Nergens is de datadenterdichtheid zo hoog als in noordelijk Virginia. ‘Er is geen ontkomen aan. Wanneer zijn er genoeg?’

13 uren geleden 1

Als Amber Hudson (35) over het gaashek van haar kleine achtertuin zou klimmen, tien stappen de heuvel op zou zetten en het stevigere hek van haar nieuwe achterbuur zou trotseren, . De kale boompjes die ertussen staan doen niets om het „lelijke” raamloze blok aan het zicht te onttrekken, laat staan dat ze een geluid tegenhouden. „Het constante gezoem van de ventilatie en generatoren is nog niet zo hinderlijk”, zegt Hudson. „Maar het bouwlawaai, het verkeer!”

Een gesprek bij het huurhuisje in Manassas waar ze woont met haar vier kinderen, herdershond en kat, wordt continu overstemd door ronkende vrachtwagens die vaak luid piepend . „Van vijf uur ’s ochtends tot s avonds laat, ook op feestdagen”, zegt ze. „Het houdt nooit op.”

Toen ze hier in 2024 kwam wonen, wijst Hudson, „konden de kinderen van de heuvel sleeën”. Niemand had haar gewaarschuwd voor de bouw van het datacenter. Ze somt de gevolgen op. „Er komen allemaal wilde dieren op ons af” omdat hun ecosysteem is verstoord. Niet de schattige witstaartherten die hier in de staat Virginia thuishoren, maar vooral veel slangen zijn in haar richting gevlucht. In de bloedhete zomer raakten de airconditioners van haar en haar buren verstopt door de hoeveelheid bouwstof die er in terechtkwam. Bovendien valt de stroom steeds vaker uit.

Was Hudson, achteraf gezien, hier liever niet naartoe verhuisd? Ze trekt een berustende glimlach. „Het maakt niet uit waar je in dit deel van het land gaat wonen, die dingen staan overal tegenwoordig. Er is geen ontkomen aan. Zeker rond armere wijken zoals deze, waar mensen niet de middelen hebben om zich te verzetten.” Ze zucht. „Ik vraag me wel af, waar houdt het op? Wanneer zijn er genoeg datacenters?”

Amber Hudson.

Amber Hudson.

Foto Emilie van OUteren

Megalomane datacenterprojecten

Manassas, bekend van twee grote veldslagen uit de Amerikaanse Burgeroorlog, ligt op drie kwartier rijden van de hoofdstad Washington. is de datacenterdichtheid zo hoog als in het noorden van Virginia. De nabijheid van de overheid, met name het Pentagon, geweldige digitale infrastructuur, relatief lage energieprijzen, weinig regels én speciale belastingvoordelen maken dat de meeste centers hier geclusterd zijn. Met de huidige ontwikkeling van kunstmatige intelligentie (AI) is de server-, land- en elektriciteitshonger van technologiebedrijven niet te stillen en worden het er steeds meer.

De groei van datacenters wordt meestal niet gemeten in de vierkante meters die ze in beslag nemen, maar in de hoeveelheid elektriciteit die ze opslurpen. Die zal in de Verenigde Staten komende vijf jaar meer dan verdubbelen (een toename van 133 procent), naar 246 terawattuur (TWh) het Internationaal Energieagentschap. Op dit moment nemen datacenters 4 procent van het totale energieverbruik in de VS voor hun rekening, in de staat Virginia ruim een kwart .

Twee satellietfoto’s van het gebied rond Ashburn, Virginia, uit  2002 (boven) en november 2025 (onder).

Twee satellietfoto’s van het gebied rond Ashburn, Virginia, uit 2002 (boven) en november 2025 (onder).

Foto Alex Pigman/AFP

Amazon, Google, Meta, Microsoft en xAI overtoepen elkaar met het ene megalomane datacenterproject na het andere. Met volle steun van president Donald Trump.

„Simpel gezegd: ‘‘!”, staat er in het ‘AI-actieplan’ dat het Witte Huis in juni publiceerde. Om de internationale wedloop van met name China te winnen moeten de Verenigde Staten „er alles aan doen om de wereldleider te worden op het gebied van kunstmatige intelligentie”. Daarbij moet van Trump veel regelgeving worden afgeschaft.

