Zeker 645 Nederlanders dienden in Israëlisch leger tijdens Gaza-oorlog

4 uren geleden 1

Zeker 645 Nederlanders dienden in het Israëlische leger in maart 2025, toen de vernietigingsoorlog in Gaza gaande was. Dat blijkt uit informatie van het leger die openbaar is geworden na een verzoek van de ngo Hatzlacha, die voor transparantie strijdt. De gegevens hebben betrekking op Israëliërs met meer dan één paspoort die toen in het leger dienden.

Bij internationale rechtbanken lopen verschillende zaken waarin onderzocht wordt of Israël en Israëlische militairen zich in Gaza schuldig heeft gemaakt aan internationale misdrijven. Dat zou gevolgen kunnen hebben voor de militairen met een Nederlands paspoort die in Gaza gediend hebben.

Het Nederlandse Openbaar Ministerie stelt dat het „niet verboden” is voor Nederlandse Israëliërs om in Israël in dienst te treden. „Enkel het feit dat dat iemand in dienst is van het Israëlische leger, betekent niet dat die persoon strafrechtelijk vervolgd kan worden.”

Dat verandert als zou blijken dat er Nederlanders betrokken waren bij ernstige internationale misdrijven als genocide, misdaden tegen de menselijkheid of oorlogsmisdrijven. Nederlanders die dat soort misdrijven plegen, waar ze dat ook gedaan hebben, kunnen voor een Nederlandse rechter komen.

Dit is geen louter theoretische kwestie. „Er zijn natuurlijk aanwijzingen dat het Israëlische leger in Gaza ernstige misdrijven gepleegd heeft”, zegt hoogleraar militair recht Marten Zwanenburg van de Universiteit van Amsterdam en de Nederlandse Defensie Academie. De crux is dat er aangetoond zou moeten worden dat de Nederlanders in kwestie persoonlijk bij zulke misdrijven betrokken waren.

In Duitsland, Frankrijk en België lopen al strafrechtelijke onderzoeken naar Israëliërs met een dubbel paspoort die verdacht worden van betrokkenheid bij oorlogsmisdrijven. Zo is er een soldaat uit Manchester die actief was bij een ultraorthodoxe gevechtseenheid die Amerikaanse sancties opgelegd kreeg wegens ernstige mensenrechtenschendingen. En een scherpschutter uit München wordt ervan verdacht dat hij in 2024 in Gaza Palestijnse burgers geëxecuteerd heeft.

De identiteit van de Nederlanders in Israëlische krijgsdienst is niet bekend. Er zijn ngo’s, zoals de in België gevestigde Hind Rajab Foundation, die actief speuren naar Israëlische militairen die zich in Europa bevinden en van strafbare feiten verdacht worden.

Amerikaanse nationaliteit komt vaakst voor

De geopenbaarde documenten bevatten een overzicht van het aantal Israëlische militairen met een dubbele of meervoudige nationaliteit in maart 2025. Op dat moment waren er minimaal 559 Nederlandse Israëliërs in het leger actief, naast 86 mensen met de Nederlandse, Israëlische en nog een derde nationaliteit. Zij hebben niet per definitie allemaal in Gaza gevochten; Israël kan hen ook in eigen land of op de bezette Westelijke Jordaanoever ingezet hebben.

Niet uit te sluiten valt dat er nog meer Nederlanders in het Israëlische leger dienden. De telling is een momentopname, en bovendien op zelfrapportage gebaseerd. Ook niet meegeteld zijn mensen zónder Israëlisch paspoort die in Gaza gevochten hebben, de zogenoemde lone soldiers. Uit het Verenigd Koninkrijk zijn hier enkele gevallen van bekend, uit Nederland vooralsnog niet.

In totaal hadden meer dan 50.000 Israëlische militairen minimaal een tweede paspoort, op een totaal van zo’n 470.000 militairen en reservisten. De meest voorkomende tweede nationaliteit is de Amerikaanse, gevolgd door de Franse, Russische, Oekraïense en Duitse. De lijst met nationaliteiten is lang en divers: zo dienden er in Gaza ook iemand uit Trinidad en uit Eswatini.

Voor veel Israëliërs is een tweede paspoort vooral een eenvoudige manier om in de Europese Unie te kunnen wonen en werken

Ongeveer 1 miljoen van de 10 miljoen Israëliërs hebben een tweede paspoort. Mensen met een dubbele nationaliteit in Israël hebben vaak heel weinig te maken met hun tweede land. Vaak zijn ze er nog nooit geweest, hebben ze er geen familie en spreken ze de taal niet.

Israëlische Joden kunnen bijvoorbeeld een Spaans, Portugees of Pools paspoort aanvragen als ze een voorouder uit een van die landen hebben. Voor veel Israëliërs is zo’n tweede paspoort vooral een eenvoudige manier om in de Europese Unie te kunnen wonen en werken, zonder dat ze een hechte band voelen met het land waarvan ze het paspoort dragen.

Niet bekend is hoeveel van de 645 Israëliërs met een Nederlands paspoort een actieve band met Nederland hebben. Ook is onbekend hoeveel van hen in Nederland wonen, of hoeveel Israëlische dienstplichtigen ertussen zitten.

Voor de kans op vervolging maakt dat niet uit, zegt Zwanenburg: een Nederlander is een Nederlander. „Wel kan ik me voorstellen dat het OM het haalbaarder acht om iemand te vervolgen die in Nederland woont dan een Israëliër die toevallig een Nederlands paspoort heeft.”

Bewust van het risico

De Israëlische overheid is zich bewust van het risico dat militairen vervolgd kunnen worden voor oorlogsmisdrijven in een land waar ze staatsburger zijn. Uit gelekte documenten blijkt dat het Israëlische ministerie van Justitie in 2019 een memorandum liet opstellen door het Nederlandse advocatenkantoor JahaeRaymakers, dat gespecialiseerd is in internationale risico- en reputatievraagstukken.

Zo heeft het kantoor gekeken naar artikel 205 van het Nederlandse Wetboek van Strafrecht, dat het werven van personen voor vreemde krijgsdienst of gewapende strijd verbiedt als daar geen toestemming van de Koning voor is. Het is een misdrijf waarop een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar staat.

Ondanks deze verbodsbepaling concludeert het advocatenkantoor in zijn advies dat er „geen significante risico’s” zijn voor Nederlanders die zich bij het Israëlische leger willen aansluiten. Wetsartikel 205 is in het verleden alleen gebruikt in verband met rekrutering voor extremistische terroristische groeperingen. „Hieruit volgt dat vervolging in het geval van het Israëlische leger onwaarschijnlijk is”, aldus het advies aan Israël.

Toch houdt JahaeRaymakers ook een slag om de arm: een strikte interpretatie van de wet suggereert dat rekrutering voor het Israëlische leger wel degelijk verboden is volgens het Nederlandse strafrecht. In de praktijk lijkt het OM evenwel niet van plan om deze strikte interpretatie te volgen.

Hoogleraar Zwanenburg bevestigt de opvatting dat dienen in een buitenlands leger op zichzelf niet strafbaar is. Hij ziet twee uitzonderingsgronden: als de militair in kwestie óók in Nederland militair is en geen toestemming krijgt; of als het gaat om een buitenlands leger waarmee oorlog tegen Nederland in het vooruitzicht ligt (op grond van artikel 101 van het Wetboek van Strafrecht). „En dan is het altijd nog de vraag of het OM ergens een zaak van gaat maken. Maar de mogelijkheid op vervolging is er zeker.”

Lees het hele artikel