Yasmin Molleman, gedupeerde in het Toeslagenschandaal, heeft recht op compensatie van de overheid: als studerende ouder werd haar kinderbijslag tussen 2011 en 2015 onterecht stopgezet. Als ik het niet krijg, kom ik het wel halen, moet ze gedacht hebben. Omdat de overheid te lang de tijd nam voor de uitbetaling van haar compensatie, heeft ze beslag laten leggen op een enorm bronzen standbeeld in de tuin van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Nu dreigt een rechtszaak waarin de staat juist bij haar geld komt halen.
Molleman is al een hele tijd met haar zaak bezig. Omdat de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT), die de hersteloperatie leidt, te lang doet over haar zaak, stapt ze in 2022 naar de rechter. Ze hoopt zo een besluit af te dwingen. Dat lijkt te werken, want begin 2024 krijgt de UHT van de rechter nog twee weken de tijd om een besluit te nemen. Voor iedere dag extra is de overheid Molleman een dwangsom van honderd euro verschuldigd, met een maximum van vijftienduizend euro. Als de overheid weigert te betalen, gaat Molleman over tot beslaglegging.
Wij moeten ons aan de wet houden en dat geldt juist ook voor de overheid
Maar beslaglegging bij de overheid blijkt nog niet zo eenvoudig. „Bankrekeningen of gebouwen behoren de publieke zaak toe”, legt Molleman uit. Haar deurwaarder weet een creatieve oplossing. In de tuin van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie en Veiligheid staat een zes meter hoge bronzen sculptuur van de Deense kunstenaar Per Kirkeby. De deurwaarder laat de staat op 10 februari weten dat het kunstwerk op 10 maart zal worden weggetakeld als de rechtelijke uitspraak niet wordt opgevolgd. „Als ze overgaan tot betaling is dezelfde dag het beslag eraf”, zegt Molleman.
Molleman krijgt vervolgens een mail van landsadvocaat Pels Rijcken. Daarin staat niet alleen dat de beslaglegging moet worden opgeheven. In een kort geding eist de staat ook nog een verbod op verdere beslaglegging op straffe van een dwangsom, waarbij juist Molleman moet betalen. „De wereld op z’n kop”, zegt ze daarover. Het ministerie van Financiën vindt dat Molleman met het beslag op het standbeeld misbruik van het recht maakt.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/16161718/160226ECO_2031612068_2.jpg)
Yasmin Molleman
„Het gaat mij niet per se om het geld”, vertelt Molleman. „Het gaat me vooral om het principe. Wij moeten ons aan de wet houden en dat geldt juist ook voor de overheid. Die heeft een voorbeeldfunctie ten aanzien van haar burgers.” Molleman heeft zo’n 20.000 euro tegoed: naast de dwangsom van vijftienduizend euro heeft ze ook recht op geld voor de in 2015 ten onrechte stopgezette kinderopvangtoeslag.
Ze kreeg al compensatie via de Stichting Gelijk(waardig) Herstel van prinses Laurentien, wat nu gebruikt wordt als reden om niet te betalen. Maar er ligt wel een uitspraak van de rechter en een dwangsom, waar Molleman recht op heeft. Die uitspraak dateert van negen maanden nadat ze de compensatie via Laurentiens stichting kreeg. Tijdens het traject via UHT kreeg ze bovendien de toezegging dat ze compensatie over 2015 zou krijgen, ongeacht het traject bij Stichting Gelijk(waardig) Herstel.
Publicitaire schade
Voor het ministerie van Financiën – waar de UHT onder valt – dreigt door dit conflict verdere publicitaire schade in de toch al slecht lopende afhandeling van het Toeslagenschandaal. Molleman is een van de 45.000 mensen die zich bij UHT hebben gemeld als gedupeerde. Omdat de overheid er onvoldoende in slaagt hen adequaat en tijdig te compenseren, moet ze miljoenen aan dwangsommen betalen. Afgelopen week verscheen een rapport over de voortgang van de hersteloperatie, waaruit blijkt dat de kosten voor de UHT inmiddels zijn opgelopen tot ruim 59 miljoen euro aan dwangsommen. In 97 procent van de gevallen heeft de UHT de dwangsommen binnen de wettelijke termijn van zestien weken betaald.
Molleman kent mede-gedupeerden die inmiddels spreken van een „herstelhel”. „Er zijn zoveel ouders die ten onrechte toeslag moesten terugbetalen, met alle gevolgen van dien. Dan denk ik: het zou jullie wel sieren als jullie de hersteloperatie zo netjes mogelijk zouden laten verlopen”, zegt Molleman. Ze is vastberaden, ook voor andere ouders die in een vergelijkbare situatie zitten. „Er zijn veel ouders die denken: een landsadvocaat op m’n dak, laat maar zitten dan. Maar elke ouder die dat zegt, is winst voor het ministerie.”
Staatssecretaris Sandra Palmen (Herstel en Toeslagen) onderstreept in het afgelopen week verschenen rapport nog maar eens een belangrijk doel van de hele hersteloperatie: „gedupeerden en hun gezin [voorbij] het onrecht helpen”. Voor veel ouders is dat nog ver weg. Ook staat in het rapport dat voorkomen moet worden dat de overheid tegenover de ouders in de rechtbank komt te staan. In de zaak van Molleman dreigt dat nu juist wel te gebeuren.


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/16120428/160226ECO_2031180701_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/16141950/BUI_2031617712_-1.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/14123407/ITALY-MILANO-CORTINA-OLYMPIC-GAMES_72866388.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/14015453/ANP-550619389.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/14175541/140226SPO_2031590408_DeBoo.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/09/24165348/web-HP-Zitting-3_NIEUW_Panorama_advocaat-en-verdachte_Leonieke.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/14223103/140226SPO_2031591604_relay.jpg)
English (US) ·