Het leven moe

3 uren geleden 1

Kun je gesprekken met dementerende mensen publiceren? Is dat ethisch nog wel verantwoord? Ik herinner me dat er destijds met Gerard Reve fouten zijn gemaakt, hij werd in zijn nadagen geïnterviewd alsof hij nog bij zijn volle verstand was. De schrijver Detlev van Heest doet dezer dagen een nieuwe poging met het boekje Het leven moe (uitgave Hof van Jan), dat negen dialogen bevat met Lousje Voskuil-Haspers, de dementerende weduwe van de schrijver J.J. Voskuil (1926-2008).

Ik begon er met de nodige huiver aan, maar kon uiteindelijk toch tevreden zijn over het resultaat. Lousje, die dit jaar 100 jaar kan worden, is in deze gesprekken nog niet in een vergevorderde staat van dementie, ze kan redelijk adequaat reageren en formuleren. Het boekje wordt daardoor geen verslag van een ontluistering, eerder een laatste terugblik op het leven zonder partner met alle ontgoocheling die daarbij kan horen.

Je kunt goed merken dat het hier gesprekken tussen vrienden betreft. Dat bevordert de intimiteit én de openhartigheid. Van Heest raakte met Han Voskuil bevriend in de laatste jaren van diens leven, daarna bleef hij met Lousje bevriend. Ze streden als het ware zij aan zij zodra er scherpe kritiek kwam op Voskuils oeuvre. Dat merkte Elsbeth Etty, overigens een groot bewonderaar van Voskuils romancyclus Het Bureau, toen zij in een recensie in NRC Handelsblad de postuum verschenen roman Binnen de huid van Voskuil kritiseerde. In het boekje Arme drommels – Kritik der Unvernunft – bundelden ze hun naar NRC Handelsblad en Etty opgestuurde brieven.

Etty had hoofdpersoon Maarten Koning, alter ego van de auteur, gevangene „in een vijandig non-erotisch huwelijk” genoemd. Lousje reageerde in een ingezonden brief: „Ik meen, als echtgenote, het recht te hebben dit te weerleggen. Wij hadden geen vreugdeloos huwelijk. Mijn man had mij, zowel als echtgenoot als als minnaar, alles te bieden waaraan ik behoefte had.”

Aan mij schreef ze in die dagen (ze reageerde trouw op elke stukje dat ik over het werk van haar man schreef): „Ik vind het Han’s mooiste boek.” Zelf zou ik het liever een van zijn mooiste boeken noemen.

Het leven moe blijkt helaas een passende titel van dit boekje, dat geïllustreerd wordt met sfeervolle foto’s van Michèle Baudet van het interieur van het toenmalige grachtenappartement van de Voskuils.

Lousje is negentig als Van Heest tegen haar zegt: „Je klaagt dat je alleen bent en dat er niets meer aan het leven is.”

Lousje: „Ja, het is vreselijk om alleen te zijn. Zonder Han is er niets meer aan het leven.”

„Ik denk dat je gedeprimeerd bent. Misschien heb je een depressie.”

„Waar heb je het over?”

„Je zit in de put.”

„Jij begrijpt níet hoe het is om negentig te zijn. Dat begreep ik natuurlijk ook niet, toen ik zo jong was als jij.”

„Ik kan me er niet in verplaatsen, maar ik wil het graag begrijpen. Jij klaagt dat er niets meer aan je leven is.”

„Zonder Han, ja! Er is niets meer aan het leven.”

Lees het hele artikel