Een week in Moerdijk, een dorpje dat moet verdwijnen, of niet, of misschien toch

2 dagen geleden 3

Als ik aanbel bij Jos Schalk (65) stapt niet hij maar een documentairemaker naar buiten. Hij plakt een microfoontje op mijn kraag en vraagt of ik opnieuw op de bel kan drukken. „Hé”, roept Schalk dan, terwijl hij de achterdeur open zwaait. „Iedereen komt bij ons achterom, hè.” Hij stapt met uitgestoken hand op me af en acteert dat hij nog niet wist dat ik er ben.

We staan bij zijn huis in de Julianastraat in Moerdijk, een dorp op de grens van Noord-Brabant en Zuid-Holland. Schalk, bewoner, lokale ambtenaar en dorpsactivist, geeft me een flesje water en een worstenbroodje voor onderweg. „We gaan een rondje maken.” De cameraman vraagt of het niet toch logischer is als Schalk de voordeur voor me opendoet. Schalk schudt het hoofd. „Moerdijk is een dorp, daar komt niemand via de voordeur.” 

Een dorp dat moet verdwijnen is mediageniek. Sinds het gemeentebestuur op 11 november 2025 in dorpshuis de Ankerkuil aankondigde dat Moerdijk plaats moet maken voor de naburige industrie, zijn er talloze podcasts, radio-uitzendingen, televisieprogramma’s en krantenartikelen aan gewijd. Schalk, die strijdt voor behoud van het dorp, doet tegenwoordig „alles om Moerdijk te promoten”. Wekenlang geschaduwd worden door een documentairemaker? Geen probleem. Vijftien keer dezelfde rondleiding geven langs de groene omgeving en het dorpshart? Graag. 

Wethouders, burgemeesters en ook staatssecretaris Klimaat en Groene Groei Jo-Annes de Bat (CDA) liepen al begeleid door Schalk door het dorp. Door natuurgebied de Appelzak, aangelegd als buffer tussen Moerdijk en de naastgelegen industrie. Langs de oude haven die al jaren moet worden opgeknapt en door wat ooit het levendige centrum van Moerdijk was. Laatste stop is steevast het stationnetje naast Schalks huis, waar meetapparatuur uitsteekt die controleert of de industrie de lucht niet te zeer vervuilt met afvalstoffen.

Het industriegebied gaat uitbreiden en verduurzamen, een project dat Powerport heet. En dat gaat gebeuren in oostelijke of zuidoostelijke richting, daarom lag die avond in de Ankerkuil op elke stoel een boekje over de twee ‘zoekrichtingen’. In het zuidoosten zouden boerderijen moeten sneuvelen, in het oosten Moerdijk. Wethouder Danny Dingemans (VVD, Economie) en burgemeester Aart-Jan Moerkerke (VVD) maakten bekend dat de gemeente had gekozen voor de oostelijke richting. Maar ze beloofden dat er voor de bewoners „goed gezorgd” zal worden. Toen Dingemans sprak over het verplaatsen van de begraafplaatsen in het dorp, begonnen er mensen te huilen. Een week later stemde ook de gemeenteraad in met het besluit – alle partijen behalve het lokale Onafhankelijk Moerdijk waren vóór.

Dit voorjaar besloot ik een week in Moerdijk te gaan wonen. Ik wilde weten wat het doet met mensen als ze hun woonplaats verliezen. Ik nam mijn intrek in pension Moerdijk, de enige plaats in het dorp waar je als buitenstaander nog een kamer kunt huren. Er verblijven verder vooral arbeidsmigranten – mensen die werken voor transport-, isolatie- en pijpleidingbedrijven op het grote industrieterrein. Deze week zijn het Polen, Litouwers, Tsjechen, Duitsers. Een jongen die hier vaker verblijft heeft één Nederlands woord geleerd: „I’m a steigerbouwer, zegt hij.

Overal in het pension hangen lijstjes met regels. Bij dronkenschap of agressie word je eruit gezet. Er is cameratoezicht in de openbare ruimtes. John van Hal (62) beheert het pension: hij vult de gratis zakjes chips aan, maakt schoon en lost alle problemen op. „Gebruik jij deze douche maar,” zegt hij tegen mij, „die heeft een slot”.

Jos Schalk bij een pokertoernooi in de kantine van voetbalclub T.P.O. (Tussen Puinhopen Opgericht).

