Terwijl een groepje vrijwilligers met afvalgrijpers in de hand de lege tribunes afgaat om de achtergelaten rommel op te ruimen en de lijnen van het speerwerpen op het middenterrein van het stadion in Birmingham worden opgerold, wordt op een grasveld ernaast zondagavond een klein feestje gebouwd. Op een podium met felle lichten en luide muziek uit grote speakers, met honderden joelende fans ervoor, worden de laatste medaillewinnaars van deze EK atletiek gehuldigd.
Het is niet meer dan toepasselijk dat er ook deze avond atleten in oranje outfits naar voren worden geroepen. Eerst mag het vrouwenestafetteteam op de 4×400 meter naar het Wilhelmus luisteren voor hun gouden medaille, daarna worden hun mannelijke collega’s op hetzelfde onderdeel toegejuicht met een bronzen medaille om de nek.
Vijf van de zeven avonden ging het zo, de afgelopen week. De Nederlandse atletiekafvaardiging vestigde op deze EK een record met veertien medailles, waarvan vijf gouden. Het hele toernooi deden atleten in het oranje mee om de prijzen, Nederland eindigde als vierde op de medaillespiegel, achter Italië, Groot-Brittannië en Duitsland. „We hebben gewoon een goede vibe te pakken met het team”, zei Stefan Nillessen zaterdagavond na zijn overwinning op de 1.500 meter.
Voor het vierde grote internationale toernooi op rij, de Olympische Spelen buiten beschouwing gelaten, deed de Nederlandse equipe het beter dan ooit. Op de WK in Boedapest in 2023 waren er vijf medailles (twee goud), op de EK in Rome in 2024 twaalf (drie goud), op de WK in Tokio in 2025 zes (twee goud) en nu dus de medaillevloed in Birmingham. „Het begint als vanouds te voelen”, zegt Femke Broeders-Bol maar half grappend, als ze zich met de rest van het estafetteteam realiseert dat ze voor de derde keer op rij Europees kampioen zijn geworden.
„Het is allemaal heel erg positief”, zegt ook de Zwitserse hoofdcoach Laurent Meuwly van de Atletiekunie zondagavond. „We willen dat het succes van onze atleten duurzaam is, en dit toernooi laat zien dat het lukt.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/16204715/160826SPO_2035963470_EKsuccesDragend.jpg)
Stefan Nillessen viert met familie zijn gouden medaille op de 1.500 meter bij de EK atletiek in Birmingham.
Foto Peter Cziborra/REUTERSVeel blessures
De huidige bloeiperiode van de Nederlandse atletiek is deels terug te voeren op de komst van Meuwly in 2018. Het aantrekken van de succesvolle coach paste in een ambitieus plan dat de atletiekbond twee decennia geleden optuigde om van Nederland een atletiekland te maken. Er werd geld vrijgemaakt om het plan te financieren, atleten werden samengebracht op topsportcentrum Papendal in Arnhem, faciliteiten en begeleidingsteams werden geprofessionaliseerd en er werden topcoaches uit het buitenland gehaald om aansluiting bij de wereldtop te vinden.
„Ik voelde me aangetrokken door de topsportcultuur die de Atletiekunie wilde neerzetten”, zegt Meuwly. „En sindsdien heb ik geprobeerd het complete project verder door te ontwikkelen, niet alleen de onderdelen waarvoor ik als coach werd aangetrokken.”
Lees ook
Hoe Nederland in twee decennia tot atletiekland uitgroeide
Die ambitie leidde tot een officiële promotie. Meuwly begon bij de 400-meterlopers, maar groeide de afgelopen jaren uit tot hoofdcoach van de Atletiekunie. Hij heeft tegenwoordig naast zijn oorspronkelijke pupillen ook de estafetteteams op de 4×100 en 4×400 meter en hordenloper Nadine Visser onder zich. En sinds dit jaar is zijn bekendste atleet Femke Broeders-Bol onder zijn begeleiding overgestapt naar de middellange afstand van 800 meter.




