Hoe Thialf het schopte tot de beoogde schaatslocatie van de Franse Winterspelen

1 uur geleden 1

Het stadion is leeg en er ligt geen ijs in Thialf als er in mei 2024 een kleine Franse delegatie Heerenveen aandoet. Het is een spontaan bezoek, ingegeven door een privé-bezoek aan Nederland van de persoonlijk adviseur van de voorzitter van het Franse olympisch comité. Het verzoek voor een rondleiding komt pas zo laat binnen dat Herbert Wolff, die namens sportkoepel NOC-NSF projectleider zal worden van het Nederlandse bid om het olympische schaatsen naar Friesland te halen, er niet bij kan zijn omdat hij met vakantie is in Engeland.

Alexis Contin is er die dag wel bij. Hij kent Thialf en de Nederlandse schaatswereld op zijn duimpje, na een lange carrière als langebaanschaatser bij Nederlandse teams waarin hij drie WK-medailles op de massastart won. Hem is gevraagd om zijn landgenoten uit te leggen wat het schaatsen in Nederland betekent.

Thialf is een plek, zo vertelt Contin zijn medebezoekers die dag, waar je tijdens een groot toernooi de grond kan voelen trillen in het krachthonk als er een Nederlandse schaatser aan de start verschijnt. „Ook al was het leeg, ze vonden het erg indrukwekkend”, herinnert Contin zich. „Als je schaatsen alleen maar kent van wat beelden die eens in de vier jaar voorbijkomen, dan heeft een stadion met twaalfduizend plekken wel een ‘wow’-effect.”

De Franse Alpen zullen pas later dat jaar de Winterspelen van 2030 krijgen toegewezen door het Internationaal Olympisch Comité (IOC). Maar in Frankrijk weten ze dan al dat het IOC nieuwe criteria heeft nadat eigen onderzoek uitwees dat de Winterspelen vanaf 2040 vanwege klimaatverandering waarschijnlijk nog maar op tien plekken wereldwijd kunnen plaatsvinden. Dus wil het IOC dat de Spelen duurzamer en goedkoper worden, en om dat te realiseren niet meer op één locatie georganiseerd worden maar in grotere regio’s zoals afgelopen februari het geval was in Italië.

In het bid dat de Fransen indienen staat dan ook dat ze de Spelen in verschillende clusters in en rond de Franse Alpen en Nice willen laten plaatsvinden. En omdat Frankrijk geen overdekte 400-meterbaan heeft, willen ze het langebaanschaatsen in het buitenland organiseren – een primeur in de geschiedenis van de olympische beweging.

Lees ook

Duurzaam of juist niet: de Winterspelen van 2030 in Frankrijk

De skischans in Courchevel

In Nederland is men zich ervan bewust dat dit een unieke kans biedt om de Spelen binnen te halen. Thialf is al even kort maar nooit serieus in beeld geweest bij de Italianen voor de Winterspelen van Milaan-Cortina 2026, waar uiteindelijk wordt gekozen voor een tijdelijke baan. Daarna vraagt Zwitserland, dat ook meedingt naar de toewijzing van 2030, of Nederland de olympische schaatswedstrijden zou willen organiseren. Dat idee kan de prullenbak in als het IOC voor de Franse Alpen kiest.

Als Thialf kort daarna in een persconferentie van het Franse organisatiecomité Cojop ter sprake komt, weten ze in Nederland dat ze in beeld zijn, net als de Oval Lingotto in het Italiaanse Turijn. „Daarna was het afwachten”, zegt Wolff van NOC-NSF. „We wilden graag bijdragen aan de toekomst van de Spelen, maar het was niet aan ons om Frankrijk te benaderen. Zij moesten naar ons komen, en we wisten dat het niet onlogisch zou zijn dat ze Thialf zouden overwegen als snelste laaglandbaan ter wereld.”

Gastronomisch netwerken

Op het landgoed Lauswolt, een vijfsterrenhotel in Beetsterzwaag waar ooit de basis werd gelegd voor het kabinet-Balkende IV, staat in april 2025 alles klaar voor een belangrijke lunch. Edgar Grospiron, de voorzitter van Cojop, is met een flinke Franse delegatie afgereisd naar Nederland. Op Schiphol zijn ze opgewacht door hun Nederlandse gastheren, met een bus is gezamenlijk de tocht naar het noorden ingezet.

Als ze op het Friese landgoed aankomen, blijkt aan elk detail te zijn gedacht: aan tafel wordt Fries suikerbrood geserveerd, er worden uitsluitend Franse wijnen geschonken. Zo willen de Nederlanders laten zien aan hun gasten dat zij oog hebben voor de Franse cultuur van gastronomisch netwerken.

Het is tijdens dit bezoek dat Nederland een officieel verzoek van de Fransen ontvangt voor de organisatie van het olympisch schaatstoernooi. Vanaf dat moment wordt er een projectgroep opgericht met daarin NOC-NSF, Thialf, de gemeente Heerenveen, de provincie Friesland, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en schaatsbond KNSB.

