85 procent van de Nederlanders heeft niet goed geregeld wat er na hun dood met hun digitale gegevens moet gebeuren. Zeven op de tien Nederlanders heeft hier zelfs nog nooit over nagedacht. Nabestaanden krijgen daardoor te maken met schrijnende situaties, zoals foto’s, afscheidsbrieven en andere gegevens die plots ontoegankelijk zijn. Daarvoor waarschuwt de Alliantie Digitaal Samenleven, een samenwerkingsverband van diverse gemeenten, overheden en maatschappelijke organisaties.
De alliantie wijst al sinds 2024 op het gevaar van ronddwalende, ontoegankelijke data. Wat de organisatie betreft, moet Den Haag nu gaan zorgen voor nationaal beleid op het thema. Die boodschap lijkt te zijn aangekomen: deze woensdag stond het onderwerp op de agenda van de Commissie Digitale Zaken van de Tweede Kamer.
Beter beveiligd
De afgelopen jaren zijn digitale apparaten en diensten dankzij technieken als gegevensversleuteling, tweestapsverificatie en gezichtsherkenning steeds beter beveiligd. Maar daarbij ontstaat een nieuw probleem: wanneer degene die de inloggegevens heeft er niet meer is, kunnen nabestaanden niet zomaar bij diens gegevens.
„Burgers laten grote hoeveelheden persoonsgegevens, accounts, abonnementen, foto’s, berichten en tegoeden achter op commerciële platforms”, schrijft de alliantie. Wie niet goed heeft geregeld wat er met hun online accounts moet gebeuren, zadelt diens nabestaanden met veel werk op om de data bijvoorbeeld offline te halen.
Dat kan tot pijnlijke situaties lijden, zegt Josanne Ganzevles, programmamanager van de Alliantie Digitaal Samenleven. „Mensen moeten gaan nadenken: waar haal ik die wachtwoorden en toegangscodes vandaan? Tegenwoordig kun je met gezichtsherkenning of een vingerafdruk in je account komen. Maar dat is ethisch onwijs ingewikkeld: ga je voordat de kist gesloten is nog iemands vingerafdruk afnemen, zodat je in hun apparaat kan?”
En dan is er nog de privacy van de overledene, een onderwerp waar de Autoriteit Persoonsgegevens eind vorig jaar tegenover NRC ook al haar zorgen over uitte. De Europese privacywet (AVG) is alleen van toepassing op levende personen; als het gaat om de data van een overledene, hoeven bedrijven als Google en Meta zich niet te houden aan de regels die eisen dat ze data niet nodeloos lang bewaren.
Geslaagd pleidooi
Het pleidooi dat de Alliantie Digitaal Samenleven indiende bij de Tweede Kamer, lijkt effect te hebben gehad. Woensdag liet Kamerlid Barbara Kathmann (Pro) bij het commissiedebat weten dat haar partij na de zomer een plan zal indienen om digitaal nalatenschap „een vast onderdeel van landelijk beleid te maken”.
Zover wilde Willemijn Aerdts, staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit namens D66, nog niet gaan. Omdat het onderwerp juridisch complex is. Het raakt bijvoorbeeld ook aan het erfrecht en de Wet op de lijkbezorging, die omschrijft wat er moet gebeuren met het lichaam van een overleden persoon. Het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoekt volgens Aerts welke „knelpunten” burgers en nabestaanden ervaren, en welke „beleidsopties” er mogelijk zijn. Wel beloofde de staatssecretaris dat ze na de zomer een brief zal sturen, waarin ze op het onderwerp terugkomt.
Daar wil Kathmann niet op wachten: haar partij wil volgende week al twee voorstellen indienen om een grote campagne te starten, zegt ze tegen NRC. „We moeten gewoon zorgen dat overal waar we een cursus digitale vaardigheden hebben, mensen ook leren wat ze kunnen doen voor hun digitale nalatenschap.”
Het gaat daarbij om hele praktische zaken, zegt Kathmann. „Zeg bijvoorbeeld niet te snel het telefoonabonnement van een overledene op, want dan kun je ook geen berichtjes meer ontvangen voor tweestapsverificatie.”
Verder kun je ervoor zorgen dat mensen die je tijdens je leven vertrouwt, toegang hebben tot je wachtwoorden, voegt Alliantie-programmamanager Ganzevles toe. „Zodat ze na jouw overlijden in je accounts kunnen.” Ze wijst erop dat haar organisatie een checklist en een stappenplan aanbiedt voor mensen die met het onderwerp aan de slag willen.
Ook is het belangrijk dat mensen nadenken over welke data ze überhaupt met hun nabestaanden willen delen, zegt Ganzevles. „Wil je dat je nabestaanden bijvoorbeeld je e-mails kunnen lezen? Ik ken een voorbeeld van iemand wiens partner overleed en die daarna in zijn emails ontdekte dat hij er een tweede gezin op nahield. Ook die gesprekken moeten gevoerd worden.”
Lees ook
Ik ga dood en ik laat na: eeuwig dwalende data


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/06/24090553/240626DEN_2034709164_wopke-1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/06/24163938/240626VER_2034676417_wester.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/06/24161414/240626VER_2034730561_gothberg.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/06/22090850/220626VER_2034642342_.jpg)

:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/taxonomy/c3f9335-Sudoku_itemafbeelding.png)

English (US) ·