De slimme truc van een simpel kevertje: zo weet hij wilde bijen keer op keer te verleiden

10 uren geleden 2

Het leven van de Europese oliekever is bepaald niet eenvoudig. De piepkleine larven moeten een bijennest zien binnen te dringen om te overleven. Daarvoor hebben ze een slimme truc bedacht: ze klonteren samen op een grasspriet en vormen zo een groepje dat op een bloemetje lijkt. Maar nieuw onderzoek laat zien dat dit slechts een deel van het verhaal is.

Eerder onderzoek naar een Noord-Amerikaanse verwant van de Europese oliekever liet zien dat de larven de seksferomonen van een specifieke bijensoort nabootsen. Dat bracht de onderzoekers op een nieuwe vraag. “We vroegen ons af of de Europese verwanten, waarvan de larven zich op planten verzamelen om wilde bijensoorten te verleiden, een vergelijkbare strategie toepassen of een compleet andere vorm van chemisch bedrog gebruiken”, vertelt studieleider Tobias Köllner.

De parasitaire kevers hebben als larve een bijennest nodig. Eenmaal binnen eten ze de eitjes en voedselvoorraad op die eigenlijk bestemd zijn voor de jongen van de bij. Zo kunnen ze zich ontpoppen tot volwassen kevers. Omdat de overlevingskans van een individuele larve bijzonder klein is, legt een vrouwtje duizenden eitjes.

De vrouwelijke Europese oliekever: deze niet-vliegende, zeer giftige kever is moeilijk te missen tijdens een voorjaarswandeling. Ze worden ook wel meiwormen genoemd, omdat ze in het voorjaar verschijnen en de vrouwtjes, die tot 35 mm lang kunnen worden, een gezwollen achterlijf hebben. Foto: Danny Kessler, Max Planck Instituut voor Chemische Ecologie

Bloemengeur als lokmiddel

Om uit te zoeken hoe die larven de bijen zo ver krijgen, werden in het vroege voorjaar oliekevers verzameld in de omgeving van de Duitse stad Jena. Drie weken nadat de kevers paarden en eitjes hadden gelegd, kwamen de larven uit. Vervolgens werd onderzocht welke vluchtige stoffen de jonge dieren afscheiden.

De analyses brachten zeventien verschillende monoterpenoïden aan het licht. Dat zijn geurstoffen die bekendstaan als typische bloemenaroma’s en die sterk doen denken aan de geur van bloeiende pruimen- en kersenbomen. Dat is precies de periode waarin de larven op planten wachten tot wilde bijen langskomen.

Leestip: Glimlach en mensen zullen je vertrouwen: hoe mimicry je eerste indruk bepaalt

Gedragsexperimenten bevestigden dat de geur een belangrijke rol speelt. In een olfactometer kozen bijen vaker voor de geur van de larven dan voor controlegeuren, zelfs wanneer de larven zelf niet zichtbaar waren. De aantrekkingskracht blijkt dus vooral op chemische signalen te berusten.

Ook veldproeven wezen in dezelfde richting. De onderzoekers brachten de bloemengeuren van de kevers aan op wattenstaafjes, waarna ze keken hoe wilde bijen reageerden. Zandbijen vlogen regelmatig af op de punt van het wattenstaafje. De geurstoffen alleen blijken dus al voldoende om potentiële gastheren aan te trekken.

Een bij op een bloem. Verschillende oranje oliekeverlarven hebben zich aan haar lichaam vastgeklampt in de hoop het bijennest binnen te dringen. Daar willen ze zich voeden met bijeneieren en voedselvoorraden voor het broedsel en zich verder ontwikkelen tot een volwassen kever. Foto: Danny Kessler, Max Planck Instituut voor Chemische Ecologie

De larven maken de geur zelf

Daarmee bleef nog een belangrijke vraag over: waar komen die bloemachtige geurstoffen eigenlijk vandaan? Zijn ze afkomstig van planten? Krijgen de larven ze mee vanuit het ei of produceren ze de stoffen zelf?

In zowel de eieren als de volwassen kevers werden geen bloemachtige monoterpenoïden aangetroffen. Genetische analyses brachten uiteindelijk de oplossing. Twee specifieke cytochroom P450-enzymen in de larven produceren de bouwstenen die nodig zijn voor de vorming van de geurstoffen. De larven maken de bloemachtige geur dus volledig zelf aan. De geïdentificeerde enzymen vormen daarmee de sleutel tot deze vorm van chemisch bedrog.

Leestip: Deze eigenwijze kever heeft een ritme van 48 uur. Het is een groot mysterie hoe dat kan

Een onbekende vorm van mimicry

Hoofdauteur Ryan Alam noemt de ontdekking bijzonder. “Deze ontdekking beschrijft een tot nu toe onbekende vorm van mimicry en vergroot ons begrip van hoe parasieten chemische signalen gebruiken om andere organismen te manipuleren.”

Voor het eerst is daarmee aangetoond hoe een dier chemische signalen produceert die de identiteit van een plant nabootsen. Die strategie levert de larven natuurlijk een groot voordeel op. Door een geur na te bootsen die aantrekkelijk is voor veel verschillende wilde bijensoorten, vergroten ze hun kans om een geschikte gastheer te bereiken. Ze zijn daardoor niet afhankelijk van één specifieke bijensoort, maar kunnen een veel bredere groep potentiële gastheren benutten.

Een mooie vondst, maar het onderzoek is daarmee nog niet afgerond. Afdelingshoofd Sarah O’Connor kijkt alvast vooruit: “Ons volgende doel is om de volledige biosynthetische route van deze stoffen te ontrafelen. Daarnaast willen we verwante oliekevers onderzoeken om te begrijpen hoe wijdverspreid deze strategie is en hoe die zich heeft ontwikkeld.”

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Lees het hele artikel