Wie is Banksy? En welke naam siert de onderkant van de beroemde pispot? Die ogenschijnlijk kunsthistorische vragen vormen, gehuld in een detective-achtig jasje, het vertrekpunt van de nieuwe jeugdserie Investigation Art Mysteries (I AM) van KRO-NCRV en Cerutti Film. Maar met een snelle, associatieve montage vol onverwachte verbanden wijken de makers al snel af van de klassieke kunstles en zetten ze aan tot nadenken over thema’s als identiteit, opstand en verwondering. Daarmee kiest de serie voor een benadering die in het Nederlandse cultuuronderwijs nog vaak ontbreekt: niet het kunstwerk staat centraal, maar de ervaring.
Regisseur Martijn Blekendaal spreekt de voice-over zelf in. De kunstserie is daarmee voor Blekendaal ook een persoonlijke bekentenis. „Als kind had ik altijd het gevoel dat ik er anders uitzag, dat ik er alleen voorstond. Dan word je vanzelf bang voor hoe mensen op je reageren”, klinkt zijn stem over een filmische collage. Dat gevoel van anders-zijn vormt de kern van de aflevering over R. Mutt, het pseudoniem waaronder in 1917 een pispot werd ingezonden die vaak aan dadaïst Marcel Duchamp wordt toegeschreven. De zoektocht naar de identiteit van de maker legt gaandeweg thema’s als identiteit en jezelf zijn bloot.
De vijfdelige serie, waarin Blekendaal en mederegisseur Finbarr Wilbrink mysteries rond kunstenaars als Banksy, Jean-Michel Basquiat, Joseph Beuys en Marcel Duchamp ontrafelen, draait meer om die achterliggende persoonlijke laag dan om kunstgeschiedenis. „Verhalen over erbij horen, anders zijn of in opstand komen: dát is waar kunst over gaat”, aldus Blekendaal.
Beperkt kunstonderwijs
Programma’s als Het Klokhuis en Welkom in de Geschiedenis en instanties als SchoolTV besteden al jaren aandacht aan kunstenaars en kunstgeschiedenis. Maar met I AM kiezen Wilbrink en Blekendaal bewust niet voor een klassieke kunstles. Met abstracte hersenspinsels en een TikTok-achtige montage zetten de makers verwondering centraal. Een belangrijke toevoeging aan het „beperkte cultuuronderwijs”, aldus Barend van Heusden, hoogleraar kunstwetenschappen en cultuuronderwijs.
Sinds 1985 zijn basisscholen wettelijk verplicht om cultuuronderwijs aan te bieden. Hoe en welk cultuuronderwijs er wordt gegeven, verschilt sterk per school en leerkracht. In het primair onderwijs wordt gemiddeld twee uur per week besteed aan cultuur, met de nadruk op tekenen, muziek en lezen. Beeldende kunst krijgt beduidend minder aandacht. Het wettelijk vastgestelde leerdoel luidt: „De leerling ontwikkelt artistiek creatief vermogen, maakt kunstzinnige uitingen en maakt kunst en cultuur mee.” aldus de site van Stichting Leerplanontwikkeling. Hoe dat er in de praktijk uit moet zien, blijft onduidelijk. Het gaat niet goed met het kunstonderwijs voor kinderen, volgens Van Heusden. „Niet omdat er te weinig is, maar omdat veel ondoordacht, simplistisch en oppervlakkig is.”
Zo mogen scholen en leerkrachten zelf beslissen hoe de lessen worden ingevuld, welke disciplines ze aanbieden en welke methoden ze ervoor gebruiken, bevestigt basisschoolleerkracht Liël Warmerdam. „Tijdens coronatijd zijn er veel muziek- en kunstleerkrachten wegbezuinigd. Daardoor ligt het nu aan de persoonlijke voorkeuren van de leerkracht die voor de klas staat”, legt ze uit. Ook op de pabo, de leerschool voor basisschoolleerkrachten, valt het kunstonderwijs tegen, aldus Warmerdam. „Het is gewoon niet best gesteld met kunst in het onderwijs.”
Nadruk op de ervaring
Volgens Van Heusden slaan veel scholen wat kunstonderwijs betreft de plank mis. „Als je goed kunstonderwijs geeft, dan begin je niet met kunstfeitjes, maar met de ervaring”. Een uitlegfilmpje over de schilder Karel Appel is leuk, maar te eenvoudig, aldus de hoogleraar. „Ga eerst eens met de kinderen over het thema van de kunst praten. Welke woorden roept dat op? Ga uit van de ervaring van de leerling en bespreek die. Laat daarna zien hoe die ervaring vorm kan krijgen in kunst.”
Ook basisschoollerares Warmerdam benadrukt het belang van die ervaring. „Kinderen moeten zich aangesproken voelen. Wanneer je begint vanuit iets wat leeft, biedt dat herkenning en motivatie om er wat mee te doen.” Een stroom aan kunstige feiten heeft een averechts effect. „Dan denkt een kind: ‘Tja … leuk … wat moet ik hiermee?’”
Het belang van kunst
Kunst is onmisbaar voor een gezonde samenleving, zeggen zowel de makers van I AM als Van Heusden. Volgens de hoogleraar leert kunst kinderen omgaan met het onverwachte. „Een ervaring is altijd net iets anders dan verwacht. Kunst probeert die ervaring te vangen. Daarom is goede kunst ook altijd een beetje ontregelend.” Het vermogen open te staan voor iets wat afwijkt, ziet hij als een belangrijke maatschappelijke waarde. „In een democratie moet je leren omgaan met verschillen. Kunst kan kinderen helpen om niet bang te zijn voor het onbekende.”
De makers van de serie benadrukken hoe kunst kinderen anders naar zichzelf en de wereld kan laten kijken. „We vertellen dat iedereen een kunstenaar kan zijn”, zegt Wilbrink. „Die gedachte is zo bevrijdend. Ik loop nu zelf ook anders over straat.” Het kunstonderwijs mist speelsheid volgens de makers. „Terwijl dat zo belangrijk is om te begrijpen wie je bent en wie anderen zijn.” Ze hopen daarom dat hun serie ook in de klas zal worden bekeken.
Warmerdam is alvast fan; „we zijn klaar voor wat nieuws”, aldus de juf.
https://www.youtube.com/embed/RsBmQFemVVY

/https://content.production.cdn.art19.com/images/5c/f1/5c/b4/5cf15cb4-3eae-48af-af9f-6c2feb12b858/fe0b0e450c1acdd88d1edba6c6e41e71002674b513ff54d9d36c168809ec8019eb1ad4fe32035569725b15e4c884bda154b4895cb6df8b07b3c2078dba71ad7d.jpeg)

/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data151932880-7bb79e.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/06141511/060826ECO_2035751326_Accell.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/05214753/050826VER_2035740527_bol2.jpg)
English (US) ·