In de Marokkaanse ‘Grotte à Hominidés’ bij Casablanca zijn 773.000 jaar oude fossiele resten gevonden van een mensachtige die een gemeenschappelijke voorouder van de neanderthaler én van moderne mensen kan zijn geweest. Of ieder geval een nauwe verwant van die gezamenlijke voorouder. De in Marokko gevonden kaken, tanden en wervels hebben kenmerken van vroege neanderthalers en denisoviërs én van vroege Homo sapiens (moderne mensen).
Deze mensachtige zat misschien ietsje meer aan de sapiens-kant, omdat bepaalde kenmerken in de kaak net meer sapiens zijn, zo schrijven de onderzoekers, onder leiding van Serena Pereni (Universiteit van Milaan) Jean-Jacques Hublin (Max Plank Instituut Leipzig) en Abderrahim Mohib (Nationaal Archeologie Instituut in Rabat). Volgens de titel van hun onderzoek, dat Nature deze week publiceert, staan de fossielen zelfs aan de basis van de Homo sapiens-lijn („Early hominins from Marocco basal to the Homo sapiens lineage”).
María Martinón Torres, directeur van het Centrum voor Menselijke Evolutie in Atapuerca, Spanje, en niet betrokken bij dit onderzoek, laat per e-mail weten verheugd te zijn over „deze heel interessante fossielen”. Over de claims ten aanzien van de evolutionaire positie van de fossielen toont ze zich behoedzamer. „Zo’n typering als ‘aan de basis staan van’ is wel erg vaag en onspecifiek. Maar ik ben wel blij dat Hublin en de zijnen deze mensachtige nu heel nauwkeurig hebben onderscheiden van de Spaanse fossielen uit dezelfde periode, van Homo antecessor. Dat was vroeger wel anders.”
Een breder evolutionair scenario
Ooit liet Hublin andere fossielen uit Noord-Afrika (zoals de één miljoen jaar oude kaken uit Tighennif, Algerije) samen met de Spaanse H. antecessor allemaal onder de soort Homo mauritanicus vallen, maar daarover spreekt de nieuwe studie niet meer. De Hominidés-fossielen worden ook niet aan een soort toegewezen De nieuwe studie wijst op een veel breder evolutionair scenario, aldus Martinón, met allerlei regionale verschillen tussen verwante groepen mensachtigen „die uiteindelijk kunnen leiden tot echte soort-verschillen”.
„Marokko staat hiermee nog beter op de menselijke-evolutiekaart”, oordeelt de Nederlandse archeoloog Wil Roebroeks (Universiteit Leiden) per e-mail. „Hier zie je weer eens hoe belangrijk het is om ook buiten Oost-Afrika met de klassieke Rift Valley en buiten zuidelijk Afrika te zoeken.” Maar, zo waarschuwt hij, „nog steeds is maar een zeer klein deel van dat enorme continent door paleoantropologen verkend, dus voorzichtigheid blijft geboden.” De regionale variëteit in de menselijke evolutie zal nog wel veel groter zijn dan we nu al denken, aldus Roebroeks.
Probleem bij het onderzoek van de gezamenlijke afkomst van neanderthalers en sapiens is dat juist uit de daarvoor cruciale periode (tussen een miljoen en vijfhonderdduizend jaar geleden) bijzonder weinig fossielen bekend zijn. Onder paleontologen wordt die periode in het Midden-Pleistoceen niet voor niks ‘the muddle in the middle’, genoemd, de warboel in het midden. De neanderthalers ontstonden ongeveer 400.000 jaar geleden (met oudste fossielen uit Sima de los Hueso in Spanje) en ze leefden tot ongeveer 40.000 jaar geleden in West-Eurazië. Rond 350.000 jaar geleden splitsten de denisoviërs zich van de neanderthalers af. Zij leefden in Azië tot ca. 20.000 jaar geleden. De oudste sapiens-fossielen zijn 315.000 jaar oud, uit Jebel Irhoud (Marokko). En vrijwel alle sapiens-fossielen die ouder zijn dan ongeveer 100.000 jaar zijn gevonden in Afrika.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/01/07145754/WET_2029071482_fossiel2.jpg)
Onderkaken uit Noord-Afrika tonen de ontwikkeling en variëteit bij hominiden. Linksboven: Tighennif 3 uit Algerije (1 miljoen jaar oud). Rechtsboven: een nieuw gevonden kaak uit de Grotte à Hominidés in Marokko (773.000 jaar oud). Linksonder: een Homo sapiens-kaak uit Jebel Irhoud in Marokko (315.000 jaar oud). En rechtsonder, ter vergelijking: een recente mensenkaak.
