Woensdagavond even na zes uur vragen de vrijwilligers van het Rode Kruis of de mannen met een oranje bandje om de pols in de rij willen gaan staan. De auto met de warme maaltijd is gearriveerd, ze krijgen een piepschuimen bakje met falafelballetjes, rijst en sperziebonen. Anas, een 21-jarige jongen uit Jemen, die als enige goed Engels spreek, vertaalt voor de de mannen in de rij: „Het is halal.”
De mannen kregen woensdag bij de asielopvanglocatie in Ter Apel te horen dat er geen plek voor hen is. Een enkeling wás al binnen, maar had op een noodbed in de recreatieruimte geslapen. Ook zij moeten het terrein weer verlaten. De locatie is overvol: er is plek voor tweeduizend mensen, er worden er 2.316 opgevangen.
Vanaf woensdag zal het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) alleen „de meest kwetsbare asielzoekers” binnenlaten, meldt de organisatie in een persbericht. Kwetsbaar zijn alleenstaande minderjarigen, lhbti personen, zwangeren, gezinnen en meisjes en vrouwen die kans lopen het slachtoffer te worden van eerwraak.
Na negen uur ’s avonds, als het gaat schemeren, delen de Rode Kruis-medewerkers goudkleurige foliedekens uit tegen de kou. Zo’n dertig in het donker geklede mannen veranderen in gouden ‘supermannen’ met wapperende foliedekens om de schouders. Er is nog steeds hoop op een oplossing voor de nacht, zegt Jos van der Burg, vrijwilliger bij het Rode Kruis.
Burgemeester Jaap Velema noemt het treurig dat mensen misschien buiten moeten slapen terwijl „diverse kabinetten hadden toegezegd dat dit niet meer zou gebeuren”
In de vroege woensdagmiddag stonden er meer journalisten dan asielzoekers op het grasveld voor de toegangspoort. Asielzoekers die net naar buiten waren gestuurd, kregen voor het hek een microfoon onder hun neus terwijl ze nauwelijks nog leken te beseffen wat er aan de hand was. Een man met een uitgeprinte reisroute naar Ter Apel liep gefrustreerd van de camera’s weg. De sfeer was gespannen. Vrijwilligers van het Rode Kruis en Vluchtelingenwerk renden van de een naar de ander om de situatie uit te leggen.
Vrijwilliger Jos van der Burg wilde graag iets nuttigs doen voor zijn medemens. „Ze belden ons gisteren: sta paraat.” Hij deelt water, plakken ontbijtkoek en pleisters uit. Wat de asielzoekers het liefste willen – een bed – kan hij niet bieden.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/20152636/200526BIN_2033874416_apel.jpg)
Nieuwe asielzoekers komen woensdag aan bij het aanmeldcentrum in Ter Apel. Door drukte laat het COA niet iedereen meer toe tot de opvang.
Foto Jilmer Postma/ANPJaap Velema, burgemeester van de gemeente Westerwolde, waar Ter Apel onder valt, zei tegen een verslaggever van Hart van Nederland dat hij begrip heeft voor de zorgen van Nederlandse burgers, maar dat angst voor asielopvang niet nodig is. Hij doelde op de aanhoudende demonstraties op verschillende plekken in Nederland om noodopvang voor asielzoekers tegen te houden. Het gebrek aan plekken elders, leidt ertoe dat asielzoekers uit Ter Apel niet kunnen doorstromen. Hij vindt het treurig dat mensen misschien buiten moeten slapen terwijl „diverse kabinetten hadden toegezegd dat dit niet meer zou gebeuren”.
Slepen met koffers
In de loop van de woensdagmiddag werd de sfeer op het grasveld rustiger. Er kwamen steeds meer mannen met tassen en koffers naar buiten, de situatie werd duidelijk. Een Pakistaanse man bleef uren met rode ogen naast zijn koffer staan. Er was niemand die zijn taal sprak. Hij zette zijn capuchon op.
Anas uit Jemen, achternaam bij de redactie bekend, reageerde nonchalanter. De hele middag liep hij rond op het grasveld met een blauwe rolkoffer aan zijn hand. „Tsja, dit is het leven van een vluchteling”, zei hij. „Ik kijk nergens meer van op.”
Al keek hij wel even op zijn neus toen hij die ochtend na zijn asielaanvraag een polsbandje om kreeg en naar de poort werd geleid. Hij had geen idee dat hij niet weer naar binnen mocht: „Ik dacht, ze wijzen me nu mijn bed.” Van de vrijwilligers van het Rode Kruis buiten het hek begreep hij dat dit niet het geval was. Met zijn koffer liep hij van groepje naar groepje. „We slapen vannacht misschien buiten”, zegt hij.
Walid Ouhtit uit Oekraïne staat ook buiten het hek. Hij heeft een tijdelijke verblijfsvergunning, maar die eindigt over twee dagen. Om de dakloosheid voor te zijn, vroeg hij woensdag asiel aan in Ter Apel. Verkeerde dag, dikke pech. Waarom hij niet teruggaat naar zijn opvang? „Dat is drie uur reizen, veel te ver. En uiteindelijk zal ik toch hier moeten zijn om me te melden voor de procedure.”
Noodhulp vanuit Stadskanaal
De burgemeester zei eerder op de dag dat hij hoopte dat er geen tentjes opgezet hoefden te worden. De ervaring leert, zei hij, dat dit de problemen niet oplost maar dat ze er alleen maar groter door worden.
Rond tien uur ’s avonds dreigen er ongeveer dertig mensen de nacht buiten te moeten doorbrengen. De gemeente Stadskanaal heeft dan al aangeboden noodopvang te zullen regelen voor de groep geweigerde asielzoekers. Burgemeester Sloots van Stadskanaal noemde de situatie bij Ter Apel schrijnend. „Als het zover komt dat mensen dreigen buiten door te moeten brengen, nemen wij onze humanitaire verantwoordelijkheid. Wij helpen onze buren”, was zijn reactie aan ANP. Het is nog niet bekend hoe laat de groep naar Stadskanaal gaat. De buurgemeente meldde dat in ieder geval een „veilig pand” is gekozen dat „niet midden in een woonwijk” ligt, en waar zo’n dertig mensen kunnen overnachten.


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/20120110/210526BIN_2033791459_mantelzorg.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/20202042/200526OND_2033885516_FVD.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/20183815/200526ECO_2033884401_Eickhout.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/19162650/190526DEN_2033841427_migratiepact2.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/19223008/190526VER_2033853891_.jpg)


English (US) ·