Dertig jaar na zijn dood zijn alle ogen weer gericht op Tupac: deze week begon de eerste rechtszaak over de moord op hem

1 uur geleden 1

„De overheid háát rap”, zei de Amerikaanse komiek Chris Rock ruim twintig jaar geleden in zijn stand-upvoorstelling Bigger & Blacker. Ter illustratie verwees hij naar de onopgeloste moordzaak rondom rapper, acteur en activist Tupac ‘2Pac’ Shakur. „Je wilt mij wijsmaken dat ze Saddam Hoessein in een fucking gat in de grond hebben kunnen vinden, maar niet kunnen vertellen wie Tupac heeft neergeschoten?”

Tupac Shakur werd 7 september 1996 neergeschoten bij een drive-by-executie in Las Vegas en overleed 6 dagen later op 25-jarige leeftijd. De aanslag vond plaats op de Las Vegas Strip, de verkeersader in de Amerikaanse gokstad langs alle casino’s en blikvangers, en direct na een bokswedstrijd van Mike Tyson.

Chris Rock in zijn show: „Hoeveel ooggetuigen heb je nog nodig voordat je iemand arresteert? Shit…er zijn meer mensen die Tupac neergeschoten zagen worden, dan die de slotaflevering van Seinfeld hebben gezien.”

Het zou, desondanks, nog tot 2023 duren voordat iemand werd gearresteerd op beschuldiging van betrokkenheid bij de moord op de hiphopsuperster. Deze week, dertig jaar na de moord, is in Las Vegas de rechtszaak begonnen tegen die verdachte: oud-gangleider Duane ‘Keffe D’ Davis van de South Side Compton Crips. De inmiddels 69-jarige Keffe D wordt er niet van verdacht persoonlijk te hebben geschoten, maar hij zou er de opdracht toe hebben gegeven en het moordwapen hebben geleverd.

Hiphopmartelaar

Rapper Tupac groeide in de afgelopen 30 jaar uit tot dé hiphopmartelaar bij uitstek; een ontmenselijkt en mythisch larger than life-boegbeeld van gangsta rap dat centraal stond in vele sensationele boeken, documentaires, podcasts, odes en films. Haast zou je vergeten dat hij in de jaren negentig als nog maar heel jonge man vermoord is. Of dat Tupac een gevoelige, gedreven en gepassioneerde muzikant, activist en acteur was, die drama en ballet studeerde en poëzie schreef. Zijn krachtigste werk bevond zich op het kruispunt van het revolutionaire activisme waarin hij als zoon van Black Panthers (beweging die vanaf 1966 streed voor de rechten van zwarte Amerikanen) opgroeide, en de straat- en gangcultuur van Los Angeles die hij als tiener om zich heen zag.

Tupac Shakur tijdens een optreden in het Regal Theatre in Chicago, Illinois in maart 1994.

Foto Raymond Boyd/Getty Images

In nummers als ‘Brenda’s Got A Baby’, over tienerzwangerschap, en ‘Dear Mama’, over zijn liefde voor en loyaliteit aan zijn met verslaving worstelende moeder, zette hij de wereld om zich heen sterk en empathisch neer in strijdbare en bezielde raps die hij met groot gevoel voor dramatisch effect kon laten galmen als een predikant. En ook als acteur in bijvoorbeeld de speelfilm Juice van Ernest R. Dickerson uit 1992, waarin hij krachtig en felrealistisch het agressieve gangsterpersonage Bishop vertolkte.

Tupac bracht intense artistieke gevoeligheid naar het genre en vertaalde de gevoelens en frustraties van gemarginaliseerde jongeren wereldwijd in kunst die wereldwijd nog steeds inspireert en resoneert. Als voorbeeld en inspiratiebron speelt hij nog een zeer grote rol in de hedendaagse hiphop, in bijvoorbeeld Kendrick Lamars oeuvre.

