‘Mijn 7-jarige kleindochter is zo fel tegen mij. Hoe gaan we daarmee om?’

1 uur geleden 1

Oma: „Mijn man en ik halen regelmatig onze kleindochters van zeven en negen jaar oud uit school, en brengen dan de middag door in hun huis. Dat gaat goed tot mijn schoondochter thuiskomt, daarna wil die van zeven niets meer van ons weten. Dat is nu al maanden aan de gang. Dat komt vooral tot uiting als we aan tafel gaan. Ze wil niks eten, en ik mag het ook niet op haar bord leggen. Ik hoef maar iets te zeggen, en ze roept fel: ‘Jij bent niet de baas over mij, ik ben de baas over mijzelf!’

„Inhoudelijk ben ik het met haar eens, maar de woede brengt me van mijn stuk. We hebben het met haar ouders besproken, en mijn schoondochter zegt er dan wel iets van. Laatst schreeuwde ze het op een avond vier keer achter elkaar. Ik heb haar handjes gepakt, in de ogen gekeken, en gezegd: ‘Dit moet je niet zeggen, hier wordt oma verdrietig van, en ook een beetje boos.’ Daar reageerde ze overstuur op, en de oudste was toen ook kwaad op mij. Hoe ga ik hier nu mee om?”

Naam en woonplaats zijn bij de redactie bekend. De rubriek Opgevoed is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Rust bewaren

Stefan Ramaekers: „Hier zijn veel verschillende scenario’s voorstelbaar. Misschien heeft uw kleindochter ooit van haar moeder gehoord dat ze de baas is over zichzelf, en gebruikt ze dat nu ook in een andere context? Misschien is ze zo blij dat haar moeder weer thuis is, dat ze haar vermoeidheid afreageert op u?

„Mogelijk spelen hier ook intergenerationele aspecten: wat betekenen die woorden ‘de baas zijn’ in de geschiedenis van de familie? En dan kunnen er nog generationele verschillen meespelen in de verdraagzaamheid van een felle toon. Grootouders, veelal zelf op autoritaire wijze opgevoed, vinden iets mogelijk sneller brutaal.

„Wat raakt de toon van uw kleindochter bij u? Welke normen en waarden legt dat bloot? Een houding van rustige nieuwsgierigheid helpt.”

Loslaten

Peter Hoffenaar: „Dit is een vorm van wat psychologen ‘reactance’ noemen. Dat is de neiging van mensen om zich te verzetten zodra ze het gevoel hebben dat iemand anders hun vrijheid om zelf te kiezen beperkt. Aan tafel wordt er aan allerlei ‘vrijheden’ van een kind getornd – wat je eet, hoe je je gedraagt, wanneer je iets mag zeggen – en juist dan kan die drang om zelf de baas te zijn extra sterk naar boven komen. Zeker op momenten van vermoeidheid, of bij een overgang van de ene naar de andere situatie.

„Mocht uw kleindochter het moeilijk vinden om te schakelen tussen verschillende situaties, zou u voor het eten naar huis kunnen gaan; dat kan een hoop gedoe schelen. Misschien maakt dat het makkelijker om die lieve en zorgzame oma te blijven die u graag wilt zijn.

„Tegelijk speelt er vaak iets anders mee: we hebben een beeld in ons hoofd van hoe het ‘hoort’ te gaan: gezellig eten, lieve kleinkinderen, iedereen in harmonie, en de werkelijkheid is soms zo anders. Die mismatch kan stress opleveren, zeker als u voelt dat u meer zou moeten doen om het gezellig te houden. Maar soms helpt het juist om minder te willen bereiken aan die tafel, en wat milder te zijn voor uzelf én voor uw kleinkind.

„Probeer het wat los te laten. Kleinkinderen zijn niet altijd leuk. Sommigen weten heel goed hoe ze de gezelligheid aan tafel kunnen verpesten. Dat is allemaal heel vervelend, maar de kans is groot dat dit vanzelf weer voorbijgaat, en het hoeft u niet persoonlijk zo dwars te zitten.”

Stefan Ramaekers is hoogleraar wijsgerige pedagogiek aan de Katholieke Universiteit Leuven. Peter Hoffenaar is ontwikkelingspsycholoog, en docent Preventieve Jeugdhulp en Opvoeding van de Universiteit van Amsterdam.

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

Lees het hele artikel