Eindelijk heeft Nadine Visser haar eerste EK-titel; zelfs een blessure en een slechte start konden dat niet voorkomen. ‘Ik heb precies genoeg gedaan’

1 uur geleden 1

„Je moest er lang op wachten”, zegt de stadionpresentator op de blauwe atletiekbaan van Birmingham tegen Nadine Visser, die een Nederlandse vlag om haar middel gewikkeld heeft. Hij doelt op de uitslag van de EK-finale van de 100 meter. Bijna een minuut laat het grote videoscherm niets anders zien dan ‘PHOTO’ achter Vissers naam, en die van Pia Skrzyszowska uit Polen, de Franse Laeticia Bapté en Ditaji Kambundji uit Zwitserland.

Het betekent dat de fotobeelden van de finish bestudeerd moeten worden, zo spannend was de ontknoping van de race. Visser begon er slecht aan, maar halverwege de tien horden zette ze een inhaalrace in. De laatste horde ging ze als eerste over. En toen kwam ineens Skrzyszowska toch langszij. Zo gingen de twee atleten ook over de streep.

Ze geven elkaar een knuffel, wachten naast elkaar en voorovergebogen op een definitief oordeel. En dan verschijnt er een naam bovenaan in beeld: Nadine Visser. Ze is eenduizendste sneller dan haar Poolse rivaal en wint zo de eerste EK-titel van haar carrière in de buitenlucht. De 31-jarige Visser knikt naar de camera: „Ik heb hier héél lang op moeten wachten.”

Voor Visser was het niet die ene minuut, maar tien jaar dat ze moest wachten op deze titel. Al die tijd was ze een van de beste hordelopers van de wereld, won ze indoor Europees goud en mondiaal zilver op de 60 meter horden, werd ze vierde en vijfde op de 100 meter horden in de buitenlucht op achtereenvolgende Olympische Spelen, maar een beloning in de vorm van een individuele medaille op de hoger aangeschreven 100 meter horden bleef uit.

Lees ook

Topfavoriet Nadine Visser wil op haar zesde EK eindelijk een medaille. ‘Ze moet haar kans nú grijpen’

Nadine Visser

Uit voorzorg op de fiets

Blessures en ziekte speelden haar vaak parten, met name in de even jaren wanneer de EK atletiek op het programma stonden. Zo eindigde ze in 2014, 2016, 2018, 2022 en 2024 naast het podium. „Op zoveel WK’s en Spelen was ik de beste Europese, maar bij de EK’s was er altijd wel wat”, zegt Visser na haar finale. Die wetenschap liet een spoor van frustratie achter bij de Nederlandse atleet, bekent ze.

Ook dit jaar raakte ze in de aanloop naar de EK geblesseerd, aan haar hielbeen. Ze kon de afgelopen twee weken nauwelijks normaal trainen, maar kreeg na een paar dagen betrekkelijke rust vlak voor het toernooi groen licht om te starten toen ze een belangrijke laatste test doorstond. Op de wedstrijddag, dinsdag, deed ze haar warming-up uit voorzorg op de fiets.

Dit keer zit het haar niet in de weg. „Eindelijk”, zegt ze in de mixed zone naast het atletiekstadion van Birmingham, een tijdelijke tent waar atleten en media elkaar ontmoeten. Ze heeft een kroontje in haar handen, gekregen van een Britse fan. Ze kan het nog niet goed beseffen , zegt ze – zij, na al die jaren, is Europees kampioen. „Misschien is dit wel de vervolmaking van mijn carrière, maar ik moet het gewoon nog even laten bezinken. Het is vooral heel fijn dat het gelukt is.”

Een vorm van karma

Een vorm van karma, zegt haar coach Laurent Meuwly, na dat lange wachten. Als een van de eersten in het stadion, dat beter gevuld was dan maandag maar nog steeds duizenden lege plekken telde, leerde hij de uitslag kennen. „Na al die jaren weet ik inmiddels dat ik naar het grote uitslagenbord naast de finish moet kijken in plaats van het videoscherm. Daar verschijnt de naam van de winnaar altijd nét iets eerder.” Hij brulde het uit, en even later volgde de rest van het stadion.

Bij Visser bleef de uitbarsting van emoties uit, tot haar eigen verbazing. „Ik ben niet zo uitbundig, maar ik dacht dat ik dit keer mega emotioneel zou zijn. Blijkbaar zit het gewoon niet in me.” Het bleef bij wat vochtige ogen toen ze eenmaal haar ouders in het publiek had gevonden.

Het enige waaraan ze kon denken terwijl ze de uitslag afwachtte, zegt Visser, was waarom ze het zover had laten komen. „Shit, wat heb ik gedaan, dacht ik. Waarom heb ik het nou zo spannend gemaakt?”, doelde ze op haar slechte start.

Het afgelopen jaar hadden Meuwly en Visser zich juist op deze wedstrijdsituatie voorbereid. Visser is op haar best als ze aan kop loopt, dan houdt ze de ontspanning die nodig is om op snelheid te blijven in het tweede deel van de race. Maar komt ze achterop en moet ze gaan inhalen, dan heeft ze de neiging om te gaan forceren en verkrampt ze. Meuwly had haar daarom met een handicap laten trainen, bijvoorbeeld dat ze met een achterstand op anderen begon.

Met resultaat. „Ik bleef kalm, ontspannen, met tot het einde vertrouwen en toen haalde ik ze allemaal in”, zegt Visser over haar gouden race. Dat de tijd (12,66) niet in de buurt kwam van haar persoonlijk record (12,28), maakt haar „geen zak” uit, zegt ze. „Ik heb precies genoeg gedaan.”

Lees het hele artikel