Twee weken geleden schreef ik hoe toenemende juridische druk de journalistiek bedreigt. Maar de boetes van tienduizenden euro’s die de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) oplegt aan NRC, De Telegraaf, de Volkskrant en het AD voor berichtgeving over afslankmiddelen zijn van een andere orde. Nu perkt de óverheid de journalistiek in, om „ernstige schade” aan de volksgezondheid te voorkomen.
Met deze boetes oordeelt de Inspectie: deze journalistiek mag beschouwd worden als publieksreclame voor geneesmiddelen – en zulke reclame is verboden. Het is een oordeel dat, als het standhoudt bij de rechter, de medische journalistiek in Nederland blijvend zal beknotten. Nadat het nieuws over de boetes dinsdag via Het Financieele Dagblad naar buiten kwam, hebben hoofdredacteuren en journalistieke organisaties er unisono hun afkeuring over uitgesproken.
Vorig jaar legde de IGJ al boetes op aan dagblad De Stentor en tijdschrift Flair voor ervaringsverhalen over afslankmedicatie. Dat gebeurde in relatieve stilte – het viel pas op toen de rechtbank dit voorjaar de boetes in stand hield. En nu: boetes aan vier kranten tegelijk, voor allerlei artikelen. Deze week heerste op de NRC-redactie, naast verontwaardiging, vooral verwarring. „Het is mistig”, zegt chef wetenschap Laura Wismans over de onderbouwing van de boetes. „Ik weet niet wat nu wel mag en wat niet. Maar dit kan een aardverschuiving zijn voor de wetenschapsjournalistiek.”
De Inspectie beboette twee artikelen van de wetenschapsredactie van NRC, die in maart en september 2024 verschenen onder de koppen De nieuwste anti-obesitasmiddelen zijn effectiever dan ooit en Populair afslankmiddel blijkt medicijn met vele talenten. De uitgebreide achtergrondstukken zijn positief van toon. Dat optimisme wordt onderbouwd met studieresultaten, gesprekken met wetenschappers en andere bronnen – het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift Science betitelde de nieuwe anti-obesitasmiddelen als doorbraak van het jaar 2023. Ook kanttekeningen, zoals over bijwerkingen, komen aan de orde. Het zijn artikelen zoals NRC die al decennia over geneesmiddelen schrijft.
Wat is daar mis mee? Van alles, volgens de brief van de Inspectie van 28 juli en het rapport dat eraan ten grondslag lag. Wat precies, is niet helemaal te volgen omdat de Inspectie met één brief de twee NRC-artikelen plus vier artikelen in De Telegraaf beboet, terwijl dat twee afzonderlijke redacties én bedrijven (beide van het Belgische Mediahuis) zijn. NRC weet dus niet hoe hoog de boete is die aan de krant is opgelegd: de gezamenlijke boete bedraagt 132.000 euro.
In het boeterapport voor NRC (en De Telegraaf) wordt elke zin uit de artikelen, elk tussenkopje en elke illustratie, beschreven en gewogen. Over het eerste NRC-artikel: „Bovenaan […] zagen we de afbeelding van een ijshoorntje waarin twee bloemkoolroosjes waren geplaatst alsof het bolletjes ijs zijn.” En zo gaat het pagina’s door, over lettergrootte, over „superlatieven als ‘razend goed’”, over „bijwoorden als ‘erg’ en ‘slechts’”.
‘Dit is wervend’
De acht artikelen van Nederlandse kranten waarvoor de IGJ nu boetes oplegt zijn – op een ontboezeming in De Telegraaf na van columnist Ebru Umar over haar gewichtsverlies – nieuwsverhalen of achtergrondartikelen. (Opvallend: drie van de acht dateren van 8 oktober 2024 en behandelen hetzelfde nieuws, de aangekondigde marktintroductie van afslankmiddel Mounjaro van farmabedrijf Eli Lilly, een concurrent van Novo Nordisk dat Ozempic en Wegovy maakt.)
De Inspectie schrijft keer op keer: dit is „wervend”, wijzend op, in de NRC-artikelen, zinsneden als „een wondermiddel lijkt het wel” of „wat nooit eerder is gezien”. Daarmee overtreden NRC en de andere beboete titels volgens de Inspectie de Geneesmiddelenwet op meerdere punten. Kort samengevat: publieksreclame voor receptgeneesmiddelen is verboden; daarnaast ziet de Inspectie in de journalistieke artikelen (verboden) reclame voor niet-geregistreerde medische toepassingen, en voor geneesmiddelen die nog niet op de markt zijn. Dat alles kan volgens de Inspectie „ernstige schade” opleveren aan de volksgezondheid, onder meer omdat de artikelen mensen zouden aanmoedigen om de medicijnen voor iets anders te gebruiken dan waarvoor ze bedoeld zijn (Ozempic is officieel een diabetesmedicijn); en omdat er tekorten kunnen ontstaan door de toegenomen vraag.
Medische journalistiek gáát juist over experimentele middelen en nieuwe toepassingen, zegt chef wetenschap Laura Wismans – kijk naar de vaccins uit de coronatijd. „Wij schrijven over wat er leeft in de samenleving en in de medische wetenschap. Als deze boetes standhouden, dan kan dat niet meer.”
