Het kabinet-Schoof was meer dan een politieke zonsverduistering: het taboe op uiterst rechts is weg

2 uren geleden 1

Dick Schoof, demissionair premier, heeft voor zijn allerlaatste ministerraad op vrijdagochtend alle bewindspersonen uitgenodigd. Wat hij van plan is, weten de ministers en staatssecretarissen niet. „Dick kennende zal hij even met een kort woordje bij iedereen stilstaan”, zegt Femke Wiersma (BBB), demissionair minister van Landbouw. „En dat is dan dat.”

Het kabinet dat zoveel kabaal maakte, eindigt in totale stilte. Deze vrijdag is de laatste vergaderdag van het dubbeldemissionaire kabinet-Schoof. Het begon als wankel politiek experiment en eindigde als punchline voor satirici. Van de zestien ministers die op 2 juli 2024 op het bordes stonden, zijn er nog zeven in functie.

Over het nu aftredende kabinet wordt nauwelijks meer gesproken in Den Haag

Nooit eerder viel een kabinet twee keer, maar het lukte dit kabinet. Eerst viel het kabinet over migratie, in juni 2025. Toen stapte de PVV uit het project. In augustus viel het demissionaire kabinet nogmaals, toen was het NSC dat harder beleid tegen Israël wilde. Er werd openlijk ruzie gemaakt door bewindspersonen. De politieke leiders saboteerden het kabinet vanuit de Tweede Kamer. Dick Schoof was de onmachtige premier, die alles zag gebeuren, maar nooit de controle had.

Het kabinet-Jetten treedt op 23 februari aan. Het is een ploeg die in samenstelling (D66, VVD, CDA) en aanpak traditioneler aandoet dan de wilde Schoof-jaren. Alsof Den Haag terug wil keren naar de periode ervoor, het tijdperk van Mark Rutte. Over het nu aftredende kabinet, ooit begonnen door PVV, VVD, NSC en BBB, wordt nauwelijks meer gesproken in Den Haag.

Het is verleidelijk het kabinet-Schoof af te doen als een anomalie in de politieke geschiedenis, een soort politieke zonsverduistering. Toch zijn er drie grote lessen te trekken uit dit tijdperk. De invloed van het kabinet-Schoof reikt verder dan de anderhalf jaar die het kabinet er uiteindelijk heeft gezeten.

Les 1: Kiezerswoede is nog geen beleid

Het kabinet-Schoof was het gevolg van een verkiezing die voor een groot deel over wantrouwen ging. Het tijdperk-Rutte (2010-2024) kwam ten einde en had zeker in de slotfase veel kiezers vervreemd van politiek. Het toeslagenschandaal, en de manier waarop de affaire jarenlang werd toegedekt en gebagatelliseerd, stond symbool voor een systeem waarin politiek en bestuurlijk Nederland de burger was gaan wantrouwen.

Pieter Omtzigt, ex-CDA, beloofde ‘goed bestuur’ en leek met zijn nieuwe partij NSC de grootste te kunnen worden. Maar in de slotfase van de campagne werd NSC (20 zetels) alsnog ruimschoots ingehaald door de PVV (37 zetels). BBB, groot geworden als protestpartij tegen het stikstofbeleid, en de PVV vertolkten eveneens het sentiment van de boze burger. Daarmee hadden drie van de vier regeringspartijen wortels in de kiezersopstand die deze verkiezing naar boven kwam.

Lees ook

Met NSC dreigt ook het gedachtegoed van Pieter Omtzigt te vergaan

NSC-lijsttrekker Eddie van Hijum en NSC-Kamerlid Faith Bruyning delen flyers uit op de Haagse Markt.

Vier rechtse partijen, aangevuld met de VVD, en toch was er geen gezamenlijke probleemanalyse, of een verhaal dat hen bond. De partijen kregen het in het kabinet voor het zeggen over de onderwerpen waar hún kiezers zich zorgen over maakten. BBB kreeg Landbouw, de PVV Asiel en migratie, NSC Binnenlandse zaken.

Maar beleid? Dat kwam er nauwelijks. Het kon ook niet, want het primaat lag niet bij het kabinet, maar bij de vier fractievoorzitters. Die gingen ruziënd en vol wantrouwen en rancune met elkaar om. Ze verdachten elkaar er (niet geheel ten onrechte) van dat de ander het kabinet zou willen laten vallen. En juist het feit dat partijen het voor het zeggen kregen over hún onderwerp, leidde tot profileringsdrang. De (afgezwakte) asielwetten van minister Marjolein Faber (PVV) zijn een zeldzaam concreet resultaat van het kabinet. De wetten maken onder meer illegaal verblijf in Nederland strafbaar, en moeten nog door de Eerste Kamer. Maar de ‘bestuurscultuur’, hét thema van de jaren vóór Schoof, verdween als onderwerp uit beeld.

Les 2: Uiterst rechts is groot, maar niet volwassen

Politicologen zeggen sinds de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 dat Nederland een driestromenland is geworden. Niet langer is er alleen een groot blok op centrum-links en centrum-rechts. Er is nu ook een blijvend blok op radicaal- of uiterst rechts. De betekenis daarvan is immens. Kiezers veranderen van partij, maar bewegen meestal alleen binnen zo’n blok. Uiterst rechts heeft wortel geschoten.

