Gisteravond kwam G. bij me eten, mijn oud-studiegenoot die er de laatste tijd doffer uitzag dan iemand die naast een crematorium woont, maar nu opeens op de stoep stond met fonkelende ogen en een levenslust die je gewoonlijk alleen maar bij verliefden ziet.
,,Geen nieuwe liefde, maar ik dank dit geluk wél aan een ander”, glunderde hij toen ik hem ernaar vroeg.
,,Vertel vertel!”, glunderde ik mee.
,,Mijn baas is weg!”, juichte hij.
Ik feliciteerde hem met dit godsgeschenk, want die baas was er een voor achter het behang. Kort lontje en nooit te beroerd om met de inspanningen van anderen te pronken. Zo’n type dat de hele dag over je schouder meekijkt, onophoudelijk roept dat je het verkeerd doet maar helaas geen tijd heeft om even uit te leggen hoe hij het dan wel wil. Steeds meer medewerkers raakten overspannen, tot een vrouwelijke collega de stoute schoenen aantrok. Omdat de baas in kwestie nogal moeite had met het zich herinneren van afspraken, beloftes en feedback begon ze de vergaderingen stiekem op te nemen. Een filmpje waarin hij op een verlofverzoek reageerde met een woedeaanval belandde helemaal per ongeluk bij de raad van bestuur, waardoor hij zijn biezen mocht pakken en G. weer stralend door de dagen gaat.
„Ik slaap beter, mijn bloeddruk is lager, ik heb geen rugpijn meer en pieker amper nog. Thuis is de sfeer ook weer als vanouds. Maar soms ben ik opeens wel enorm verdrietig.”
‘Ik slaap beter, mijn bloeddruk is lager, ik heb geen rugpijn meer en pieker amper nog’
,,Waarom?”
,,Omdat er bij steeds meer bedrijven toch een werkcultuur heerst die rendabeler is voor de bullebakken dan voor de aardigen. In veel branches draait het tegenwoordig allemaal zo om het behalen van targets, dat het doel de middelen lijkt te heiligen. En zo komen kleine tirannen in leidinggevende posities terecht, waar ze met bonussen of provisie alleen nog maar verder in hun nare gedrag worden versterkt.”
Ik rilde en dacht aan wat de dichter Ted Hughes ooit schreef: „Applause is the beginning of abuse.”
G. speelde ondertussen wat met zijn doperwten.
,,Weet je”, zei hij na er een hartje mee te hebben gevormd, „we zijn zo bezig met ons welzijn. We sporten, eten verantwoord, proberen te ontprikkelen, praten braaf over onze gevoelens en houden op speciale horloges bij hoe lang en hoe diep we wel niet slapen. Maar dat is allemaal water naar de zee dragen wanneer je voorbijgaat aan een van hoofdbestanddelen van gezondheid en geluk.”
,,Namelijk?”
,,Het kunnen mijden van de giftigen.”


:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/06/24095735/data132931524-38215c.png)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/20172544/200426VER_2033162636_pavel-1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/20185534/200426SPO_2033164121_Morris02.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/19013228/ANP-556145826.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/18182520/180426VER_2033120686_kyivshooting3.jpg)
English (US) ·