John van Hal aan de biljarttafel van tenniskantine De Blokhut.

Foto’s Merlin Daleman

Tot stilstand gebracht 

Op een dinsdagavond wandelt John van Hal met zijn Rolling Stones-blouse en een koffertje waar zijn keu in zit naar dorpshuis de Ankerkuil. Eén keer in de week spelen de vrienden van D.P.P. (De Platte Pomerans) biljart. De club telt nog zes of zeven teams. 

Moerdijk, een dorp met zo’n 1.150 inwoners, heeft ook een Oranjecomité, een Sinterklaasvereniging, een carnavalsvereniging, pokeravonden, een tennisclub, voetbalclub T.P.O. (Tussen Puinhopen Opgericht). Er is een avonddriedaagse – géén vierdaagse, want er zijn maar drie routes. Vogelvereniging de Moerdijkse Vogelvrienden heeft 38 leden die elk jaar een vogeltentoonstelling in het dorpshuis organiseren (afgelopen december „zonder aanwezigheid van de vogels” vanwege vogelgriep).

Dat het einde van het dorp in de lucht hangt, heeft al van alles tot stilstand gebracht. Bewoners kregen in januari een brief van KPN dat er geen glasvezel meer wordt gelegd vanwege „onduidelijkheid” over de toekomst. Er zouden zeven starterswoningen gebouwd worden tegenover het dorpsplein, maar de projectontwikkelaar heeft de plannen opgeschort omdat hij er „geen heil” meer in ziet. BN/De Stem schrijft dat de huisarts in het buurdorp steeds meer Moerdijkers met stressklachten ziet. 

De dochter van Van Hals biljartvriend Johan Schults (70) had over een paar jaar zijn huis willen kopen, als hij zelf kleiner ging wonen. „Dat kon na die dag ook allemaal gelijk de molen in”, zegt hij. „En ze is hartstikke bang dat als het dorp weg moet, we niet meer bij elkaar in de buurt kunnen wonen.”

Christy Visser (32) staat op het punt om te verhuizen naar Andel, bij Gorinchem. Vijf jaar geleden kocht ze met haar man een huis aan de Moerdijkse Havendijk – de makelaar had haar verzekerd dat het dorp niet zou verdwijnen. Na de informatieavond in de Ankerkuil besloten haar buren te vertrekken, net als de buren ernaast, de buren daarnaast, en de buren dáárnaast. Visser en haar man dachten er een weekend over na en besloten toen ook te gaan, voordat de kinderen aan de basisschool beginnen.

Toen dat besluit kwam dacht ik: nou dit weer. En dan word je heel erg kwaad op zo’n burgemeester en wethouder, terwijl die er ook niet alles aan kunnen doen

In de dagen na 11 november plaatste John van Hal zelfgeknutselde plaatjes op zijn Facebook-pagina. Eentje van een moeder en zoon, waarop de zoon vraagt: ‘Mama, als ik lieg, kom ik dan in de hel terecht?’, en de moeder antwoordt: ‘Nee, dan word je burgemeester van Moerdijk.’ En een plaatje van Sinterklaas met een zak, waarin de burgemeester verdwijnt.

Dat zou hij nu niet meer zo snel doen, zegt hij. „Maar ik had zo’n rottijd achter de rug.” Een jaar vóór de beslissing over Moerdijk had Van Hal te horen gekregen dat hij ernstig ziek is en niet meer beter wordt. Het begon met duizelingen; na wat scans bleek hij tumoren in zijn hoofd en op zijn longen te hebben. Zijn zus Henny had al een toespraak voor zijn begrafenis geschreven. Maar een reeks bestralingen sloeg aan en hij krabbelde weer een beetje op. „Toen kwam dat besluit en dacht ik: nou dit weer. En dan word je heel erg kwaad op zo’n burgemeester en wethouder, terwijl die er ook niet alles aan kunnen doen.”

Na de rondleiding blijf ik bij Jos Schalk eten. Hij vist de stukjes kip uit de soep en voert ze aan zijn hond Boemer. Zijn vrouw vraagt: „Gaat het wel goed daar in het pension?”

Jos Schalk voert zijn hond Boemer.

