Dankzij AI gaat werk sneller – juist daardoor groeit de stress

1 dag geleden 2

Een jaar of zes geleden liet hij voor het laatst iets van zich horen. Maar opeens was-ie er weer: De Piep. Of tinnitus, zoals het officieel heet. Het is dezelfde herrie in het hoofd, een niet mis te verstaan signaal dat de werkdruk toch te hoog is opgelopen.

Raar. Eigenlijk zou het werk juist makkelijker moeten zijn. Zes jaar terug waren er geen chatbots als ChatGPT of CoPilot, die je taken uit handen nemen. Veel standaardklusjes – gesprekken uittikken, documenten doorkammen of even kauwen op een strakke mail – zijn nu met één druk op de knop geregeld.

Bijna elke kantoorslaaf heeft een leger aan LLM’s (taalmodellen) ter beschikking, die op commando geloofwaardige tekst, beeld en code genereren. Dat betekent dat je meer werk kunt verzetten en meer tegelijk kunt doen. Aan zo’n sprong in productiviteit kleven nadelen: er is minder tijd om nieuwe informatie te verwerken of even voor je uit te staren. Een stukje contemplatie, tussen de prompts door.

Misschien wordt meneer de journalist een dagje ouder? Zeker. Maar er zijn meer mensen die de werkdruk voelen oplopen, blijkt uit recente onderzoeken. De opkomst van generatieve AI levert ook bij jonge mensen – laten we ze Gen AI’ers noemen – ‘technostress‘ op.

Generatieve AI maakt het werk niet makkelijker maar veel intensiever, stelt een rapport van de Haas School of Business in Berkely. De onderzoekers volgden acht maanden lang een Amerikaans bedrijf met tweehonderd medewerkers. Het personeel daar maakt veel gebruik van generatieve AI, onder meer om softwarecode te schrijven.

De medewerkers worden productiever, maar ze worden ook zwaarder belast. Ze moeten voortdurend schakelen omdat er veel verschillende taken openstaan. „Daardoor moet je continu meerdere ballen in de lucht houden”, schrijft onderzoekster Aruna Ranganathan. Ook de scheiding tussen werken en niet-werken vervaagt: werknemers gebruiken namelijk de pauzes om hun ‘AI-agents’ nog even de sporen te geven. Door gebrek aan rust stijgt de kans op fouten, of zelfs op een burn-out.

Sinds de publicatie van het onderzoek is Ranganathan „compleet overspoeld met reacties”, laat ze via LinkedIn weten. „Blijkbaar raakte het een snaar.”

Gedaan met de rust

Dat je werk intensiever wordt door AI is geen Amerikaans verschijnsel: soortgelijke ervaringen zagen ook onderzoekers die Japanse en Zuid-Koreaanse bedrijven vroegen naar hun ervaringen met AI.

Ook het Nederlandse kennisinstituut TNO onderzocht het effect van generatieve AI op de werkvloer. Afgelopen zomer publiceerde TNO het eerste resultaat, op basis van casestudies bij een verzekeraar, een creatief bureau en de juridische afdeling van een groot consultancybedrijf.

De conclusie: door het gebruik van generatieve AI-gereedschappen kunnen de medewerkers zelfstandiger opereren en complexere taken uitvoeren. Hun werk wordt afwisselender, en dat leidt tot meer verantwoordelijkheden, een grotere productie en een hogere mentale belasting.

Omdat veel saaie klusjes verdwijnen, verdwijnen ook de uren waarin de boog niet gespannen hoeft te zijn: „Ik mis mijn kleine rustmomenten”, zegt een van de respondenten die niet langer de administratieve afhandeling van gesprekken hoeft te doen. Een ander nadeel: het sociale contact tussen collega’s neemt af als de computer taken vervangt die daarvoor nog hulp van een ervaren collega vergden.

