Loosdrecht, dinsdagavond. Brandstichting bij een noodopvang. Mensen in het gebouw. En toen de brandweer arriveerde: een menigte die hen tegenhield. Laat dat even bezinken. Vijftien vluchtelingen en COA-medewerkers. En buiten een menigte die de hulpdiensten die mensen kwamen redden actief tegenhield.
Dinsdagavond postte Dilan Yeşilgöz, minister van Defensie en VVD-partijleider, op X: „Ontoelaatbaar. Een pand met vuurwerk belagen, dan brandweer belemmeren om te blussen en agenten aanvallen. Van onze hulpverleners blijf je af.‟
Het is ronduit schandalig om dit te framen alsof het geweld alleen tegen hulpverleners gericht was. Het was met name gericht tegen de mensen in dat gebouw.
Dit staat ook niet op zichzelf. Apeldoorn. Den Bosch. IJsselstein. Loosdrecht, meerdere keren. Explosieven die sommigen vuurwerk blijven noemen. Een bom door de brievenbus van een D66-kantoor in Den Haag met tientallen jongeren binnen. Inmiddels onderzoekt het OM een terroristisch motief en doet de AIVD nu onderzoek naar de organisatie achter de protesten.
Dit zijn incidenten in een patroon dat maar één kant op gaat.
Het klimaat is niet vanzelf ontstaan
Wat er nu op straat gebeurt, is het resultaat van jarenlang politiek bedrijven waarin angst bewust wordt aangewakkerd. Over migratie, identiteit, veiligheid, cultuur en „de eigen mensen eerst.‟ Het komt rechtstreeks uit het draaiboek van autoritaire bewegingen wereldwijd: zoek een vijand, of creëer er een, versterk de angst, voed de crisis, en oogst de woede. En doe dat opnieuw. En opnieuw. Totdat de norm zo ver is opgeschoven dat niemand meer weet waar die begon.
Ondertussen zijn de problemen echt en complex. Maar populisme verkoopt geen complexiteit. Het verkoopt vijanden en oplossingen die niet bestaan. En dit gaat niet alleen over PVV of FvD. Die zijn helder over hun standpunten. Polarisatie is voor hen geen bijwerking, maar het verdienmodel. De Volkskrant toonde samen met onderzoekers begin dit jaar aan dat de jongerentak van FvD op haar kerstgala extremistische eregasten ontving, met directe banden met de internationale identitaire beweging. Partijleider Lidewij de Vos noemde het onderzoek „zonde van haar tijd.‟
Maar het gaat niet alleen om de politiek. Algoritmen op sociale media versterken verontwaardiging omdat verontwaardiging en haat meer kliks opleveren. Dat is een businessmodel. Tegelijkertijd faciliteren nationale media het proces dichter bij huis. Talkshowredacties die dezelfde provocerende stemmen blijven uitnodigen omdat het kijkcijfers trekt. Kranten als De Telegraaf die niet aarzelen de temperatuur verder op te voeren. En Ongehoord Nederland, een publieke omroep die structureel de journalistieke code schendt en aantoonbaar onjuiste informatie verspreidt zonder correctie, bleek in een rapport dat deze week verscheen.
Media zouden dit populistische proces niet moeten faciliteren maar moeten corrigeren.
Polarisatie als verdienmodel
Achter de lokale onrust gaat een georganiseerde structuur schuil. Justice for Prosperity publiceerde vorige week een rapport over Identitair Verzet (IDV), de Nederlandse tak van een pan-Europees extreemrechts netwerk. Het symbool dat deze beweging gebruikt, de lambda, verscheen ook in Loosdrecht, dan Engelen, dan IJsselstein, dan Tilburg, en dinsdag in Hillegom. Steeds dezelfde organisatie. IDV is daar niet om buurtbelangen te vertegenwoordigen. Ze komt om te rekruteren, te groeien, en extreme ideeën stap voor stap te normaliseren.
