In de Peel is de natuur er slecht aan toe en rouwen boeren nu al om hun land. Wat gaat het stikstofpakket betekenen?

2 uren geleden 1

Op de voersilo bij Yvon Manders-Lenssen (38) op het erf zit een afgebladderde sticker. „Den Haag, wij zijn het zat”, staat er. Ooit opgeplakt door de opa van haar man Erik. Er zijn altijd periodes geweest, zegt Manders-Lenssen, dat boeren en de Haagse politiek met elkaar overhoop lagen.

Zij en haar man hebben al veel zorgen. Wat doet het weer? Hoe ontwikkelen de zuivelprijzen zich? Ze willen zich niet ook nog zorgen maken over de politiek. Genoeg collega’s heeft ze gezien die daar last van krijgen, altijd bang zijn om hun bedrijf te verliezen. „Wij willen vooruit, wat er ook gebeurt”, zegt ze. Zes jaar geleden namen zij en Erik het bedrijf van zijn ouders over. Midden in de Brabantse Peel. 130 melkkoeien, 70 stuks jongvee, 800 vleesvarkens, allemaal op één bedrijf aan huis.

Deze vrijdag kwam het kabinet met een groot stikstofpakket dat de natuur moet herstellen en duizenden boeren zal raken. Doordat er jaren te veel stikstof is neergedaald op kwetsbare natuur kunnen in Nederland sinds 2019, na een uitspraak van de Raad van State, veel minder vergunningen worden verleend om huizen te bouwen, wegen aan te leggen, het elektriciteitsnetwerk uit te breiden en boerderijen te vernieuwen en verduurzamen. Na zeven jaar politiek geruzie, boerenprotesten en een economie die deels plat ligt, wil het minderheidskabinet van D66, CDA en VVD het probleem nu eindelijk oplossen.

Rond circa honderd beschermde natuurgebieden komt een ‘stikstofzone’ te liggen waar boeren en bedrijven veel duurzamer moeten werken, moeten verhuizen of in het uiterste geval stoppen. In vijftien gebieden, waaronder De Peel, gaat het om een zone van 1 kilometer, waarin boeren hun bedrijven dus stevig moeten aanpassen en het de vraag is of ze dat redden.

Ik zie het wel gebeuren dat boeren weer de straat op gaan. Het kan niet anders dan dat veel collega’s dit niet gaan redden

Zevenhonderd meter zit Manders-Lenssen hier van het beschermde natuurgebied De Bult, onderdeel van de Deursche- en Mariapeel, een groot en kwetsbaar hoogveengebied waar bijzondere planten en dieren te vinden zijn. Ooit een enorm veenmoeras, dat vanaf het midden van de negentiende eeuw – met steun van de overheid – op grote schaal werd afgegraven om turf te winnen en vervolgens is bebouwd door boeren. Nu verdroogt het veen en staat de waterkwaliteit al jaren onder druk.

Manders-Lenssen en haar man kunnen niet anders dan zich met de politiek bezighouden. Al voor de bekendmaking van het ‘stikstofpakket’ liet het kabinet in samenwerking met gemeenten, provincies en waterschappen weten dat voor de Pelen driehonderd miljoen euro beschikbaar is, ook voor het stukje natuur – De Bult – waar zij naast wonen. Hoe dat geld precies besteed zal worden, moet in de regio met de boeren worden afgesproken. Naar geld om de „sociaaleconomische gevolgen te dempen” wordt nog gezocht, zei minister Jaimi van Essen (Landbouw, D66) vorige week.

Manders-Lenssen: „Ik hoop dat de minister zich realiseert wat je met de levens van mensen doet.”

Merlin Daleman

Manders-Lenssen heeft veel vragen, want ook uit het plan wordt niet alles helder. Wat moeten boeren die in dat gebied wonen precies doen? De minister heeft gezegd dat bínnen de ‘bufferzones’ de pijn ook verdeeld kan worden tussen boeren en bedrijven, maar hoe dan precies? Kunnen ze verder op deze plek?

Manders-Lenssen: „Het wordt hier pats-boem neergegooid vanuit Den Haag om uit dat stikstofprobleem te komen, maar wij leven en werken hier elke dag, hè. We wachten af, maar ik zie het wel gebeuren dat boeren weer de straat op gaan. Het kan niet anders dan dat veel collega’s dit niet gaan redden. Ik hoop dat de minister zich realiseert wat je met de levens van mensen doet.”

Verliefd in de dorpskroeg

Astrid en Dirk Geboers werden verliefd in het dorpscafé van Liessel, midden jaren negentig. Na de eerste ontmoeting was het bellen met de vaste telefoon. Hij in de melkveestal, een apparaat met een grote antenne. Zij thuis in de gang, toestel met een lange draad. Terwijl bijna niemand het er toen nog over had, gingen hun gesprekken al over uitstoot, stikstof, ammoniak en neerslag op de Peel, waar de boerderij van zijn ouders vlak tegenaan lag.

