Ga er maar aan staan, als hedendaagse jongere. Je pakt je mobieltje, opent je bank-app en ziet daar je saldo staan. Zeg 74 euro. Vroeger wist je dan genoeg: dat bedrag was wat je tot het eind van de maand nog uit kon geven. Daarna was het op. Maar nu? Nu is die 74 euro op zijn best een benadering van wat je te besteden hebt.
Dat zit zo: je bank-app biedt maar zicht op een deel van de financiële werkelijkheid. Er is ook nog de Tikkie-app, waar openstaande bedragen in kunnen staan. Er kunnen andere betaalverzoeken in je WhatsApp hangen voor eerdere uitgaven, of misschien heb je juist nog geld tegoed van anderen. Er zit nog een briefje van 20 euro in je telefoonhoesje. Daarnaast is er nog het oprukkende leger aan buy now pay later-diensten (voor achteraf betalen, zoals Klarna, Billink of Riverty), waardoor je je aankoop al binnen hebt, maar de betaling pas later (en soms in delen) zal worden afgeschreven van je rekening. En o ja, die leuke T-shirts die je besteld had maar die toch niet pasten en die je dus hebt teruggestuurd naar Zalando? Daar krijg je nog geld van terug. Met andere woorden: die 74 euro is niet wat het lijkt.
Voor menig volwassene is zo’n versnipperd financieel overzicht al lastig om greep op te houden, maar voor jongeren die richting volwassenheid bewegen is dit doolhof nog veel lastiger te doorgronden. Verantwoordelijkheden (zoals eigen verzekeringen, toeslagen of belastingen en huur) stapelen zich op, en het zicht op de uitgaven wordt versluierd door de hoeveelheid transacties die misschien wel, misschien niet al verrekend zijn.
De huidige generatie tieners en begin twintigers is de eerste generatie die geboren is als online consument. De eerste smartphone zag twintig jaar terug het levenslicht, en is dus een vast onderdeel van het leven van de jongere in 2026. Van jongs af aan zijn zij gewend om ‘aankopen’ te doen in spelletjes, zich via sociale media te verbinden met vrienden, hun bankzaken online te doen. Geld is geen stapel munten of biljetten meer, maar een paar pixels in je bankapp. Sparen, beleggen, betalen, lenen, consumeren, gokken, retourneren; net als voor volwassenen speelt het financiële leven van een jongere zich voornamelijk af op de luttele vierkante centimeters van het smartphonescherm.
Permanente verleiding
Via datzelfde schermpje weten duizenden bedrijven en marketeers die jongeren ook feilloos te vinden. Een eindeloze stroom reclames via sociale media als Snapchat, TikTok of Instagram zorgt voor een permanente verleiding om te kopen. Apps van AliExpress, Shein, Zalando of Temu haken aan bij de belevingswereld van de digitale generatie en maken consumeren tot een game-achtige ervaring, met spaarsystemen, kortingen en de mogelijkheid om achteraf te betalen. En dan is er nog het met de dag groeiende leger influencers, dat op soms onduidelijke gronden producten aanprijst. De verleiding van instant-behoeftebevrediging is immens, vooral voor jongeren, van wie de hersenen nog gevoeliger zijn voor beloning op korte termijn.
Hoe houd je in dit oerwoud als jongere het overzicht? Hoeveel geld heb je nodig om alle kosten die op je afkomen te kunnen betalen? Springen ouders nog bij, wordt er geleend van ‘ome DUO’? Welke rekeningen moeten direct betaald worden, welke gespreid? Welke toeslagen kunnen de kosten voor huur en zorg een beetje dempen? En is er nog ruimte over om te sparen, voor onverwachte uitgaven of misschien zelfs een aanbetaling voor een eigen woning?
Eerst een opmerkelijke Europese statistiek: van de Nederlandse jongeren tussen de 15 en 25 jaar neemt maar liefst 76,5 procent deel aan het arbeidsproces (cijfers over 2023). Dat is meer dan het dubbele van het Europese gemiddelde. Alleen in Denemarken, Duitsland, Oostenrijk en Malta heeft meer dan de helft van de jongeren een baan(tje). Het zijn vooral deeltijdbanen waar Nederlandse jongeren in zitten: het is hier heel normaal om naast je opleiding (middelbare school of het vervolg daarop) een bijbaan te hebben.