Komend voorjaar publiceert TNO vervolgonderzoek op basis van nog vier organisaties die generatieve AI gebruiken. Zijn medewerkers bang dat AI hun baan zal overnemen? „Banen verdwijnen niet, taken veranderen”, stelt Sandra Mathijssen, onderzoeker arbeidsmarkt bij TNO en trendwatcher. „Het is belangrijk je te blijven ontwikkelen, maar dat geldt voor elke ingrijpende technologische vernieuwing. Net als in het verleden, toen er computers op de werkvloer verschenen.”

Burn-outs en brein-push-ups

Een op de vijf Nederlandse werknemers kampt met burn-outverschijnselen. Dat hoge percentage ligt niet aan generatieve AI – ChatGPT is immers een vrij recent verschijnsel – maar aan de combinatie van stressfactoren die al langer bestaan. Het is een optelsom: hogere werkdruk door personeelstekorten, minder financiële zekerheid door een overvloed aan flexibele contracten. In gezinnen met thuiswerkende tweeverdieners buitelen werk en privé door elkaar. Sommigen nemen ook nog eens de mantelzorg voor hun ouders op zich. Probeer al die ballen maar eens in de lucht te houden.

Om hoge werkdruk het hoofd te bieden, bieden zorgzame werkgevers een cursus mindfulness aan, met ‘brein-push-ups’ om je ‘aandachtsspier’ te trainen en te focussen. Dat helpt je veerkrachtiger en productiever te worden, is het idee.

Eigenlijk is dat symptoombestrijding, vindt Sandra Mathijssen: „Zo’n training zoekt naar een oplossing, niet naar de oorzaak van het probleem.” Door de inzet van AI op het werk kan je baan immers nog afwisselender worden, moet je vaker schakelen tussen verschillende taken, en kan je brein dus nog minder focussen.

In de discussie over de impact van AI gaat het vaak over techniek, ethiek of economische effecten. Wat kunstmatige intelligentie doet met mensen, is grotendeels onontgonnen terrein. AI verandert meer dan je lief is: uit onderzoek onder 120 Braziliaanse studenten blijkt bijvoorbeeld dat lesstof minder goed blijft hangen als je studeert met hulp van ChatGPT. Met AI gaat het leren sneller, maar het vergeten ook. Dat geldt ook voor personeel dat op de werkvloer met AI getraind wordt.

AI met een bijsmaak

In alle onderzoeken naar AI op het werk is ‘gebrek aan controle’ een terugkerende klacht. Je hebt geen idee hoe of waarom een AI-tool een antwoord uitpoept. Terwijl de uitwerpselen van de chatbots wel een degelijke, menselijke controle vereisen. Dat weet nu ook oud-hoofdredacteur van NRC, Peter Vandermeersch, die erkende dat hij fictieve AI-citaten op zijn blog had gepubliceerd.
Ander voorbeeld, zelfde fout: Amazon. De Financial Times berichtte over urenlange storingen in Amazons webwinkel, door softwarefouten van slecht nagekeken AI-code. Je kunt die controle niet aan ‘juniors’ – relatief onervaren medewerkers – overlaten, was de conclusie.

Maar als de juniors geen ervaring kunnen opdoen omdat AI hun taken overneemt, loop je het risico dat een organisatie zichzelf uitholt. Dan kan de laatste senior het licht uitdoen.

Ook de jonge generatie professionals is overweldigd door de mogelijkheden van generatieve AI. Ze zijn bang dat collega’s betere AI-ninja’s zijn en daardoor meer kans hebben hun baan te houden. Het Koreaanse onderzoek, dat in Nature werd gepubliceerd, noemt dit verschijnsel techno-insecurity: „De emotionele en mentale druk kan je naar een burn‑out duwen.”

Wat doe je daaraan? Bedrijven moeten hun medewerkers nauw betrekken bij het bedenken van nieuwe AI‑gereedschappen, en de techniek er vervolgens met de paplepel ingieten. Want AI is een wondermiddel, maar wel met een bijsmaak.

Lees het hele artikel