De Amerikaanse economie draait nu op die wedloop. Harvard-econoom (en voorheen de belangrijkste economische adviseur van president Obama) Jason Furman becijferde dat 92 procent van de nationale economische groei in de eerste zes maanden van 2025 voortkwam uit de ontwikkeling van datacenters en microchips. Dat betekent niet dat de Amerikaanse economie zonder kunstmatige intelligentie stil zou staan, maar dat AI alle investeringen uit de markt zuigt.

Het maakt niet uit waar je in dit deel van het land gaat wonen, die dingen staan overal tegenwoordig

Tegelijkertijd broeit lokaal en landelijk steeds meer verzet tegen de datacenters. Vooral hier in het dichtbevolkte, relatief welvarende noorden van Virginia. Democraten wonnen in november lokale verkiezingen door er campagne tegen te voeren. Ze ageren tegen de betonnen dozen die het landschap verpesten en vooral tegen hun tomeloze elektriciteitsbehoefte, die de energierekening van gewone mensen opdrijft

Affordability – betaalbaarheid van het levensonderhoud – kan komend jaar tijdens de tussentijdse verkiezingen voor het Congres hét verkiezingsthema worden. Dat thema gaat, mede door een afkeer voor Trumps bromance met bigtechmiljardairs en het schrappen van duurzame energieprojecten, op veel plekken in het bijzonder over datacenters.

Bewoners in opstand

Hudson en haar buren moeten ondergaan dat hun wijkje aan drie kanten omsingeld wordt. In het deel van het district waar zij wonen, kunnen op elk stukje grond datacenters herrijzen. Een populair tuincentrum sluit deze maand na een van een projectontwikkelaar. is dat , waar in de zomer concerten georganiseerd worden, als volgende aan de beurt is. Zo verdwijnen plekken die belangrijk zijn voor de gemeenschap en komen er beton, kabels en lawaai voor terug die geen lokale waarde hebben. 

In het naburige Gainesville zijn bewoners wel in opstand gekomen. Met succes. In augustus gaf een rechter hun gelijk dat de county de eigen procedures niet goed volgde toen die het lokale bestemmingsplan wijzigde van landbouw en bewoning naar commercieel gebied. Toen dit complex in 2022 werd aangekondigd, zou het met bijna negen vierkante kilometer (2.200 hectare) het grootste datacomplex ter wereld worden, maar inmiddels zijn er elders al verschillende in aanbouw die een nog grotere voetafdruk krijgen. 

De plannen om tussen het Nationale Park van het Manassas Battle Field en een staatsbos 37 datacenters te bouwen, met nieuwe hoogspanningsmasten en opslag voor diesel voor de generatoren, ligt stil tot het hoger beroep is uitgevochten. Het kreeg nationale aandacht toen de bekende historische documentairemaker Ken Burns waarschuwde voor de „verwoestende” bedreiging voor deze „heilige grond” – en toeristische attractie. 

Roger Yackel (74) woont vlakbij het staatsbos. In een gated community – met country club, zwembad, 18-holes-golfbaan, het hele pakket. De huizen, met twee of drie slaapkamers, kosten er bijna 8 ton. Yackels achterbuurvrouw net buiten het hek heeft er voor gekozen haar boerderij en grond te verkopen aan het megaproject dat hier zou moeten verrijzen. Hij vreest dat hij straks 300 meter verwijderd van een 25 meter hoog betonblok woont. 

Koelventilatoren op het dak van een datacenter van Ashburn, Virginia, op 12 november 2025

Koelventilatoren op het dak van een datacenter van Ashburn, Virginia, op 12 november 2025

Foto ANDREW CABALLERO-REYNOLDS/AFP

Yackel is gepensioneerd chemicus. Hij heeft („zonder AI te gebruiken – niet bewust althans, je weet het niet meer met de zoekmachines”) een dubbelzijdig A4’tje met potentiële problemen opgesteld: landschapsvernietiging, geluidsoverlast, verbruik van fossiele brandstof, druk op het stroomnet, verkeerschaos, gevolgen voor het grondwater en dierenleed. „Dit is een belangrijk habitat voor een bedreigde vleermuis.” 

