt dat nu aardig. We zijn nu aan het kijken: kunnen we die ervaring en kennis ook opschalen naar andere stromen?”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/09134953/130426ECO_2032537611_vennep2.jpg)
Een speciaal afvalpunt voor hergebruik, eventueel na reparatie, bij het milieuplein van Nieuw-Vennep.
Foto Olivier MiddendorpWachten op dezelfde Xbox
„Helemaal dood”, zegt Kalandar triomfantelijk. Hij heeft net een Xbox aangesloten op zijn stekkerdoos met achttien stopcontacten. De spelcomputer geeft geen enkel teken van leven.
Kalandar draait hem om, wrijft even liefdevol over de achterkant, en schroeft het apparaat dan binnen een paar tellen open. Hij ziet een los kabeltje. Voor de zekerheid schroeft hij alle onderdelen ook nog even uit de spelcomputer, tot de Xbox een lege zwarte kast is, en zet dan met dansende vingers alles weer terug.
De spelcomputer gaat dit keer wel aan aan, maar er komt nog geen beeld op het scherm. „Schade op de NVMe-schijf”, concludeert Kalandar daaruit, verwijzend naar een kaartje waar bestanden op worden opgeslagen. Repareren zou hoogstens een half uurtje werk zijn, maar het kan niet, want hij heeft eerst een ander ‘NVMe-schijf’ nodig van een Xbox van precies hetzelfde type. De Xbox verdwijnt daarom onder zijn bureau tot iemand precies dat type weggooit en het apparaat zijn weg vindt naar Kalandars bureau.
De hal staat vol met apparaten met kapotte onderdelen die wachten tot een vergelijkbaar apparaat voorbij komt
Zo staat de hal vol met apparaten met kapotte onderdelen die wachten tot een vergelijkbaar apparaat voorbij komt. Onderdelen nieuw bestellen kan vaak niet, of maakt de reparatie te duur. Kalandar maalt er niet om. „Hoe moeilijker, hoe leuker”, vindt hij. „Ik wil geen standaardprobleem. Ik wil mijn hersenen gebruiken.”
Kalandar is een zeldzaam geval, vertelt Schalk in zijn kantoor. Hij staat vrolijk eigenhandig onderdelen in of uit een apparaat te solderen. Als hij iets niet gerepareerd krijgt, gaat het mee naar huis om daar verder te proberen. Afgelopen weekend nog vond hij met een infraroodcamera het mankement bij de auto van zijn zoon.
Veel collega’s hebben een veel beperkter kennisniveau. „De helft van onze medewerkers heeft een afstand tot de arbeidsmarkt”, zegt Schalk. „Die groep proberen we te re-integreren. Zij gaan vaak na een maand of drie tot zes weer weg. Als we het proces helemaal in stukjes weten te hakken, kunnen we hen beter inzetten. Maar daar hebben we veel meer apparaten voor nodig. Deze pilot helpt daarbij.”
Alleen als het efficiënt gaat, is repareren bovendien financieel aantrekkelijk. „Zolang het kleinschalig blijft, kost het geld.”
Schalk hoopt dat mensen in de toekomst met een andere bril naar hun spullen kijken. „Dat jij het niet meer nodig hebt, wil niet zeggen dat het afval is.” Alles, zegt hij, in zijn kantoor – de banken, vergadertafel en stoelen – is tweedehands. „Deze tafel is geen afval.” Hij wijst naar een vierkant, houten bijzettafeltje, met daarop een tweedehands schaaltje met kunstbloemen. „Hij zocht gewoon een ander plekje.”
apparaten
654 miljoen kilo
aan nieuwe elektronische en elektrische apparaten komt er jaarlijks op de Nederlandse markt.
Afval
239 miljoen kilo
elektronisch en elektrisch afval werd in 2024 ingezameld door stichting OPEN, een producentenorganisatie. Dat staat gelijk aan het gewicht van 23 Eiffeltorens. Daarnaast wordt een onbekend deel van het elektronisch afval illegaal geëxporteerd naar bijvoorbeeld Afrikaanse landen.
Een groot deel van het ingezamelde elektronisch afval wordt geshredderd voor de recycling van bijvoorbeeld koper of aluminium.
Huisvuil
>10 miljoen
Daarnaast belanden tientallen miljoenen apparaten en kabels onterecht bij het huisvuil, waar spullen met batterijen (zoals vapes) het risico geven op branden in vuilniswagens.
SerieGeen afval
In de serie Geen Afval volgt NRC bedrijven en initiatieven die producten een nieuw leven geven, om ze zo te redden van de afvalberg.


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/12213938/120426VER_2032952408_Magyar.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/10081904/120426SPO_2032506283_romijn3.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/12190049/120426VER_2032951693_Nigeria.jpg)





English (US) ·