Veertig melkkoeien hadden zijn ouders in het begin. Dirk Geboers ging elke dag van school naar huis, zag dan zijn vader achter op het land bezig en ging helpen. „Mijn maat” noemt hij zijn vader nog steeds. Ze bouwden het bedrijf samen met zijn broer Frans uit tot een melkveehouderij met 135 koeien op een paar locaties en halverwege de jaren negentig betrokken Dirk en Astrid de boerderij. Zijn ouders gingen in de buurt wonen.

Er werden rechtszaken tegen hen aangespannen. Werkgroep Behoud de Peel, opgericht in 1978, had al vroeg gezien dat agrarische bedrijven de natuur belasten – de uitstoot van stikstof en andere stoffen was eind jaren tachtig op een hoogtepunt – en wilde daar iets tegenover stellen. Soms moesten Astrid en Dirk Geboers tot aan de Raad van State gaan om hun bedrijf te kunnen behouden, maar dat lukte wel.

Gestopte boeren Dirk en Astrid Geboers.

Foto Merlin Daleman

Wat nu in het hele land gebeurt – boeren die onder druk staan rond kwetsbare natuurgebieden – was bij hen al langer aan de gang. Het was Werkgroep Behoud de Peel die in 2019, samen met enkele andere partijen, de grote juridische overwinning behaalde bij de Raad van State waardoor de overheid gedwongen werd natuurherstel niet langer uit te stellen, het feitelijke begin van de stikstofcrisis.

In 2007 wilde de provincie Noord-Brabant hen voor het eerst uitkopen. Ze hielden het af. „Dit is mijn vak, hè, mijn leven”, zei Dirk Geboers steeds. Ze hoopten dat een van hun kinderen – ze hebben drie dochters – ooit op hun grond zou gaan boeren. Maar toen de provincie vijf jaar later weer kwam en dreigde met een onteigeningsprocedure, voelden ze hun verzet breken. Elke keer die procedures, alles uitzoeken, juridische hulp inschakelen, stress, slapeloosheid. Dirk die woedend opstond, elke ochtend. Astrid die van de kinderen te horen kreeg dat ze áltijd achter de computer zat als zij iets leuks met haar wilden doen.

In 2015 werden de handtekeningen gezet bij de notaris. Dirk: „Ik heb een krabbel gezet en ben naar buiten gelopen. Ik was gebroken.” Astrids moeder was diezelfde week naar het verpleeghuis gegaan, het ging thuis niet meer vanwege haar dementie. Astrid: „Ik was in één week mijn huis en mijn thuis kwijt.”

De afspraak was dat ze nog vijf jaar op hun grond zouden boeren. Daarna, nu zes jaar geleden, moesten ze het huis en de stallen bezemschoon opleveren. Er kwamen nog even anti-krakers in voordat het land werd teruggegeven aan het water. Dirk: „Ik wilde die laatste dag de sleutel symbolisch weggeven, maar de man die het moest regelen voor de anti-krakers keek er niet eens naar. Die ging met een boormachine de sloten vervangen.”

Ze wonen nu een eindje verderop. Jaren zijn ze omgereden om er maar niet langs te hoeven. Op een gegeven moment sloeg het wielrenclubje van Astrid toevallig dat pad in. Ze stopte even aan de rand. Ik weet niet hoor, zei ze. Kom op, zeiden de anderen. Allebei hebben ze traumatherapie gehad.

‘We zien al hydrologisch herstel’

Op de plek waar hun boerderij stond is nu water. Het Leegveld, heet het. Hier is 940 hectare aan bestaande natuur verbeterd, 180 hectare nieuwe natuur aangelegd, stuwen geplaatst, het waterpeil verhoogd. „We zien nu al hydrologisch herstel”, vertelt droogtecoördinator Jos Kruit van Waterschap Aa en Maas. „Grondwaterstanden zijn hoger, het waterpeil is stabieler. Dat heeft hoogveen nodig om gezond te blijven. En dat is belangrijk, want het houdt enorm veel water en Co2 vast.”

Waar de boerderij stond steekt een bomenrij uit de veengrond. „Hier stond vroeger een boerderij”, staat op een bordje, met daaronder drie alinea’s over de vleermuizen die in het gebied leven. Astrid Geboers: „Die vleermuizen zijn kennelijk belangrijker dan de boeren.”

Als hen wordt gevraagd of het nog pijn doet zeggen ze ‘nee’, maar slaan ze bijna meteen hun handen voor hun ogen

Dirk Geboers kreeg in de periode van de verkoop de ziekte van Lyme en sliep zeven jaar lang bijna twaalf uur per dag. Daarna ging het beter. Hij is nu akkerbouwer, niet meer fulltime.

