Een pionier in digitale tijden. Jarenlang een van de best verdienende chief executive officers van Nederland. Niet de eerste, wel lange tijd de enige topvrouw van een AEX-fonds. Ongekend lang, 23 jaar, was ze aan het bewind bij dataleverancier en softwarebedrijf Wolters Kluwer. Nancy McKinstry treedt deze week terug als ceo. Ze stapt daarmee niet uit de schijnwerpers, ze heeft ze nooit gezocht.
Bij de aankondiging van haar vertrek, een jaar geleden, leek ze een onafhankelijk bedrijf achter te laten dat geliefd was bij beleggers. Onder haar leiding boekte het 22 jaar lang voorspelbare resultaten en de beurswaarde steeg tot grote hoogte. McKinstry had Wolters Kluwer (omzet 5,9 miljard euro, 21.000 werknemers) omgevormd van papieren uitgever tot een digitaal powerhouse, dat volledige, vaak deels AI-gedreven analyseer- en beslisgereedschappen voor juristen, medici en financiële professionals levert.
Daar zag het niet naar uit toen Wolters Kluwer na een lange zoektocht met een headhunter in 2003 was uitgekomen bij McKinstry, die al voor het bedrijf werkte. NRC noemde Wolters Kluwer destijds het ‘lelijke eendje van de beurs’ na een periode van winstwaarschuwingen. McKinstry zou het later, terugkijkend, een ‘burning platform’ noemen, een bedrijf in diepe crisis dat een overnameprooi dreigde te worden.
Maar 23 jaar lang stond haar positie niet ter discussie, uitzonderlijk lang voor een ceo bij een groot internationaal beursgenoteerd bedrijf. De gemiddelde tijd dat een ceo een bedrijf leidt, is amper meer dan zeven jaar. Wat heeft zij gedaan, hoe hield ze het 23 jaar vol en wat laat deze als hardwerkend en stoïcijns omschreven topvrouw achter?
voorbeeldfunctieDe harde en bescheiden werker
McKinstry trad aan in een tijd dat er nog veel celebrity-ceo’s waren. Charismatische topmannen die niet schroomden de schijnwerpers op te zoeken met stevige ambities, grote beloftes en een flinke expansiedrift. Ze zochten het podium, sierden voorpagina’s van zakentijdschriften, hielden van televisiecamera’s en kregen betitelingen als overnamekoningen, aandeelhouderskampioenen of botte saneerders.
Tussen dat gezelschap meldde zich deze Amerikaanse, dochter van een onderwijzeres in een plattelandsplaatsje in Connecticut. Ze had gestudeerd (economie en politieke wetenschappen) aan de universiteit van Rhode Island, en later aan de business school van Colombia University. Haar loopbaan was ze begonnen als consultant voor Booz Allen Hamilton en van daaruit was ze overgestapt naar klant CCH, een Amerikaanse leverancier van juridische en fiscale informatie, die in de jaren negentig werd gekocht door Wolters Kluwer.
Bescheiden, wordt ze vaak genoemd. „Ze is niet iemand die de kamer binnenkomt met de uitstraling ‘hier ben ik, ik ben de ceo’. Dat heb ik bij andere ceo’s wel anders gezien”, zegt Frans Cremers, president-commissaris van Wolters Kluwer van 2017 tot 2022.
„Ze is heel down-to-earth, heeft geen allures. Ze wil gewoon de klus klaren”, zegt Annet Aris, buitengewoon hoogleraar aan de Parijse businessschool Insead. „Ze geeft ook het voorbeeld aan haar mensen. Toen ik een keer met het vliegtuig naar Frankrijk reisde, trof ik Nancy achterin de economyclass waar ze op haar laptop een meeting zat voor te bereiden.”
In gesprekken met commissarissen, allemaal voormalig bestuurders van grote ondernemingen, valt steeds het woord ‘hardwerkend’. Opmerkelijk, omdat het voor hen toch heel gewoon zou moeten zijn. Ze heeft een „enorme hyperfocus”, zo wordt gezegd, is „uiterst gedisciplineerd” en heeft altijd „alles tot in detail voorbereid”. „Als je je loopbaan begint bij een grote consultant, leer je het normaal te vinden heel lange dagen te maken en stevig door te werken”, zegt Aris.
