De dreiging van het vermeende nucleaire programma van Iran vormt een belangrijke reden voor de Verenigde Staten om het land aan te vallen. Donald Trump en zijn medewerkers beweerden de afgelopen tijd dat Iran zijn nucleaire programma hervat had, dat het binnen enkele dagen een kernbom in elkaar zou kunnen zetten en dat het werkt aan langeafstandsraketten.
Hoe staat het nucleaire programma van Iran er in werkelijkheid voor? The New York Times voerde een factcheck uit op bovenstaande beweringen en kwam tot de conclusie dat alle drie de uitspraken onjuist of onbewezen zijn.
Het is waar dat Iran het werk hervat heeft op sommige plaatsen die in beeld zijn bij Amerikaanse inlichtingendiensten. Maar Trump overdrijft de nucleaire dreiging. Regeringen, inlichtingendiensten en atoomwaakhonden hebben geen bewijs gevonden dat Iran actief pogingen onderneemt om de verrijking van uranium te hervatten of dat het aan een kernbom werkt.
Dat Iran binnen enkele dagen zo’n bom zou kunnen bouwen, is onwaarschijnlijk: het al verrijkte uranium ligt na de Israëlisch-Amerikaanse aanvallen van juni vorig jaar diep onder de grond . Ook de claim over de langeafstandsraketten is overdreven. Iran beschikt over raketten die de 1.500 kilometer naar Israël kunnen overbruggen, maar niet de 8.000 kilometer naar Alaska of de 9.400 kilometer naar de Amerikaanse oostkust.
In onderstaande video is te zien dat de Sahand University in Tabriz wordt aangevallen. De video is geverifieerd door NRC.
Terugtrekking uit atoomakkoord
In 2018 trok Trump de stekker uit het nucleaire akkoord met Iran, het Joint Comprehensive Plan of Action (JPCOA), dat in 2015 met president Barack Obama was gesloten. In ruil voor het opheffen van economische sancties werd toen afgesproken dat Iran zijn nucleaire activiteiten zou beperken. Trump trok zich hier eenzijdig uit terug omdat het akkoord wat hem betreft niet deugde, en hij legde het land nieuwe sancties op.
Iran hield zich hierna nog wel aan de afspraken, in de hoop dat Europa de economische voordelen van de deal overeind zou houden. Toen dat niet gebeurde, ging het land meer uranium verrijken. Volgens de rapporten van het atoomgenootschap van de VN, de International Atomic Energy Agency (IAEA), breidde Iran in 2020 zijn uraniumvoorraad verder uit en zette het geavanceerdere centrifuges in, waardoor de grenzen van het JCPOA werden overschreden.
Iran benadrukt zelf vooral het belang van uraniumverrijking voor medische toepassingen. Verrijkt uranium wordt gebruikt bij de productie van medische isotopen: radioactieve stoffen die worden gebruikt bij scans en kankerbehandelingen. Door sancties had Iran jarenlang moeite om medicijnen te importeren, waardoor het land meer nadruk ging leggen op eigen productie.
Tegen NRC zei Iran-kenner Peyman Jafari onlangs dat dit waarschijnlijk niet de belangrijkste reden is waarom Iran uranium verrijkt. Voor medische toepassingen is vooral laagverrijkt uranium nodig, terwijl Iran ongeveer vierhonderd kilo uranium had verrijkt tot 60 procent — een niveau dat veel dichter ligt bij de verrijkingsgraad die voor kernwapens nodig is.
De regering-Trump gebruikt de reëel bestaande onduidelijkheid over het atoomprogramma om de dreiging ervan uit te vergroten. Daarbij spreken Amerikaanse regeringsfunctionarissen elkaar geregeld tegen. The New York Times vergeleek Trumps State of the Union-toespraak van deze week met 2003, toen zijn voorganger George W. Bush beweerde dat Irak in Afrika naar uranium had gezocht. Dat bleek later onjuist te zijn.
Liveblog Aanval op Iran
Trump wil ‘regime change’ in Iran, Netanyahu spreekt van aanval tegen ‘existentiële bedreiging’


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/28210811/IRAN-CRISIS-BLAST_73225988.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/28161658/280226VER_2031934727_DemoMalieveld3.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/28170228/280226DEN_2031933699_Jetten.jpg)


English (US) ·