Het Canadese wetenschappelijke tijdschrift voor kindergeneeskunde Paediatrics Child Health hield haar lezers een kwart eeuw voor de gek. Bij wijze van illustratie begonnen tientallen van hun publicaties met een verhaal van een specifieke patiënt, een casus. Die verhalen zijn allemaal verzonnen, blijkt nu. Het tijdschrift vermeldde dat nergens. Inmiddels heeft Paediatrics Child Health disclaimers toegevoegd bij 138 publicaties.
Het balletje ging rollen na een verhaal in het Amerikaanse weekblad The New Yorker afgelopen januari, over ‘baby boy blue’. Een baby in de VS zou zijn overleden aan een overdosis opioïde pijnstillers, die het via de moedermelk had binnengekregen. Althans, zo luidde de casus in een publicatie in het Canadese tijdschrift in 2010, dat daarmee een decennium aan ophef binnen de Amerikaanse kindergeneeskunde veroorzaakte.
Maar The New Yorker onthulde een sappige uitspraak van één van de auteurs: de casus was compleet verzonnen. „Een alarmerend verhaal voor educatieve doeleinden”, aldus de auteur. Dat stond nergens vermeld.
Bij navraag door Retraction Watch – een website die bijhoudt welke wetenschappelijke artikelen zijn ingetrokken en waarom – blijkt dat het gebruik van fictieve patiëntenverhalen 25 jaar lang staande praktijk was bij het tijdschrift. Volgens het tijdschrift gaat het om artikelen voor opleidingsdoeleinden: een casus ter illustratie, gevolgd door een aantal leerpunten. De verhalen zijn verzonnen „om de privacy van patiënten te waarborgen”, zegt het tijdschrift tegen Retraction Watch. Het zou steeds gaan om vaak voorkomende aandoeningen, „waardoor zo’n patiëntencasus geen grote belangstelling wekt bij de lezer”, aldus het tijdschrift. De casus met de pijnstillers in moedermelk zou daar een uitzondering op zijn geweest.
Maar de publicaties zijn ook te vinden via de internationale wetenschappelijke database PubMed, waar eveneens geen disclaimers zijn toegevoegd. Via PubMed kunnen wetenschappers die op zoek zijn naar een case report over een specifieke aandoening, zonder dat zij dit weten, terechtkomen bij een van de verzonnen casussen. 61 van die publicaties werden ten minste één keer door andere wetenschappers geciteerd. In totaal gebeurde dat 218 keer.
„Gevaarlijk” en „problematisch” noemt kinderarts Lissy de Ridder de vondst desgevraagd. Volgens De Ridder, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK), moet heel duidelijk zijn of een artikel is gepubliceerd in een opleidingsblad of in een wetenschappelijk tijdschrift („twee totaal andere vormen”). In dit geval gaat het om casussen in een peerreviewed tijdschrift. „Dan moet wat er staat correct zijn.”
Volgens De Ridder is het tijdschrift niet erg bekend onder Nederlandse kinderartsen, „maar als zij via PubMed op zoek zijn naar artikelen, kunnen ze deze publicaties wel vinden”. Medische literatuur uit Canada beschouwt ze doorgaans als betrouwbaar. „Wij nemen dit soort stukken heel serieus.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/10115047/100326BIN_2032152998_comnet11.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/09111208/100326BUI_2032138504_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/10104222/100326ECO_2032161525_olie.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/08200656/080326SPO_2032124889_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/03/07140200/080326CUL_2031144626_2.jpg)

English (US) ·