Het Songfestival was vanaf het begin ‘diplomatie in glitterpak’

3 uren geleden 1

Dit waren nou niet bepaald de parels van de samenleving, merkte Eus op bij Eva toen het ging over de relschoppers in Loosdrecht. Hij toonde een filmpje dat hij op social media had gezien waarbij enkele ‘bewoners’ de politie uitscholden en lieten weten dat ze „keihard zouden lachen” wanneer vrouw of dochter van de agenten verkracht zouden worden. Eus was nog mild, ook typeerde hij premier Jetten treffend door op te merken: „Als je er voor iedereen bent, dan ben je er uiteindelijk voor niemand.”

Kortom, het was weer zo’n avond: niet alleen bij Eva maar ook bij Pauw & De Wit werd uitgebreid stilgestaan bij het geweld rondom de azc-protesten. En dat was ook stemmingmakerij van de talkshows, stelde PRO-leider Jesse Klaver. Dat vond ook Jack Mikkers, burgemeester van Den Bosch: de mensen die hij sprak hadden meer zorgen over huizen of energie dan over de opvang. En daar waar het in Den Bosch al enkele jaren goed ging, was geen camera wezen draaien. Aan tafel was alleen Halbe Zijlstra het er niet mee eens. Zonder duidelijke aanleiding of functie mocht hij deelnemen aan het gesprek. Als een onderbuikspreekpop oreerde hij over het probleem van verafstaande culturen en over de noodzaak van het inperken van „de instroom”. Hoewel zijn partijgenoot Mikkers met tegenargumenten en voorbeelden uit de praktijk kwam, bleef Zijlstra vasthouden aan zijn punt. De protesten zouden alleen maar groter worden. De aandacht ervoor, verbeterde Klaver hem.

Econoom Jona van Loenen kwam tussen het gekrakeel door en vertelde hoe hij als tienjarig jongetje van zijn opa had geleerd dat politici verhalen moeten vertellen over de dromen die ze hebben en de weg daarnaartoe. Politici van nu vertelden liever over de nachtmerries die zij zouden proberen te voorkomen. Dat kon toch niet de bedoeling zijn.

Als een onderbuikspreekpop oreerde Halbe Zijlstra over het probleem van verafstaande culturen en over de noodzaak van het inperken van ‘de instroom’

Een mooi idee en je zou willen dat hij gelijk had, maar zo werkt zelfs het Eurovisie Songfestival niet. In een mooie aflevering van Andere Tijden werd teruggegaan naar het ontstaan ervan zeventig jaar geleden en hoe bijzonder sterk het is dat Nederland samen met vier andere landen het festijn dit jaar boycot. Het Songfestival, waar Nederland al direct aan meedeed in 1956, begon als een liedjesevenement van omroepen uit zeven landen, dat vrolijk de politiek buiten de deur wilde houden, maar dat vanaf het begin feitelijk al „diplomatie in glitterpak” was.

Een blik terug in de geschiedenis toont hoe al vroeg boycotwaardige landen genormaliseerd werden. Toen Spanje het festijn organiseerde in 1969, waarbij stemmen opgingen dat dictator Franco het jaar daarvoor de uitslag had gemanipuleerd ten koste van de Britse inzending Cliff Richard, werd de uitzending een schaamteloze promotiecampagne van het land om toerisme te stimuleren. „Imago was belangrijker dan de werkelijkheid”, stelde presentator Hans Goedkoop.

Ook werd Poetin aanvankelijk met veel egards behandeld. Zo werd de inzending van Georgië in 2009 gediskwalificeerd omdat daarin de tekst werd gezongen ‘We Don’t Wanna Put In’, wat iets te veel klonk als ‘We don’t want Putin’. Na de grootschalige Russische invasie van Oekraïne in 2022 waren er veel omroepen die ook zeiden: We don’t wanna Putin.

Israël mocht in 2007 gewoon meedoen met ‘Push the Button’, dat over Iran ging. Waarom Rusland wel is geboycot en Israël door de genocidale oorlog in Gaza niet, legt Andere Tijden uitstekend uit. Ja, Israël nam vorig jaar nog een loopje met de wetten van het Songfestival en manipuleerde toen net als Franco indertijd de uitslag. Maar in plaats van ze uit te sluiten, zijn voor dit jaar de regels gewoon wat aangepast en kan Israël gewoon mee doen. Hopelijk is de uitslag unaniem: Nederland, IJsland, Spanje, Slovenië en Ierland: douze points.

Lees het hele artikel