Bondscoach Veurink ziet zijn ‘elftal in transitie’ winnen, maar moet op herkansing voor het WK

17 uren geleden 7

Tot een week geleden stond het Nederlands elftal er nog uitstekend voor, maar na de laatste twee groepsduels in de WK-kwalificatie is Oranje er niet in geslaagd zich rechtstreeks te plaatsen voor het eindtoernooi volgend jaar in Brazilië.

Na de onverwachte goede prestaties tegen het hoog aangeschreven Frankrijk in april – winst en gelijkspel – was Nederland koploper in de poule en had daarna de snelste weg naar het WK zelf in de hand. Het team van bondscoach Arjan Veurink moest alleen nog de laatste twee poulewedstrijden zien te winnen.

Maar daar ging het al even onverwacht mis. Afgelopen vrijdag leed Oranje met pover spel een pijnlijke nederlaag uit tegen Ierland. In Cork werd het 3-2. Omdat Frankrijk met 2-0 van Polen won, stond Nederland ineens derde in de poule.

Dinsdagavond was er een theoretisch herkansing, thuis tegen Polen in het stadion van Heracles in Almelo. In een aanzienlijk betere wedstrijd werd overtuigend gewonnen – met 3-1. Maar omdat Frankrijk zijn laatste wedstrijd, thuis tegen Ierland, eveneens wist te winnen (1-0) was dat niet voldoende om de koppositie te heroveren en dus rechtstreekse kwalificatie af te dwingen. Overigens had Nederland begin maart ook al kostbare punten verloren in de thuiswedstrijd tegen Polen (2-2). ,,We hebben het op meerdere momenten laten liggen”, zei bondscoach Veurink daar na afloop over.

Domper op de bliksemstart

Hoewel er nog volop kansen zijn om zich alsnog voor het WK in Brazilië te plaatsen – komend najaar zijn er play-offs voor alle drie de teams die onder Frankrijk zijn geëindigd– was de onverhoopte misstap tegen Ierland toch een domper op de bliksemstart die Arjan Veurink met zijn gedeeltelijk vernieuwde Oranje maakte.

Na het behalen van de Europese titel met Engeland vorig jaar in Zwitserland – hij was jarenlang de assistent van succescoach Sarina Wiegman – was het aan de 39-jarige Veurink om het voor Nederland mislukte EK snel weg te spoelen. Al maanden voor dat toernooi was hij door de KNVB aangetrokken om direct na het EK Andries Jonker op te volgen.

Veurink begon zijn campagne voortvarend, waarbij hij zich voornam jonge talenten de kans te geven zich in Oranje te bewijzen. Vanaf zijn eerste oefenwedstrijden in het najaar wilde hij een nieuw team bouwen, dat in staat was om zich binnen twee jaar te meten met de wereldtop.

De nieuwe bondscoach riep geregeld jonge speelsters op, die soms al door zijn voorganger Jonker waren uitgeprobeerd. En hij liet in de tien wedstrijden onder zijn leiding zes talenten debuteren. Vooral bij de twee wedstrijden tegen Frankrijk was duidelijk dat de nieuwe garde meer jeu en lef aan de dag legt dan sommigen van de meer ervaren speelsters. Veurink was daar toe gedwongen geweest omdat er liefst zeven vedetten waren geblesseerd.

Lees ook

Met twee 19-jarigen in de verdediging weet gehavend Oranje te stunten tegen grootmacht Frankrijk

Renée van Asten na haar openingstreffer tegen Frankrijk.

Dilemma tussen jong en oud

Bij de wedstrijden van de afgelopen dagen werd duidelijk dat Veurink nog niet echt een knoop wil doorhakken over zijn ideale basiself. Hij vertrouwde vrijdag tegen Ierland toch weer op zijn herstelde aanvoerder Dominique Janssen (31 jaar, 136 interlands) in het hart van de verdediging, ten koste van de pas 19-jarige Renée van Asten die het juist tegen Frankrijk zo goed had gedaan. De nederlaag was zeker niet alleen op haar conto te schrijven, maar het was ook zichtbaar dat Janssen niet altijd helemaal scherp was en soms te traag reageerde bij uitbraken van de Ieren.

In de eerste helft dinsdagavond tegen Polen mocht Janssen opnieuw starten. En hoewel Oranje voortvarend van start ging, met goed combinatiespel, gevaar voorin, vaak gevoed door de opkomende vleugelspelers Lynn Wilms en Marisa Olislagers, was het opvallend dat juist Janssen opnieuw soms slordig was in haar passing en balcontroles.

Ondanks vele mooie, gevaarlijke aanvallen wist Nederland maar moeizaam tot scoren te komen. Het lukte in de eerste helft slechts één keer, met een hoofdrol voor twee andere exponenten van het nieuwe Oranje. Op een voorzet van de 22-jarige linksbuiten Esmée Brugts kopte de energieke middenvelder Wieke Kaptein (20) knap en hard binnen.

Al meteen aan het begin van de tweede helft koos bondscoach Veurink ervoor om aanvoerder Janssen te wisselen – ze werd vervangen door haar inmiddels grootste en jongste concurrent in de defensie: Renée van Asten. En snel was zichtbaar dat Oranje energieker ging spelen.

Ook een andere wissel, na 75 minuten, markeert het dilemma waar de nieuwe bondscoach voor staat: de ervaren Lineth Beerensteyn (29 jaar, 125 interlands) werd vervangen door Liz Rijsbergen. De 24-jarige aanvaller van PSV was al eens eerder voor de selectie opgeroepen maar maakte pas vrijdagavond in Ierland haar debuut. Deze avond in Almelo maakte ze opnieuw indruk door haar werklust en drang naar het doel. Op een prachtige steekpass van Kaptein – buitenkant schoen – wist Rijsbergen zes minuten na haar invalbeurt knap de 3-0 binnen te schieten.

De bondscoach zelf ziet de keuzes tussen oud en nieuw, tussen ervaren en jong eerder als een geschenk dan een probleem. Hij spreekt van een „luxepositie”, met meerdere keuzes voor verschillende posities op het veld, zei hij na afloop op zijn persconferentie. Zoals ,,de battle” tussen Dominique Janssen en Renée van Asten centraal achterin. ,,Dat is mooi en goed en hoort bij een elftal in transitie.”

Ook Esmée Brugts, die twee weken terug met Barcelona nog de Champions League won, ziet de opkomst van nieuwe, sterke speelsters vooral als een voordeel. ,,De coach heeft inderdaad een luxeprobleem maar dat is juist iets goeds. Dat de jonge meiden zo goed mee kunnen komen maakt me heel blij en laat zien dat we een hele mooie toekomst hebben.”

Lees het hele artikel