Hoewel het dertig jaar heeft geduurd voordat iemand terechtstaat voor de moord op Tupac, zijn er op dit moment geen schokkende nieuwe feiten bekendgemaakt. Al vrij direct nadat de kogels waren afgevuurd op de zwarte BMW 750, met Tupac en Death Row Records-kopstuk Marion ‘Suge’ Knight op de voorste stoelen, werd de schietpartij gelinkt aan de South Side Compton Crips. Vlak voor de moordaanslag, na de bokswedstrijd van Tyson, waren Knight en Tupac in een vechtpartij verwikkeld met een lid van deze gang, Orlando Anderson.

Keffe D is zijn oom en zou wraak hebben willen nemen op de rapper. Die zette hij in 2019 in zijn memoires Compton Street Legend weg als ‘studiogangster’ – een entertainer die uit opportunisme poseerde als daadwerkelijk actief bendelid.

Het felrood van de Bloods

Death Row Records-baas Suge Knight haalde Tupac na een zedenzaak op borgtocht uit de gevangenis en tekende hem als artiest op zijn label. Van het dubbelalbum All Eyez On Me (1996) dat Tupac op het label van Knight uitbracht, met de grote hit ‘California Love’, werden miljoenen stuks verkocht.

De intimiderende, ruim 120 kilo zware sensatiezoeker Knight associeerde zich publiekelijk met de met de Crips rivaliserende Piru Bloods-gang. Ook Tupac ging zich onder zijn mentorschap nadrukkelijk in het felrood van de Bloods kleden. Samen zochten ze conflict op met diverse leden van de rapscene aan de oostkust van Amerika, in het bijzonder met The Notorious B.I.G. en Sean ‘Puffy’ Combs van Bad Boy Records.

Ook dát conflict – een bittere strijd tussen twee raplabels en hun crews die in de mainstream-media gebombardeerd werd tot een mythologische ‘hiphopoorlog’ tussen de oost- en westkust van Amerika – wordt al dertig jaar aan de moord op Tupac gelinkt. Keffe D en andere leden van zijn Crips-gang deden ‘beveiligingswerk’ voor Bad Boy Records, zoals leden van de Piru Bloods dat deden bij Death Row.

Dinsdag, op dag twee van de rechtszaak in Las Vegas werden autopsiefoto’s van Tupac en beelden van het gevecht met bendelid Anderson getoond. Oud-beveiliger van Death Row James ‘Mob James’ McDonald (61) verklaarde dat het conflict tussen de twee hiphoplabels ook de gewelddadige rivaliteit tussen deze twee straatbendes opnieuw had doen oplaaien.

De oud-beveiliger gaf aan liever niet in de rechtszaal te zijn en zei dat hij onder justitiële druk was gezet om te getuigen. Een politieman vertelde aan het begin van de rechtszaak dat Tupac in de ambulance na de schietpartij zei niet met de politie te willen praten: „We lossen het zelf wel op.” De breed levende weigering onder ooggetuigen om met justitie samen te werken, is de voorname reden dat de zaak niet eerder voor de rechter kwam. Ook werden verschillende hoofdfiguren, zoals bendelid Orlando Anderson, later zelf vermoord.

De belangrijkste reden dat Keffe D nu toch vervolgd wordt, zijn de publieke uitlatingen in onder meer zijn boek, waarin hij stelt dat hij in de witte Cadillac zat van waaruit Tupac werd neergeschoten, en ook het wapen geregeld had. Hij noemt het boek nu ‘fictieve opschepperij’ en verklaart onschuldig te zijn. Justitie, dat hem eerder als beschermde getuige verklaringen liet afleggen, heeft de beschermde status daarvan ingetrokken vanwege de publieke statements over de moord van Keffe D.

In de rechtszaak richt de aanklager zich in de zaak primair op de theorie dat de moord in opdracht van Keffe D gepleegd is als wraakactie. Eerdere, en inmiddels weer ingetrokken, uitlatingen van Keffe D dat rapper Sean ‘Puffy’ Combs de Crips 1 miljoen dollar zou hebben aangeboden voor de aanslag, hebben er nog niet toe geleid dat ook Combs in deze zaak als officiële verdachte is opgeroepen. Combs, die een gevangenisstraf van 50 maanden uitzit vanwege het aanzetten tot prostitutie, ontkent alle betrokkenheid.

Lees ook

Hoe Tupac Nederlandse rappers blijft inspireren

Lees het hele artikel