De roep om compensatie voor hoge benzineprijzen klinkt al in Den Haag. Welke noodmaatregelen heeft het kabinet?

3 uren geleden 1

Is het kabinet doof voor de zorgen over de prijsstijgingen aan de pomp? Dat verwijt van de oppositie was nog geen dag oud of het nieuws kwam op woensdag dat Nederland strategische olievoorraden gaat inzetten om de prijs te dempen. Maar liefst 400 miljoen olievaten brengt een internationale coalitie, waaronder Nederland, de komende tijd op de markt. Een historisch hoog aantal.

Nederland draagt iets meer dan 5 miljoen vaten olie bij, zei minister Stientje van Veldhoven (Klimaat en Groene Groei, D66) woensdag. Dat komt neer op 20 procent van de eigen strategische olievoorraden. Van Veldhoven verwacht dat hierdoor de benzineprijzen dalen, maar durft niet te voorspellen hoe groot dat effect is. De benzineprijzen daalden overigens al licht, ook voordat de maatregel bekend werd gemaakt.

Het nieuws komt op een moment dat het kabinet door de oppositie flink onder druk werd gezet om in te grijpen. Verlaag de brandstofaccijnzen, zeiden partijen van links tot rechts dinsdag in de Kamer tegen staatssecretaris Eelco Eerenberg (Financiën, D66). „Het is huilen bij de pomp”, zei SP-leider Jimmy Dijk. Mensen „betalen zich blauw”, vond Denk-Kamerlid Dogukan Ergin. Roof het Klimaatfonds maar leeg, stelde PVV’er Elmar Vlottes voor. Ook Henk-Jan Oosterhuis van coalitiepartij D66 vond het „niet gek” om te kijken naar lagere brandstofaccijnzen en riep het kabinet op maatregelen te treffen voor „mensen die het het hardste nodig hebben”.

Staatssecretaris Eerenberg reageerde afhoudend. Het kabinet wil de „structurele ontwikkeling” van de olieprijzen afwachten en stelt een brief op waarin opties worden geïnventariseerd. Als blijkt dat het niet nodig is, wil de regering ook geen maatregelen, temperde Eerenberg dinsdag de verwachtingen. De noodzaak om de benzineaccijnzen te verlagen voelde de staatssecretaris duidelijk nog niet. Hoe terecht is dat?

Accijnzen verlagen is ‘heel ineffectief’

Arjan Lejour, hoogleraar belastingen en overheidsfinanciën aan Tilburg University, snapt wel dat het kabinet de boot afhoudt. „We weten niet hoe lang dit gaat duren. De crisis duurt nu anderhalve week. Als over een paar weken beschietingen stoppen, dan is het natuurlijk jammer dat mensen een paar keer extreem hebben moeten betalen. Maar je kan geen beleid maken op basis van dagkoersen.”

Zodra benzineprijzen weer pieken, zegt TNO-onderzoeker Peter Mulder, is de „eerste reflex van burgers en politici altijd om de accijnzen te verlagen”. Het is alleen „heel ineffectief” om lagere inkomens te helpen, bleek uit eerder onderzoek van kennisinstituut TNO waar Mulder aan werkte. Zo’n 200.000 mensen in Nederland komen door stijgende benzinekosten serieus in de knel, zegt hij. En in Nederland rijden wel 9 miljoen personenauto’s rond. „90 procent van de accijnsverlaging slaat neer bij inkomens die het prima kunnen betalen.”

Want, de meeste kilometers worden gereden door Nederlanders met een gemiddeld of hoger inkomen. Hoe rijker je wordt, hoe meer in de auto wordt gestapt. En mensen met een heel laag inkomen hebben niet altijd het geld voor een auto, stelt hij. De groep die je overhoudt, zoals mantelzorgers en mensen die afhankelijk zijn van de auto om naar hun werk te komen, zegt Mulder, kan je beter gericht compenseren.

En dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Een reden dat de politiek snel kijkt naar benzineaccijnzen, zegt Lejour, is dat een aanpassing relatief eenvoudig is. Twee keer per jaar wordt de accijns op vaste momenten gewoonlijk bijgesteld, maar eerder kan ook. Bovendien is het een prettige boodschap om te verkopen: iedereen profiteert ervan mee. Als de hoge benzineprijzen aanhouden, zegt Lejour, ligt een verlaging van de accijnzen voor de hand.

Gerichte compensatie

Een gerichte compensatie voor de benzinekosten voor de laagste inkomens is „op papier” mogelijk, zegt Mulder, maar moeilijk uit te voeren. „De belastingdienst kan mensen identificeren met een laag inkomen, maar hoe weet je dan of iemand ook een auto rijdt?” De belastingdienst kan in principe mensen identificeren met een laag inkomen, en de Dienst Wegverkeer weet hoeveel mensen rijden.” Maar, benadrukt hij, dit soort toeslagen zijn in Nederland ingewikkeld om in te voeren.

Tijdens de energiecrisis in 2022 lukte een noodoplossing wel. Een halfjaar na de inval in Oekraïne kwam het kabinet Rutte IV de laagste inkomens tegemoet met een noodfonds voor energiekosten. „Toen stegen de gasprijzen zo hard, dat veel mensen in schulden dreigden te komen. Dat is nu (nog) niet het geval”, zegt Mulder.

Vergeleken met accijnzen is het noodfonds wel aanzienlijk goedkoper voor de overheid. Het verlagen van benzineaccijnzen, zoals dat bijvoorbeeld in 2024 gebeurde, kostte het kabinet ongeveer 1,5 miljard euro per jaar, het energienoodfonds zo’n 100 miljoen.

Beter zegt, hij, zijn structurele oplossingen zodat kwetsbare huishoudens niet meer afhankelijk zijn van de prijsstijgingen van fossiele brandstoffen. „Sinds Oekraïne is er weinig gedaan om de laagste inkomens door de energietransitie te helpen”, zegt hij. „Nu is het weer paniekvoetbal.”

Wat betreft Mulder kan Nederland beter een Frans voorbeeld volgen. Daar kunnen de laagste inkomens met subsidie elektrische auto’s leasen, zodat ze geen last hebben van schommelende energieprijzen. Volgens Mulder kan met de pakweg 1,5 miljard euro die het kost om de accijnzen te verlagen, een „hele hoop van 200.000” kwetsbaarste inkomens aan een elektrische auto helpen.

Nog niet van de politieke agenda

Mochten de hoge olieprijzen aanhouden, dan lijkt actie van het kabinet onvermijdelijk. Brussel, zo bleek woensdag, wil daarbij niet in de weg staan. Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, gaf EU-lidstaten in een speech alle ruimte om te kijken naar prijsverlagende oplossingen. Lagere belastingen voor elektriciteit, zou de energierekening al kunnen drukken.

Volgende week komen EU-leiders bijeen in Brussel. Energieprijzen en de situatie in Iran staan dan op de agenda. Von der Leyen deed woensdag alvast een voorzetje om Europese maximumprijzen voor gas (prijsplafond) in te voeren. Achter de schermen klinkt dat Nederland daar nog niet warm voor loopt.

Ook Den Haag debatteert volgende week over de economische effecten van de oorlog in Iran. Waarschijnlijk vrijdag brengt het kabinet een brief naar buiten met mogelijke compensatiemaatregelen voor de gas- en olieprijzen. Het debat in de Tweede Kamer is met de dagelijks schommelende olieprijs en tegenstrijdige Amerikaans-Israëlische berichten over het duur van deze oorlog nog ver weg. De wereld kan er volgende week alweer heel anders uitzien.

Lees het hele artikel