Femke Kok en Jenning De Boo maken een ereronde op de laatste dag van de WK allround en sprint in Thialf, afgelopen maart.

Foto Sem van der Wal/ANP

De kennis en ervaring van de KNSB is cruciaal voor het Nederlandse bid. De schaatsbond organiseert alle (inter)nationale wedstrijden in Heerenveen, zoals wereldbekerwedstrijden, EK’s of WK’s; toernooien die vrijwel jaarlijks in Thialf verreden worden. Dat zou de KNSB ook tijdens de Spelen moeten doen.

Die verantwoordelijkheid zouden de Nederlanders dan delen met de Fransen, en daarin heeft de KNSB haar Franse evenknie iets bijzonders te bieden: toegang tot de faciliteiten van Thialf en de Nederlandse kennis over schaatsen. „Een van de vragen die de Fransen hadden was: hoe kunnen we dit samen organiseren?”, zegt Freek van der Wart, die namens de KNSB in de projectgroep zit.

Als de keuze definitief op Thialf valt, mogen Franse topschaatsers tot 2030 trainen in Heerenveen. Op hun beurt zullen de Fransen hun kennis over inlineskaten, waarin zij groter zijn dan Nederland, met de KNSB delen. „Het belangrijkste voor de Fransen”, zegt Van der Wart, „is dat hun schaatsers goed voorbereid aan de Spelen kunnen beginnen en een boost krijgen als ze hier rijden.”

Stempelkaart van de Koning

Terwijl op 7 februari op de tijdelijke schaatsbaan in een Milanese beurshal het eerste schaatsgoud van de Winterspelen verrassend naar de Italiaanse Francesca Lollobrigida gaat, wordt er vijf kilometer verderop in een zeventiende-eeuwse villa een tentoonstelling over Nederland en schaatsen geopend. Er zijn foto’s van schaatsende mensen op de Amsterdamse Prinsengracht, de eerste klapschaats ligt in een vitrine, net als de stempelkaart van W.A. van Buren, de schuilnaam van Koning Willem-Alexander toen hij als kroonprins de Elfstedentocht van 1997 uitreed.

De tentoonstelling is onderdeel van de Nederlandse lobby. Eerder die week is een officieel bidbook voor Thialf ingediend en nu is er een grote delegatie naar Milaan afgereisd, onder wie Avine Fokkens-Kelder, de burgemeester van Heerenveen, en gedeputeerde Abel Kooistra (Sport, BBB) van de provincie Friesland, samen met vertegenwoordigers van NOC-NSF, de KNSB, Thialf en anderen.

De gemeente Heerenveen is het afgelopen jaar druk geweest met het zoeken naar een locatie voor het olympisch dorp, en de provincie heeft een rol gespeeld bij de heropening van het treinstation nabij Thialf eerder dit jaar. „Die wens lag er al veel langer”, zegt Kooistra, „maar we hebben het treinstation ook deels geopend met het oog op de lange termijn.”

Bij het Franse organisatiecomité Cojop is het intussen onrustig, eigenlijk al sinds de oprichting in 2024. Er zijn door interne strubbelingen meerdere mensen opgestapt en veel werk heeft vertraging opgelopen, tot woede van onder meer de Franse president Emmanuel Macron, die zich persoonlijk met de chaos bemoeit om een blamage voor zijn land te voorkomen.

De Nederlandse delegatie wil zich in Milaan als een partner voor de Fransen profileren die rust kan brengen. „De ontmoeting die we daar met Cojop hadden was heel belangrijk”, zegt Wolff, die zich herinnert hoe iedereen bij elkaar zat in de lobby van een Milanees hotel. Waar er oorspronkelijk vijftien minuten waren ingepland, werden dat er vijf kwartier, zegt Wolff. „We straalden eenheid uit, vulden elkaar aan, lieten echt zien dat we samen een succes wilden maken van de Franse Spelen.”

Hoewel de sfeer informeel en goed is, houden de Fransen zich op de vlakte over de toewijzing. Ze willen het proces netjes en formeel afhandelen, en voor de Nederlanders blijft het gissen hoe hun kansen liggen. Al houdt burgemeester Fokkens-Kelder aan haar gesprek met de Franse Cojop-voorzitter Grospiron een goed gevoel over. „Daar kreeg ik het idee dat dit wel eens de goede kant op kon gaan.”

Luchtbrug

Op maandag 11 mei begint het Franse organisatiecomité om 14.00 uur aan de vergadering waarin een beslissing zal vallen over het lot van Thialf en Turijn. Er staat meer op de agenda: de benoeming van een nieuwe directeur-generaal, die een einde moet maken aan de onrust in de Franse organisatie.

De middag verstrijkt, en vanuit Frankrijk blijft het stil. Projectleider Wolff ziet dat zijn appjes niet gelezen worden. Net als hij aan het avondeten zit, komt er een mailtje binnen van Cojop. In een formele brief schrijven de Fransen dat ze „exclusief” met Nederland verder willen praten over de organisatie van het olympisch schaatsen in 2030. Later op de avond belt Grospiron hem persoonlijk op om zijn felicitaties over te brengen, én verder vooruit te kijken.