Foto Merlin Daleman

We lopen als miljonair weg

Op 1 december zouden de gemeente, de provincie Noord-Brabant en het Rijk de inwoners van Moerdijk dan eindelijk vertellen wat er beslist zou worden. De verwachting was dat provincie en Rijk de gemeente zouden bijvallen, maar in plaats daarvan verklaarden de verantwoordelijke gedeputeerde en minister dat ze nog helemaal niet klaar waren voor een definitief besluit. Ze stelden het uit tot eind juni 2026.

De onduidelijkheid heeft bewoners van Moerdijk verdeeld: je hebt een groep die zó graag wil dat het dorp behouden blijft dat ze bij elk uitstel hopen op afstel, en een groep die duidelijkheid wil om plannen te kunnen maken.

Jos Schalk hoort bij de eerste groep – hij leidt de subgroep ‘behoud’ van bewonersorganisatie de Dorpstafel. Maar hij is ook een van de twee inwoners van het dorp Moerdijk (zo’n 1.150 inwoners) die werken bij de gemeente (zo’n 38.000 inwoners in totaal). Die dubbelrol kan wringen. Nadat het eind van het dorp werd aangekondigd, is hij met wethouder Dingemans en burgemeester Moerkerke gaan praten. „Ik wilde hun persoonlijk vertellen: luister, ik ga in de Dorpstafel zitten, ik ga honderd procent voor behoud.”

Over een maand gaat Schalk met pensioen. De uitnodigingen heeft hij net verstuurd, óók aan de wethouder en burgemeester. Afscheid van de „nachtburgemeester van Moerdijk dorp,” staat erop, naast een foto van hemzelf in een oranje #Moerdijkmoetblijven-shirt. Op de receptie zal hij iets zeggen over „de soms moeilijke momenten tussen het zijn van collega én inwoner van het dorp Moerdijk”, kondigt hij alvast aan. 

Ongemakkelijk, ja, maar echt hard is de strijd tussen Schalk en de gemeente nooit geworden. De Dorpstafel wil juist in gesprek blijven, om mee te kunnen praten over de plannen. „Als je er met gestrekt been in gaat, doet de gemeente dat ook.”

Marianne Quik van het Bewonerscollectief, een stichting die direct na 11 november werd opgericht, denkt er anders over. Ik spreek haar in haar achtertuin, waar olijfbomen en pioenrozen staan en ze een moestuin heeft aangelegd. Van de opbrengst van die moestuin wil haar man niets eten, hij is bang dat er chemische afvalstoffen in de groenten zitten.

Quik heeft de hele ochtend met haar dochter Norah op het voetbalveld gestaan in het nabijgelegen Zevenbergen, hoofdplaats van de gemeente Moerdijk. Eerst zat Norah bij de Moerdijkse vereniging T.P.O., maar omdat de teams daar zo klein werden, moest ze als achtjarige spelen tegen kinderen van twaalf. „Dat vond ik als moeder gewoon niet verantwoord.”

Het gezin woont sinds 2020 in Moerdijk, na een paar jaar op Curaçao. Er hangt een schilderij van een tropisch strand boven de tuinbank. „Ze vinden mij hier import, hoor”, zegt Quik. „Ik praat hartstikke Rotterdams en ik heb een grote waffel. Ik kom ineens met mijn kop op tv en heb het over het dorp, terwijl mensen mij helemaal niet kenden – ik was nooit betrokken bij vrijwilligerswerk of bij clubjes.”

Snackbar Moerdijk is de laatste eetgelegenheid in het dorp.

Foto Merlin Daleman

Het Bewonerscollectief is óók voor behoud van het dorp, maar áls de overheid toch besluit Moerdijk op te heffen, is het collectief bereid om te praten over de prijs voor hun vertrek. „Eerlijke compensatie”, zoals in de petitie van het collectief staat. En eerlijk, dat is volgens Quik 350 procent van de marktwaarde van ieder huis. Voor een eigenaar van een huis van zo’n 500.000 euro dus zo’n 1,75 miljoen euro. „Ik zie het altijd zo: als ik tegen mijn dochter zeg dat ze iets niet mag doen, stopt haar dat niet. Als ik haar zeg dat ze iets niet mag en ik anders haar telefoon afneem – dan gaat ze nadenken.”

Zo werkt het ook met overheden, denkt Quik, die zelf werkt als beleidsadviseur maatschappelijk vastgoed voor de gemeente Ridderkerk. „Dus zeggen wij: ‘Als je het toch gaat proberen, mag je ons maximaal uitkopen’. Dat klinkt alsof ik een profiteur ben, maar zo is het niet bedoeld.”