McKinstry vertelde zelf in interviews dat ze iedere dag om 6.00 uur opstaat, de Financial Times en The Wall Street Journal leest en thuis stukken voorbereidt voor de vergaderingen op die dag. Ze is om 8.00 uur op kantoor en gaat meestal rond 20.00 uur weg. Over hoe ze ontspande, zei ze vrij weinig. Wel dat ze vroeger vaak ging vissen, maar daar niet meer aan toekwam. Dat ze aan yoga deed om de spieren soepel te houden, maar niet voor de meditatie, en dat ze graag fietste op haar mountainbike of in spinningklasjes. Op zaterdag wandelde ze graag door Amsterdam. Op zondag werkte ze alweer.
Om dat leven vol te houden, maakt ze het ’s avonds niet snel laat. „De commissarissenvergaderingen liepen altijd strak als een klok”, zegt René Hooft Graafland, commissaris bij Wolters Kluwer van 2012 tot 2020. „De presentaties van managers waren keurig georkestreerd, alles was in alle details goed voorbereid. Ik heb een keer voorgesteld om – zoals ik bij Heineken gewend was – de avond voor de commissarissenvergadering samen een diner te hebben om iets informeler over een belangrijk onderwerp te kunnen praten. Nou, we zaten nog niet aan tafel in De l’Europe, of de papieren werden rondgedeeld. Agendapunt één, twee en drie van de volgende dag werden alvast gedaan, met ons bord eten voor ons. Om half negen stonden we weer buiten, mijn chauffeur vroeg of we alleen maar hadden geborreld.”
verandermanagerDe digitale pionier
Toen McKinstry aantrad, was drie jaar eerder de dotcom-zeepbel gebarsten, overspannen verwachtingen waren na de introductie van internet en e-commerce nog niet uitgekomen. In de tussenliggende jaren waren veel internetbedrijven omgevallen of ze hadden hun beurskoersen zien crashen. Google was vijf jaar eerder opgericht en zou pas een jaar later naar de beurs gaan, Facebook bestond nog niet. De iPhone werd pas drie jaar later gelanceerd.
McKinstry zette vanaf het begin een digitale transitie in. Wolters Kluwer behaalde in 2003 nog een groot deel van zijn omzet met de verkoop van papieren producten. Het bedrijf was bekend van schoolboeken, waaronder De Bosatlas, en gaf vaktijdschriften uit als Binnenlands Bestuur en Adformatie. Ook de grote juridische divisie haalde vooral omzet binnen door klappers vol wets- en andere juridische teksten te verkopen. Veel werknemers waren redacteuren, die vaak meer contact hadden met hun auteurs dan met hun collega’s.
In de eerste jaren verkocht McKinstry voor 1 miljard euro aan dochterbedrijven, waaronder uitgevers van schoolboeken. Met de opbrengst kocht Wolters Kluwer bedrijven die beter aansloten bij de strategie. Door reorganisaties gingen in die eerste periode zo’n 1.800 banen verloren. Ze verving een groot deel van het management.
Tegenwoordig komt minder dan 10 procent van de omzet nog uit papieren uitgaven. De helft van de werknemers zijn softwareontwikkelaars en technologen; bij haar aantreden was dat 1 of 2 procent. Zij werken nauw samen met verkopers en marketeers.
Beleggers reageerden heftig op de aankondiging van McKinstry’s vertrek. Het aandeel Wolters Kluwer zakte die dag 14 procent
Wolters Kluwer is bovenal softwareontwikkelaar geworden en zet zijn juridische, medische fiscale en financiële kennis in voor middelen die juristen, artsen en financiële professionals helpen informatie te analyseren en beslissingen te nemen. Veelal met AI.
Annet Aris heeft McKinstry herhaaldelijk naar Insead gehaald om studenten over deze digitale transitie te vertellen. „Toen ze bij Wolters Kluwer kwam, was het een stoffig bedrijf. Zij heeft goed gezien dat het fundamenteel moest veranderen. Ze heeft dat systematisch gedaan, stap voor stap, met een visie voor de lange termijn en strategieplannen voor drie jaar. Het gaf ruimte dat het bedrijf door zijn abonnementen een hele stabiele inkomstenstroom had.”
