Favoriet Femke Kok deed naar ieders verwachting iets unieks: olympisch goud op de 500 meter

2 uren geleden 1

Soms zijn dingen gewoon onvermijdelijk, zelfs in een wereld die zo onvoorspelbaar is als de topsport.

Dat Femke Kok olympisch kampioen zou worden op de 500 meter, daar rekende zowat iedereen op. Je kon er bij de wedkantoren op inzetten: Femke Kok tegen de rest van het veld. De bookies achtten de kans zo groot dat de Nederlandse schaatsster zou winnen, dat ze in dat geval minder dan tien procent van de ingelegde bedragen als winst wilden uitkeren. Het was een reputatie die Kok de afgelopen jaren zorgvuldig bij elkaar had geschaatst, met wereldtitels, een wereldrecord en 23 overwinningen op rij.

Maar ze moest het zondagmiddag wel nog even doen, in de laatste rit op het tijdelijke olympisch ijs in Milaan, waar de tribunes opnieuw waren volgelopen met in het oranje geklede toeschouwers in blijde verwachting. „Er zijn gewoon te veel voorbeelden van waar het niet lukte, de afstand is gewoon heel moeilijk, je mag geen foutjes maken”, zei haar coach Gerard van Velde. „Voor veel mensen in de huiskamer lijkt het een een-tweetje, maar je moet de rust maar kunnen bewaren.”

Ze voelde het gewicht van alle verwachtingen zelf ook, zei Kok na afloop. „Ik stond helemaal te shaken bij de start, ik was ook laat weg bij het startschot. Maar toen ging er een soort van knop om in mijn hoofd en dacht ik: deze 500 meter is van mij.”

En zo gebeurde het onvermijdelijke: Kok opende het snelst van iedereen, reed de snelste volle ronde van het veld, en schaatste naar een nieuw olympisch record: 36,49, de vierde tijd ooit gereden door een vrouw.

Na de finish was ze „heel blij”, zei Kok. „Omdat ik de snelste was. Toen zag ik mijn tijd en was ik nog blijer. En toen zag ik Gerard en was ik ook heel opgelucht. Want er was zoveel druk, ik wilde heel graag laten zien dat ik het kon.”

Kok is de eerste Nederlandse vrouw die zich tot olympisch kampioen op de 500 meter liet kronen. Toen Kok, die zichzelf eerst „heel normaal” noemde, daarnaar werd gevraagd, moest ze toegeven: „Dit is wel iets unieks. Dan ben ik denk ik toch niet normaal.”

Niemand schaatst zó mooi

Niemand in het huidige vrouwenschaatsen, misschien Joy Beune daargelaten, schaatst zó mooi als Kok, zit zo diep in de schaatshouding en kan daardoor zo efficiënt de zijwaartse afzetbeweging omzetten in snelheid.

Het is het resultaat van jarenlange training, niet alleen met haar trainers van het gewest Friesland, maar ook met haar vader René, met wie Kok in haar tienerjaren eindeloos ging skeeleren. Fietsend achter zijn dochter bleef hij hameren op de juiste techniek, hij behoedde haar voor al te veel krachttraining, zag erop toe dat ze ook aan haar conditie bleef werken.

Lees ook

Waarom Femke Kok de snelste schaatsster ter wereld is

Femke Kok tijdens het OKT afgelopen december.

Het leidde ertoe dat Kok op drie afstanden wereldkampioen werd bij de junioren en in 2019 zich als negentienjarige naar het brons schaatste op het NK. Dat was zo’n grote verrassing dat Kok destijds niet wist dat ze zich daarmee ook voor de WK afstanden later dat seizoen had geplaatst.

Daarna stonden de commerciële schaatsploegen voor Kok in de rij. Ze koos voor Reggeborgh omdat ze daar kon aansluiten bij de sprintploeg en omdat die ploeg haar verzekerde dat ze niet al te veel krachttraining hoefde te doen. Kok en haar vader waren bang dat ze daarmee haar lichaam kapot zou maken.