Een van de uitdagingen die er ligt, is het wegnemen van de scepsis onder topschaatsers. Olympische medaillewinnaars als Jenning de Boo en de Noor Sander Eitrem toonden zich op de Spelen van Milaan al kritisch; de schaatssport zou er maar een beetje bijhangen met wedstrijden op meer dan 1.000 kilometer afstand van de rest van de Spelen.

Ook na de bekendmaking van afgelopen maandag zijn de meeste schaatsers niet overtuigd. „Ik heb er een dubbel gevoel over”, zegt Kjeld Nuis, die op de laatste drie Spelen twee gouden en een bronzen medaille won op de 1.500 meter. „Mooi dat het in Thialf is, maar ik denk dat het olympische gevoel zal missen.” Die angst lijken veel Nederlandse schaatsers – onder wie Antoinette Rijpma-de Jong, Femke Kok, Marijke Groenewoud, Angel Daleman en Jorrit Bergsma – met hem te delen.

De Nederlandse organisatie is er van overtuigd dat het wél kan, het organiseren van een schaatstoernooi met een Frans en olympisch karakter in Friesland. Als onderdeel van de pitch voor Thialf zijn schetsen ingediend over de aankleding van de schaatshal én van het straatbeeld in Heerenveen, zodat de hele stad olympisch zal aandoen. Tussen de wedstrijden door moeten in de schaatshal chansons gedraaid worden in plaats van Nederlandse hits, er zal Frans voedsel worden verkocht in de kiosken op de omloop, en de Friese pompeblêdden aan de muren zullen plaatsmaken voor de Franse huisstijl die in alle olympische stadions te zien zal zijn.

Toen de Fransen op bezoek kwamen in Heerenveen, was de gang onder de ijsbaan in Thialf in Franse sferen aangekleed.

Foto Like a Boss

In het laatste bezoek dat de Fransen aan Heerenveen brengen voordat er besloten wordt alleen met Thialf verder te praten, wordt er ook een bezoek gebracht aan een locatie in de Friese stad waar het olympisch dorp zou kunnen verschijnen. Daarnaast speelt de organisatie met het idee van een luchtbrug tussen Frankrijk en Friesland, zodat belangrijke bezoekers als de Koning, IOC-bobo’s, en sporters makkelijk op meerdere locaties kunnen komen; bijvoorbeeld als ze moeten schaatsen in Heerenveen en shorttracken in Nice, of als ze de slotceremonie in de Franse badplaats willen meemaken. Wolff: „We wilden laten zien dat we het heel belangrijk vinden dat die olympische sfeer er straks wel is.”

WK-finale

Voordat eind juni de definitieve beslissing valt tijdens een IOC-vergadering in het Zwitserse Lausanne, vindt nog de laatste fase van de onderhandelingen plaats, waarin het draait om geld: wie draagt welk deel van de kosten, wie krijgt welk deel van de (kaartverkoop)inkomsten?

Voor de organisatie van het olympisch schaatstoernooi heeft Nederland een aparte begroting moeten indienen. Die staat los van de exploitatie van Thialf, de schaatshal die de afgelopen decennia herhaaldelijk afhankelijk is geweest van overheidsgeld om open te blijven. Onlangs werd bekend dat er de komende jaren een tekort van 7 miljoen euro zal ontstaan vanwege tegenvallende inkomsten.

Lees ook

Waarom is de exploitatie van ijsstadions zo moeizaam?

De massastart van de mannen tijdens de  NK afstanden in   Thialf.

Toch verzekeren de provincie Friesland en de gemeente Heerenveen, die nu al jaarlijks voor tonnen aan financiële steun verstrekken aan Thialf, dat er genoeg geld zal zijn voor de komst van de Spelen. „Dit is een iconisch evenement en daar is financiële ruimte voor”, zegt gedeputeerde Kooistra.

Zulke garanties zijn noodzakelijk voor de definitieve toewijzing, weten ze in het Nederlandse kamp, waar ze ondanks alle gunstige voortekenen voorzichtig blijven. „Ik heb teveel projecten meegemaakt waar het op het laatst toch anders liep”, zegt Wolff. Het gezamenlijke mantra in Nederland is: er moet nog veel gebeuren. „Dit is slechts een processtap”, zegt Van der Wart van de KNSB. Wolff vergelijkt het met het WK voetbal van 2010, toen het Nederlands elftal de finale haalde. „Maar die moet je nog wel winnen.”

Toch lijkt ook Wolff vertrouwen te hebben in een goede afloop, blijkt als hij vertelt over een nieuwe vakantie van twee weken die hij heeft geboekt. „Als ik het idee had gehad dat dit nog allemaal mis zou kunnen gaan, had ik die wel gecanceld.”

Lees het hele artikel