Hij noemt ook het risico dat die hele kunstmatige intelligentie een zeepbel blijkt te zijn. Wie tegen de bouw van datacenters is wordt soms vergeleken met de mensen die zich tweehonderd jaar geleden verzetten tegen de aanleg van het spoor in de VS: idioten in opstand tegen het onontkoombare. „Misschien denken politici dat we, qua technologie en defensie China voor moeten blijven, en dat dit de Amerikaanse economie ten goede komt omdat AI een ongelooflijke boom veroorzaakt wordt. Maar we weten helemaal niet of het nuttig is om er duizenden miljarden in te steken”, zegt Yackel.

Roger Yackel.

Roger Yackel.

Foto Emilie van Outeren

Rondrit langs datacenters

Zijn blokje met ‘voordelen’ is kort, laat hij zien als hij in zijn elektrische auto stapt om een rondleiding te geven langs alle al bestaande en geplande datacenters in Gainesville. „Belastingopbrengst” is de belangrijkste reden dat lokale politici in Virginia maar projecten blijven goedkeuren. Zodra de grond is toegeschreven aan een datacenter, is de belasting per vierkante meter hoger dan voor bewoning, landbouw of andere bedrijvigheid. „Maar voor de banen hoeven we het niet te doen, die zijn er vooral in de bouwfase. Daarna kunnen ze met een handjevol mensen zo’n centrum bemannen.” Bij de meeste datacenters draaien tien tot dertig mensen diensten.

Tijdens de rondrit door glooiende heuvels, bossen en industrieterrein, zijn vrijwel altijd hijskranen zichtbaar. Dichterbij gekomen blijken die zonder uitzondering voor datacenters actief te zijn. Tientallen zijn er in Gainesville en Manassas af of in aanbouw. Dat is nog minder dan in het noorderlijker Ashburn, bijgenaamd Data Center Alley. Allemaal ogen ze hetzelfde: grijs, beige en wit, met soms een streepje blauw op de raamloze gevel. „Geen klein bedrijf kan concurreren met de grondprijzen die datareuzen betalen, laat staan dat er betaalbare woningen gebouwd worden”, moppert Yackel.

Hij vindt Trump vreselijk, maar lokaal zijn de Democraten wat hem betreft net zo schuldig aan deze situatie als Republikeinen. Ze werkten samen om techgiganten en projectontwikkelaars te lokken met belastingvoordeel dat de lokale opbrengst tenietdoet. In deze county stemden juist leden van de linksere partij voor het datacomplex dat hij probeert tegen te houden. De in november gekozen gouverneur „durfde de hele campagne geen slecht woord over datacenters te zeggen. Uit angst dat Meta en Google geld in de campagne van haar tegenstander zouden pompen”. Pas in haar overwinningstoespraak zei Abigail Spanberger dat datacenters meer moeten betalen voor de druk die ze op het elektriciteitsnet leggen. Het is afwachten of de Democraten, nu ze op alle drie de niveaus in Virginia weer de macht hebben, de datacenters ook maar enigszins aan banden gaan leggen.

Ondertussen neemt het verzet ook toe onder mensen die niet in de categorie nimby (not in my backyard) vallen. Door de grote investeringen die het monopolistische elektriciteitsbedrijf in Virginia moet doen om alle datacenters te voorzien, stijgen de energierekeningen van álle inwoners van de staat. Op sommige plekken heeft de komst van datacenters tot een prijsstijging van 267 procent geleid, blijkt uit een analyse van Bloomberg. De verwachting is dat iedereen in Virginia, waar de rekeningen de afgelopen jaren al flink stegen, de komende twee jaar 20 dollar per maand meer moet gaan betalen. „Voor sommige mensen is dat heel veel geld”, zegt Yackel.

Amber Hudson heeft haar energierekening al zien oplopen. „Voor mijn scheiding woonde ik in een vrijstaand huis met vier slaapkamers en was mijn energierekening lager dan voor dit veel kleinere huis.”

Zelf maakt ze ook heus weleens gebruik van AI, streaming en sociale media, maar volgens Hudson bewijst dat niet het nut van het datacenter in haar achtertuin. Dat is niet van een van de Big Tech bedrijven wier producten ze kent en gebruikt, maar van een tussenpersoon in digitale infrastructuur met verschillende klanten. Hudson: „Het gerucht gaat dat in dit specifieke gebouw onder andere servers van (pornosite) Pornhub draaien.”]

De journalistieke principes van NRC
Lees het hele artikel