Hoe moeten de batterijen die oprukken in onze leefomgeving eruitzien? Misschien wel als een voorraadkast

4 uren geleden 1

Knipper twee keer met je ogen en er is weer ergens in Nederland een elektriciteitshuisje verschenen. Of windmolens torenen plots uit boven het voorheen vlakke poldergebied en het groene veldje is veranderd in een zwarte zonnepanelenoase. Langs de autowegen doemt ineens een grijze vlakte op met tientallen masten en elektriciteitslijnen in de lucht. Bijna niets is zo veranderlijk als het Nederlandse energielandschap.

Dat kan ook niet anders. Nederland moet af van fossiele brandstoffen en in rap tempo overstappen op duurzaam opgewekte elektriciteit en dat vraagt om uitbreiding van infrastructuur op gigantische schaal. Op dit moment is er weer een nieuw, exotisch energie-object bezig zijn stempel te drukken op het Nederlandse landschap: de batterijcontainer.

„Batterijen zijn de objecten in de energietransitie die nu het snelst in aantal toenemen”, zegt Olof van der Gaag van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE). Batterijen slaan bijvoorbeeld zonne- en windenergie op, zodat de energie op een later moment, wanneer de zon niet schijnt of het niet waait, kan worden gebruik. „In 2024 stond in totaal voor rond de 1.400 megawattuur (MWh) batterijopslag in Nederland geregistreerd. In 2025 was dat al bijna 3.000 MWh. En de verwachting is dat die turbogroei in batterijen voortgaat.”

Weerstand in de buurt

Landschapsarchitecten en planologen buigen zich daarom nu al over de vraag: hoe krijg je die prominente lompe objecten – batterijen worden nu vaak gewoon in een zeecontainer geplaatst – toch een beetje fraai? Of: hoe plaats je ze op zo’n manier dat ze zo acceptabel mogelijk zijn voor omwonenden? Of: hoe kan je ze juist iets laten toevoegen aan de omgeving? Verandering in de omgeving, vooral in een dichtbevolkt land als Nederland, roept regelmatig weerstand op. Dat zagen ze vroeger al bij de houten windmolen en ook bij de opkomst van zonnepanelen en moderne windmolens. En zeker ook bij de komst van elektriciteitshuisjes in woonwijken. Weerstand leidt tot vertraging van de energietransitie.

Niet dat alle batterijen in de openbare ruimte worden neergezet. Sommige zitten verstopt tussen fabrieken op een industrieel terrein, of ze staan bij iemand in huis (thuisbatterijen). Maar containerbatterijen zullen steeds vaker op plekken komen te staan waar mensen wandelen, fietsen, rijden en recreëren. En in mindere mate in de wijken waarin mensen wonen.

Batterijen zijn geen aanwinst voor de kwaliteit van de openbare ruimte, zegt landschapsarchitect Pim Vervuren van architectenbureau Blau. Daarom zou hij bij het plaatsen ervan eerst de meest voor de hand liggende optie kiezen: verstoppen. ‘Uit het zicht’, is zijn „stijlregel nummer één” als het aankomt op energie-objecten. Zo deed hij het toen de Utrechtse wijk Leidsche Rijn werd gebouwd en er elektriciteitshuisjes geplaatst moesten worden. Die stopte hij deels in gebouwen zoals treinstation Vaartse Rijn en in bestaande werfkelders. Als dat niet kan, dan „niet op dat mooie buurtplein, maar in parkeerhofjes, tussen de auto’s.”

Als verstoppen niet lukt, is de volgende stap voor Vervuren om de energie-infrastructuur zo te ontwerpen dat het past bij de omgeving en daarom niet opvalt. Bijvoorbeeld door batterijhuisjes te bouwen met dezelfde bakstenen als in de buurt zijn gebruikt, zegt hij. Of simpelweg een bosje eromheen. Het doet denken aan een van de eerste buurtbatterijen van Nederland, in Haarlemmermeer, die omringd was door een heg.

