Oscarwinnende componist Alexandre Desplat over zijn filmmuziek: ‘Ik wil muzikaal niet spiegelen wat je al op het doek ziet’

2 dagen geleden 3

Bij het verlaten van de dirigentenkamer in De Doelen waar het interview plaatsvindt, speelt de Franse filmcomponist Alexandre Desplat (1961) nog snel een paar akkoorden op de piano die er staat. Eerder neuriede hij het bekende thema van Jurassic Park (1993), gecomponeerd door zijn muzikale idool John Williams. Na het zien van sciencefictionavontuur Star Wars (1977), met iconische muziek van Williams, besloot Desplat dat hij ook filmcomponist wilde worden. „Het was altijd mijn droom om in Hollywood te werken, met zijn vele geniale filmcomponisten”.

Na het voorzingen van het thema vertelt de aimabele Desplat hoe hij Williams’ memorabele melodie in zijn score van Jurassic World Rebirth (2025) – het zesde vervolg op Jurassic Park – kort citeert, maar er vervolgens zijn eigen stempel op drukt door het thema te transformeren. Met een glimlach op zijn gezicht zingt hij zijn eigen melodie, die een heel andere kant opgaat, met een andere maatsoort en ritmische accenten.

Het is duidelijk: muziek zit Desplat, die met zijn gevarieerde scores veel prijzen won, in zijn bloed. Hij houdt van het geluid van een symfonieorkest („het windt mij op”), maar is ook een groot liefhebber van jazz, bossanova en muziek uit andere delen van de wereld. Zijn vader was dol op de Egyptische zangeres Oum Kalthoum, zijn Griekse moeder bracht hem een liefde voor Griekse muziek bij, met name van componisten als Theodorakis en Hadjidakis. In zijn scores voor Syriana (2005) en Argo (2012) gebruikt hij instrumenten als de ney (een rietfluit) en de kemenche (een snaarinstrument).

Oscargala

De aan conservatoria in Parijs en Londen opgeleide Desplat is in Nederland om er concerten te geven met het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Twee avonden lang viert hij de muziek die hij componeerde voor Britse en Amerikaanse films: muzikale hoogtepunten uit zijn carrière die in 1992 in Frankrijk begon. Zijn sensibele soundtrack van Girl with a Pearl Earring (2003) zette hem internationaal op de kaart. Hij komt net uit Los Angeles, waar hij het Oscargala bijwoonde. Zijn opvallend melodieuze muziek voor de nieuwste Frankenstein-adaptatie van Guillermo del Toro viel buiten de prijzen. Maar niet getreurd, hij heeft al twee Oscars op de schoorsteenmantel staan: voor zijn soundtracks van The Grand Budapest Hotel (Wes Anderson, 2014) en The Shape of Water (Guillermo del Toro, 2017). Anderson en Del Toro zijn regisseurs met wie hij vaker werkt en bij wie hij twee kanten van zijn persoonlijkheid kwijt kan. Speels, inventief en excentriek voor Anderson, romantisch, lyrisch en intiem voor Del Toro.

Om niet verveeld te raken, wisselt Desplat het liefst scores af, van grote blockbusters als Harry Potter and the Deathly Hallows tot de ‘kleinere’ en intiemere films van zijn landgenoot Jacques Audiard. Even makkelijk wisselt hij van stijl en register. Muziek is voor hem vooral klankkleur, met specifieke timbres voor specifieke muziekinstrumenten: een sensuele fluit (zijn eigen instrument) of de heldere klank van een trompet, het instrument dat hij als kind bespeelde. Pas als hij besloten heeft welke timbres voor zijn gevoel bij een film passen, gaat hij melodieën componeren. Desplat doet alles zelf: hij componeert aan de piano, orkestreert zijn eigen composities en dirigeert ze bij de opnames.

De filmmuziek die hij vrijdag- en zaterdagavond in De Doelen ten gehore brengt, speelde hij al in diverse landen met diverse orkesten. Een opname (‘Paris – Hollywood’) met het Orchestre de Paris is uitgebracht op cd en dvd. Waarom deze selectie?

Desplat: „Samen met mijn vrouw en muzikale partner Solrey [koosnaam voor violiste Dominique Lemonnier, red.] heb ik een programma samengesteld dat gevarieerd en hopelijk niet saai is, oud en nieuw werk afwisselt en voor liefhebbers van mijn soundtracks ook herkenbaar is. Het programma focust op mijn werk in Hollywood. Sommige scores, zoals mijn muziek voor Wes Anderson-films, zijn geschreven voor kleinere ensembles, dus die vielen af. Alle muziek die nu gespeeld wordt, is opnieuw door mij georkestreerd voor een grote orkestbezetting.”

Hoe ziet u de rol van muziek in een film?

„Filmmuziek componeren is een apart vak. In mijn muziek probeer ik alle elementen uit een film te integreren: de dramaturgie – de emoties van punt A naar Z – , de psychologische onderstroom van het verhaal, het spel van de acteurs. Daarbij is contrapunt voor mij heel belangrijk, ik wil muzikaal niet spiegelen wat je al op het doek ziet. Contrapunt gaat in tegen de verwachtingen van het publiek en dat creëert een spanning die goed werkt.

„Zelfs na honderd jaar filmmuziek kunnen componisten nog vernieuwende muziek schrijven die artistiek uitdagend is, muzikaal en dienstbaar aan de film. Ik raad beginnende filmcomponisten altijd aan álles te bestuderen: filmgeschiedenis, muziekgeschiedenis, kunstgeschiedenis, literatuurgeschiedenis. Ze moeten musea bezoeken maar vooral de geschiedenis van filmmuziek kennen. Waar staan we in de historie van deze kunstvorm en waarom?”

Uw keuze voor een bepaald instrumentarium is vaak verrassend, hoe kiest u die?

„Ik zet doelbewust de traditie voort van filmcomponisten als Alex North, Jerry Goldsmith en Bernard Herrmann. Vooral Hermanns keuze voor een afwijkend instrumentarium is inspirerend. Bij elke film moet je een muzikale stem vinden. Bij The Shape of Water wilde ik graag twaalf fluiten en een Fender-piano gebruiken om een ander geluid te creëren. In Wes Andersons Isle of Dogs (2018) combineer ik meerdere saxofoons met een koor, en dat werkt wonderwel voor deze stop-motion animatiefilm. In The Grand Budapest Hotel hoor je mandolines en Centraal-Europese instrumenten als de balalaika en de cimbalom. Het geeft mij plezier maar het klopt ook voor een film die zich afspeelt in een soort vooroorlogs Oost-Europa.”

Relatief aan het begin van zijn loopbaan werkte Desplat met de Nederlandse regisseur Marleen Gorris („een fijne samenwerking”) voor haar film The Luzhin Defence (2000). „Ik houd van die film. Het was de eerste keer dat ik met het London Symphony Orchestra werkte en het was bovendien mijn eerste score met lyrische liefdesmuziek. Ik zou graag meer liefdesverhalen van muziek voorzien, maar die zijn tegenwoordig helaas dun gezaaid”.

Lees het hele artikel