McKinstry besloot dat Wolters Kluwer jaarlijks 8 tot 10 procent van zijn winst zou investeren in nieuwe of verbeterde producten. Daarnaast deed ze veel overnames. Geen grote en opvallende, maar tientallen kleintjes per jaar – vaak kleine specialistische bedrijven waarmee ze nieuwe technologieën in huis haalde.
„McKinstry heeft meer het adagium: eerst kruipen, dan lopen, en dan rennen”, zegt Cremers. „Er zijn bestuurders die direct alles willen aanpakken en gelijk gaan rennen. Daar heb je vaak helemaal niet het geld en niet de mankracht voor. Dan schiet je voor de maan, maar schiet je ook vaak mis.”
Marry de Gaay Fortman, advocaat en enige jaren managing partner van advocatenkantoor Houthoff, kwam McKinstry geregeld tegen bij avonden van het John Adams Institute in Amsterdam (centrum voor Amerikaanse cultuur in Nederland) en op door haar georganiseerde netwerkbijeenkomsten met topvrouwen. „Ik was vaak verrast als ik haar sprak en zij een inkijkje gaf waar ze mee bezig waren, en hoe zij dachten dat de advocatuur zich zou ontwikkelen. Wat zij schetste als toekomstmuziek, is niet zelden uitgekomen. Zij was daarbij vooral geïnteresseerd in ons. Ze vraagt echt door wat wij doen, wat wij verwachten.”
Wat zij schetste als toekomstmuziek, is niet zelden uitgekomen
Voor de buitenwereld waren de veranderingen bij Wolters Kluwer moeilijk grijpbaar. Maar beleggers waardeerden hoe McKinstry het bedrijf veranderde, weer liet groeien en altijd de beloftes waarmaakte. De marktwaarde van het bedrijf vervijftienvoudigde vanaf haar aantreden tot in 2025. Beleggers reageerden heftig op de aankondiging van haar vertrek. Het aandeel zakte die dag 14 procent. Zoiets zie je zelden als een topmanager met pensioen gaat.
De glijvlucht naar beneden is doorgegaan, de beurskoers is het afgelopen jaar gehalveerd. Bij beleggers zijn – net als bij veel andere softwarebedrijven en dataleveranciers – ernstige twijfels gegroeid of Wolters Kluwer kan concurreren met jonge AI-bedrijven als OpenAI en Anthropic, die met nieuwe producten de ‘experttools’ van het Nederlands bedrijf hevige concurrentie zouden kunnen bezorgen. Aan haar opvolger Stacey Caywood de taak uit te leggen dat Wolter Kluwer zelf een AI-bedrijf is geworden.
onder ceo’sEen Amerikaan in Alphen aan den Rijn
Een hoofkantoor in Amsterdam? Waarom veel geld aan die huur uitgeven? Terwijl bedrijven als Philips, AkzoNobel en Arcadis uit Eindhoven en Arnhem naar Amsterdam verhuisden, besloot McKinstry het hoofdkantoor van Wolters Kluwer van de Amsterdamse Apollolaan naar Alphen aan den Rijn te verplaatsen. Dat scheelde in de kosten. „Dat was echt typerend voor haar”, zegt Peter Wakkie die in 2005 commissaris werd en bleef tot 2017, „en dat vond ik ook wel grappig.”
Zelf woonde McKinstry eerst in Wassenaar, waar haar twee kinderen naar de internationale school gingen. Haar man bleef als arts in een Amerikaans ziekenhuis werken en kwam om de twee weken voor twee weken over. Nadat de kinderen het huis uit waren gegaan en waren teruggekeerd naar de VS, verhuisde ze naar het centrum van Amsterdam.
De Nederlandse ex-bestuurders die commissaris werden bij Wolters Kluwer hadden haar daarvoor nog nooit ontmoet. „Ze zal niet snel je beste vriendin worden, maar je voelt je wel direct bij haar op je gemak”, zegt René Hooft Graafland.