Ernst Meindersma, energieplanoloog bij zijn eigen bedrijf JouwAarde, gebruikt eenzelfde methode bij het ontwerp van zes zeecontainerbatterijen in een polderlandschap in de gemeente Hollandse Kroon. Die batterijen moeten windenergie van turbines in de buurt opslaan. „Het polderlandschap is open en groen. Aan windmolens zijn omwonenden inmiddels gewend. Aan de rij zeecontainers niet en die past ook niet in het omgevingsplan. Daarom bouwen we een aardenwal om de zes zeecontainers, zodat ze niet te zien zijn in het landschap.” In de aardewal zit een deur zodat technici bij de batterijen kunnen.

Ingenieurskunst

Stedenbouwkundig ontwerper Remko Slavenburg van ontwerpbureau KuiperCompagnons zou het heel anders aanpakken. Niet verstoppen maar de batterijen juist laten opvallen door hem mooi te ontwerpen. „Een batterij, en ook een zonneweide of elektriciteitsmast, is nu eenmaal geen onderdeel van de natuurlijke omgeving zoals een polder of bos. Probeer het dan ook niet te laten lijken alsof het daar hoort, maar maak er een mooi ingenieurskunstwerk van dat mag opvallen in het landschap. Net zoals je bij bruggen vaak ziet met moderne vormgeving en materialen als staal in het zachte polderlandschap. Niet alle omwonenden zullen het ontwerp mooi vinden. Mensen vinden ook niet iedere brug mooi. Maar dan maak je er wel iets bijzonders van.”

Natuurlijk gaat er meer geld en tijd in zitten om van batterijen iets moois te maken. In de jaren dertig hebben ze met een ruimtelijke blik nagedacht over de nieuwe elektriciteitshuisjes, aldus Slavenburg. „Met gemetselde bakstenen en kap in de stijl van de omgeving.” Maar tegenwoordig, met de extreem snelle uitrol van het nieuwe energielandschap, is alles in de fabriek voorgefabriceerd , en gaat het vooral over technische afwegingen”, zegt Lars Beurskens van adviesbureau Eelerwoude.

Toch zijn de geraadpleegde experts het erover eens: wil je een soepelere uitrol van de energietransitie, dan moet je er ook voor zorgen dat het er simpelweg goed uit ziet, of niet opvalt.

Architect Karim Jaspers van ontwerpbureau Bright vindt het vooral belangrijk dat mensen de functie van een batterij kunnen aflezen aan een ontwerp. „Dat mensen snappen waarom er plots een prominent object in hun omgeving staat. Als zij het nut ervan inzien, neem je ook weerstand weg. De functie van een windmolen in het landschap is duidelijk af te lezen aan zijn draaiende wieken.”

In zijn studie naar het ontwerp van batterijen noemt hij als voorbeeld een batterij die zijn batterijniveau laat zien aan de buitenkant. Of dat de functionele stopcontacten aan de buitenkant te zien zijn. Zijn persoonlijke favoriet: „een batterij die eruit komt te zien als een soort voorraadkast”. Het precieze ontwerp laat hij aan de ontwerpers over, maar het idee is dat bijvoorbeeld de rekken waar grote batterijen uit bestaan, zichtbaar worden aan de buitenkant. „Dat is iets minder voor de hand liggend, maar mensen snappen dan wel intuïtief dat er op die plek iets wordt opgeslagen.”

Jaspers wil in ieder geval af van de zeecontainers met een hek eromheen omdat mensen dan juist totaal niet begrijpen wat de functie is. „Ook elektrolysers die waterstof produceren en kleine kerncentrales (SMR’s), worden in diezelfde zeecontainers ontworpen. Mogelijk zijn dat de volgende exotische energie-objecten die op het Nederlandse landschap afkomen. En het zijn vast niet de laatste.

Lees het hele artikel