Topfavoriet Nadine Visser wil op haar zesde EK éíndelijk een medaille. ‘Ze moet haar kans nú grijpen.’

2 uren geleden 1

Ze wil het er liever niet over hebben. Nadine Visser zegt het op zachte toon, een week vóór de EK atletiek in Birmingham beginnen. Het gesprek in een zaaltje op topsportcentrum Papendal gaat over haar voorbereiding richting de 100 meter horden, het onderdeel dat deze dinsdagavond op het programma staat, als ze vertelt dat die „niet ideaal” is geweest. Gevraagd naar wat er aan de hand is, zegt ze: „Ik ben wel fit.” Vrijwel direct verbetert ze zichzelf. „Ik ga er vanuit dat ik volgende week weer fit ben.”

Visser heeft last van de achterkant van haar voet, om precies te zijn haar hielbeen, zegt haar coach Laurent Meuwly even later. Een blessure die half juli voor het eerst opspeelde, na een behandeling weg leek te zijn, maar twee weken voor de EK ineens weer terug was. Ze heeft daarom de afgelopen dagen niet haar normale trainingsprogramma kunnen afwerken, zegt haar coach. „De grote vraag is: is ze op tijd hersteld?”

Daar gáán we weer, moet de 31-jarige Visser denken. Ze is al een decennium een van de beste hordenloopsters ter wereld, werd tweemaal Europees kampioen indoor (in 2019 en 2021) en won zilver (2026) en brons (2018) op de WK indoor op de 60 meter horden. In de buitenlucht op de 100 meter horden werd ze vijfde en vierde in de olympische finales van Tokio (2021) en Parijs (2024).

Op de grote toernooien in de buitenlucht, die hoger aangeschreven staan dan indoorwedstrijden, bleef het succes uit. Op de WK atletiek kwam ze nooit verder dan de zesde plek. En ook bij de Europese kampioenschappen, waar de sterke Amerikanen en Caribische atleten ontbreken, lukte het niet.

Nadine Visser en coach Laurent Meuwly (rechts) in Tokio in aanloop naar de WK in 2025.

Foto ANP

Visser in de finale van 100 meter horden op de Olympische Spelen in Parijs.

Foto Getty Images

Bij haar eerste twee EK-edities in 2014 en 2016 was ze een opkomend talent en werd ze uitgeschakeld vóór de finale. In de aanloop naar de EK in Berlijn in 2018 kreeg ze last van haar hamstring en werd ze vierde, in 2020 ging het toernooi vanwege corona niet door, in 2022 blesseerde ze haar hamstring opnieuw en werd ze weer vierde, op 0,01 seconde. Twee jaar geleden, richting de EK in Rome, werd ze zo ziek van een virusinfectie dat ze drie maanden niet voluit kon trainen – en werd ze in Italië vijfde. „Ik heb dit al eerder meegemaakt”, zegt ze op Papendal met een wrange glimlach. Vandaar haar weerzin om erover te praten.

Voor Visser zou een EK-titel haar carrière „vervolmaken”, denkt haar vriend Steven Nuytinck, bondscoach van de Nederlandse meerkampsters. „Een beloning voor al haar harde werk.” En ook voor haar coach Meuwly zou het een unieke medaille zijn, zegt hij. „Sinds ik in Nederland werk, hebben we een hoop eremetaal gewonnen, maar sommige medailles zijn specialer dan anderen.”

Het ís mogelijk: dit seizoen is Visser in tien wedstrijden op de 100 meter horden nog niet verslagen door een Europese concurrent. Dat maakt haar de topfavoriet voor de Europese titel dinsdagavond – als ze tenminste fit is.

Extreem blessuregevoelig

Op de 100 meter horden weet je het nooit, zegt Meuwly. „Je kunt nog zo goed in vorm zijn, je moet wel die tien obstakels op de baan weten te overwinnen”. De combinatie van de korte afstand en de horden maakt het onderdeel onvoorspelbaar en extreem blessuregevoelig: het explosieve starten en sprinten, het abrupte afzetten en landen bij de horden, het strekken en roteren van de benen voor de sprongen, ze vragen het uiterste van hamstrings, liezen, knieën, enkels en de onderrug.

Voor Visser lopen blessures als een rode draad door haar carrière. Ze begon haar atletiekcarrière als meerkampster en besloot na een paar jaar zich op de horden te specialiseren. Na een paar goede resultaten volgden de eerste blessures. „Ik stagneerde,” zegt ze. „Daardoor is mijn ontwikkeling niet gegaan zoals je zou denken.”