Stefan Nillissen: goud 1.500 meter, Jessica Schilder: goud kogelstoten, Femke Broeders-Bol: brons 800 meter en Jonas Phijffers: derde 400 meter.
Foto’s ANP/AP/Petr David Josek„We hebben een hoop medailles gewonnen sinds ik hier werk”, memoreerde Meuwly eerder deze week. „En sommigen zijn specialer dan anderen.” Daarmee doelde hij op de EK-titel van Nadine Visser op de 100 meter horden. Haar succes op 31-jarige leeftijd laat het vermogen van Meuwly zien om van zijn atleten kampioenen te maken. Hij zorgde ervoor dat Visser, die vaak geblesseerd raakte, beter belastbaar werd. Hij gaf haar het zelfvertrouwen dat ze kon winnen en begeleidde haar afgelopen week zo naar het grootste succes uit haar carrière.
Maar Meuwly en de gecentraliseerde topsportcultuur op Papendal zijn allang niet meer de enige bronnen van succes, laten deze EK zien. Jorinde van Klinken (goud op discus, zilver bij kogelstoten), Maureen Koster (zilver op 10.000 meter) en Jonas Phijffers (brons op 400 meter) trainen onder andere coaches elders in Nederland. En ook Nillessen en Niels Laros, het toptalent dat ontbrak vanwege een blessure, trainen sinds dit jaar voornamelijk buiten het topsportcentrum in de bossen rond Arnhem. Deze groep atleten is de afgelopen jaren geholpen door betere begeleiding van en betere communicatie met de Atletiekunie. Het gevolg is dat het algemene nationale niveau van de atletieksport enorm is gestegen.
Een week voor de EK hield Meuwly een presentatie over wat hij verwachtte. Hij noemde het toernooi een moment om prijzen te halen en noemde veertien atleten en teams die in zijn ogen kans maakten op een medaille, een voorspelling die precies is uitgekomen. Maar, zei hij ook: deze EK stondem ook in teken van de voorbereidingen op de Olympische Spelen over twee jaar in Los Angeles.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/16214711/160826SPO_2035963470_EKsucces03.jpg)
Nadine Visser op weg naar goud in de finale van de 100 meter horden.
Foto Iris van den Broek/ANPIn dat opzicht heeft de Zwitser positieve en negatieve dingen gezien in Birmingham, zegt hij zondagavond. Het aantal blessures, vooral onder de sprinters die op de 100 meter uitkomen, baart Meuwly zorgen. „We moeten kijken of we daarin een patroon kunnen ontwaren om dat in de toekomst te voorkomen.” Volgens hem zal dat richting de Spelen een belangrijk onderwerp worden.
Daar staat tegenover dat Meuwly ziet dat de Nederlandse atleten elkaar de afgelopen jaren geïnspireerd hebben om te presteren op grote toernooien. „Ze trainen niet langer om zich te kwalificeren en mee te doen, maar ze willen een ronde verder komen, finales halen, medailles winnen. Dit is een team dat wil winnen.”
Misschien wel het beste voorbeeld van die mentaliteit was een atleet die géén medaille won. Mike Foppen liep zaterdagavond op de 10.000 meter in een kopgroep van vijf toen hij voelde dat hij niet goed genoeg was voor een medaille. Dat was het enige waarvoor hij naar het Verenigd Koninkrijk was gekomen, dus van het ene moment op het andere stapte hij uit. Een beslissing waar hij meteen spijt van leek te hebben: na een paar openhartige interviews bij de aanwezige pers verliet hij huilend het stadion.
Checkpoint
Hoe verhouden de prestaties op deze EK zich dan tot het mondiale niveau dat straks op de Spelen gevraagd wordt? Er zijn Nederlandse wereldtoppers: Jessica Schilder is regerend wereldkampioen kogelstoten en maakte die status waar met haar derde EK-titel op rij. Europees kampioen Van Klinken won met discuswerpen al WK-zilver, Broeders-Bol verloor dit EK op de 800 meter van de nummers 1 en 2 van de wereldranglijst. En dan heb je nog Sifan Hassan, bij dit EK afwezig, die op elk onderdeel waarop ze besluit uit te komen alles en iedereen telkens weet te verbazen.
Daaronder is er een groep atleten die in goede doen mondiaal moet kunnen meestrijden om de medailles, zoals de twee kersverse Europees kampioenen Stefan Nillessen (1.500 meter) en Nadine Visser (100 meter horden). Hetzelfde geldt voor de estafetteteams (mannen, vrouwen en gemengd) op de 4×400 meter en de meerkampers Emma Oosterwegel en Sofie Dokter, die zilver en brons wonnen op de zevenkamp.
Voor anderen wordt het lastiger als de Amerikanen en Afrikanen mogen meedoen. Dan zullen Koster (10.000 meter), Phijffers en Lieke Klaver (400 meter) zich nog flink moeten verbeteren, willen ze op dat niveau meekomen. „Daarom moeten we niet te veel waarde hechten aan de medaillespiegel”, zegt Meuwly kritisch. „Het is geen indicatie van hoe het straks zal gaan.”
Toch noemt hij dit toernooi een „checkpoint” om te zien waar de Nederlandse atleten staan met nog twee jaar tot Los Angeles. Niet verrassend ziet Meuwly de toekomst positief tegemoet na het beste atletiektoernooi voor Nederland ooit. „Er zijn zeker dingen die beter kunnen, maar ja: we zijn succesvol.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/16204755/160826SPO_2035963470_EKsucceslaatstebeeld.jpg)
Maureen Koster met de Nederlandse vlag na haar zilveren medaille op de 10.000 meter.
Foto ANP / EPA

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/16161446/160826BIN_2035918912_FVDschoolNIEUW01.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/14092934/170826OPI_2035933738_Economist_AI-Agents.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/16191607/160826VER_2035969267_daMessina.jpg)




/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/14113734/140826VER_2035919103_pennings1.jpg)
English (US) ·