Sindsdien bracht hoofdcoach Van Velde Kok naar een nog hoger niveau. Het begon met een reeks overwinningen in de wereldbeker, waardoor Kok al in 2022 als medaillekandidaat naar de Winterspelen in Beijing afreisde. Daar werd ze echter teleurstellend zesde.

Kok bleef daarna maar beter worden. Het jaar erna werd ze voor het eerst wereldkampioen op de 500 meter, het begin van een reeks wereldtitels die tot nu voortduurt. En sinds februari 2024 verloor ze helemaal geen wedstrijd meer over de kortste afstand in het schaatsen. Het wereldrecord volgde afgelopen najaar, toen ze de twaalf jaar overeind gebleven tijd van de Zuid-Koreaanse Sang-Hwa Lee (36,36) verbeterde naar 36,06.    

‘Levenswerk’ voor Van Velde

Zo reisde Kok als torenhoge favoriet naar Italië. Al werd er in de dagen na de 1.000 meter door sommigen nog gedacht dat Jutta Leerdam het spannend zou kunnen maken en dicht bij Kok zou kunnen komen; in haar winnende race was Leerdam afgelopen maandag over zeshonderd meter 0,19 seconde sneller.

Zondag liet Kok echter zien dat er écht helemaal niemand sneller is op de kortste afstand dan zij. En ze deed het op dezelfde manier als Leerdam won; in de laatste rit, met alle druk die daarbij kwam kijken. Daarmee liet Kok definitief zien dat ze de wedstrijdzenuwen die haar in haar tienerjaren tot overgeven aan toe parten speelden, onder controle heeft. Ook de oude angst voor het nemen van de laatste binnenbocht op topsnelheid speelde niet meer mee, zei ze. „Ik zag Jenning [de Boo, die zilver won op de 500 meter] gisteren zo hard door de bocht gaan, toen dacht ik: ik ga sowieso langzamer, dus dat moet ik ook kunnen.”

Achter Kok was het gat naar de rest enorm. Leerdam, die maandag olympisch kampioen werd op de 1.000 meter, liet haar goede vorm opnieuw zien door tweede te worden, op een bescheiden 0,66 seconden. Daarachter liepen de tijden nog veel sneller op. Het gat tussen Kok en Leerdam was bijna net zo groot als tussen Leerdam en de Koreaanse Na-Hyun Lee, die tiende werd op 1,37 seconde. „Echt heel vet dat we nu allebei goud en zilver hebben”, zei Leerdam, die heel tevreden was met haar zilveren medaille. „Dit is voor het Nederlandse sprinten op de langebaan echt heel mooi.”

Coach Van Velde zag ook hoe de Nederlandse vrouwen dit olympisch sprinttoernooi domineerden en was daar bijzonder blij mee. Hij noemde Koks gouden medaille zijn „levenswerk”. Zijn hele carrière, eerst als schaatser en later als coach, is hij al bezig het sprinten in Nederland naar een hoger niveau te krijgen, zei Van Velde. „Ik ben er al in de jaren negentig mee begonnen, toen hadden we helemaal niks. Met vallen en opstaan hebben we het naar boven geholpen. Dat ik nu mijn steentje heb kunnen bijdragen aan de olympische medailles van Michel Mulder [die als eerste Nederlandse man goud won op de 500 meter  in 2014, red.] en nu Femke Kok, is voor mij heel belangrijk.”

De twee vrouwen die de afgelopen week geschiedenis schreven zochten elkaar na de wedstrijd op, net zoals ze na de 1.000 meter deden. Ze gaven elkaar een knuffel en begonnen samen aan een ererondje. Daarna gaf Leerdam al snel een duwtje aan Kok, zo van: ga jij maar voor. Dit was haar moment.

Lees ook

Leerdam rijdt met ‘kunstwerk’ van een rit naar het goud waar ze jaren naartoe werkte

Jutta Leerdam nadat ze de gouden tijd heeft geschaatst op de 1.000 meter in Milaan.
Lees het hele artikel