Het elektriciteitsnet in Flevoland, Gelderland en Utrecht zit zo vol dat nieuwbouwwoningen in die provincies geen aansluiting dreigen te krijgen. Dat meldde netbeheerder Tennet vorige week. Als de krapte op het net niet snel wordt verholpen, kan deze zomer al sprake zijn van een „aansluitstop voor kleinverbruikers, zoals consumenten, midden- en kleinbedrijf en ontwikkelaars van woningbouwprojecten”.
Dat roept vragen op. Als de zogenoemde netcongestie zo’n prangend probleem is, hoe kan het dan dat er voor stroomvreters als datacenters wel plek op het net is? Kort geleden was er nog ophef over een drietal nieuwe datatorens bij het Amsterdamse Westelijk Havengebied. Die kunnen straks even veel stroom gebruiken als alle huishoudens in Haarlem samen. Ook zijn er zorgen over een nieuw datacenter bij Lelystad, dat ook enorm veel stroom zou gaan verbruiken. Terwijl nota bene in 2022 al een landelijk verbod van kracht werd op nieuwe ‘hyperscales’.
Waarom komen die datacenters naar Nederland? Hoeveel stroom verbruiken die blokkendozen met hun sterke koelsystemen? En wie bepaalt of datacenters een aansluiting op het stroomnet krijgen?
Op zichzelf is er weinig twijfel over het nut van deze datafabrieken waarin dag en nacht computers draaien. Zonder datacenters zouden mensen niet thuis kunnen werken, niet online kunnen winkelen, inloggen in een patiëntendossier of vragen stellen aan een chatbot, om maar wat voorbeelden te noemen.
In Nederland staan nu volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) ongeveer tweehonderd datacenters. Als vestigingsplaats is Amsterdam een Europese koploper. Alleen Dublin en Londen huisvesten meer datacapaciteit, aldus onderzoek van ING.
Waarom staan er zoveel in Amsterdam? „Amsterdam heeft goede, internationale internetverbindingen en technologische kennis”, zegt Gerben Hieminga, econoom energietransitie bij ING Research. En in Nederland is de dreiging van natuurgeweld beperkt. Bovendien, weet Hieminga: „Nederland zelf wilde die datacenters een paar jaar geleden ook graag binnenhalen om koploper te zijn in nieuwe technologie en voor werkgelegenheid.”
Lees ook
In Amsterdam komt een hyperscale voor Microsoft, ondanks het verbod op hyperscales
Rood op de congestiekaart
Maar naarmate de krapte op het elektriciteitsnet zich meer doet voelen, zwelt de maatschappelijke kritiek op die energieslurpende datacenters aan. Niet langer is op ieder moment op iedere plek in Nederland voldoende capaciteit om elektriciteit te vervoeren van bron naar gebruiker. De vraag naar elektriciteit stijgt door de beoogde uittocht uit fossiele brandstoffen. Maar de netbeheerders kunnen niet snel genoeg extra kabels leggen en transformatoren bouwen. Op de netcongestiekaart van Tennet kleurt Nederland overwegend rood.
Datacenters schroeven de stroomvraag op. Volgens het CBS was hun elektriciteitsvraag in 2024 zo’n 5.100 GWh. Dat is bijna net zo veel als het gebruik van twee miljoen huishoudens en het beslaat 4,6 procent van het totale elektriciteitsverbruik van Nederland. De levering van stroom aan deze datacenters lag dat jaar 37 procent hoger dan in 2021, valt te lezen in het CBS-rapport. Door de opkomst van kunstmatige intelligentie en verdere digitalisatie van de economie is de verwachting dat de elektriciteitsvraag van datacenters nog verder zal stijgen.
Als kinderen straks geen woning kunnen vinden en ondernemers niet kunnen uitbreiden door de krapte op het net, dwingt dat toch tot prioriteiten stellen
Bijkomend probleem is dat een datacenter veel stroom vraagt op één specifieke plek. „Een datacenter belast het net plaatselijk heel zwaar”, zegt Hieminga. Daardoor blijft er op die plek minder capaciteit over voor ander gebruik.
