De Dutch Data Center Association waarschuwt in het jaarrapport ‘State of the Dutch Data Centers 2026’ dat Nederland dreigt zijn positie als digital gateway to Europe te verliezen. Vergunningstrajecten van 4,5 jaar en overbelaste stroomnetten remmen de groei af. Landen als Spanje, Portugal en Frankrijk ontvangen investeerders met open armen.
Het jaarrapport van de Dutch Data Center Association laat zien dat de sector op een kritiek kantelpunt staat. Terwijl Europa de capaciteit wil verdrievoudigen voor digitale soevereiniteit, wordt Nederland hard geremd door twee hardnekkige problemen. Ten eerste gaat het dan om het overbelaste stroomnet en ten tweede om trage vergunningstrajecten.
Eind 2025 bereikte de totale Nederlandse markt ruim 1,5 gigawatt aan IT-vermogen. Dat is een groei van zeven procent ten opzichte van het jaar daarvoor. Dat klinkt solide, maar toch ligt dit groeipercentage aanzienlijk lager dan in de rest van Europa. Landen als Spanje, Portugal en Frankrijk faciliteren techreuzen met directe toegang tot grond, stroom en financiële stimulansen. Volgens het rapport wordt tot 2031 een jaarlijkse groei van twaalf procent verwacht bij gunstig beleid, wat zorgt voor een totale capaciteit van 2,8 gigawatt.
Dat achterblijven van Nederlande heeft concrete oorzaken. Waar een bouwvergunning voor een datacenter tien jaar geleden nog gemiddeld tien weken kostte, is die termijn inmiddels opgelopen tot 4,5 jaar. In combinatie met netcongestie, eerder uitgebreid belicht in onze analyse over de energiehonger van AI-datacenters, zorgt dit ervoor dat techreuzen Nederland simpelweg overslaan. De grote uitdagingen voor de branche werden eerder al gesignaleerd in de DDA-rapportage van onder andere 2024, maar zijn sindsdien verder verergerd.
Datacenter als deel van de energieoplossing
Het rapport doorbreekt een hardnekkige mythe. In het maatschappelijke debat worden datacenters vaak aangewezen als de grote boosdoener van netcongestie. De DDA laat echter zien dat de sector juist een uitweg kan bieden. Door slimme energieopslag, flexibele workloads en het leveren van restwarmte aan warmtenetten kunnen datacenters immers bijdragen aan een stabieler en flexibeler energiesysteem. De sector wil die rol oppakken, maar krijgt door bureaucratie de kans niet.
Tegelijkertijd kampt de bestaande infrastructuur met veroudering. Diverse systemen stammen nog uit de late jaren negentig. De connectiviteit is bovendien te eenzijdig gericht op routes via het Verenigd Koninkrijk. Nieuwe investeringen volgen inmiddels de geografische spreiding van hyperscale-netwerken en AI-ecosystemen. Het geplande IEOMA-systeem, verwacht rond 2028, moet Nederland rechtstreeks verbinden met Denemarken, Duitsland en Noorwegen.
Factor twintig aan economisch verschil
De DDA schetst drie toekomstscenario’s. Als de overheid passief blijft, groeit de sector de komende zes jaar met dertig procent. In het gunstigste scenario kan de sector verdubbelen. Daarbij stuurt de overheid actief stuurt op digitale soevereiniteit, worden datacenters geïntegreerd in het energiemanagement en moet er soepeler worden omgegaan met vergunningen. Het verschil in economische impact tussen beide uitersten bedraagt een factor twintig.
Het kabinet werkt ondertussen wel aan allerlei maatregelen tegen netcongestie. Vanaf 1 juli dit jaar geldt een striktere prioritering van netcapaciteit, waarbij projecten die het net actief ontlasten voorrang krijgen. Of die plannen snel genoeg komen voor de datacentermarkt, is vooralsnog onduidelijk. De AI-gedreven vraag naar rekenkracht wacht immers niet.









/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/06/09225550/100626SPO_2034331421_.jpg)
English (US) ·