Op zich is dat goed nieuws: wie werkt is immers in staat zelf iets aan zijn financiële positie te doen. Voor (jonge) tieners zijn het vaak hele kleine baantjes (een paar uur per week vakkenvullen). De helft van hen zegt zo’n bijbaan te hebben, maar het meeste geld krijgen zij in de vorm van zak- of kleedgeld van hun ouders. Van de studenten (zowel mbo als hbo en wo) heeft ruim 85 procent een bijbaan. Zij verdienen per maand gemiddeld vele honderden euro’s, zo onderzocht budgetvoorlichter Nibud. Mbo’ers gemiddeld 354 euro, hbo’ers en wo’ers zelfs gemiddeld 560 euro per maand.
Het Nibud publiceert met enige regelmaat over de geldzaken van scholieren en studenten. Daarin komen zowel de inkomsten als de uitgaven aan bod. Het meest recente onderzoek onder studenten dateert van september 2024, dat onder scholieren van begin 2025.
Inkomsten
Nederlandse jongeren die bezig zijn met een vervolgopleiding hebben maandelijks gemiddeld tussen de 755 en 1.348 euro te besteden, zo becijferde het Nibud. Thuiswonende mbo’ers die een zogenoemde beroepsopleidende leerweg doen, hebben gemiddeld het minst te besteden (678 euro), hun uitwonende collega’s van de zogenoemde beroepsbegeleidende leerweg op het mbo het meest (1.891 euro gemiddeld). De uitwonende hbo’ers en wo’ers moeten het gemiddeld met 1.710 euro per maand doen.
Waar dat geld vandaan komt, verschilt enorm. Studiefinanciering (sinds 2023 weer een basisbeurs in plaats van een lening), betaalde bijbaan en betaalde stages zijn op het mbo de belangrijkste bronnen van inkomsten. Bij hbo en wo zijn dat de studiefinanciering, een bijbaan en geld van ouders. In deze laatste categorie krijgt 58 procent geld van hun ouders, gemiddeld 240 euro per maand, veelal een vast bedrag per maand, soms onregelmatig en soms zelfs per week. Van de mbo’ers krijgt 64 procent een ouderlijke bijdrage, die gemiddeld 74 euro bedraagt. Vooral de jongere studenten krijgen vaker een ouderlijke bijdrage.
Zowel op het mbo als op het hbo en wo weten studenten de DUO goed te vinden. 87 procent van de mbo’ers heeft een basisbeurs, 40 procent heeft ook een aanvullende beurs. Op hbo en wo heeft 72 procent de basisbeurs, en 32 procent een aanvullende beurs. Ook wordt er door hbo- en wo-studenten nog rentedragend geleend: ongeveer een kwart van de studenten maakt daar gebruik van (voor gemiddeld 553 euro per maand).
Het enorm hoge percentage jongeren dat deelneemt aan het arbeidsproces maakt dat ook deze eigen inkomsten fors wegen in de besteedbare inkomens. Negen op de tien hbo- en wo-studenten hebben een bijbaan, goed voor gemiddeld 560 euro per maand. Dat verdienen ze door gemiddeld 13 uur per week te werken. Van de mbo’ers die een beroepsondersteunende leergang volgen, werkt 89 procent gemiddeld 12 uur per week. Dat levert gemiddeld 343 euro per maand op. Bij de mbo’ers die de beroepsbegeleidende leergang doen, is de betaalde stage of bijbaan integraal onderdeel van de opleiding. Zij werken gemiddeld genomen dan ook 27 uur per week, goed voor gemiddeld 1.213 euro per maand aan inkomsten.
