Woonwagenbewoner en kandidaat-raadslid wil meer standplaatsen scheppen, in de hoop nieuwe blokkades met brandende autobanden te voorkomen

6 uren geleden 1

Op het Maastrichtse bedrijventerrein annex woonwagenkamp De Karosseer, een verwijzing naar de vele autohandelaren, wonen jongeren illegaal in tour- en stacaravans, omgebouwde schuren of bergingen. „Nog kleiner dan mijn kantoor”, klaagt woonwagenbewoner Willem Schneider, zittend op een chesterfield-fauteuil. De gemeente zou veel meer officiële standplaatsen moeten creëren, vindt hij. Schneider houdt een hand met gespreide vingers voor zijn ogen. In plaats daarvan „zien ze de illegale bewoning door de vingers”, zegt hij.

De 41-jarige Schneider sprak drie jaar lang met raadsleden en wethouders, klaagde bij de burgemeester. Maar voor zijn gevoel veranderde bar weinig. Daarom wil de dakdekker de gemeenteraad in, zodat in de raadzaal ook iemand ván het woonwagenkamp meepraat. Voor de verkiezingen op 18 maart is hij kandidaat nummer negen van het CDA Maastricht.

‘Willems’ woonwagenkamp ligt ingesloten tussen grijze geluidswallen van de A2 en een spoorlijn waarover de trein naar Luik voorbijraast. Heftrucks manoeuvreren met schrootauto’s, bedoeld voor de Oost-Europese markt, langs kunststof vaten. Daaraan hangen knalgele borden die doorgaand rijverkeer tot kalmte manen. Achter een nabijgelegen schroothoop doemt in de verte, aan de overzijde van de kolkende Maas, de Sint-Pietersberg op.

In de volksmond heet De Karosseer nog steeds Vinkenslag. Het overbevolkte woonwagenkamp kwam ruim twintig jaar geleden meermaals landelijk in het nieuws door grootschalige politie-invallen en een „sanering” die uiteindelijk tientallen miljoenen kostte. Woonwagenbewoners blokkeerden eens de snelweg A2 met brandende autobanden, uit onvrede over het gevoerde gemeentebeleid.

Het tekort aan standplaatsen is voor woonwagenbewoners geen nieuwe kwestie: na 1999 paste de overheid een uitsterfbeleid toe op woonwagenkampen. Als een woonwagenbewoner overleed, verdween diens standplaats. Discriminerende politiek, oordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens én het Nederlandse College voor de Rechten van de Mens in 2014. Overheden moesten de levensstijl van ‘reizigers’, een bijnaam voor woonwagenbewoners, faciliteren, was de unanieme conclusie.

Den Haag beloofde in 2018 beterschap en voerde een inspanningsverplichting in voor gemeenten: zoek actief naar plekken. Tussen 2020 en 2022 kwamen er in heel Nederland echter slechts 49 standplaatsen bij. Nieuwe cijfers volgen dit voorjaar. De overheid schat het landelijke standplaatsentekort op drieduizend woonwagens, stichting Woonwagenbelangen vraagt om negenduizend plekken. Radeloze reizigers in Arnhem en Den Haag spanden zaken aan tegen die gemeenten bij het College voor de Rechten van de Mens (CRM) en de rechter. Ze kregen wederom gelijk. Er moeten plekken bijkomen. In gemeenten als Zeist en Soesterberg worden woonwagenkampen juist wel uitgebreid en opgeknapt.

Kuddedieren

In het kantoor van Schneider, een grijze keet, staat een grote houten vitrinekast vol felgekleurde modelauto’s. Met punaises zijn een Bontenbal-flyer en krantenfoto van Schneider met burgemeester Wim Hillenaar in de wand geprikt. Blikvanger is een schaalmodel van een antieke houten woonwagen. Wrange nostalgie. Al decennia is het verboden om rond te trekken met wagens. Maar op een vaste standplaats hebben ‘reizigers’ ook weinig zicht. Daardoor kunnen ze ook geen lening afsluiten die bijvoorbeeld nodig is om een woonwagen te verduurzamen.

Kandidaat-raadslid Willem Schneider van het CDA Maastricht.

