Gaan landen hun strategische oliereserves inzetten om rust te brengen op de wereldmarkt nu de olieprijzen extreem hard stijgen door de oorlog in Iran? Om die optie te bespreken, hielden de ministers van Financiën van de G7-landen (VS, Canada, Japan, Duitsland, Frankrijk, Italië, VK) maandag digitaal spoedoverleg met Fatih Birol, de directeur van het Internationaal Energieagentschap (IEA). Doorgaans besluit het IEA om alle 32 IEA-landen op te roepen hun reserves vrij te geven. Of de besprekingen van maandag alleen over de G7-landen of ook andere IEA-leden gaan, is vooralsnog niet duidelijk.
Dat de olie- en gasprijzen maandagochtend verder waren gestegen, zal inmiddels niemand meer verbazen. Vanwege veiligheidsrisico’s mijden containerschepen en olietankers de Straat van Hormuz, een van de belangrijkste transportroutes voor olie en gas. Productiefaciliteiten in onder meer Qatar zijn stilgelegd na Iraanse raket- en droneaanvallen. Ook als de oorlog vandaag zou stoppen, duurt het nog weken voordat de productie van olie en vloeibaar gas (lng) op de oude capaciteit draait. Kortom, het lijkt er sterk op dat de krapte op de wereldmarkt langer zal aanhouden dan analisten vorige week hoopten.
De prijs voor een vat Brent-olie schoot maandagochtend naar 107 dollar. Daarmee kwam de prijs sinds het eerst sinds de energiecrisis van 2022 weer boven de honderd uit. De gasprijs steeg mee, naar zo’n 69 euro per megawattuur. Het leidde tot een enigszins bedrukte stemming op de Europese en Aziatische beurzen: de Amsterdamse AEX-index stond maandagochtend op krap 970 punten. Geen gek moment voor het IEA om in te grijpen.
1Welke landen hebben zulke strategische reserves en waar zijn ze voor bedoeld?
De 32 IEA-leden, waaronder Nederland, hebben afgesproken ieder voor minstens drie maanden aan strategische oliereserves aan te leggen – dus los van voorraden die nodig zijn om de winter door te komen. Dat mogen verschillende aardolieproducten zijn, zoals diesel, benzine en ruwe olie. In totaal gaat het om honderden miljoenen vaten die IEA-landen gezamenlijk hebben klaarliggen. Als de wereldhandel wordt verstoord waardoor de olieprijzen omhoogschieten, zoals nu door de Iranoorlog, kunnen landen een deel van hun voorraad de markt op laten vloeien, wat voor prijsdalingen en rust moet zorgen.
2Waar liggen die voorraden?
„In Nederland liggen de voorraden onder meer in enorme bovengrondse opslagterminals zoals in Rotterdam en Eemshaven, en in cavernes in zoutkoepels in de grond”, zegt Martien Visser, emeritus lector Energie en Netwerken aan de Hanzehogeschool Groningen. Nederland heeft ook voorraden kerosine en ruwe aardolie in België en Duitsland. Voor Nederland maakt het niet uit dat een deel van de voorraad in het buitenland ligt. De olie is bedoeld om de wereldmarkt op te gaan, wanneer verstoringen daar de prijzen opjagen.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/09160154/090326ECO_2032151086_G7.jpg)
De Britse minister van Financiën Rachel Reeves in een videogesprek met collega-ministers en IEA-directeur Fatih Birol. Het onderwerp: de strategische olievoorraden.
Foto Alberto Pezzali/Reuters3Wie bepaalt of er (een deel) van de reserves wordt vrijgegeven?
Wie de strategische voorraden beheert, is voor ieder land anders. „Sommige landen hebben dit privaat geregeld, andere publiek”, zegt hoogleraar energie-economie Machiel Mulder aan de Rijksuniversiteit Groningen.
In Nederland regelt stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (Cova) de voorraden. Cova valt onder de verantwoordelijkheid van Minister van Economische Zaken en Klimaat, en heeft zelf verder geen winstoogmerk. Cova koopt met leningen van de staat olie in, en slaat dat op in gehuurde tanks, zegt Bob Ent, strategiemanager van Cova.