Uitgaven
Inkomsten zijn natuurlijk fijn, maar vooral bedoeld om de uitgaven mee te bekostigen. Op de middelbare school worden zak- en kleedgeld en de opbrengsten van bijbaantjes vooral uitgegeven aan kleding, snacks, leuke dingen doen met anderen en cadeautjes voor familie en vrienden. Ook daar is het voor een groeiende groep tieners al steeds lastiger om het overzicht te houden, constateerde het Nibud in het onderzoek naar betaalbedrag onder scholieren. Vaak springen ouders in het geval van plotselinge tekorten dan nog bij, of wordt er stiekem (want verboden voor minderjarigen) gebruikgemaakt van achteraf betalen (13 procent van de scholieren zegt dat te doen).
Maar op het vervolgonderwijs verandert dat volledig, vooral voor de meerderjarige studenten. Ineens zijn jongeren zelf verantwoordelijk voor hun zorgverzekering, gaan ze op zichzelf wonen met alle bijkomende kosten (boodschappen, verzekeringen) van dien en moet er collegegeld betaald worden.
Bij de studenten in het mbo, het hbo en het wo is er een groot verschil tussen thuiswonenden en uitwonenden. Bij de mbo’ers met een beroepsopleidende leerweg (bol) geven de thuiswoners gemiddeld 529 euro per maand uit, de uitwonenden 1.649 euro. En voor de mbo’ers met een beroepsbegeleidende leerweg (bbl) is dat respectievelijk 889 en 2.054 euro. Voor hbo en wo zijn de verschillen iets kleiner: thuiswonenden geven gemiddeld 711 euro per maand uit, uitwonenden 1.413 euro.
De huur is dan ook gemiddeld genomen de grootste kostenpost voor de totale groep studenten. Maar ook verzekeringen, studie- of collegegeld, andere studiekosten (zoals boeken) en vrijetijdsuitgaven lopen al snel in de honderden euro’s per maand. Het vaakst geven studenten geld uit aan kleding, uit eten, cadeaus, drinken, snoep en snacks en verzorgingsartikelen.
Voor de hele studentenpopulatie geldt dat zij veelal zelf hun uitgaven doen. Ouderlijke bijdrages worden overgemaakt en toegevoegd aan de totale pot inkomsten, waaruit studenten nagenoeg hun hele levensonderhoud betalen. Alleen op verzekeringsgebied springen ouders vaak bij door de rekening daarvoor te betalen (zo zegt 36 procent van de studenten dat hun ouders de aansprakelijkheidsverzekering betalen). Opmerkelijk is dat bij het mbo ouders minder vaak bijdragen aan het collegegeld en studieboeken (respectievelijk 20 en 17 procent), terwijl dat bij hbo en wo respectievelijk 46 en 24 procent bedraagt. Ook het abonnement op de telefoon wordt relatief vaak door ouders betaald.
Thuiswonenden hebben het financieel wat makkelijker en vooral overzichtelijker. Daarbij betalen zij nauwelijks kostgeld aan hun ouders. 74 procent van de mbo’ers zegt geen enkele bijdrage te hoeven afdragen aan het gezamenlijke huishouden, bij hbo en wo is dat 75 procent. De rest betaalt maandelijks of onregelmatig mee aan het huishouden.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/02172407/030726ECO_2034305085_WEB_ILLU_Geboren-consument3_Tomas-Schats.jpg)
Sparen en schulden
Al met al zegt grosso modo de helft van de Nederlandse studenten dat ze makkelijk kunnen rondkomen van hun inkomsten (57 procent van de hbo’ers en wo’ers en 62 procent bbl mbo’ers en 47 procent van de bol-mbo’ers). Dat is waarschijnlijk ook de groep die het makkelijkst geld overhoudt om te sparen. Dat gebeurt namelijk massaal: 90 procent van de mbo’ers spaart en 95 procent van de hbo- en wo-studenten. Het merendeel spaart alleen zelf, én alleen als er aan het eind van de maand geld overblijft. Bij ongeveer een derde sparen de ouders ook mee. Op het mbo sparen de bbl’ers het meest, gemiddeld 552 euro per maand. Hun bol-collega’s komen tot 194 euro per maand gemiddeld. Op het hbo en het wo is het gemiddelde spaarbedrag 251 euro.
