Het fossiel van een kleine knoflookpad uit Los Angeles werpt een nieuw licht op het klimaat aan het einde van de ijstijd.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!
Onderzoekers hebben voor het eerst een uitgestorven amfibiesoort ontdekt in de beroemde La Brea Tar Pits in Los Angeles. Het gaat om een knoflookpad die de naam Spea labreae heeft gekregen. De soort leefde tijdens de laatste ijstijd en was groter dan de soorten uit hetzelfde geslacht die nu nog bestaan.
De ontdekking is bijzonder, omdat de fossielen van amfibieën maar zelden worden gevonden. Hun botten zijn klein en breekbaar en blijven daardoor meestal niet goed bewaard. In heel Noord-Amerika was tot nu toe slechts een andere uitgestorven amfibiesoort uit deze periode bekend: een boomkikker uit Florida. De nieuwe soort wordt beschreven in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Vertebrate Paleontology.
Oude collectie
Onderzoeker Alberto Cruz bekeek voor het onderzoek de botten van reptielen en amfibieën die in de jaren vijftig waren opgegraven bij de La Brea Tar Pits. Deze collectie was al bijna dertig jaar niet meer uitgebreid onderzocht. Cruz zocht in eerste instantie helemaal niet naar een nieuwe soort. Hij bestudeert vooral hoe landschappen en leefgebieden in het verleden veranderden.
Tijdens het onderzoek vielen enkele botten hem op: ze hadden kenmerken die hij niet herkende bij bekende soorten. Eerst dacht Cruz dat het dier misschien ziek of gewond was geweest. “Ik ben eigenlijk meer een onderzoeker van oude leefgebieden en landschappen dan een expert in het benoemen van soorten,” zegt hij. Toch bleef hij de botten bestuderen. “Ik heb heel veel exemplaren opnieuw bekeken, totdat ik ervan overtuigd was. Toen dacht ik: mijn hemel, dit is een nieuwe soort.”
Om zeker te weten dat de botten echt van een onbekende soort waren, vergeleek Cruz ze met tachtig moderne exemplaren. Deze kwamen uit museumcollecties in Los Angeles en van de University of California Berkeley. Hij keek onder meer naar de vorm en de grootte van de botten. Daaruit bleek dat de verschillen niet het gevolg waren van ziekte of een verwonding, maar dat de botten hoorden bij een aparte soort.
De onderzoekers konden ook inschatten hoe groot het dier was. Spea labreae bleek groter te zijn geweest dan de knoflookpadden uit hetzelfde geslacht die vandaag de dag nog leven. Volgens Cruz laat de ontdekking zien hoe waardevol oude museumcollecties kunnen zijn. “Dit materiaal komt uit de jaren vijftig, maar als je het opnieuw bestudeert kun je er nog steeds hele speciale dingen in vinden. Dat is heel bijzonder.”
Gevoelig voor het klimaat
De kleine knoflookpad kan onderzoekers veel vertellen over de stand van het klimaat aan het einde van de laatste ijstijd. Grote dieren, zoals mammoeten en sabeltandtijgers, krijgen vaak de meeste aandacht van onderzoekers. Maar amfibieën geven vaak betere aanwijzingen voor veranderingen in het klimaat: ze reageren sterk op veranderingen in temperatuur, neerslag, begroeiing en de hoeveelheid water in hun omgeving. “Als de omgeving verandert, verandert ook de begroeiing,” legt Cruz uit. “En als het warmer of kouder wordt heeft dat direct gevolgen voor deze dieren.” De aanwezigheid of afwezigheid van een bepaalde amfibiesoort kan daarom laten zien hoe een gebied er vroeger uitzag.
Naast Spea labreae vonden de onderzoekers ook resten van Rhinophrynus dorsalis, de Mexicaanse gravende pad. Dat is de eerste keer dat deze pad in het zuidwesten van de Verenigde Staten is aangetroffen. Tegenwoordig leeft de soort niet meer in Los Angeles: de dichtstbijzijnde populaties bevinden zich ongeveer 2500 kilometer verder naar het zuiden, in Mexico. Dat betekent dat het leefgebied van deze pad sinds de ijstijd sterk is verschoven. Volgens de onderzoekers hangt die verandering waarschijnlijk samen met de opwarming na de ijstijd en met het bergachtige landschap van het zuidwesten van Noord-Amerika.
Leestip: De padden op dit Japanse eiland veranderde in minder dan een eeuw aanzienlijk van vorm en formaat
De vondsten maken duidelijk dat het einde van de ijstijd niet voor alle dieren hetzelfde uitpakte. Sommige soorten trokken naar andere gebieden, terwijl andere soorten uitstierven. Zulke veranderingen helpen onderzoekers begrijpen hoe amfibieën reageren op snelle veranderingen in hun leefomgeving. Dat is ook belangrijk voor het heden, nu het klimaat steeds verder opwarmt.
Emily Lindsey, conservator en leider van de opgravingen bij de La Brea Tar Pits, verwacht dat de oude collecties nog meer verrassingen bevatten. “Dit is een mooi voorbeeld van hoe we hier, zelfs na een eeuw van continue opgravingen en onderzoek, nog altijd nieuwe dingen ontdekken,” zegt ze.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Waarom sommige padden een dodelijke schimmeluitbraak wel overleven en Amfibieën in grootste draslandgebied ter wereld dreigen al hun leefgebied te verliezen . Of lees dit artikel: De liefdesliedjes van kikkers veranderen als het warmer wordt: luister nu naar het verschil .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

1 dag geleden
2







/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/08/05214753/050826VER_2035740527_bol2.jpg)

English (US) ·