Pistolen, boksbeugels, messen, tasers. Ervaringsdeskundige A. ziet dat de jeugd in Amsterdam-Zuidoost steeds makkelijker aan wapens komt. Zijn collega L. heeft het ook gemerkt. Online kunnen de jongeren goedkoop en gemakkelijk wapens kopen, weten ze. En ze worden niet alleen bemachtigd door de usual suspects, jongeren die het stoer vinden. A. ziet jongeren met wapens rondlopen die dat in zijn jeugd, zo’n vijftien jaar geleden, „nooit zouden doen. Dan denk ik: huh, draag jij ook een wapen bij je?”
A. en L. zien zichzelf als een „brug tussen straat en systeem”. Ze zijn ‘credible messengers‘ en werken bij Adamas, een Amsterdamse organisatie die kwetsbare jongeren begeleidt. A. en L. hebben zelf ook geen makkelijke jeugd gehad – meestal „nog erger zelfs” dan die van de honderden jongeren waarmee ze werken, zeggen de mannen. Die ervaring is belangrijk om aansluiting te vinden bij deze „pittige doelgroep”, vertelt A. Om het vertrouwen van die jongeren te behouden, blijven A. en L., ook op verzoek van hun werkgever, anoniem.
De ernst wordt onderstreept doordat een aanzienlijk deel van de slachtoffers minderjarig is
Het toenemende wapengebruik onder jongeren heeft de gemeente ertoe bewogen de K-buurt, H-buurt en het daartussen gelegen Nelson Mandelapark als veiligheidsrisicogebied aan te merken. Vanaf donderdag mogen agenten daar preventief fouilleren op straat. Die maatregel geldt vanaf 20 tot en met 27 augustus.
In een recente brief aan de gemeenteraad spreekt burgemeester Femke Halsema van achttien „vuurwapen gerelateerde incidenten” tussen tussen 1 juni en 4 augustus. Dat is een „bovengemiddelde” hoeveelheid, zegt de gemeente op basis van politiecijfers. Het gaat om berovingen met vuurwapens en schietpartijen. „De ernst wordt onderstreept door het feit dat een aanzienlijk deel van de slachtoffers bij de incidenten minderjarig is”, staat in de brief.
Door risicogebieden in te stellen, hoopt de gemeente „confrontaties en incidenten te voorkomen” en de „veiligheid van aanwezigen en omwonenden” te verbeteren. Ook zoekt de gemeente contact met scholen, jeugdprofessionals en buurtorganisaties om hierover in gesprek te gaan met jongeren, staat in een bericht op de site.
Angst onder jongeren
De gemeente heeft terechte zorgen, vinden A. en L. „De cijfers schieten echt omhoog in een korte periode en de incidenten baren ons ook zorgen”, zegt L.
De coaches zien vooral angst onder de jongeren. Op sociale media gaan filmpjes rond van jongens die in elkaar worden geslagen. Dan denken ze al snel dat ze ook een wapen nodig hebben, vertelt A. „Je wil niet zo op sociale media komen en de clown van de dag zijn.” Bewapend voelen ze zich veilig – maar dat is „schijnveiligheid”, zegt A. Ruzies kunnen dan juist escaleren.
Daarnaast ziet L. dat jongeren wapens verheerlijken. Dat komt door verkeerde rolmodellen, hun eigen bubbels op straat, sociale media en door meeloopgedrag en „beïnvloedbaarheid”, vertelt hij.
Aanvaringen waarbij wapens worden getrokken, beginnen vaak om „niks”, zien de coaches: een vriendinnetje, een verkeerde blik, een grote mond. Dan proberen de coaches te bemiddelen en vechtpartijen te voorkomen, vertelt L. „We praten dezelfde taal en dat voelen de jongeren. En je merkt dat ze hulp willen.”