Quik huurde advocaten Geert-Jan en Carry Knoops in om een zaak tegen de regering te beginnen. Tijdens een bijeenkomst in de Ankerkuil zeiden de Knoopsen dat inwoners van Moerdijk nu al recht zouden hebben op een schadevergoeding omdat „het woongeluk al is aangetast” en dat „hoe langer de onzekerheid over het voortbestaan aanhoudt, hoe hoger dit bedrag wordt”.

De opstelling van het Bewonerscollectief zorgt ook voor weerstand in het dorp. „Er is een groep hier die vindt dat wij te hard zijn richting de overheid en onredelijke eisen stellen”, zegt Quik. „Nou, als ik mijn auto ga verkopen en ik wil op 10.000 euro uitkomen, dan begin ik bij 15.000.” 

Nadat de gemeente had bepaald dat Moerdijk moest verdwijnen, besloten sommige inwoners zelf vast te vertrekken.

Foto’s Merlin Daleman

Watersnoodramp

Moerdijk heeft in de afgelopen honderd jaar veel meegemaakt. Door de bouw van de Moerdijkbrug in 1936 werd het veer dat vanuit het dorp vertrok overbodig. Dat betekende het einde voor veel cafés, hotels en winkels. Vanwege de strategische ligging werd Moerdijk in de Tweede Wereldoorlog voor meer dan 80 procent verwoest bij bombardementen en gevechten. Bewoners bouwden het weer op en zagen het opnieuw verwoest worden door de watersnoodramp van 1953. De Deltawerken maakten langzaam een einde aan de bloeiende visserij van Moerdijk.

Toen Shell wilde uitbreiden en op zoek was naar meer ruimte in de haven van Rotterdam, week het in 1968 uit naar het gebied naast Moerdijk. Er werd land opgespoten waar het bedrijf zich zou gaan vestigen; tientallen boerderijen moesten wijken. In de decennia erna breidde het industriegebied zich uit met andere bedrijven. Ondertussen werden de milieueisen strenger. Zo naderde de industrie het dorpje Roode Vaart, vlak bij Moerdijk, zodanig dat de inwoners werden uitgekocht en verplaatst.

Tijdens het biljarten praten ze over vroeger. Toen de vliet langs de Grintweg het dorp nog opsplitste in een katholiek en een protestants deel, ze bekogelden elkaar ’s winters met sneeuwballen vol grind

In 2013 adviseerde een commissie onder leiding van oud-politicus Ed Nijpels dat het „niet realistisch” was om het havengebied waar Shell was begonnen door te ontwikkelen en tegelijkertijd het dorp Moerdijk leefbaar te houden. Overheden moesten een keuze maken, vond Nijpels.

In de Ankerkuil spelen op dinsdagavond tien mannen biljart. Tussen de stoten door praten ze over vroeger. Toen de vliet langs de Grintweg het dorp nog opsplitste in een katholiek en een protestants deel, met elk een eigen kerk en school. Ze bekogelden elkaar ’s winters met sneeuwballen vol grind. Van Hal en zijn beste vriend Jack Brandt waren misdienaars bij de pastoor. Ze kregen een kwartje voor elke mis en een gulden voor elke begrafenis, dus hoopten ze op méér sterfgevallen.

Het gaat over gestoofde paling en spiering uit het Hollands Diep, de rivier waar de vissers van het dorp visten. Maar ook toen was de toekomst van het dorp al onzeker. Van Hal laat op zijn telefoon een foto zien van een protest uit de jaren zestig tegen de uitbreiding van Shell. Een kluitje dorpsbewoners op een oude legerjeep onder een spandoek: „Moerdijkers vragen om zekerheid”.

Dorpsbewoners als Van Hal en Schalk willen alleen horen dat het dorp zal blijven, de mensen achter het Bewonerscollectief willen vooral ‘duidelijkheid’ van de regering. Die laatste groep speculeert ook wat gemakkelijker over een toekomst elders – in Ulvenhout, Baarle-Nassau, misschien de Belgische grens over, of terug naar Curaçao. ‘Duidelijkheid’ betekent: plannen kunnen maken, je huis al dan niet verkopen, weten hoeveel geld je aan een nieuw huis kunt besteden. 