Foto Philipp GunzTot nu toe was de belangrijkste kandidaat voor een gemeenschappelijke voorouder van neanderthalers en Homo sapiens de in 1994 in Atapuerca (Spanje) ontdekte Homo antecessor. Die fossielen zijn gedateerd op 780.000 jaar oud, dus even oud als de huidige Marokkaanse vondst. Voordien gold ook Homo heidelbergensis (ca. 600.000 tot 300.000 jaar geleden) als een belangrijke potentiële gemeenschappelijke voorouder van beide soorten, ook al omdat fossielen in Afrika én Europa aan de soort werden toegewezen. Maar tegenwoordig staat het belang van deze soort sterk ter discussie, omdat de toegewezen fossielen toch wel erg ongelijksoortig zijn en sommige ook te jong zijn voor een gezamenlijk voorouderschap.
Hublin en zijn collega’s zien in hun vondst een belangrijke aanwijzing dat de gezamenlijke oorsprong van Homo sapiens en de neanderthaler in Afrika ligt, en niet in Europa. Die locatie staat ter discussie, precies door het gebrek aan relevante fossielen. Het zou kunnen dat Homo sapiens samen met de neanderthaler is ontstaan uit een uit Afrika gemigreerde Homo erectus. De Spaanse Homo antecessor is dan een voor de hand liggende kandidaat. Later zou Homo sapiens (of zijn directe voorganger) dan weer terug naar Afrika zijn gegaan, terwijl de neanderthaler in Europa achterbleef.
Een van de onderzoekers die deze ‘buiten-Afrika’-mogelijkheid al jaren verdedigen, is María Martinón Torres. Zij toont zich niet overtuigd door het ‘African-only’-betoog in Nature, op basis van de nieuwe Marokkaanse vondst. Martinón: „Deze vondst maakt wel duidelijk dat het uiteengaan van Homo sapiens en neanderthalers (inclusief denisoviërs) ouder is dan de 500.000 jaar die vaak uit genetische analyses komt. Maar de Spaanse Homo antecessor is daarvoor al evengoed een aanwijzing. En je kan in deze discussie zeker niet het andere fossiele materiaal uit Eurazië negeren. Kijk naar de vondsten uit China: Hualongdong (ca. 300.000 jaar oud), Harbin (150.000 jaar), Yunxian (1 miljoen jaar). Die worden soms ook voorgesteld als ‘basis’ voor Homo sapiens en soms worden ze zelfs Homo sapiens genoemd.”
En Roebroeks merkt op dat juist de gezichtsvorm belangrijk is voor de zoektocht naar een gemeenschappelijke voorouder van sapiens en neanderthaler. „Omdat uit de Grotte à Hominidés geen gezichtsfragmenten bekend zijn, is het moeilijk te vergelijken.” Juist het relatief ‘moderne’ gezicht van H. antecessor geldt als belangrijk argument voor zijn positie als stamvader van neanderthalers en sapiens, zoals al jaren geleden is vastgesteld door Hublin en ook door Martinón Torres.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/01/07145756/WET_2029071482_fossiel_extra.jpg)
De gevonden onderkaak ten tijde van de opgraving.
Foto J.P. RaynalDe grot nabij Casablanca dankt zijn bijzonder toepasselijke naam aan eerdere vondsten van fossielen van mensachtigen (hominiden), uit andere periodes. De vondst van de nieuwe fossielen kon goed worden gedateerd omdat ze zijn gevonden in een dikke sedimentlaag die werd gevormd tijdens een ompoling van de aarde, 773.000 jaar geleden. Dat is een proces waarbij het magnetisme omslaat door processen in de vloeibare ijzerkern van de aarde. De magnetische noordpool wisselt dan van zuid naar noord, of andersom. Datering is mogelijk omdat ijzerelementen de richting van dat aardmagnetisme tijdens het ontstaan van een gesteente vastleggen. In het sediment van de Grotte à Hominidés kon zo zelfs de magnetisch chaotische overgangsperiode van de omslag worden gevolgd, die ongeveer tienduizend jaar duurt.
Lees ook
Eiwitten uit 800.000 jaar oude mensentanden gewonnen
De journalistieke principes van NRC


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/01/08165540/080126VER_2029482661_Vinatier.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/01/08153219/080126WET_2029071942_slim.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/01/08185719/080126VER_2029250971_hert.jpg)

English (US) ·