Eerste ‘Matthäus’ door Klaus Mäkelä bij Concertgebouworkest: mooie momenten, weinig gewijde rust

1 dag geleden 2

Bernard Haitink (1929-2021) was 79 toen hij zijn eerste Matthäus-Passion dirigeerde. Hartmut Haenchen (oud-chef van De Nationale Opera) wachtte tot dit jaar, en is 83. Voor de laatste Matthäus-Passion door het Concertgebouworkest onder zijn chef-dirigent moeten we terug naar 1999, toen Riccardo Chailly het er één keer op waagde. Dus historisch is het sowieso, dat Klaus Mäkelä, net dertig en volgend jaar pas echt startend als nieuwe chef dirigent van het Concertgebouworkest, direct zijn tanden zet in het heiligste huisje van het repertoire. Is dat moedig? Overmoedig? Of getuigt het van enthousiasme van een zelfbewuste dirigent?

In Mäkelä’s geval: dat laatste. Zijn eerste uitvoering van Bruckners Achtste symfonie – ook zo’n zwarte piste van het orkestrepertoire – was vorige maand indrukwekkend én liet ruimte voor rijping. Voor Mäkelä’s eerste Matthäus gold, zo bleek vrijdag, hetzelfde. Aan prachtige, dramatische en originele momenten geen gebrek. Nieuwkomersspanning wierp wel een schaduw over de spirituele rust van het geheel. Maar waarom zou een dirigent niet zichtbaar mogen groeien, het publiek in die pelgrimage meenemend? Samen dingen ontdekken is leuk en opwindend. Zo haalt Mäkelä op zijn muzikale ontdekkingsreis ook meteen een stofdoek door het repertoire.

Atletische houding

Het was díe mindset die je vrijdagavond in het Concertgebouw hoorde in het luide welkomstapplaus van de stijf uitverkochte Grote Zaal. Mäkelä heeft zin in het repertoire, en Amsterdam in Mäkelä. Maar ja, Bachs Matthäus is in Nederland zo heilig als de Notre-Dame in Frankrijk. Je zag Mäkelä’s spanning terug in de atletische houding waarmee hij het openingskoor ‘Kommt, ihr Töchter, helft mir klagen’ begon. Klaar voor de start! Het klonk overigens prachtig, in een prettig, dansend tempo. Mäkelä, ook getraind als cellist, weet goed hoe je een melodie uitspint tot een horizon. Wat miste: uitroeptekens.

Bach componeerde de Matthäus voor twee orkesten (hier: twintig musici per groep) en twee koren (van twee maal zestien zangers), tussen wie existentiële vragen – ‘Wie!?’, ‘Wat!?’ – heen en weer kaatsen. Het kinderkoor zweeft er etherisch boven. Zo tikt Bach direct zijn passiepaaltjes in de grond. Maar die wezenlijke vragen vergleden hier rimpelloos, omdat alle aandacht naar de muziek uitging. Soms hoorde je Mäkelä ook tussentijds schakelen: oh nee, toch beter ietsje sneller/langzamer. Dat schaadde de rust.

Het zijn details, waarvan je er in een stuk van twee uur en drie kwartier talloze kunt uitlichten. De koralen (koordelen, gemeentezang) klonken in een vlotte aanpak veelal terloops. De boetvaardige tederheid van ‘Bin ich gleich von dir gewichen’ – na Petrus’ verloochening en de geliefde aria ‘Erbarme dich’ – miste daardoor gloed. Maar ‘Wenn ich einmal scheiden’, hier fluisterzacht onbegeleid gezongen, was juist een hoogtepunt.

Mäkelä tijdens de uitvoering vrijdagavond.

Foto Eduardus Lee

Onaards mooi

Over het Nederlands Kamerkoor en het Nationaal Kinderkoor niets dan goeds. Ze kunnen hun noten dromen en dat hoor je. De ongebalanceerde selectie solisten riep wel vragen op. De gerijpte bas-bariton van Matthew Brook (1959) mist de subtiele finesses – troost, angst, liefde – die de Christusrol verlangt. Evangelist Maximilian Schmitt had het eerste deel nodig om warm te draaien. De intonatie en articulatie van counter Tim Mead (‘Erbarme Dich’, met vioolsolo van gastconcertmeester Daniel Cho) liet wensjes open. Sopraan Julia Lezhneva is in timbre steeds meer een mezzo en of dat bevalt is smaak. Maar hoe ze in ‘Aus Liebe’ vogelvrij boven de zingende houtblazers van het eerste orkest uit zweefde, was onaards mooi.

Al met al: een passie met goede ideeën en mooie momenten, excellente musici en volop vaart, maar met een teleurstellende solistencast en te weinig rust voor diepe ontroering. We wachten af. Volgend jaar bestaat de Mattäus-Passion driehonderd jaar, maar de Nederlandse passietraditie is nog springlevend. En de (nooit besliste) zoektocht naar de ideale uitvoering is daar een wezenlijk onderdeel van.

Lees ook

De dubbeldikke Matthäus-Passiongids: Waar kun je dit jaar gaan luisteren?

Een uitvoering van de Matthäus Passion door de Nederlandse Bachvereniging in de Grote Kerk in Naarden.
Lees het hele artikel