Pokertoernooi

Op vrijdagavond wordt in de voetbalkantine van T.P.O. de finale van het pokertoernooi gespeeld. Henny van Hal heeft wat roze verf in de puntjes van haar grijze haren gesprayd, ze deelt stukken vlaai uit. Op bartafels rondom de pokertafel staat een assortiment van plakjes worst en kippenpootjes. Jos Schalk reikt de eerste, tweede, derde en laatste prijs uit. Voor de winnaar zet hij We Are The Champions op.

John van Hal is er ook en heeft net een pittig gesprek gevoerd met een gemeenteraadslid dat in november voor de opheffing van het dorp stemde en nu aan de toog staat. Hij kon het niet laten. De man wilde er best over praten, antwoordde hij Van Hal, maar niet híér. Zus Henny heeft het gemeenteraadslid gegroet, „maar het was niet van harte”. 

Op 4 juni maken gemeente, provincie en Rijk bekend dat ze eind juni nog steeds geen beslissing kunnen nemen. Er is een derde optie, die de overheden het uitzoeken waard vinden: een afgeslankte versie van de Powerport, waardoor de uitbreiding nét zou passen en het dorp kan blijven bestaan.

Zo wordt het besluit weer op de lange baan geschoven. Heeft dat te maken met de maatschappelijke weerstand? Omroep Brabant onthulde begin mei dat alle andere ministeries klaar waren om het besluit van de gemeente om het dorp op te heffen te bekrachtigen, maar dat toenmalig demissionair minister van Volkshuisvesting Mona Keijzer (op dat moment nog BBB) na 11 november ineens van gedachten veranderde. Geert Wilders (PVV), wiens partij in de demissionaire coalitie zat, kwam eind november naar het dorp om „inwoners te steunen”. 

De enige lokale partij die tegen het oorspronkelijke opheffingsbesluit van de gemeente stemde, was Onafhankelijk Moerdijk. De partij voerde voor de gemeenteraadsverkiezingen van maart campagne met de belofte Powerport „kritisch te volgen en te streven naar het behoud van onze kernen”. Ruim een derde van de dorpsbewoners stemde op de partij, die vervolgens in de coalitie stapte. Tot ieders verrassing stond ineens in het bestuursakkoord dat alle coalitiepartijen het besluit steunen dat de gemeenteraad in november heeft genomen: de uitbreiding in oostelijke richting.

Partijvoorzitter van Onafhankelijk Moerdijk Hans van Brenkelen zegt dat de partij zich bij het besluit van de gemeenteraad heeft neergelegd omdat de gemeente toch niets meer kan doen. „Het is nu aan het Rijk en de provincie om te bepalen wat er gaat gebeuren.” 

Ook John van Hal stemde op Onafhankelijk Moerdijk en dacht dat hij op de partij kon rekenen. Hij wil dat het dorp er over vijfhonderd jaar nóg is. „Mijn vader en moeder zijn hier geboren, mijn opa’s en oma’s.” Hij nam de textielfabriek over die zijn vader er opzette, maar moest die in 2006 verkopen toen de concurrentie van de Chinese textielindustrie te straf werd. „En het gaat niet alleen om mij, want ik ben er misschien over vijf jaar niet meer.”

Aan een tafel buiten de voetbalkantine zitten Jos Schalk, Van Hal en zijn beste vriend Jack Brandt bier te drinken. Van Hal en Brandt roken de ene na de andere sigaret. Brandt slaat zijn arm om Schalk heen en zegt tegen mij dat hij een van zijn beste vrienden is, dat hij zo veel doet voor het dorp.

Schalk antwoordt scherp: „Dat is wat anders dan de hele tijd zitten ouwehoeren over onze wethouder, hè, zoals jij doet.”

Brandt schrikt een beetje en stamelt: „Het gros van het dorp is niet universitair, zoals jij.”

Schalk: „Ik ben zelf ook niet universitair, 75 procent van het dorp niet, maar dat is niet zo belangrijk, want zonder die 75 procent zijn we geen Moerdijk.”

Brandt: „Maar ik kan het niet goed verwoorden zoals jij, ik word boos.”

Schalk kijkt even naar mij en geeft een knipoog. Hij gaat door tegen Brandt: „Ik heb wel meegemaakt dat jij mij iets verwijt, terwijl je zelf achteroverleunt.”