Kandidaat-raadslid Willem Schneider van het CDA Maastricht.

Foto Chris Keulen

Schneider, die op zijn twintigste de wagen van zijn ouders verliet, heeft nooit een eigen standplaats gehad. In een portiekwoning werd hij diepongelukkig door het gebrek aan sociaal contact: „Woonwagenbewoners zijn kuddedieren.” Daarom zwierf de geboren Lissenaar illegaal rond met zijn tourcaravan. Voor stroom en sanitair moest hij constant aankloppen bij anderen. Zijn kinderen van 16, 7 en 2 werden achtereenvolgens geboren in Beverwijk, Leiden en Maastricht. In de Limburgse hoofdstad heeft hij een woonwagen van een bevriende familie in bruikleen, tot het moment waarop hun kleinkinderen een onderkomen nodig hebben.

Door zijn politieke strijd voor meer standplaatsen leerde Willem Schneider steeds meer over de smartelijke geschiedenis van woonwagenbewoners. Hij was verbijsterd toen hij onlangs het verhaal over de ‘Zigeunerrazzia’ in 1944 hoorde. Nederlandse agenten pakten indertijd honderden ‘zigeuners’ op, die in doorgangskamp Westerbork werden weggestopt. Daar plukte nazi-commandant Albert Gemmeker 276 ‘arische’ woonwagenbewoners uit de rij, omdat sommige gemeenten de opdracht van te bezetter „te vrij interpreteerden”. „Die reizigers zijn nota bene gered door de Duitsers”, zegt Schneider verbouwereerd. Van de 247 Nederlandse Sinti en Roma die wel naar vernietigingskamp Auschwitz werden gedeporteerd, keerden er slechts 31 terug.

Vanwege de Tweede Wereldoorlog worden woonwagenbewoners liever geen ‘kampers’ genoemd. Sowieso is het geen eenduidige groep. Er zijn Sinti, Roma, kermisreizigers, circusreizigers en reizigers die op een standplaats (moeten) wonen van de gemeente, zoals Schneider. De dakdekker, in een hoody en lichtblauwe spijkerbroek gestoken, kent geen andere woonwagenbewoners die meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen in maart. In Den Haag is de zelfbenoemde „trotse zigeuner” en volkszanger Rein Mercha ‘enkel’ lijstduwer.

Spindoctors

Om in de raad te geraken heeft Schneider, nummer negen van het CDA, ruim driehonderd voorkeursstemmen nodig. In Maastricht is behoefte aan 347 extra woonwagenstandplaatsen, maar de mensen die het betreft gaan lang niet altijd naar de stembus of hebben dat überhaupt nooit gedaan. Schneider krijgt vaak de vraag: „Ja, maar Willem wat moeten we dan doen?” Stempas niet weggooien, op 18 maart stemmen, zegt hij dan. Op sociale media plaatst hij nog een instructiefilmpje. Schneiders „spindoctors” proberen families te overtuigen. Ook andere partijen azen op de stem van woonwagenbewoners.

Schneider hamert er bij jongeren tussen twintig en dertig jaar zonder standplaats op dat hij en zijn compagnons van de stichting Woonwagenbelangen [Limburg-]Zuid de problematiek aankaarten bij de lokale politici. „Jullie komen al drie jaar bij de gemeente”, krijgt hij soms te horen. „Wanneer gebeurt er nou wat? We gaan gewoon weer de A2 bezetten of de stad lamleggen.” Dat activisme kan altijd nog, zeggen de ouderen dan, om de jongeren rustig te houden.

Woonwagenkamp Oofthegge in Maastricht.

Woonwagenkamp Oofthegge in Maastricht.

Foto Chris Keulen

Schneider stelt voor om een rondje te maken over De Karosseer. Hij klimt in zijn zwarte bestelbus die hij vervolgens door de Hubert van Doornelaan en Rudolf Dieselstraat dirigeert. De dakdekker rijdt langs de plekken waar vroeger een speeltuin, een eigen kerk en voetbalvelden van voormalig vierdedivisionist FC Vinkenslag stonden. Alleen een stenen kapel is na de sanering overgebleven. Af en toe remt hij af om aan te wijzen wat volgens hem potentiële standplaatsen zijn: „Op dit grote veld loopt een hogedruk gasleiding. Als je vijf meter van de pijp afblijft kunnen hier makkelijk twee woonwagens staan. Maar er wordt niks mee gedaan”, verzucht Schneider, waarna hij het gaspedaal weer intrapt.

