En weer bombardeert Israël zorgverleners: het draaiboek van Gaza wordt nu ook in Libanon gevolgd

4 uren geleden 1

Net als tijdens de vernietiging van Gaza ontziet Israël ook in Libanon de hulpverleners niet.

Vrijdag doodde het Israëlische leger zeker twaalf medische hulpverleners bij een luchtaanval op een kliniek in Qalaouiye, op zo’n twintig kilometer van de grens met Israël. Volgens het departement kan het dodental nog oplopen. Behalve de hulpverleners kwamen er bij de aanval nog elf anderen om.

Onder de slachtoffers zijn artsen, verpleegkundigen en ambulancepersoneel. De autoriteiten benadrukken dat het aanhoudende geweld tegen gezondheidswerkers in strijd is met alle internationale humanitaire wetten. Eerder deze week kwamen ook al twee artsen in Libanon om het leven bij een andere Israëlische aanval.

Diep wreed

De Israëlische aanvallen op hulpverleners zijn „een flagrante schending” van het humanitair oorlogsrecht, zegt Thea Hilhorst, hoogleraar humanitaire studies in Rotterdam. „Maar dat is niet het enige. Het ‘internationaal recht’, dat klinkt altijd een beetje plechtig. Deze daad is ook diep wreed vanuit menselijk perspectief. Het is niet normaal wat er gebeurt. Onmenselijk. Voor die conclusie heb je geen wetboek nodig.”

Het gaat hier, zegt Hilhorst, om zorgverleners die mensen helpen die diep in de ellende zitten. Net als in Gaza hanteert Israël in Libanon geregeld de tactiek van de ‘tweetrapsaanval’: er wordt een bom gegooid, waarna de hulpdiensten arriveren, en dan gooit het leger op dezelfde plek een tweede bom.

Israël stelt dat Hezbollah-strijders zich soms voordoen als ambulancebroeders; een aanval op zorgverleners zou dus in feite een aanval op vijandelijke militanten zijn, en dat is wel toegestaan volgens het internationaal recht.

Hilhorst is niet erg van dat argument onder de indruk. „Israël roept vaak maar wat. Het levert vaak geen bewijs, en als het dat al wel doet is het vaak flinterdun. Je kunt zo’n argument pas serieus nemen als je een onafhankelijk comité laat meekijken naar je bewijsvoering. Hier laat de internationale gemeenschap steken vallen: zo’n onafhankelijk onderzoek wordt amper van Israël geëist.”

Mochten Hezbollah-strijders zich inderdaad als ambulancebroeders voordoen, dan is dat op zichzelf in strijd met het internationaal recht. Maar als de vijand het recht schendt, geeft dat een land nog niet het recht om hetzelfde te doen, benadrukken experts.

Vijftien ambulancemedewerkers in Gaza

Bijna een jaar geleden sprak Hilhorst haar afschuw uit over de vijftien ambulancemedewerkers die Israël in Gaza gedood had. „Daar was ik destijds verbolgen over, en dat ben ik nu weer. We zien hetzelfde patroon: Israël is er dus mee weggekomen en doet het nu weer. Waarom heeft de internationale gemeenschap zich niet veel duidelijker uitgesproken na Gaza, dat dit dus niet kan?”

Afgelopen donderdag verscheen het rapport Hulp onder vuur: bescherming van hulpverleners in conflictsituaties. Het is opgesteld door twee adviesorganen: de Adviesraad Internationale Vraagstukken en de Commissie van advies inzake volkenrechtelijke vraagstukken. Behalve in Gaza benoemt het rapport ook misstanden in Oekraïne, Myanmar en Soedan.

De „internationaalrechtelijke norm dat hulpverleners beschermd moeten worden en hulpverlening niet mag worden gehinderd” verliest aan betekenis, concluderen de twee adviesorganen. „Als aan geweld tegen hulpverleners geen consequenties worden verbonden, zijn hulpverleners overal ter wereld minder veilig. De kosten van dit geweld zijn voor de verantwoordelijke individuen, staten, en gewapende groepen veel te laag. […] Selectief stilzwijgen erodeert de normen verder.”

Nederland „kan en moet” meer doen om hulpverleners te beschermen, concluderen de twee adviesorganen, onder voorzitterschap van Bert Koenders (oud-minister en hoogleraar vrede, recht en veiligheid in Leiden) en Cedric Ryngaert (hoogleraar internationaal recht in Utrecht). Om te beginnen: spreek de strijdende partijen aan op geweld tegen hulpverleners, schendingen van het humanitair oorlogsrecht en het politiseren van noodhulp.

Lees ook

Waren de vijftien gedode hulpverleners in Gaza herkenbaar genoeg? ‘Dat is de verkeerde vraag, Israël had nooit mogen schieten’

Palestijnen rouwen om door Israël gedode hulpverleners van de Rode Halve Maan.

Desinformatie over hulpverlening

Behalve oproepen tot internationale samenwerking formuleert het rapport nog een opvallend advies: „Ga desinformatie tegen die bedoeld is om humanitaire hulpverlening in diskrediet te brengen.”

Dat advies komt overeen met het punt dat Hilhorst maakte over de Israëlische argumenten ter rechtvaardiging van de aanvallen op hulpverleners. Ook na de dood van die vijftien ambulancemedewerkers in Gaza was goed zichtbaar dat Israël „maar wat roept”, constateert Hilhorst. „Eerst waren ze gewoon kwijt, toen hadden ze zogenaamd geen licht aan, zouden ze teruggeschoten hebben. Het bleek allemaal niet waar.”

„Stille diplomatie” – daders achter de schermen aanspreken op hun handelen – is „vaak niet afdoende”, aldus het rapport. „Normen die onder druk staan moeten publiekelijk bevestigd worden.” Het advies aan de regering luidt daarom: verzoek structureel om bewijs te delen. Zodat ook een land als Israël niet wegkomt met het „wapperen” met bewijsmateriaal, zoals Hilhorst dat noemt.

Ten slotte blijft de strafrechtelijke route een optie, aldus het rapport. Dat levert op korte termijn weliswaar maar een beperkte bijdrage, omdat bewijsvergaring lastig is en processen lang kunnen duren. Maar het blijft van groot belang voor de „normhandhaving op langere termijn”.

Dat onderschrijft Hilhorst volledig. „Als er Nederlandse burgers bij betrokken zijn, of werknemers van Nederlandse hulporganisaties, zouden dit soort zaken ook voor de Nederlandse rechter gebracht kunnen worden. Zoals we ook Russen hebben berecht voor hun betrokkenheid bij het neerhalen van MH17.”

Je kunt niet iedereen berechten, zegt de hoogleraar. „En er zitten natuurlijk ook grenzen aan de opsporingscapaciteit. Maar het zou Nederland als rechtstaat sieren wanneer het van sommige zaken een voorbeeld zou maken. Neem die ambulance in Gaza: daarvan is zo veel bewijs, alles is gefilmd. Een Nederlandse rechtszaak zou disciplinerend kunnen werken.”

Lees het hele artikel