De vergoeding die ze kregen was marktconform, ze konden er een nieuw huis met wat land voor kopen. Als hen wordt gevraagd of het nog pijn doet, zeggen ze ‘nee’, maar slaan ze bijna meteen hun handen voor hun ogen. Hun dochter werkt nu bij een melkveehouder. Laatst liet ze foto’s zien, ze was bezig met de kalfjes. Astrid: „Dat had ze thuis moeten doen. Zo is het bedoeld, dat je het doorgeeft van generatie op generatie. Als je nu ziet wat het kabinet doet, dan weten we dat veel boeren dit gaan doormaken. Verschrikkelijk.”

Cultuurhistorische omslag

In de schuur staan gekapte berkenbomen uit het Leegveld. Dirk Geboers heeft ze er samen met kunstenaar Erik van Lieshout naartoe gesleept. Er is een buizenstelsel doorheen gemaakt waar Van Lieshout geluiden in kan ‘pompen’. Het heeft iets griezeligs als hij de installatie aanzet. Van Lieshout, internationaal gelauwerd kunstenaar, werkt al een aantal jaar rond De Peel. Een film en kunstwerken werden in Het Noordbrabants Museum vertoond.

Hij is geboren in Deurne, vlakbij. Toen hij jong was, heeft hij nog jaren als vrijwilliger bij Werkgroep Behoud de Peel gewerkt, en hij laat luidkeels van zich horen als hij vindt dat de boeren te weinig aandacht hebben voor het effect dat hun bedrijven hebben op de natuur.

De laatste tijd werkt hij samen met ‘actieonderzoeker’ Ties van Daal van DRIFT, een instituut dat onderdeel is van de Erasmus Universiteit en duurzaamheidstransities onderzoekt. Ze hebben veel boeren gesproken, maar ook bestuurders, mensen van milieuorganisaties en politici. In deze regio zijn de afgelopen jaren tientallen boeren gestopt, vaak omdat ze meededen aan een uitkoopregeling van de overheid. „Er is een enorme cultuurhistorische omslag aan de gang op mijn geboortegrond. Die wil ik vastleggen”, zegt Van Lieshout.

Erik van Lieshout, internationaal gelauwerd kunstenaar, werkt al een aantal jaar rond De Peel.

Foto Merlin Daleman

Van Daal: „Het gaat niet goed met de Peel. Als het hoogveen hier verdroogt heb je een probleem. Dan komt er veel koolstof en stikstof vrij, en verdwijnen bijzondere dieren en planten, waardoor de biodiversiteit achteruit holt. Boeren zijn een factor in het verslechteren van dat veen, maar zij zijn hier ooit gekomen omdat de overheid dat toestond. Nu wil de overheid hen vaak weg hebben, maar is er weinig aandacht voor hun pijn.”

Van Lieshout: „Overal in het gebied rouwen mensen. Er moet ruimte zijn om dat verlies te verwerken, ook al zijn de ingrepen goed voor de natuur en biodiversiteit. Als je daar niks mee doet, komen mensen tegenover elkaar te staan.”

Voor de kinderen

Het zou kunnen dat ze hier weg moeten, dat weet Yvon Manders-Lenssen wel. Als de nood aan de man komt, kunnen ze stoppen met de varkens en die stal afbreken – dat scheelt veel uitstoot. Of ze plaatsen daar een luchtwasser, om de stal duurzamer te maken. Er zijn dus nog mogelijkheden om de natuur te ontlasten, maar die kosten veel geld en dat betekent een bedrijfsrisico, „want de zuivelmarkt kan zomaar omslaan”.

De meeste zorgen heeft ze over de mest. Zij produceren meer mest dan ze op hun eigen land kunnen uitrijden. De overheid wil dat er ‘grondgebonden’ gewerkt gaat worden, in een ‘gesloten kringloop’ – boeren moeten wat ze produceren kwijt op eigen grond. Terwijl zij al jaren hun mest met akkerbouwers in de buurt ruilen voor maïs en andere voedergewassen. In het kabinetsplan staat wel dat zulke ruilhandel in de eigen omgeving mogelijk blijft, maar of Manders-Lenssen al haar vee kan houden is de vraag. „Extra grond kopen is een optie om aan de nieuwe normen te voldoen, maar dat is voor ons veel te duur en er is hier in de buurt ook helemaal niks beschikbaar.”

Uiteindelijk telt voor haar en Erik maar één ding: ze willen de boerderij behouden voor hun kinderen. Drie jongens: 7, 4 en 2 jaar. Ver weg natuurlijk, maar mochten ze ooit het vak in willen, dan moet en zal de boerderij er nog zijn, zegt ze. „Dat is wat elke boer ten diepste wil. De grond doorgeven. Daarom willen wij er het liefste samen uitkomen met de organisaties die de natuur beheren en de overheid. Anders raken we alles kwijt.”

Lees het hele artikel