Preventief fouilleren maakt Zuidoost niet veiliger, zeggen de ervaringsdeskundigen. L. denkt dat de jongeren de drie risicogebieden zullen ontwijken en hun wapens niet wegdoen. Via appgroepen waarschuwen de jongeren elkaar voor de „skotoe”, de politie, zegt L. En A. vreest voor etnisch profileren: „Dan komt racisme weer in beeld. Dat kan meer heisa creëren en pakt de kern niet aan.”
Lees ook
‘Ronselaars weten wanneer we pauze hebben of voegen je gewoon toe op Snap’, zegt de scholier in Almere
‘Imago van onveiligheid’
André Platteel en Robin van den Maagdenberg, oprichters van Adamas, zien een „oprechte intentie om de wijk te verbeteren bij de gemeente”, zegt Platteel. Maar het huidige plan is symptoombestrijding, vindt ook Van den Maagdenberg.
De identiteit van de jongeren wordt gevoed door de wijk
„Voorlichtingen van een uurtje en een campagne tegen wapens gaan het probleem niet oplossen”, zegt Van den Maagdenberg. Het probleem zit volgens Adamas in de wijkcultuur, die moet je met projecten op de lange termijn veranderen. Inspelen op incidenten verzacht vooral het imago van onveiligheid, in plaats van dat het iets doet aan de oorzaak.”
Maar langetermijnprojecten ziet Adamas nog te weinig. Buurthuizen, langdurige samenwerkingen tussen maatschappelijke organisaties, contact met jongeren en preventief werk komen „niet altijd van de grond”, zegt Van den Maagdenberg.
Een woordvoerder van Halsema onderschrijft het belang van een langdurige aanpak. Zuidoost heeft veel lokale projecten voor de jeugd, benadrukt een woordvoerder van het stadsdeel. Deze week besteden onder meer straatcoaches, scholen, kerken en moskeeën extra aandacht aan het wapengeweld, aldus de woordvoerder. Het Zuidoost-wijkactieteam heeft de hele week inloopspreekuren voor bewoners en jongeren met vragen over het risicogebied. De ‘moeilijkste’ jongeren bereikt de gemeente door samen te werken met grassroots-organisaties, zoals Adamas, zegt de woordvoerder.
‘Meer broer dan begeleider’
Als jongeren moeite hebben met autoriteit, zijn ze voor ‘normale’ instanties moeilijk te bereiken volgens Adamas. De ‘credible messengers’ gaan lang met iemand aan de slag om patronen te doorbreken. A.: „Je moet alles in kaart brengen om te weten waarom iemand zich onveilig voelt. Hoe is de thuissituatie, hoe is het op school, met wie gaan ze om? Dat haal je niet uit één gesprek.” En de jongeren „attenderen” gaat ook anders „op de straat”, zegt A. „Sommige jongens hebben een fellere aanpak nodig. En dat kunnen wij. Je bent meer broer dan begeleider.”
Het label van risicogebied geeft „een heel zwaar gevoel aan bewoners”, zegt Platteel. Terwijl die mensen juist „snakken naar een ander imago van hun buurt”. Krijgt de wijk een ander imago, dan gaan de jongeren óók andere voorbeelden aannemen, denkt Platteel. De ‘credible messengers‘ moeten aan de moeilijkste jongeren laten zien dat het anders kan, zegt Platteel: „Want de identiteit van de jongeren wordt gevoed door de wijk.”
Dat slaat de „spijker op zijn kop”, zegt A. „Als je ‘Kut-Marokkaan’ wordt genoemd, ga je ook leven als een kutmarokkaan.”
Lees ook
De jeugdcriminaliteit daalt al twintig jaar. ‘Kijk niet naar recente incidenten, maar naar het patroon’, zegt de criminoloog


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/20110229/200826BUI_2036070229_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/20160337/200826WET_2036078188_Cofnas.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/19095854/210826WET_2035923783_1-1.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/17145424/030826BOE_2035978477_kast2-ANKERPUNT.jpg)


English (US) ·