Het gaat om aanzienlijke bedragen. DPG Media, moederbedrijf van de Volkskrant en AD, kreeg een boete van 72.000 euro voor twee artikelen. Het was ook DPG dat vorig jaar al boetes van in totaal 48.450 euro kreeg opgelegd voor berichtgeving in De Stentor en Flair. Het mediabedrijf is in hoger beroep gegaan bij de Raad van State.
Zelfs medische journalistiek door een wetenschapsredactie is kennelijk bedoeld als reclame, terwijl medische desinformatie online overal te vinden blijft
In de brief aan NRC schrijft de Inspectie een „chilling effect” op de journalistiek te willen voorkomen, maar de boetes hebben dat effect al. De Volkskrant verving dinsdag in meerdere artikelen de merknaam Ozempic door ‘afslankmedicijn’, en haalde het beboete artikel (een nieuwsbericht over een wetenschappelijke studie) dinsdag offline. Dat laatste besluit is woensdag weer teruggedraaid. „Omdat we de uitspraak principieel onjuist vinden”, aldus hoofdredacteur Pieter Klok.
NRC neemt geen enkele maatregel. Adjunct-hoofdredacteur Clara van de Wiel: „De twee artikelen zijn hartstikke gedegen. Hier zou de overheid zich niet mee moeten bemoeien. Wat kan je nog wel schrijven?” Maar de juridische afdeling van Mediahuis adviseerde NRC al om voortaan „uiterst voorzichtig” te zijn bij het schrijven over deze afslankmedicatie. Huisadvocaat Oskar Mulder: „We moeten ons niet bang laten maken. Maar puur juridisch achten we het risico op een boete vanaf nu heel hoog bij berichtgeving over deze middelen. Dit is geen bedrijf dat een civiele rechtszaak aanspant, dit is de toezichthouder.”
Principiële afslag
Wat „voorzichtig zijn” inhoudt, weet niemand. Eerdere boetebesluiten zijn niet openbaar, en de IGJ hanteert geen vaste richtlijnen om te bepalen wanneer journalistiek overgaat in reclame. De Inspectie beoordeelt artikelen individueel, en weegt niet mee dat diezelfde kranten ook schrijven over bijwerkingen of medicijntekorten. Elk artikel dat is verschenen of nog moet verschijnen en positief getoonzet is, kan een boete opleveren.
In ieder geval heeft de toezichthouder een principiële afslag genomen: dát medische journalistiek beschouwd kan worden als geneesmiddelenreclame.
Dat is grotendeels onontgonnen terrein. De Inspectie wil niet kwijt hoe vaak er al boetes voor zijn uitgedeeld (er was er in ieder geval één voor een artikel over een middel tegen kaalheid op nieuws-en-clickbaitsite Metro, van Mediahuis) en er bestaat nauwelijks jurisprudentie. Het Flair/De Stentor-vonnis van afgelopen voorjaar verwijst naar het Damgaard-arrest uit 2009 van het Europese Hof, over een Deense journalist die op zijn eigen website over alternatieve geneeskunde uitlegde waar een bepaald rozenbottelmiddel tegen jicht nog te koop was, terwijl hij daar zelf niet aan verdiende. Dat arrest leverde de onderbouwing waarom journalistiek als geneesmiddelenreclame beschouwd kán worden.
Toenmalig minister van Medische Zorg Pia Dijkstra was er in mei 2024 stellig over toen ze Kamervragen van NSC beantwoordde naar aanleiding van drie artikelen in De Stentor over afslankmiddelen (één ervan, over Johan die 186 kilo woog en vertelde hoe hij afviel, is later door de IGJ beboet). „Bewuste of onbewuste aanmoediging van het gebruik van een geneesmiddel is verboden”, schreef Dijkstra, verwijzend naar de reclameregels in de Geneesmiddelenwet. „Dit geldt […] ook voor bijvoorbeeld influencers en journalisten.”
Natuurlijk kan kritiekloze, ronkende berichtgeving over een geneesmiddel schadelijk zijn – journalisten horen daar zorgvuldig mee om te gaan. Maar: verboden reclame? En daardoor een gevaar voor de volksgezondheid? 186-kilo-Johan vertelt over zijn positieve ervaringen, maar het artikel behandelt ook de medicijntekorten en alternatieven die op de markt zijn en komen. Op 18 maart 2025 legde de Inspectie aan DPG de genoemde boete van 48.450 euro op voor dat artikel en dat in Flair – een boete die uiteindelijk in april 2026 bij de rechter standhield. De kern van die uitspraak: beide artikelen waren „bedoeld” om het voorschrijven of het gebruik van de medicijnen te bevorderen.
Dat is ook de basis van de boetes die nu tegen NRC en de andere kranten zijn uitgevaardigd. Zelfs medische journalistiek door een wetenschapsredactie is kennelijk bedoeld als reclame, terwijl medische desinformatie online overal te vinden blijft. Als dat oordeel standhoudt voor de rechter, zijn de gevolgen voor de journalistiek niet te overzien.
Illustratie Mart Veldhuis


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/23213718/230826VER_2036133659_FeyenoordCambuur.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/21103803/240826OPI_2036100418_westbank.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/06090734/210826WEE_2035635366_WEB_HEADER_ILLU_Floor-Rusman-7_Referentiekaders_Kwennie-Cheng.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/19093534/210826BIN_2035762612_Summermaxxing-WEB.jpg)
English (US) ·