De Oostenrijker Martin Sellner lanceerde begin dit jaar het Institute for Remigration, een organisatie met als beleidsdoel de gedwongen deportatie van niet-etnisch-Europese inwoners, ook van mensen met een verblijfsvergunning of paspoort. Achter dit netwerk zit ook een ideologische infrastructuur: denktanks en bewegingen die etnisch nationalisme intellectueel legitimeren en internationaal verspreiden, en die de brug slaan tussen straatactivisme en politieke invloed. De Nederlandse Eva Vlaardingerbroek, voortgekomen uit FvD-kringen, treedt op als spreker op zijn Remigration Summit. Sellner ontving ooit geld van de schutter van Christchurch in Nieuw-Zeeland.
De rellen in Nederland zijn geen randverschijnsel. Ze zijn onderdeel van een gecoördineerd Europees project dat lokale onrust gebruikt als brandstof. De mensen die uit oprechte zorgen demonstreerden hadden vaak geen idee wie er naast hen stond. Maar als dat vaak genoeg gebeurt, went het. Dat is precies de bedoeling en een groot probleem. Want maatschappelijke spanning is voor deze netwerken de brandstof in het verdienmodel.
Wat er ontbreekt
Op 9 oktober 2015 werd de noodopvang in sporthal Snellerpoort in Woerden bestormd door zo’n twintig gemaskerde mannen. Ze gooiden vuurwerkbommen. In het gebouw zaten 148 vluchtelingen, waaronder 51 kinderen, voornamelijk uit Syrië. Mark Rutte bezocht de locatie de volgende dag. Zijn woorden waren ondubbelzinnig: „Vluchtelingen en medewerkers moeten zich veilig weten. Van mensen blijf je af.‟
Hij noemde ze bij naam. De vluchtelingen. De medewerkers. De mensen in het gebouw.
Dat was tien jaar geleden. Dat was de norm.
Dilan Yesilgöz heeft niets gezegd over vluchtelingen. En niets over de COA-medewerkers. Dat is geen vergissing, maar een keuze.
En ze staat daarin niet alleen. Vijftien mensen zaten binnen, terwijl een menigte brandende fakkels naar het gebouw gooide. Dat is kennelijk geen vermelding waard op het platform waar het publieke debat plaatsvindt.
Bij Pauw & de Wit ging ik onlangs in discussie met fractievoorzitter Ruben Brekelmans van de VVD, over de maatschappelijke temperatuur. Hij verplaatste de discussie naar de instroom, terwijl het gaat over mensen die al hier zijn.
Ik maak me het meest zorgen over de partijen die gematigd rechts worden genoemd. Die zeggen de democratie te verdedigen, en beschouwd worden als redelijk, en als ervaren bestuurders. Zij vertegenwoordigen een groot electoraat en dragen daarmee een verantwoordelijkheid die verder reikt dan een zorgvuldig gekozen tweet. Als zij inhumaan gedrag en ideologieën normaliseren, ook door te zwijgen op het moment dat het ertoe doet, verliezen we de maatstaf.
Wat we nu nodig hebben
Er is een legitiem debat te voeren over asiel en migratie. Dat mag scherp. Maar twee dingen moeten uit elkaar worden gehouden die nu stelselmatig worden samengesmolten: de aanpak en invoering van asielbeleid, en de zorgplicht voor mensen die al hier zijn en recht hebben op veilige opvang. Door die samen te laten vloeien ontstaat een klimaat waarin het normaal lijkt om mensen in brandende gebouwen aan hun lot over te laten.
Burgemeesters staan aan de frontlinie. Zij voeren de wet uit, houden de orde, proberen gemeenschappen bij elkaar te houden, zonder dat de landelijke politiek hen daarin ondubbelzinnig steunt. Dat is onhoudbaar.
Iedereen weet wat er op het spel staat. De vraag is of de partijen die zeggen de democratiete verdedigen, dat ook doen als het ze iets kost. Want als zij ophouden onderscheid te maken tussen wat acceptabel is en wat niet, hebben we niet alleen een veiligheidsprobleem. Dan hebben we een democratisch probleem.
„Vluchtelingen en medewerkers moeten zich veilig weten. Van mensen blijf je af.‟
Dat had de norm moeten blijven.


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/11105844/160526WEE_2033353080_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/15120044/150526ECO_2033467206_handelspartner.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/13144709/150526SPO_2033721162_Thialf2.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/13122654/130526ECO_2033715019_trein.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/06174056/080526WET_2033466385_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/13120539/130526BUI_2033208638_macron1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/05/13024417/ANP-558102019.jpg)
English (US) ·