Brandt: „Dat zou ik nooit doen.”

Schalk: „Als je veel bier op hebt, zeg je dingen die voor anderen niet leuk zijn.”

Schalk keert zich tot Van Hal en begint over de plaatjes die hij op Facebook heeft gedeeld over de burgemeester en wethouder. „Ik geloof nog steeds: zij hebben het beste met ons voor.”

John van Hal kwam graag in café de Put tegenover de haven, tot het dichtging in 2022.

Foto’s Merlin Daleman

Uitgekocht en opnieuw begonnen

Terwijl de Moerdijkers nog altijd twisten over de vraag wat het beste is voor hun toekomst, lééft dorpsgenoot Cynthia Leest die toekomst al jaren. 

Ze stapt uit haar auto en loopt naar een leeg grasveld. „Hier stond ons huis, een van de ongeveer 25 aan de Roode Vaart.” Het dorpje lag zo’n vijf kilometer voorbij Moerdijk, Leest trok er in 1996 in bij haar man, Frank. De industrie was zó dichtbij gekomen dat bewoners op papier meer last hadden van het geluid dan volgens nieuwe milieuregels was toegestaan. Op de dag van de sloop in 2004 zijn Cynthia en Frank Leest gaan kijken. Ze hebben de foto’s nog: zij zittend op een muurtje voor een half afgebroken huis, hij voor een deurpost die nog overeind staat.

Even verzette Roode Vaart zich – tijdens een bijeenkomst in de kantine van de jachthaven noemden bewoners ineens minimale uitkoopbedragen, herinnert Leest zich, stelden voorwaarden aan hun vertrek – maar uiteindelijk verzandde het verzet in de belofte elkaar op de hoogte te houden van onderhandelingen met de uitkopende industrie. „En van uitkoop word je niet rijk”, zegt ze maar vast. Frank Leest vertelt dat ze na de taxatie van hun huis de marktwaarde hebben gekregen – 100 procent, dus. „Met de onkostenvergoeding kun je nog wel je voordeel doen.”

De Leests vonden een huis in Zevenbergen, met een grote loods voor hun oldtimers. Ze hebben een paar bakstenen van het oude huis als ornament in hun tuin gezet. Meer inwoners van Roode Vaart verhuisden naar Zevenbergen. Cynthia Leest dacht dat ze elkaar veel zouden blijven opzoeken. „De band is er nog wel, maar we zien elkaar bijna nooit meer.” Zelf zijn ze „nuchter”, maar andere inwoners van Roode Vaart konden moeilijker omgaan met het verdwijnen van hun dorp, herinneren ze zich. 

Uiteindelijk is de gedwongen verplaatsing naar Zevenbergen goed voor ze geweest, zegt Cynthia Leest. Hier hebben ze alles: een station, terrassen, scholen, een supermarkt in de buurt. Door een uitgestrekt weiland dat tegenover hun huis ligt, hebben ze een even weids zicht als in Roode Vaart. De vraag is alleen hoelang nog: Zevenbergen wil appartementen ontwikkelen in de wijk van Cynthia en Frank. Waarschijnlijk worden ze wéér uitgekocht.

Op ramkoers

Wat is John van Hal op dreef aan de biljarttafel. Van alle kanten staart hij naar de drie ballen om te bepalen hoe hij ze zal raken. Hij kauwt op zijn wang. „Johnnie, goed bezig jongen”, moedigen de andere mannen hem aan. Zijn stoot is perfect. „John, jongen, je bent op ramkoers!”

Tussen zijn beurten door schaaft Van Hal een blauw kubuskrijtje zo hard over het eind van zijn keu dat het piept. Hij is een beetje zenuwachtig, zei hij van tevoren, het is de eerste keer dat hij speelt sinds hij twee jaar geleden ziek werd.

Als naderhand iedereen Heineken drinkt, fluistert Van Hals neef achter zijn hand: „John is ziek, hè, dat heeft hij je vast wel verteld.” Het zit in de familie. Zelf heeft hij nog maar een halve long. Ach, het dorp, ellendig als dat verdwijnt, maar dat John doodgaat is erger.

Door alle industrie in de buurt, rijdt er veel vrachtverkeer door de straten van Moerdijk.

Foto Merlin Daleman
Lees het hele artikel