Ongeveer een derde van de studenten vindt het niet moeilijk en niet makkelijk om rond te komen. Zo’n 10 procent vindt het (heel) moeilijk om rond te komen. Die categorie is het meest gevoelig voor allerlei vormen van schulden en rood staan. Schulden op de bankrekening komen relatief weinig voor (zo’n 5 procent). Veel vaker is er sprake van betalingsachterstanden (zo’n 12 procent op wo en hbo en 22 procent op het mbo). Bij hbo- en wo-studenten gaat het vaak om een nog openstaande rekening van een aankoop, bij de mbo’ers vooral over de zorgverzekering. De belangrijkste redenen om rood te staan, te lenen of achterstanden op te lopen zijn de hogere kosten van levensonderhoud en een gebrek aan voldoende inkomsten.
Door het toenemende gebrek aan overzicht van de eigen financiële situatie, hebben veel jongeren niet eens door dat ze achterstanden hebben. Een negatief saldo op je spaarrekening is een helder signaal: je staat rood. Maar de optelsom aan gespreid betalen, uitstaande Tikkies of nog te betalen belastingen aan het eind van het jaar is een veel moeilijker te kwantificeren geheel.
In een separaat onderzoek constateerde het Nibud recent dat de opstelsom van al die vormen van lenen, rood staan of later betalen tot schuldgewenning kan leiden. Iets meer dan de helft van de jongvolwassenen maakt soms of vaker gebruik van deze zogenoemde kleine kredieten. Daarbij zien veel jongeren achteraf betalen niet als schuld, maar als regulier betaalmiddel. En de groep die gebruikmaakt van achteraf betalen, maakt ook vaker gebruik van creditcardschulden, rood staan of het kopen op afbetaling. Jongeren die geen gebruikmaken van achteraf betalen, hebben vaker meer spaargeld en gebruiken die pot ook om tegenvallers op te vangen.
Financieel zelfstandig?
Nederlandse studenten staan er alles afwegend best goed voor, zeker vergeleken met de vorige onderzoeksperiode (2021, toen was er voor hbo en wo geen basisbeurs, en moest alles geleend worden).
Woningnood en de toegenomen complexiteit rondom de eigen financiën maken juist jongvolwassenen tot een kwetsbare doelgroep, zegt woordvoerder Karin Radstaak van het Nibud. „De verleidingen zijn alomtegenwoordig en ook jongeren onder de 18 jaar maken regelmatig gebruik van achteraf betalen, terwijl dat verboden is.” Eind dit jaar komen er strengere leeftijdsregels voor bedrijven die dit soort diensten aanbieden.
Kinderen en jongvolwassenen zijn, mede dankzij de groeiende hoeveelheid geld die ze te besteden hebben, een interessante doelgroep voor bedrijven. Dat is op zich van alle tijden, maar de snelheid en de directe manier van communiceren met de doelgroep maakt het nu wel een ander ‘spel’ dan toen. „Je ziet wat voorbijkomen op je telefoon en je hoeft maar te klikken en je hebt het gekocht. Zelfs TikTok biedt nu rechtstreekse aankopen vanuit de app aan”, aldus Radstaak.
De hersenen van jongeren en jongvolwassenen zijn uiterst gevoelig voor dit soort verleidingen, en juist daarom hebben ze extra hulp nodig bij het financieel volwassen worden. Radstaak: „Praat erover, schaam je niet als je een keer een verkeerde aankoop hebt gedaan of een bedrag niet kunt betalen. Ook jongeren onderling zouden opener moeten zijn over wat hen financieel bezighoudt. Als je geld op is, zeg dan gewoon tegen je vrienden dat je niet mee gaat shoppen of stappen.”
Illustratie Tomas Schats

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/03190047/030726VER_2034972195_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/03185818/030726VER_2034971963_1.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/03172458/web-030726BIN_2034951268_quint.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/02153157/030726ECO_2034305085_WEB_ILLU_Geboren-consument1_Tomas-Schats.jpg)
English (US) ·