En boem, daar ging hij. In de laatste tweehonderd meter van de loeisteile Muur van Hoei plaatste Paul Seixas woensdag een versnelling die geen enkele rivaal pareren kon, ook al zaten ze in zijn wiel. Met drie seconden voorsprong passeerde hij de finish – en werd hij bij zijn debuut meteen de jongste winnaar ooit van voorjaarsklassieker Waalse Pijl.
„Ik voelde dat ik sterk was”, merkte de Fransman droogjes op in het interview direct na afloop. „Om me heen zag ik ze worstelen, dus toen ben ik volle bak naar de eindstreep gereden.” Aan de streep was Seixas slechts twee seconden langzamer boven dan de snelste tijd ooit op de steile Ardennenklim.
‘L’Elu’, noemt de beroemde Franse ploegbaas Marc Madiot hem: de uitverkorene. Paul Seixas is pas negentien jaar oud, won in februari voor het eerst een wedstrijd bij de profs, maar in Frankrijk wordt hij nu al gezien als de nieuwe wielerhoop, de eerste Fransman in meer dan veertig jaar die de Tour de France kan winnen.
Zelf toont de jonge Fransman zich ambitieus – de gele trui winnen is zijn grote doel, heeft hij al laten weten. Nadat hij afgelopen maand op dominante wijze de Ronde van het Baskenland won – drie etappezeges, berg-, punten-, jongeren- én algemeen klassement – twijfelen weinig wielerkenners meer dat hij daartoe in staat is. Seixas kan alles wat nodig is om een grote ronde te winnen. Hij is een fantastische klimmer, een geweldige tijdrijder en heeft ook nog een aardige sprint in de benen. Bovendien koerst hij met de rust en het zelfvertrouwen van iemand die al seizoenen rondrijdt in het profpeloton.
Na zijn zege in de Waalse Pijl krijgt Seixas zondag opnieuw de kans om te laten zien hoe goed hij is. Dan staat hij aan de start van voorjaarsklassieker Luik-Bastenaken-Luik. Samen met grootheden als Remco Evenepoel en Tadej Pogacar, achter wie hij eerder dit jaar tweede werd in de Italiaanse gravelkoers Strade Bianche.
Herstellen op de fiets
Nog maar twee jaar geleden reed Seixas rond als junior en won hij in die leeftijdscategorie (onder negentien) de wereldtitel tijdrijden. Daarna besloot zijn Franse ploeg Decathlon hem in één keer over te hevelen naar het hoogste profniveau, daarbij de beloftencategorie tot 23 jaar overslaand.
„Toen ik dat hoorde”, zegt Seixas’ Belgische ploeggenoot Oliver Naesen (35), „zei ik tegen onze trainer: dat is niet de allerslimste zet, denk ik, zoiets is echt alleen voor de happy few. Het antwoord dat ik kreeg was simpel: als jij profwaardig bent, dan is Paul het zeker.” Sindsdien slaat Naesen de opmars van zijn jonge ploeggenoot „met open mond en grote ogen” gade, zegt hij. „Het gaat heel snel.”