De enorme verkiezingswinst van de PVV (37 zetels) bood de partij een grote kans om voor het eerst in de geschiedenis te laten zien dat uiterst rechts ook in Nederland regeringsmacht kon uitoefenen. In veel Europese landen, zoals Italië, Tsjechië, Hongarije en Finland, was dit al gebeurd.

De rechtse partijen VVD en NSC waren bereid te gaan onderhandelen met Wilders. Dat was een grote breuk met het verleden, toen de PVV altijd werd uitgesloten. Geert Wilders mocht alleen geen premier worden. In zijn plaats werd de partijloze Dick Schoof aangesteld. De echte macht lag bij de vier fractievoorzitters, die een soort tweede kabinet-op-afstand vormden.

Om het experiment te laten slagen, en er een functionerend kabinet van te maken, had Wilders moeten doen wat sommige Europese geestverwanten eerder ook moesten doen: het rechts-populisme laten samengaan met het landsbestuur: One foot in, one foot out, zoals het is gaan heten. Wilders was niet bereid tot besturen, bleek meteen. Al in het allereerste debat, over de regeringsverklaring, beet hij Schoof „slappe hap” toe. Daarna bleef hij het kabinet aanvallen en leek hij juist op zoek naar een voortzetting van de chaos-tactiek die hij zo vaak had toegepast vanuit de oppositie.

De manier waarop Wilders brak met het kabinet, was een exacte kopie van de manier waarop hij in 2004 brak met de VVD: met een ’tienpuntenplan’ waarin hij eisen stelde waarvan hij wist dat ze niet ingewilligd konden worden. Hij wilde niet onderhandelen, merkten de drie andere coalitiepartners, hij leek uit op een breuk.

Lees ook

‘Ik wil dit niet meer’, zei Wilders en liet vervolgens het kabinet vallen

Geert Wilders (PVV) staat de pers te woord. Foto Remko de Waal / ANP

Daarmee is het experiment van uiterst rechts als volwaardige regeringspartij mislukt. De stroming is stabiel groot: PVV, JA21, FVD en de Groep Markuszower hebben samen 42 Kamerzetels. BBB, dat zich steeds meer in deze stroming lijkt thuis te voelen, heeft daarbij vier zetels. Maar een doorbraak naar politieke macht is er na het experiment met het kabinet-Schoof niet gekomen. Dat veroordeelt de twee andere stromingen, die getalsmatig de laatste verkiezingen maar net boven de honderd zetels uitkomen, tot elkaar.

Les 3: De politieke cultuur is blijvend veranderd

In Den Haag is deze dagen goed te merken dat partijen de periode-Schoof willen doen vergeten. Alsof het niet gebeurd is, en het verder een betekenisloos tijdperk was. Maar de blijvende invloed ervan is enorm. De kijk op uiterst rechts is totaal, en misschien wel permanent veranderd. Het mag dan allemaal geen succes zijn geworden, het taboe op regeringsdeelname van uiterst rechts is weg.

Daarbij verschoof het zogenoemde Overton-venster, de min of meer acceptabele context waarbinnen het politieke debat gevoerd wordt. In de periode-Schoof werd duidelijk dat partijen die zichzelf tot het midden rekenen, zoals de VVD en BBB, stijl en retoriek van de PVV gingen overnemen. De VVD was daar in de kabinetten-Rutte een beetje mee begonnen, maar zette dat door. De partij flirt openlijk met het kettingzaag-populisme van de Argentijnse president Milei.

Lees ook

Wat de Argentijnse ‘kettingzaag’-minister te maken heeft met de formatie

Federico Sturzenegger, de Argentijnse minister van Deregulering en Staatshervorming.

BBB kwam bij de Tweede Kamerverkiezingen van vorig jaar met een ‘islamnotitie’, die onder meer pleit voor het beperken van de vrijheid van moslims en voor een verbod op het bidden op straat. Vrijwel alle partijen namen migratie over als belangrijkste verkiezingsthema. Verkiezingswinnaar D66 voerde campagne op migratie en nationale trots. En als het bij de VVD over ‘radicale partijen’ gaat, dan worden meestal linkse partijen bedoeld.

In stijl en retoriek probeert D66-leider Rob Jetten, de aanstaande premier, te breken met het tijdperk van zijn voorganger. Hij wil met zijn minderheidskabinet op zoek naar samenwerking met de oppositie, en zei bewindspersonen in zijn kabinet te willen die verbindend zijn. Hij laat daarmee vooral zien een andere politieke cultuur te willen. Maar de context waarbinnen zijn kabinet aantreedt, is niet los te zien van de afgelopen twee jaar. Het kabinet-Schoof heeft de cultuur én verhoudingen in Den Haag blijvend veranderd.

Lees ook

De baas op papier, maar wat had Dick Schoof te zeggen?

Premier Dick Schoof na afloop van het debat over de val van het kabinet-Schoof.
Lees het hele artikel