Lees ook

Hordeloopster Nadine Visser is een koele kikker, die robuuster moet worden

Haar blessuregevoeligheid was de reden voor Visser om in 2022, nadat ze weer eens maanden aan de kant had gestaan met een scheurtje in haar hamstring, van coach te wisselen. Ze voelde dat haar lichaam iets anders nodig had: „Ik wilde sterker en belastbaarder worden, gewoon niet meer zoveel geblesseerd zijn.”

Het besluit pakte goed uit: Visser liep onder Meuwly minder kwetsuren op en ging de afgelopen jaren steeds snellere tijden lopen. Vorig jaar verbrak ze haar persoonlijk record op de 100 meter horden met 12,28, de veertiende tijd ooit gelopen. Bij de WK indoor dit voorjaar in het Poolse Torun won ze op de 60 meter horden zilver, het beste resultaat uit haar carrière – ze versloeg al haar meest vooraanstaande Europeaanse concurrenten, onder wie de regerend wereldkampioen Ditaji Kambundji uit Zwitserland en de Poolse Pia Skrzyszowska. Alleen Devynne Charlton van de Bahama’s was sneller.

In het Poolse Torun won Visser zilver op de 60 meter horden.

Foto Getty Images

Haar progressie houdt haar gemotiveerd, zegt Visser op Papendal. Ze had nooit verwacht nu nog topatleet te zijn. „Na mijn dertigste was het wel klaar, dacht ik.” En nog steeds zou ze er geen moeite mee hebben om er na dit seizoen mee te stoppen, zegt ze, als ze het beu was. Maar voorlopig wil ze nog door tot de Spelen van Los Angeles in 2028. „Ik zit er nu nog lekker in.”

Wel realiseert ze zich dat het aantal kansen om een EK-medaille te winnen slinktt. „Ik weet niet hoeveel EK’s er voor mij nog gaan komen”, zegt Visser. Haar coach denkt nog twee: dit toernooi in Birmingham en over twee jaar in het Poolse Chorzow. „De tijd die ze nog heeft als topsporter is beperkt,” zegt Meuwly. „Ze moet haar kans nú grijpen.”

Demonen uit het verleden

Van die realiteit is Visser zich terdege bewust. „Ik ben titelkandidaat, maar ik weet niet zo goed of ik dat nou zo leuk vindt.” Ze probeert haar eigen verwachtingen „een beetje te stutten”, zegt ze, uit zelfbescherming. Haar coach vermoedt dat de opwinding en de zenuwen bij Visser om voorrang strijden. „Vanwege haar verleden met de EK.”

Toch helpen die ervaringen Visser nu ook om de kalmte te bewaren, zegt ze. Net als dat ze heeft geleerd van de WK atletiek van vorig jaar, in Japan. Daar waren Vissers eigen verwachtingen na een aantal goede races en een persoonlijk record hooggespannen. Ze ging voor een medaille en de teleurstelling was groot toen ze achtste werd. „Ik heb me daar zo ellendig van gevoeld, dat wil ik niet nog eens.”

In Japan zat er maar een uur tussen de halve finale en finale op de 100 meter horden. Daarom hadden Visser en Meuwly van tevoren een gedetailleerd draaiboek bedacht van wat ze in die tijd moest doen, „bijna van minuut tot minuut”, zegt ze. Dat werkte averechts: Visser, die zichzelf „superperfectionistisch” en een „overdenker” noemt, was te veel bezig met wat ze volgens het plan moest doen, begon te twijfelen aan zichzelf en raakte uit haar flow. Het resultaat was een slechte race.

Visser weet dat ze niet veel kansen meer krijgt op een Europese titel.

Foto ANP

In Birmingham is er meer tijd tussen de halve finale en finale, maar belangrijker: er is geen nauwgezet plan. „Ik moet gewoon in mijn tunnel van focus, niet nadenken, en mijn ding doen”, zegt Visser. Er zijn altijd wel dingen die in de voorbereiding anders lopen dan verwacht, heeft ze inmiddels geleerd, en de truc is daar niet van in de war te raken.

Zoals met haar blessure aan haar hielbeen nu, in aanloop naar de EK. Visser was er wel even van „in paniek”, bekent ze, maar erna ging een knop om. „Ik ga er alles doen om op de EK aan de start te kunnen staan. ” Volgens haar coach Meuwly bood de blessure ook een welkome afleiding van de toenemende prestatiedruk. „Ze is de afgelopen week bezig geweest met de pijn, niet met de EK-titel.”

Een paar dagen voor de EK is er goed nieuws: Meuwly laat per app weten dat Visser een belangrijke laatste training heeft doorstaan. „Alle lichten staan nu op groen.” Met haar vorm zit het wel goed, zegt haar coach, die voelt dat het moment daar is voor zijn pupil om af te rekenen met de demonen uit haar verleden. „Het is tijd dat ze goud wint.”

Lees het hele artikel