Nog maar twee jaar geleden reed Seixas rond als junior, en won hij de wereldtitel tijdrijden.
AFPSeixas zou uiteindelijk één beloftenkoers rijden: de Tour de l’Avenir, een landenwedstrijd die geldt als dé belangrijkste rittenkoers voor jonge renners. Oud-winnaars zijn Tadej Pogacar (2018), Egan Bernal (2017) en Joop Zoetemelk (1969), die later allemaal de Tour de France zouden winnen. Toen Seixas in augustus vorig jaar in Tignes aan de start verscheen van de Tour de l‘Avenir, won hij meteen de proloog.
„Zelf werd ik achttiende, op 28 seconden”, zegt Otto van Zanden (21), die bij de continentale ploeg Parkhotel-Valkenburg onder contract staat en namens de Nederlandse ploeg aan de start stond. „Een resultaat waar ik zelf wel blij mee was. Maar op een openingstijdrit van drie kilometer is dat wel een snelheidsverschil van 1,5 kilometer per uur.”
Het zou uiteindelijk tot de slotetappe – wéér een tijdrit – duren voordat Seixas bovenaan het klassement kwam te staan. Toch was de hele week zichtbaar, zegt Van Zanden, hoeveel verder de Fransman al was dan zijn leeftijdsgenoten. „Hij kon als een van de weinigen herstellen op de fiets in de vlakke etappes en was continu bezig zich goed te verzorgen.”
Tijdens ritten maakte Seixas graag een praatje met zijn tegenstanders, zeker als het vlak was, zegt Van Zanden. „Om de tijd te doden, denk ik. Het liefst zou hij de hele dag bergop fietsen.” In de derde etappe, die naar verwachting zou uitmonden in een sprint, reden Seixas en twee landgenoten weg op een heuveltje op 80 kilometer van de finish. De aanval hield geen stand, zegt Van Zanden. „Na afloop vroeg ik hem waarom hij dat deed. Hij zei dat hij zich verveelde.”
Dat is hoe Seixas koerst: aanvallend, omdat hij het leuk vindt. Nadat hij begin deze maand de tweede etappe in de Ronde van Baskenland had gewonnen na een solo van 26 kilometer, reageerde hij bijna verbaasd toen hem werd gevraagd waarom hij ten aanval trok. „Ik heb daar niet over getwijfeld. Het ergste wat je kunt doen, is bang zijn om ervoor te gaan. Deze manier van koersen is waarom ik van fietsen hou.”
Training van twaalf uur
De in 2006 geboren Seixas groeide op in Lyon, als kind van twee ouders die aan karate deden. Maar Seixas wilde fietsen en deed dat op de weg en in het veld; op zijn elfde reed hij voor het eerst tegen een col op.
Hij traint graag en veel. Aan het eind van vorig seizoen, nadat Seixas zijn eerste jaar op het hoogste niveau had afgesloten met een derde plek op het EK en een zevende plaats in de klassieker Ronde van Lombardije, deed hij voor de lol mee aan de Tour du Mont Blanc, een wedstrijd die wordt omschreven als de zwaarste ter wereld omdat het parcours ruim 320 kilometer lang is en meer dan 8.000 hoogtemeters telt. Seixas deed er ruim twaalf uur over.
Daarna ging hij wekenlang op hoogtestage in de Spaanse Sierra Nevada. Zijn ouders en vriendin zag hij twee maanden niet – de voorbereiding op het nieuwe wielerseizoen ging voor. Seixas volgt in die zin hetzelfde pad als andere grote wielrenners die al op jonge leeftijd doorbraken, zoals Pogacar en Evenepoel: leven als een wielermonnik, met uiterst professionele begeleiding op het gebied van voeding, materiaal en training.
Ondanks zijn volwassen manier van koersen is Seixas achter de schermen nog gewoon een jong kereltje, zien ze bij zijn ploeg. Tijdens de hoogtestage in de Sierra Nevada, vertelt zijn teamgenoot Oliver Naesen, arriveerde hij regelmatig te laat bij de start van een training of bij de lunch. „Hij stuurde een bericht in de appgroep: ik heb maar één wielerschoen bij me. Een andere keer zat hij met een vork te peuteren in zijn telefoon, omdat er een vuiltje in zat. Brak z’n scherm.”
Tussenkomst van Macron
In Frankrijk zijn ze ervan overtuigd: Seixas kan de eerste Franse Tourwinnaar worden sinds Bernard Hinault in 1985. Niet bepaald een benijdenswaardige positie om je in te bevinden: in de afgelopen veertig jaar bezweken talloze jonge, getalenteerde Franse renners onder de druk van de natie. Bij zijn vorig jaar gestopte teamgenoot Romain Bardet zag Oliver Naesen van dichtbij hoe de overspannen verwachtingen tot een last werden. „Altijd dertig camera’s om zich heen. Hij wist zelf dat hij nooit de Tour zou winnen, maar dat kon hij niet zeggen want hij was de grote hoop. Dat gaf hem een soort minderwaardigheidscomplex, denk ik.”
Toch lijkt de druk van de media Seixas niet te deren, zegt Naesen. „Pauls verwachtingspatroon is hetzelfde als dat van de buitenwereld. Als hij op zijn pedalen duwt, voelt hij dat er méér gebeurt dan bij anderen. Hij hoopt en denkt zelf ook dat hij de Tour kan winnen.”
Vanwege de glorieuze toekomst die Seixas wordt toegedicht, gonst het in het wielerpeloton van de transfergeruchten. Tot en met volgend seizoen staat hij onder contract bij het Franse Decathlon, een kapitaalkrachtige ploeg maar ook een team zonder aantoonbare ervaring in het winnen van grote rondes. Door belastingregels in Frankrijk is het bovendien veel duurder voor Decathlon dan voor niet-Franse ploegen om Seixas een miljoenencontract aan te bieden.
De grote ploegen in het peloton – UAE Team Emirates, Visma-Lease a Bike, Ineos-TotalEnergies, Red Bull-Bora – hebben naar verluidt al geïnformeerd naar de diensten van Seixas; ze zouden bereid zijn een jaarsalaris tot wel acht miljoen euro voor hem neer te leggen. Daarmee is de toekomst van Seixas een kwestie van nationaal belang geworden, want de Fransen zien hun grootste wielertalent in decennia niet graag naar een buitenlandse ploeg vertrekken.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/23141818/240426SPO_2033146793_3.jpg)
De Franse president Emmanuel Macron zou rechtstreeks contact hebben gehad met Seixas’ manager om hem te overtuigen bij Decathlon te blijven.
john thys/AFPZelfs Emmanuel Macron heeft zich inmiddels met de zaak bemoeid, zo meldde Eurosport onlangs: de Franse president zou rechtstreeks contact hebben gehad met Seixas’ manager om hem te overtuigen bij Decathlon te blijven. Eerder intervenieerde Macron met succes bij stervoetballer Kylian Mbappé, die hij wist over te halen een paar seizoenen langer bij Paris Saint-Germain te blijven.
De grote vraag is: moet (en gaat) Seixas deze zomer al meteen debuteren in de Tour de France? Doorgaans geldt het als wijsheid om jonge talenten niet te snel naar de grootste en belangrijkste wielerwedstrijd ter wereld te sturen. Oud-kampioen Hinault vindt dat ook. Maar inmiddels is de verwachting in de wielerwereld dat Seixas best al eens deze zomer zijn debuut zou kunnen maken in de Tour. „Ik zou daar zeker geen schrik van hebben”, zegt Oliver Naesen. „Hij is er klaar voor.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/23183236/230426SPO_2033253152_TeKloese01.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/23184547/230426DEN_2033259470_VanDenBrinkWEB.jpg)
:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2019/07/fritshome.png)


:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/06/24095735/data132931524-38215c.png)



English (US) ·