Ze zal niet snel je beste vriendin worden, maar je voelt je wel direct bij haar op je gemak
Ook Jean-François van Boxmeer, topman van Heineken van 2005 tot 2020, kwam haar maar heel af en toe tegen in het circuit van ceo’s. „Soms bij VNO-NCW of in het Concertgebouw. Maar ze heeft er nooit een heel groot sociaal leven op nagehouden als ceo, zoals sommige anderen dat wel doen”, zegt hij.
Hij heeft McKinstry vooral ontmoet bij de European Round Table (ERT), een lobby-organisatie van zestig bedrijven in Brussel, waarvan Van Boxmeer sinds 2022 voorzitter is. Oorspronkelijk waren vooral topmanagers uit de maakindustrie lid, maar met de opmars van de digitale economie traden softwarebedrijven als SAP, Capgemini en ook Wolters Kluwer toe.
McKinstry werd al snel vicevoorzitter. Ze was de enige Amerikaan in de ERT. Van Boxmeer: „Zij kon de divergente Europese en Amerikaanse posities goed verwoorden. Ze deed dat bijna pedagogisch. Voor veel ceo’s die in het trans-Atlantische tijdperk groot zijn geworden, is het vaak onbegrijpelijk hoe de VS en Europa nu uit elkaar drijven.” Binnen de ERT was ze zeer doortastend, stelt hij. „Ze heeft geen harde stem. Ze brult niet. Maar iedereen zwijgt als zij spreekt.”
diversiteitEen stoïcijnse vrouw
McKinstry was lang het enige bewijs dat vrouwen in Nederlandse bedrijven de hoogste positie kunnen bereiken. Pas in 2012 kreeg ze onder de AEX-fondsen gezelschap van Herna Verhagen bij PostNL. Nadrukkelijk koos McKinstry niet voor de rol van boegbeeld. „Ze is geen vrouw van grote statements”, zegt Annet Aris. „Ze heeft haar eigen weg gekozen.”
Ze bewoog zich stoïcijns tussen de mannen, zo wordt gezegd. Binnen Wolters Kluwer voerde ze onderwijl een stevig diversiteitsbeleid, niet alleen gericht op genderdiversiteit, maar ook op afkomst van medewerkers. Dat was, gaf ze aan in interviews, ook niet zo lastig met vestigingen in 122 landen. Teams met een diverse samenstelling zorgen voor meer creativiteit en innovatie, is haar overtuiging.
„Zij heeft avant la lettre ingezet op diversiteit. De hele talentontwikkeling was erop gebaseerd”, zegt Peter Wakkie. Voordrachten voor managementposities stuurde ze terug als er alleen mannelijke kandidaten op stonden. Drie van de vier divisies werden een poos door vrouwen geleid, nu geldt dat voor twee van de tegenwoordig vijf divisies.
Zij heeft avant la lettre ingezet op diversiteit. De hele talentontwikkeling was erop gebaseerd
Lang zag McKinstry het nut van quota niet in. In 2019 maakte ze een draai, in een dubbelinterview met Herna Verhagen in NRC: „Ik geloofde sterk in een meritocratie, en dat vrouwen met de tijd vanzelf in leiderschapsfuncties terecht zouden komen”, zei ze in dat gesprek. Totdat ze besefte dat er weinig vooruitgang was geboekt. „In bestuurskamers hoorde ik mensen nog steeds zeggen dat er niet genoeg gekwalificeerde vrouwen zijn. En dat is gewoon niet waar.”