Waarom ging geen woonwagenbewoner Schneider voor? „Ik heb maar tot negen jaar op school gezeten”, vertelt de bebrilde reiziger Frans Scheffer (59) even verderop. Gehuld in grijze schipperstrui ruimt hij oud ijzer op. „Toen moest ik gaan werken.” Hij kan lezen en schrijven, zegt hij, maar zoals „Willem” de politiek in? „Dat is niets voor mij: er wordt van alles beloofd, maar er komt niets van terecht.”

Duizend kilo vuurwerk

Aan de vraag van in totaal 347 standplaatsen wordt inderdaad niet tegemoet gekomen, vertelt de gemeente Maastricht desgevraagd. „We kunnen niet aan alle wensen voldoen.” Bovendien zijn in die cijfers ook kinderen opgenomen die „op termijn” een eigen plek willen.

Het realiseren van standplaatsen „neemt veel tijd in beslag”, zegt de gemeente ook, onder meer door een verplicht flora- en faunaonderzoek dat minstens vier seizoenen in beslag neemt. Als alles volgens planning verloopt lukt het de gemeente naar eigen zeggen om medio 2030 zo’n achttien standplaatsen te hebben gerealiseerd. De gemeente wil op drie locaties het aantal standplaatsen uitbreiden en heeft speciaal grond aangekocht voor woonwagens in woonwijk Amby, naast een bestaand woonwagenkamp aan de Oofthegge. Hoeveel standplaatsen er op de langere termijn eventueel bijkomen, kan de gemeente nog niet zeggen.

Amby, omgeven door voetbalvelden, groenstroken en akkers die overvloeien in het Limburgse Heuvelland, ligt circa zes kilometer bij De Karosseer vandaan. Drie bewoners van de relatief welvarende wijk hekelen de „gebrekkige” communicatie vanuit de gemeente over de voortgang van het uitbreidingsplan, vertellen ze NRC. Ze vrezen dat de waarde en verkoopprijs van de huizen in de buurt zullen dalen. Wijkgenoten kregen een vrijstaande woning, vraagprijs één miljoen, die grenst aan de beoogde woonwagenlocatie niet verkocht.

Jan en Janicy ter Linde wonen al anderhalf jaar in een caravan op het industrieterrein De Karosseer vanwege het tekort aan standplaatsen.

Jan en Janicy ter Linde wonen al anderhalf jaar in een caravan op het industrieterrein De Karosseer vanwege het tekort aan standplaatsen.

Foto Chris Keulen

Een Maastrichtenaar vreest voor de leefbaarheid in de wijk als het woonwagenkamp wordt uitgebreid. „Dan hebben we een klein vrijstaatje in de buurt Amby.” Woonwagenbewoners hebben nu eenmaal een andere cultuur, vindt de wijkgenoot. De persoon hekelt bijvoorbeeld de circa duizend kilo aan illegaal vuurwerk die in 2023 werd aangetroffen in een schuur op het woonwagenkamp.

Ties Franssen (22), met gemillimeterd haar en gehuld in een blauwe bodywarmer, wacht juist met smart op de uitbreiding. Hij woont op het woonwagenkamp in Amby en werkt op De Karosseer. Franssen gaat in maart voor het eerst stemmen, „op Willem”, die een paar meter verderop in gesprek is met andere reizigers. „De politiek interesseerde mij niet zoveel, maar ik wil heel graag een eigen woonwagen. Ik heb twee kinderen.” Ook zijn leeftijdsgenoten wonen allemaal nog thuis, vertelt hij. Ze snakken naar een beetje privacy. „Willem is eigenlijk onze laatste hoop.”

Lees ook

Gemeenten maken te weinig ruimte voor jonge woonwagenbewoners. ‘Wonen in een wagen is een ander gevoel.’

De wagen van ‘reiziger’ Jan Rouwkema.
Lees het hele artikel