Dat dit maatschappelijke weerstand wekt, is begrijpelijk als gewone huishoudens de dupe zijn, en ziekenhuizen en de brandweer, en bedrijven die meer werkgelegenheid bieden dan datacenters. Hieminga: „Dan vraag je je af of er in Nederland nog veel ruimte is voor nieuwe datacenters, zeker rond de steden en voor datacenters die niet primair Europese gebruikers bedienen. Dat voelt ergens heel ongemakkelijk, want we maken zelf massaal gebruik van diensten zoals ChatGPT. Maar als kinderen straks geen woning kunnen vinden en ondernemers niet kunnen uitbreiden of verduurzamen door de krapte op het net, dwingt dat toch tot prioriteiten stellen.”
Prioriteitenlijst
Om die reden stelde de Autoriteit Consument & Markt een ‘prioriteringskader’ op, dat aangeeft wie voorrang op het stroomnet moet krijgen. In de eerste plaats komen dan stroomaanvragers als ziekenhuizen en woningen.
Tennet sluit in Nederland grootverbruikers op het elektricitreitsnet aan, zoals grote datacenters en grote fabrieken. Regionale netbeheerders sluiten op hun beurt weer middelgrote en kleinverbruikers aan zoals supermarkten, ziekenhuizen, woningen en kleinere datacenters. Bedrijven en instellingen kunnen een aanvraag voor een nieuwe of zwaardere stroomafsluiting indienen bij de netbeheerders.
„In gebieden waar congestie aan de orde is, bijna overal dus, werken we met het prioriteringskader”, zegt een woordvoerder van Tennet. „Komt er netcapaciteit vrij, dan gaat die eerst naar partijen bovenaan die lijst, zoals ontwikkelaars van woningprojecten en ziekenhuizen. Datacenters staan er niet op.”
Wel zijn er uitzonderingen. Werkt een datacenter bijvoorbeeld voor een ziekenhuis, dan kan het onder bepaalde voorwaarden toch voorrang krijgen.
„Vroeger, toen het nog niet zo druk was op het stroomnet, hadden we niet zo’n lijst”, zegt de Tennet-woordvoerder. Toen was het: wie het eerst komt, het eerst maalt. Dat datacenters die nu in aanbouw zijn toch een aansluiting krijgen, komt doordat ze die al jaren eerder hebben aangevraagd. „Ze zijn gaan bouwen met uitzicht op een aansluiting”, zegt de woordvoerder. „Dat kunnen wij niet terugdraaien.”
Directeur Fahid Minhas van de vereniging van projectontwikkelaars Neprom plaatst daar een kanttekening bij. Al is een toegezegde aansluiting niet meer ongedaan te maken, dan nog kan een gemeente volgens hem zeggen: wij vinden dat een datacenter in deze omvang niet past, qua functie of in het landschap. „Ik heb niets tegen datacenters, want ook die zijn belangrijk voor het functioneren van onze digitale samenleving. Maar je kunt je afvragen wat bijvoorbeeld zo’n datacenter als dat van Microsoft [de drie nieuwe ‘datatorens’] te zoeken heeft in Amsterdam. Vanuit ons verantwoordelijkheidsbesef moeten we strengere keuzes maken.”
Lees ook
Microsofts enorme datacenters in Noord-Holland worden nog een maatje groter


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/16101022/160226ECO_2031589634_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/16160301/170226ECO_2031624912_2.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/17144445/170226ECO_2031650261_ecb.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/14230646/140226SPO_2031591695_woutwint3-1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/16204226/160226DEN_2031623080_VanBerkel.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/15112723/150226BIN_2031570939_tilburg4.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/15140038/150226SPO_2031595963_kok.jpg)

English (US) ·