Honderd jaar geleden kocht Charlotte Meyers grootvader etsen van Rembrandt. Nadat hij ze veilig had opgeborgen in een kluis, keek niemand in de familie er meer naar om. Maar na het overlijden van haar moeder haalde Meyer het mapje met de etsen uit de kluis en ging op onderzoek uit. Na een bezoek aan het Rembrandthuis, met de etsen in een plastic tasje om niet op te vallen, wist ze waar ze naar keek: 35 etsen van Rembrandt, in goede staat. Sindsdien is Meyer verslingerd aan de 17de-eeuwse meester en is ze haar verzameling aan het uitbreiden. Na een tentoonstelling in het Duitse Stade is haar collectie nu voor het eerst in Nederland te zien op de tentoonstelling Van donker naar licht in het Stedelijk Museum Zutphen.
„Mijn grootmoeder en moeder hadden geen enkele behoefte om de map openbaar te maken – een kwestie van karakter denk ik”, vertelt Meyer tijdens een videogesprek. „Mijn grootvader kocht de etsen voor een paar gulden. De etskunst was destijds in de vergetelheid geraakt”. Ze heeft haar opa nooit gekend, maar ze weet dat hij een „kundig verzamelaar was”, met oog voor kwaliteit. „Die drive om te verzamelen heb ik van hem denk ik.”
Op de tentoonstelling Van donker naar licht worden niet alleen etsen getoond. Aan de muur hangen ook prenten van Amsterdam als epicentrum van de wereld, en op zaal staan objecten zoals zilverwerk en porseleinen vazen uit de zeventiende eeuw. „Rembrandt heeft wel genrestukken gemaakt, maar weinig huiselijke taferelen, daarom wilden we hem in zijn tijd plaatsen”, vertelt Meyer. Bijna alles op de tentoonstelling is afkomstig uit haar privécollectie. De verzamelaar wil niets kwijt over zichzelf en haar familie, behalve dat ze „liefhebbers zijn van kunst”. Ze is bang voor pottenkijkers. „Bovendien”, zegt ze, „moet het allemaal om Rembrandt draaien.”
Slijtage van de etsplaten
Rembrandt maakte ongeveer 290 etsen, waarvan een onbekend aantal afdrukken zijn gemaakt. Tot lang na Rembrandts dood in 1669 werden er afdrukken gemaakt met zijn etsplaten. Maar de kwaliteit van de prenten werd steeds slechter door slijtage van de etsplaten. Voor verzamelaars is het onder meer belangrijk of de prent tijdens Rembrandts leven is gedrukt, dan spreekt men van een „originele ets”. Meyers collectie bestaat grotendeels uit originele etsen.
Toen Meyer ontdekte dat de etsen waardevol waren, is ze zich in Rembrandt gaan verdiepen. „Er zit zo veel kracht in zijn etsen. Zo veel technisch vernuft. Als je hem bestudeert, zie je pas hoe groot Rembrandt is geweest.” De vondst heeft haar leven veranderd. „Ik wist niet dat ik het in me had om ergens zo gepassioneerd over te zijn. Ik ben echt verslaafd geraakt als ik eerlijk ben. Een goede verslaving, maar wel een dure.” Meyer heeft inmiddels nog meer dan 30 etsen van Rembrandt toegevoegd aan haar collectie, maar ze verzamelt ook etsen van onder anderen Jan Saenredam en Wenceslaus Hollar. En de honger is nog niet gestild: „Ik begin pas net.”
Het verzamelen gaat via contacten die ze opdoet in het etswereldje. „Kunstschilder Paul Versteeg, mijn zwager die nog met Marc Chagall heeft gewerkt, zei tegen me dat ik naar Parijs moest gaan.” Daar, in het 6de arrondissement, was het meteen raak. „In een van die galeries lag een prachtige Rembrandt op me te wachten, die heb ik meteen gekocht.”
De erotische etsen behoren tot haar favorieten. „Vóór Rembrandts tijd waren naakten heel erg geïdealiseerd. Rembrandt etste lichamen zoals ze waren, met imperfecties als schoonheid.” Meyer houdt ook van etsen waar Rembrandts eigen imperfecties aan het licht komen. De ets Petrus en Johannes genezen de kreupele bij de tempelpoort wordt door sommigen als „mislukt” beschouwd omdat de ogen kleine zwarte gaten zijn. „Deze ets is bij verzamelaars niet zo populair omdat je kunt zien dat hij fouten heeft gemaakt. Maar hij maakte deze toen zijn eigen zicht achteruit ging.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/26155429/270326MAG_2032488730_ets.jpg)
Rembrandt van Rijn: ‘Petrus en Johannes genezen de kreupele bij de tempelpoort, 1659.
‘Een heel leuke vondst’
Epco Runia, hoofd collecties van het Rembrandthuis, kent de etsen uit Meyers collectie. „Ze verkeren in goede staat, omdat ze honderd jaar lang in een kluis hebben gelegen.” Hij vindt het een bijzondere en leuke vondst. „Het is niet dat de prenten uniek zijn, maar het is wel de eerste keer dat ik meemaak dat zo’n grote groep bij elkaar wordt gevonden. En er zitten een paar hele leuke tussen. Bijvoorbeeld het zelfportret, dat is heel typisch voor Rembrandt.” Runia vertelt dat de etsen gemaakt zijn om als kunst verkocht te worden. „Zijn tekeningen zijn oefeningen, maar de etsen zijn echt voltooide kunstwerken. Het is een kunstvorm op zichzelf.”
Verzamelaars in Rembrandts tijd verschilden eigenlijk niet zo veel van verzamelaars als Charlotte Meyer, zegt Runia. „In de 17de eeuw veranderde de kunstmarkt. Eerst wilden mensen iets voor aan muur, of een religieus werk. Tijdens Rembrandts leven gingen mensen voor het eerst kunst kopen om die te verzamelen. Daarop speelde Rembrandt in met zijn etsen.”
De verzameling van Charlotte Meyer zal niet snel terug in de kluis worden gestopt. Nu de etsen het daglicht hebben gezien gaan ze op reis, door Nederland. Meyer wil haar collectie in zo veel mogelijk Nederlandse steden tentoonstellen. „Rembrandt moet in Nederland blijven, het is erfgoed. Hij maakte het werk om gezien te worden door een publiek, dus ik wil het gewoon delen.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/25162534/270326OND_2032569941_2.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/29184947/260326BIN_2032529417_almere03.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/27122806/290326SPO_2032574529_2.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/24203830/260326SPO_2032176429_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/26191933/260326VER_2032615490_GRok.jpg)

/https://content.production.cdn.art19.com/images/85/95/93/03/85959303-a68c-4530-8dee-70e29ffe5298/60caaf5cdfc3ea12c71e8153768582528ee83ec9e21a2c5f5a45c8ab9ab53d06c071e8abc5cac5b2bef812fafedc1f03ecce7955ee2bf8a910f8dbf5140e9898.jpeg)

English (US) ·