De energiegebruiker betaalt daarvoor een heffing aan de pomp, zegt hij. „Voor elke liter bezine, diesel of lpg die wordt getankt, gaat 8 cent naar Cova.” Transportbedrijven betalen diezelfde heffing ook om de boterhammen naar de supermarkten te kunnen brengen. Zo betalen ook huishoudens zonder auto of scooter indirect mee aan de strategische voorraden.
Het is uiteindelijk aan het IEA om met een voorstel te komen. IEA-analisten bekijken per dag hoeveel vaten olie er minder de markt op komen en doen op basis daarvan een verzoek aan de IEA-landen om een deel van hun opgeslagen olie vrij te geven. Die hoeveelheid is niet voor ieder land hetzelfde. „Het IEA houdt rekening met het binnenlands olieverbruik”, zegt Ent.
Als het IEA zo’n oproep doet en Nederland daar gehoor aan geeft, krijgt Cova de opdracht van het ministerie. Landen kunnen het IEA-verzoek weigeren, „maar daarmee maak je je niet geliefd.”
4Is het vrijgeven van strategische olie bijzonder?
Ja, best wel. In principe zijn de noodvoorraden bedoeld om te gebruiken in tijden van crisis. Sinds 1974 heeft het IEA slechts vijf keer de oproep gedaan voorraden vrij te geven, onder meer na de Russische inval in Oekraïne in 2022. Toen besloot een aantal EU-landen overigens om niet mee te doen. Ook bijvoorbeeld na orkaan Katrina in 2005, toen petrochemische infrastructuur in de Golf van Mexico beschadigd raakte, spraken landen hun strategische voorraden aan om de terugval in het olie-aanbod op te vangen.
5Welk effect heeft het vrijgeven van strategische reserves op de olieprijs?
Áls G7-landen, mogelijk samen met andere IEA-leden, besluiten over te gaan tot het vrijgeven van hun reserves, is het nog maar de vraag hoe groot het effect zal zijn. Het hangt ervan af of handelaren inderdaad een beetje gerust worden gesteld door het extra aanbod, zegt hoogleraar energie-economie Machiel Mulder aan de Rijksuniversiteit Groningen aan de telefoon. „De afgelopen keren dat olie werd vrijgegeven, had het geen groot effect op de olieprijs. Het ging om enkele dollars verlichting.”
Uiteindelijk, als de oorlog weer voorbij is moeten landen hun strategische opslag weer aanvullen. En dat zal de prijs tijdelijk weer opdrijven.
6Landen hebben strategische voorraden voor olie. Moeten ze dat niet ook hebben voor gas?
Een logische vraag, nu de gasprijzen ook flink stijgen. Visser zou dat wel verstandig vinden, Mulder is terughoudender. „Bij de strategische olievoorraden zien we dat de kosten niet opwegen tegen de baten. Het effect op de olieprijs is tot nu toe klein gebleken. Al die ongebruikte olie in tanks en onder de grond is ontzettend duur. Nog los van de operationele kosten. Je haalt het maar heel af en toe tevoorschijn. Maar daarmee neem je bij bedrijven en huishoudens ook deels de prikkel weg om tijdens een crisis zuinig aan te doen.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/09154947/090326VER_2032134301_WEB_FI_Montage_Libris-Literatuurprijs.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/09222439/090326CUL_2031142358_edison.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/09162330/090326BUI_2032147864_EPAzmani02.jpg)



/https://content.production.cdn.art19.com/images/26/4d/f4/13/264df413-155f-4794-8dbe-1ade841e8844/256091c232ea805dcfd6b75175c15030c619d35dc31caa91a750e51a9374f87ef46dec69f83501885ecf4c0eb34c702157a9accfc66460fca8887a4c6ce7e068.jpeg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/07003219/ANP-300929690.jpg)
English (US) ·