Waar aan topvrouwen – meestal niet aan topmannen – vaak wordt gevraagd hoe zij een drukke baan combineren met een gezin, heeft zij daar nooit een inkijk in gegeven. „Ze heeft getoond dat topvrouw zijn in zichzelf geen aparte klasse is”, zegt De Gaay Fortman. „Ze heeft me wel eens gezegd dat ze familiewaarden die ze van thuis had meegekregen hoog heeft zitten. Daar heb ik waardering voor.”
beloningenDe vrouw van 200 miljoen
Bij het publiek kwam McKinstry vooral in de aandacht omdat ze in de top stond van de lijstjes met de best beloonde bestuurders in het bedrijfsleven. De Volkskrant rekende een jaar geleden uit, toen ze haar vertrek had aangekondigd, dat ze over haar bestuursperiode meer dan 200 miljoen euro uitgekeerd had gekregen. Door de koersval van Wolters Kluwer is daarvan het afgelopen jaar naar schatting 40 miljoen euro verdampt. Dat komt doordat McKinstry een groot deel van haar bonus in aandelen kreeg, die dus in waarde zijn gedaald. Haar basissalaris was met 1,5 miljoen euro per jaar niet uitzonderlijk hoog in vergelijking met dat van andere ceo’s.
Haar beloningspakket wekte door de jaren heen wrevel bij vakbonden, die zagen dat haar beloning soms tot 157 keer het laagste salaris binnen Wolters Kluwer beliep. In 2020 was het ook veel aandeelhouders te gortig. Op de aandeelhoudersvergadering stemden toen niet genoeg aandeelhouders in met het beloningsvoorstel.
De pijn zat hem in de samenstelling van de vergelijkingsgroep waar vooral Amerikaanse en Britse bedrijven in zaten, waar de beloningen veel hoger zijn dan bij continentaal Europese bedrijven. Lang was de houding van Wolters Kluwer dat je niet moest tornen aan de afspraken die bij haar aantreden waren gemaakt – ook niet als die beloning hoger uitpakt dan bij sommige grotere bedrijven binnen de AEX. Waarom zou je een ceo frustreren die steevast de resultaten levert die ze toezegt?
Maar na het afwijzen van het beloningsvoorstel moesten de commissarissen wel in gesprek met de aandeelhouders. Frans Cremers, toen president-commissaris: „Nancy zag ook in dat we daaraan moesten werken. Ze uit zich daar niet in extremen over, zoals andere ceo’s dat soms wel doen. Ze is heel genuanceerd.”
De langetermijnbonus werd aangepast en de referentiegroep werd ‘Europeser’ gemaakt, waardoor minder grote beloningssprongen in het verschiet lagen. Aandeelhouders toonden zich tevreden. „Het is zeer te waarderen dat McKinstry instemde met een substantiële versobering van haar beloningspakket, terwijl haar prestaties onverminderd sterk waren”, stelt Rients Abma, voorzitter van Eumedion, de vereniging van Nederlandse institutionele beleggers. „Dat zie je niet bij alle bestuurders.”
veteraan23 jaar niet ter discussie
Behalve die ene beloningsrel is de positie van McKinstry 23 jaar lang niet ter discussie gesteld. Activistische aandeelhouders hebben zich, anders dan bij veel andere beursfondsen, bij Wolters Kluwer nauwelijks gemeld. Waarom zouden ze ook?
De commissarissen hebben zich nooit lang afgevraagd of ze aan vervanging toe was. „We hielden goed in de gaten of de reservebank goed gevuld was met potentiële vervangers, en dat was altijd het geval”, zegt Peter Wakkie.
Ze gaf ook nooit het gevoel dat ze dacht dat niemand haar nog iets kon maken, geeft Hooft Graafland aan. „McKinstry bleef altijd openstaan voor vragen en suggesties. Ze doet daar ook echt iets mee, vraagt zich af waar de vraag vandaan komt en komt er later op terug. Dat is knap voor iemand die er zo lang zit. Als iemand een eigen koninkrijkje heeft gebouwd, zeg je als commissaris op een gegeven moment toch dat het gevaarlijk gaat worden.”
Aan haar uithoudingsvermogen hebben commissarissen nooit getwijfeld. Cremers: „Sommige bestuurders worden na een gegeven tijd moe. Andere mensen vinden het gewoon hartstikke leuk en krijgen er energie van. Zij behoort meer tot die categorie.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/24214601/240226VER_2031837042_Iran.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/24193744/240226VER_2031836274_Louvre.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/24185732/240226VER_2031835594_Dutroux.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/21235831/ANP-550886295.jpg)



/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/21174227/220226SPO_2031758667_IJshockey.jpg)
English (US) ·